<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RVS:2012:BW0134</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T00:32:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BW0134</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Raad_van_State" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Raad van State</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2012-03-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">201201044/1/R1 en 201201044/2/R1</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorzieningbodemzaak">Voorlopige voorziening+bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2012:BW0134">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2012:BW0134</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T09:54:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2012-03-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RVS:2012:BW0134 Raad van State , 20-03-2012 / 201201044/1/R1 en 201201044/2/R1</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RVS:2012:BW0134:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bij besluit van 3 november 2011 heeft de raad het bestemmingsplan "Green Park Aalsmeer, Middenweg en deelgebieden 3, 5 en 7" vastgesteld.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RVS:2012:BW0134:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>201201044/1/R1 en 201201044/2/R1.</para>
      <para>Datum uitspraak: 20 maart 2012</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>AFDELING</para>
      <para>BESTUURSRECHTSPRAAK</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)) en, met toepassing van artikel 8:86 van die wet, op het beroep, in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>[appellant], wonend te Aalsmeer,</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de raad van de gemeente Aalsmeer,</para>
      <para>verweerder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. Procesverloop</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 3 november 2011 heeft de raad het bestemmingsplan "Green Park Aalsmeer, Middenweg en deelgebieden 3, 5 en 7" vastgesteld.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen dit besluit heeft [appellant] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 26 januari 2012, beroep ingesteld.</para>
      <para>Bij brief van 26 januari 2012 heeft [appellant] de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 2 maart 2012, waar [appellant], in persoon en bijgestaan door mr. J. van den Brug, advocaat te Leiden, en de raad, vertegenwoordigd door J.J. Koch en S. van Donkelaar, beiden werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.</para>
    <para />
    <para>Partijen hebben ter zitting toestemming gegeven onmiddellijk uitspraak te doen in de hoofdzaak.</para>
    <para />
    <para>2. Overwegingen</para>
    <para />
    <para>2.1. In dit geval kan nader onderzoek redelijkerwijs niet bijdragen aan de beoordeling van de zaak en bestaat ook overigens geen beletsel om met toepassing van artikel 8:86, eerste lid, van de Awb onmiddellijk uitspraak te doen in de hoofdzaak.</para>
    <para />
    <para>2.2. Het plan voorziet in een planologisch kader voor de ontwikkeling van deelgebieden 3, 5 en 7 van het nieuwe bedrijvenpark voor de bloemen- en plantensector Green Park Aalsmeer. Het plan voorziet tevens in een ontsluitingsweg ten behoeve van deze ontwikkeling, waarvoor de Middenweg zal worden verplaatst naar de gronden ter plaatse van de woning van [appellant].</para>
    <para />
    <para>2.3. [appellant] betoogt dat het plan niet uitvoerbaar is omdat geen duidelijkheid bestaat over de aankoop van zijn woning op het perceel [locatie] en het recht van erfpacht voor dit perceel. Volgens [appellant] is daaromtrent overeenstemming bereikt met de gemeente Aalsmeer, maar weigert de gemeente de overeenkomst na te komen. Daaruit leidt [appellant] af dat niet binnen de planperiode tot aankoop zal worden overgegaan, zodat aan het perceel Middenweg 29 ten onrechte geen woonbestemming is toegekend.</para>
    <para />
    <para>2.4. De raad stelt zich op het standpunt dat er een conceptovereenkomst met [appellant] is maar dat daarbij het voorbehoud van goedkeuring door het college van burgemeester en wethouders is gemaakt. Voorts stelt de raad dat indien deze goedkeuring niet wordt gegeven tot onteigening van het perceel zal worden overgegaan.</para>
    <para />
    <para>2.5. Aan het perceel Middenweg 29 zijn de bestemmingen "Verkeer", "Water" en "Groen" toegekend. Tevens hebben deze gronden de aanduiding "wro zone - verwerkelijking in naaste toekomst" gekregen.</para>
    <para />
    <para>2.6. De voorzitter overweegt dat de vraag in hoeverre er een bindende overeenkomst tussen de gemeente en [appellant] is ontstaan zo nodig ter beoordeling aan de civiele rechter kan worden voorgelegd. De raad heeft ter zitting toegelicht dat er nog geen overeenstemming is over de prijs maar dat de onderhandelingen nog niet definitief zijn afgebroken en hij bereid is zo nodig tot onteigening over te gaan. In hetgeen [appellant] aanvoert, ziet de voorzitter derhalve geen aanleiding voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het plan kan worden uitgevoerd.</para>
    <para />
    <para>2.7. [appellant] heeft niet aangevoerd dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het plan wat betreft de aan het perceel Middenweg 29 gegeven bestemmingen strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening.</para>
    <para />
    <para>2.8. Het beroep is ongegrond.</para>
    <para />
    <para>2.9. Gelet op het vorenstaande wijst de voorzitter het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af.</para>
    <para />
    <para>2.10. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para>3. Beslissing</para>
    <para />
    <para>De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State</para>
    <para />
    <para>Recht doende in naam der Koningin:</para>
    <para />
    <para>I. verklaart het beroep ongegrond;</para>
    <para />
    <para>II. wijst het verzoek af.</para>
    <para />
    <para>Aldus vastgesteld door mr. D.A.C. Slump, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. P.A. Melse, ambtenaar van staat.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>w.g. Slump w.g. Melse</para>
      <para>voorzitter ambtenaar van staat</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uitgesproken in het openbaar op 20 maart 2012</para>
    <para />
    <para>191-655.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>