<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RVS:2017:970</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-04-12T10:32:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-04-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Raad_van_State" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Raad van State</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-04-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">201602246/2/A1</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#wraking">Wraking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Gravenhage</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2017:970">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2017:970</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-04-07T08:29:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-04-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RVS:2017:970 Raad van State , 04-04-2017 / 201602246/2/A1</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RVS:2017:970:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>[verzoeker] en anderen hebben aan hun verzoek ten grondslag gelegd dat er aanleiding is voor een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid van de staatsraden, omdat de staatsraden hebben nagelaten relevante stukken op te vragen en hebben geweigerd door [verzoeker] en anderen aangedragen getuigen te horen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak xml:space="preserve" lang="nl" id="ECLI:NL:RVS:2017:970:DOC" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>201602246/2/A1.</para>
    <para>Datum beslissing: 4 april 2017</para>
    <para />
    <para>AFDELING</para>
    <para>BESTUURSRECHTSPRAAK</para>
    <para />
    <para>PROCES-VERBAAL van de mondelinge beslissing met overeenkomstige toepassing van artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op een verzoek van:</para>
    <para />
    <para>[verzoeker A], [verzoeker B], [verzoeker C], [verzoeker D], [verzoeker E] en [verzoeker F] (hierna: [verzoeker] en anderen), allen wonend te [woonplaats],</para>
    <para>verzoekers,</para>
    <para />
    <para>om toepassing van artikel 8:15 van de Awb.</para>
    <para />
    <para>Procesverloop</para>
    <para />
    <para>Tijdens de openbare behandeling ter zitting van 4 april 2017 van zaak nr. 201602246/1/A1 hebben [verzoeker] en anderen verzocht om wraking van mr. R. van der Spoel, mr. W. Sorgdrager en mr. H.G. Sevenster (hierna: de staatsraden), als voorzitter onderscheidenlijk leden van de meervoudige kamer belast met de behandeling van zaak nr. 201602246/1/A1.</para>
    <para />
    <para>De staatsraden hebben niet in de wraking berust.</para>
    <para />
    <para>De Afdeling heeft het wrakingsverzoek op 4 april 2017 ter openbare zitting behandeld, waar [verzoeker] en anderen, vertegenwoordigd door [verzoeker A], bijgestaan door mr. M. Wullink en mr. S.J.P. Kukolja, beiden advocaat te Hengelo, zijn verschenen.</para>
    <para>De staatsraden hebben geen gebruik gemaakt van de gelegenheid te worden gehoord.</para>
    <para />
    <para>Beslissing</para>
    <para />
    <para>Bij mondelinge beslissing van 4 april 2017 heeft de Afdeling het verzoek om toepassing van artikel 8:15 van de Awb afgewezen.</para>
    <para />
    <para>Overweging</para>
    <para />
    <para>Daartoe heeft de Afdeling het volgende overwogen.</para>
    <para />
    <para>1.    Artikel 8:15 van de Awb luidt: 'Op verzoek van een partij kan elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.'</para>
    <para />
    <para>2.    [verzoeker] en anderen hebben aan hun verzoek ten grondslag gelegd dat er aanleiding is voor een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid van de staatsraden, omdat de staatsraden hebben nagelaten relevante stukken op te vragen en hebben geweigerd door [verzoeker] en anderen aangedragen getuigen te horen.</para>
    <para />
    <para>3.    De beslissingen over het opvragen van stukken en het horen van getuigen zijn processuele beslissingen. De vraag of deze beslissingen juist zijn, staat niet ter beoordeling in de wrakingsprocedure, omdat het instrument van wraking volgens vaste jurisprudentie niet is bedoeld om als rechtsmiddel tegen processuele beslissingen te worden aangewend. Zodanige beslissingen kunnen slechts leiden tot inwilliging van een wrakingsverzoek, indien sprake is van een flagrante schending van eisen van een goede procesorde of fundamentele rechtsbeginselen, die een eerlijk en onafhankelijk proces waarborgen, waarbij die schending aanleiding geeft voor een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid of vooringenomenheid van de betrokken staatsraden. In dit geval geven de weigering bepaalde stukken op te vragen en het niet horen van getuigen geen blijk van een objectief gerechtvaardigde vrees als hiervoor bedoeld.</para>
    <para />
    <para>Aldus uitgesproken in het openbaar door mr. H. Troostwijk, voorzitter, en mr. A.W.M. Bijloos en mr. A.B.M. Hent, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.V.T.K. Oei, griffier.</para>
    <para />
    <para>w.g. Troostwijk    w.g. Oei</para>
    <para>voorzitter    griffier    </para>
    <para />
    <para>670.</para>
  </parablock>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>