<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RVS:2011:BR6893</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T13:43:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BR6893</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Raad_van_State" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Raad van State</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2011-09-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">201108799/2/R2</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2011:BR6893">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2011:BR6893</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T08:46:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2011-09-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RVS:2011:BR6893 Raad van State , 02-09-2011 / 201108799/2/R2</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RVS:2011:BR6893:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bij besluiten van 18 april 2011 en 2 mei 2011 heeft de staatssecretaris aan de Vereniging van importeurs van schelpdieren te Kapelle (hierna: VIS) vergunningen op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 (hierna: Nbw 1998) verleend voor het uitzaaien in de Oosterschelde van mosselen afkomstig uit respectievelijk Denemarken, het gebied The Wash (Verenigd Koninkrijk), Zweden en verschillende productiegebieden in het Verenigd Koninkrijk en Ierland.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RVS:2011:BR6893:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>201108799/2/R2.</para>
      <para>Datum uitspraak: 2 september 2011</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>AFDELING</para>
      <para>BESTUURSRECHTSPRAAK</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de stichting Stichting de Faunabescherming, gevestigd te Amstelveen,</para>
      <para>verzoekster,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,</para>
      <para>verweerder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. Procesverloop</para>
    <para />
    <para>Bij besluiten van 18 april 2011 en 2 mei 2011 heeft de staatssecretaris aan de Vereniging van importeurs van schelpdieren te Kapelle (hierna: VIS) vergunningen op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 (hierna: Nbw 1998) verleend voor het uitzaaien in de Oosterschelde van mosselen afkomstig uit respectievelijk Denemarken, het gebied The Wash (Verenigd Koninkrijk), Zweden en verschillende productiegebieden in het Verenigd Koninkrijk en Ierland.</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 1 augustus 2011 heeft de staatssecretaris de door de Faunabescherming hiertegen gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen dit besluit heeft de Faunabescherming bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 12 augustus 2011, beroep ingesteld.</para>
      <para>Bij deze brief heeft de Faunabescherming de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De Faunabescherming heeft nadere stukken ingediend.</para>
    <para />
    <para>De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 26 augustus 2011, waar de Faunabescherming, vertegenwoordigd door [secretaris], en de staatssecretaris, vertegenwoordigd door mr. J.E.W. Tieleman, mr. M.H. Overes, J.M.M. Kouwenhoven en dr. A. Gittenberger, allen werkzaam voor het ministerie, zijn verschenen. Verder is daar de VIS gehoord, vertegenwoordigd door mr. M. van der Bent, advocaat te Middelburg, en mr. J.D. Holstein.</para>
    <para />
    <para>2. Overwegingen</para>
    <para />
    <para>2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.</para>
    <para />
    <para>2.2. De Faunabescherming heeft, onder verwijzing naar de desbetreffende stukken, haar stellingname herhaald die zij heeft betrokken in de voorlopige voorzieningprocedure hangende haar bezwaren tegen de primaire besluiten, die heeft geleid tot afwijzing van haar verzoek (uitspraak van 7 juni 2011 in de zaak nrs. <link nsxlink:href="http://www.raadvanstate.nl/uitspraken/zoeken_in_uitspraken/zoekresultaat/?verdict_id=T1UerEZeVZw%3D" xmlns:nsxlink="http://www.w3.org/1999/xlink">201104798/1/R2, 201104799/1/R2, 201105232/1/R2, 201105236/1/R2</link>).</para>
    <para />
    <para>De Faunabescherming betoogt dat de staatssecretaris in het bestreden besluit niet, dan wel onvoldoende, is ingegaan op haar bezwaren. De kern van haar betoog strekt ertoe dat er geen zekerheid bestaat dat de natuurlijke kenmerken van de Oosterschelde niet worden aangetast door de vergunde handelingen. In dit verband heeft zij aangevoerd dat het Schelpdierimport monitoringsprotocol van juli 2010, opgesteld door onderzoeksbureau GiMaRIS, niet kan voorkomen dat schadelijke invasieve exoten zich vestigen in de Oosterschelde. Zij stelt dat de van het protocol deel uitmakende Schelpdier Afhankelijke Soorten Inventarisaties (SASI's) geen compleet beeld geven van schadelijke invasieve exoten. Ten onrechte worden alleen bij soorten waarvan uit de literatuur bekend is dat deze schadelijk zijn, de import en het uitzaaien van mosselen stopgezet en quarantaine maatregelen getroffen. Onder verwijzing naar wetenschappelijke literatuur betoogt de Faunabescherming dat exoten in het nieuwe leefgebied onvoorspelbare veranderingen kunnen ondergaan, mede vanwege de klimaatverandering. Verder heeft zij er op gewezen dat uit onderzoek van de Voedsel en Waren Autoriteit uit 2009 bleek dat het norovirus in 55% van de monsters uit Ierland en zelfs in 100% van de monsters uit het Verenigd Koninkrijk werd aangetroffen. Dit virus kan van mosselen op oesters - die rauw worden gegeten - worden overgedragen, hetgeen ernstige buikgriep bij de mens veroorzaakt, aldus de Faunabescherming.</para>
    <para />
    <para>2.3. De voorzitter is op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting van oordeel dat de staatssecretaris zich op basis van de passende beoordelingen en het Schelpdierimport monitoringsprotocol van juli 2010 ervan heeft kunnen verzekeren dat het uitzaaien van mosselen afkomstig uit de genoemde herkomstgebieden geen schadelijke gevolgen heeft voor de natuurlijke kenmerken van de Oosterschelde. Hierbij is in aanmerking genomen dat wetenschappelijk gezien redelijkerwijs geen twijfel mag bestaan dat een probleemsoort uit een herkomstgebied de natuurlijke kenmerken van de Oosterschelde aantast, maar niet dat bij het verlenen van een vergunning ingevolge de Nbw 1998 absolute zekerheid moet bestaan dat zich geen probleemsoort vestigt in de Oosterschelde. De Faunabescherming heeft niet aannemelijk gemaakt dat bij het opstellen van de passende beoordelingen en het monitoringsprotocol van juli 2010 niet de beste wetenschappelijke kennis ter zake als uitgangspunt is genomen. Door middel van de aan de vergunningen verbonden voorschriften is gewaarborgd dat de import en het uitzaaien van de mosselen plaatsvindt overeenkomstig het monitoringsprotocol van juli 2010. Indien tijdens een inventarisatie in een exportgebied, of bij de lopende monitoring van schelpdieren bij aankomst of via een betrouwbare externe bron een probleemsoort in het exportgebied wordt aangetroffen, dan zal voor schelpdieren uit het desbetreffende gebied direct de quarantaineregeling gaan gelden. Indien in het seizoen dat deze probleemsoort wordt ontdekt, reeds schelpdieren in de Oosterschelde zijn uitgezaaid, dan zullen de desbetreffende percelen zo snel mogelijk worden schoongevist. Ter zitting is van de zijde van de staatssecretaris benadrukt dat de SASI's door een onafhankelijk deskundige worden uitgevoerd, waarbij de meest recente wetenschappelijke kennis omtrent probleemsoorten wordt gehanteerd. Als een nieuwe probleemsoort wordt ontdekt, wordt de intensiteit van de monitoring verhoogd. Wat betreft het norovirus heeft de staatssecretaris terecht gesteld dat dit virus weliswaar nadelige gevolgen kan hebben voor de volksgezondheid, maar dat het hier niet een probleemsoort betreft die van invloed is op de instandhoudingsdoelstellingen van de Oosterschelde. Hetgeen de Faunabescherming over het norovirus heeft gesteld is derhalve niet van belang bij de toepassing van de Nbw 1998 in dit geval.</para>
    <para />
    <para>2.4. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.</para>
    <para />
    <para>2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para>3. Beslissing</para>
    <para />
    <para>De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:</para>
    <para />
    <para>wijst het verzoek af.</para>
    <para />
    <para>Aldus vastgesteld door mr. R.J. Hoekstra, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. P.J.A.M. Broekman, ambtenaar van staat.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>w.g. Hoekstra w.g. Broekman</para>
      <para>voorzitter ambtenaar van staat</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uitgesproken in het openbaar op 2 september 2011</para>
    <para />
    <para>12.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>