<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RVS:2014:1129</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T10:35:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-04-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Raad_van_State" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Raad van State</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-04-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">201209800/1/A2</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Gravenhage</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBSGR:2012:18894" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#niet ontvankelijk">Eerste aanleg: ECLI:NL:RBSGR:2012:18894, Niet ontvankelijk</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2014:1129">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2014:1129</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-04-02T10:31:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-04-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RVS:2014:1129 Raad van State , 02-04-2014 / 201209800/1/A2</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RVS:2014:1129:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bij besluit van 5 juli 2011 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het recht van [appellante] op kinderopvangtoeslag over 2008 vastgesteld op € 2.505,00.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak xml:space="preserve" lang="nl" id="ECLI:NL:RVS:2014:1129:DOC" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>201209800/1/A2.</para>
    <para>Datum uitspraak: 2 april 2014</para>
    <para />
    <para>AFDELING</para>
    <para>BESTUURSRECHTSPRAAK</para>
    <para />
    <para>Uitspraak op het hoger beroep van:</para>
    <para />
    <para>[appellante], wonend te Den Haag,</para>
    <para>appellante,</para>
    <para />
    <para>tegen de mondelinge uitspraak van de rechtbank ‘s-Gravenhage van 30 augustus 2012 in zaken nrs. 12/3013, 12/3015 en 12/3016 in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>[appellante]</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>de Belastingdienst/Toeslagen.</para>
    <para />
    <para>Procesverloop</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 5 juli 2011 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het recht van [appellante] op kinderopvangtoeslag over 2008 vastgesteld op € 2.505,00.</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 12 juli 2011 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het recht van [appellante] op kinderopvangtoeslag over 2009 vastgesteld op € 12.977,00.</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 30 juli 2010 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot kinderopvangtoeslag van [appellante] herzien op € 19.169,00 gesteld.</para>
    <para />
    <para>Bij onderscheiden besluiten van 30 november 2011, heeft de Belastingdienst/Toeslagen de vastgestelde kinderopvangtoeslag van [appellante] over de jaren 2008 en 2009 en het voorschot kinderopvangtoeslag over het jaar 2010 herzien en op nihil vastgesteld en de reeds uitbetaalde bedragen teruggevorderd.</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 6 maart 2012 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het door [appellante] tegen de besluiten van 30 november 2011 gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.</para>
    <para />
    <para>Bij mondelinge uitspraak van 30 augustus 2012 heeft de rechtbank het door [appellante] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Het proces-verbaal van deze uitspraak is aangehecht.</para>
    <para />
    <para>Tegen deze uitspraak heeft [appellante] hoger beroep ingesteld.</para>
    <para />
    <para>De Belastingdienst/Toeslagen heeft een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 7 november 2013, waar [appellante], bijgestaan door mr. J.L.J.M. van de Mortel, advocaat te Leidschendam, en de Belastingdienst/Toeslagen, vertegenwoordigd door mr. J.H.E. van der Meer, werkzaam bij die dienst, zijn verschenen.</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 18 december 2013, aangevuld bij onderscheiden besluiten van 3 januari 2014, heeft de Belastingdienst/Toeslagen opnieuw op het door [appellante] gemaakte bezwaar over de jaren 2008, 2009 en 2010 beslist en dat bezwaar gegrond verklaard.</para>
    <para />
    <para>Bij brief van 5 januari 2014 heeft [appellante], onder handhaving van het hoger beroep, verzocht om een vergoeding van de bij haar opgekomen kosten van beroep en hoger beroep en de griffierechten van beroep en hoger beroep.</para>
    <para />
    <para>Partijen hebben toestemming gegeven de zaak zonder nadere zitting af te doen.</para>
    <para />
    <para>Overwegingen</para>
    <para />
    <para>1. Met het besluit van 18 december 2013, aangevuld bij onderscheiden besluiten van 3 januari 2014, is de Belastingdienst/Toeslagen geheel tegemoet gekomen aan het bezwaar van [appellante]. [appellante] heeft dit in haar reactie van 5 januari 2014 ook erkend. Gelet hierop moet worden geconcludeerd dat [appellante] geen belang meer heeft bij een inhoudelijke behandeling van haar hoger beroep.</para>
    <para />
    <para>2. Het hoger beroep is daarom niet-ontvankelijk.</para>
    <para />
    <para>3. Nu de Belastingdienst/Toeslagen met het besluit van 18 december 2013, aangevuld bij onderscheiden besluiten van 3 januari 2014, geheel aan [appellante] tegemoet is gekomen, ziet de Afdeling aanleiding de Belastingdienst/Toeslagen op na te melden wijze in de proceskosten te veroordelen. Voorts ziet de Afdeling hierin aanleiding om met toepassing van artikel 8:74, tweede lid, van de Awb de Belastingdienst/Toeslagen te gelasten het door [appellante] betaalde griffierecht voor de behandeling van het beroep en het hoger beroep te vergoeden.</para>
    <para />
    <para>Beslissing</para>
    <para />
    <para>De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:</para>
    <para />
    <para>I. verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk;</para>
    <para />
    <para>II. veroordeelt de Belastingdienst/Toeslagen tot vergoeding van bij [appellante] in verband met de behandeling van het beroep en het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.948,00 (zegge: negentienhonderdachtenveertig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand;</para>
    <para />
    <para>III. gelast dat de Belastingdienst/Toeslagen aan [appellante] het door haar betaalde griffierecht ten bedrage van € 274,00 (zegge: tweehonderdvierenzeventig euro) voor de behandeling van het beroep en het hoger beroep vergoedt.</para>
    <para />
    <para>Aldus vastgesteld door mr. M. Vlasblom, voorzitter, en mr. C.J. Borman en dr. M.W.C. Feteris, leden, in tegenwoordigheid van mr. P. Lodder, ambtenaar van staat.</para>
    <para />
    <para>w.g. Vlasblom w.g. Lodder</para>
    <para>voorzitter ambtenaar van staat</para>
    <para />
    <para>Uitgesproken in het openbaar op 2 april 2014</para>
    <para />
    <para>17-752.</para>
  </parablock>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>