<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RVS:2016:304</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-02-11T09:49:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-02-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Raad_van_State" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Raad van State</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-02-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">201501510/1/A2</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Gravenhage</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBNHO:2015:59" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#meerdere afhandelingswijzen">Eerste aanleg: ECLI:NL:RBNHO:2015:59, Meerdere afhandelingswijzen</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2016:304">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2016:304</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-02-10T10:06:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-02-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RVS:2016:304 Raad van State , 10-02-2016 / 201501510/1/A2</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RVS:2016:304:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bij besluit van 13 maart 2014 heeft de Belastingdienst/Toeslagen een verzoek van [appellant sub 1] om herziening van de definitief vastgestelde kinderopvangtoeslag over 2008 en 2009 afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak xml:space="preserve" lang="nl" id="ECLI:NL:RVS:2016:304:DOC" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>201501510/1/A2.</para>
    <para>Datum uitspraak: 10 februari 2016</para>
    <para />
    <para>AFDELING</para>
    <para>BESTUURSRECHTSPRAAK</para>
    <para />
    <para>Uitspraak op de hoger beroepen van:</para>
    <para />
    <para>1. [appellant sub 1], wonend te [woonplaats],</para>
    <para>2. de Belastingdienst/Toeslagen,</para>
    <para>appellanten,</para>
    <para />
    <para>tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland van 14 januari 2015 in zaak nr. 14/1473 in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>[appellant sub 1]</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>de Belastingdienst/Toeslagen.</para>
    <para />
    <para>Procesverloop</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 13 maart 2014 heeft de Belastingdienst/Toeslagen een verzoek van [appellant sub 1] om herziening van de definitief vastgestelde kinderopvangtoeslag over 2008 en 2009 afgewezen.</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 8 juli 2014 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het door [appellant sub 1] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.</para>
    <para />
    <para>Bij uitspraak van 14 januari 2015 heeft de rechtbank het door [appellant sub 1] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.</para>
    <para />
    <para>Tegen deze uitspraak heeft [appellant sub 1] hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>De Belastingdienst/Toeslagen heeft een verweerschrift ingediend en incidenteel hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>[appellant sub 1] heeft een zienswijze op het incidenteel hoger beroep naar voren gebracht.</para>
    <para />
    <para>De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.</para>
    <para />
    <para>De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 17 augustus 2015, waar [appellant sub 1], bijgestaan door [gemachtigde], en de Belastingdienst/Toeslagen, vertegenwoordigd door mr. J.H.E. van der Meer, werkzaam aldaar, zijn verschenen.</para>
    <para />
    <para>Na het sluiten van het onderzoek ter zitting heeft de Afdeling het onderzoek heropend en de Belastingdienst/Toeslagen om een nadere toelichting verzocht. De Belastingdienst/Toeslagen heeft deze toelichting bij brief van 11 november 2015 gegeven. Bij brief van 1 december 2015 heeft [appellant sub 1] daarop een reactie ingediend. Met toestemming van partijen is afgezien van hernieuwde behandeling ter zitting, waarna het onderzoek is gesloten.</para>
    <para />
    <para>Overwegingen</para>
    <para />
    <para>1. Bij besluiten van 30 mei 2012 en 15 juni 2012 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de kinderopvangtoeslag van [appellant sub 1] over onderscheidenlijk 2008 en 2009 herzien. De toeslag over 2008 heeft hij vastgesteld op nihil en de toeslag over 2009 op € 2.202,00. Aan de besluiten heeft de dienst ten grondslag gelegd dat [appellant sub 1] de periode van januari 2008 tot oktober 2009 geen kosten van kinderopvang heeft gehad.</para>
    <para />
    <para>Bij uitspraak van 2 mei 2013 heeft de rechtbank Noord-Holland geoordeeld dat de Belastingdienst/Toeslagen de kinderopvangtoeslag van [appellant sub 1] terecht heeft herzien.</para>
    <para />
    <para>2. Bij brief van 21 mei 2013 heeft [appellant sub 1] de Belastingdienst/Toeslagen verzocht de kinderopvangtoeslag over 2008 en 2009 te herzien. Aangezien zij over de periode van januari 2008 tot oktober 2009 € 17.624,71 aan kosten voor kinderopvang heeft gehad is het volgens [appellant sub 1] onredelijk de kinderopvangtoeslag over deze periode op nihil te stellen. [appellant sub 1] verzoekt de Belastingdienst/Toeslagen de toeslag vast te stellen op basis van de werkelijk door haar gemaakte kosten.</para>
    <para />
    <para>Bij brief van 26 november 2013 heeft [appellant sub 1] haar brief van 21 mei 2013 aangevuld. Volgens [appellant sub 1] heeft zij kosten van kinderopvang gehad, omdat zij na de uitspraak van de rechtbank van 2 mei 2013 eerder van haar teruggevorderde voorschotten kinderopvangtoeslag van onderscheidenlijk € 1.529,00 en € 2.535,00 heeft terugbetaald aan de Belastingdienst/Toeslagen.</para>
    <para />
    <para>Aan het bij besluit van 8 juli 2014 gehandhaafde besluit van 13 maart 2014 heeft de Belastingdienst/Toeslagen ten grondslag gelegd dat [appellant sub 1] bij haar verzoek om herziening van de definitief vastgestelde kinderopvangtoeslag over 2008 en 2009 geen nieuwe informatie heeft verstrekt. Dat [appellant sub 1] ten onrechte ontvangen voorschotten kinderopvangtoeslag heeft terugbetaald maakt volgens de dienst niet dat zij aanspraak op toeslag heeft.</para>
    <para />
    <para>3. De terugbetalingen van ten onrechte ontvangen voorschotten zijn geen nieuw feit, omdat de verplichting om voorschotten terug te betalen voortvloeit uit de besluiten waarbij de Belastingdienst/Toeslagen de kinderopvangtoeslag heeft herzien. Nu [appellant sub 1] geen andere gronden tegen het besluit van 8 juli 2014 heeft aangevoerd, ziet de Afdeling, evenmin als de rechtbank, aanleiding voor vernietiging van dat besluit.</para>
    <para />
    <para>4. Uit het vorenstaande volgt dat de rechtbank het beroep van [appellant sub 1] terecht ongegrond heeft verklaard. Dit betekent dat de Belastingdienst/Toeslagen geen belang heeft bij de beoordeling van het door hem ingestelde incidenteel hoger beroep.</para>
    <para />
    <para>5. Het hoger beroep van [appellant sub 1] is ongegrond. Het incidenteel hoger beroep van de Belastingdienst/Toeslagen is niet-ontvankelijk. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.</para>
    <para />
    <para>6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para>Beslissing</para>
    <para />
    <para>De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:</para>
    <para />
    <para>I. bevestigt de aangevallen uitspraak;</para>
    <para />
    <para>II. verklaart het incidenteel hoger beroep van de Belastingdienst/Toeslagen niet-ontvankelijk.</para>
    <para />
    <para>Aldus vastgesteld door mr. E. Steendijk, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. M.R. Poot, griffier.</para>
    <para />
    <para>w.g. Steendijk w.g. Poot</para>
    <para>lid van de enkelvoudige kamer griffier</para>
    <para />
    <para>Uitgesproken in het openbaar op 10 februari 2016</para>
    <para />
    <para>362-735.</para>
  </parablock>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>