<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RVS:2010:BN4913</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T14:26:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BN4913</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Raad_van_State" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Raad van State</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-08-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">201004666/2/R2</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2010:BN4913">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2010:BN4913</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T06:51:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-08-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RVS:2010:BN4913 Raad van State , 19-08-2010 / 201004666/2/R2</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RVS:2010:BN4913:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bij besluit van 25 februari 2010 heeft de raad het bestemmingsplan "Bestemmingsplan Doetinchemseweg 9 te Loerbeek" vastgesteld.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RVS:2010:BN4913:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>201004666/2/R2.</para>
      <para>Datum uitspraak: 19 augustus 2010</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>AFDELING</para>
      <para>BESTUURSRECHTSPRAAK</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:</para>
    <para />
    <para>[verzoeker A] en anderen, wonend te [woonplaats],</para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de raad van de gemeente Montferland,</para>
      <para>verweerder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. Procesverloop</para>
    <para />
    <para>Bij besluit van 25 februari 2010 heeft de raad het bestemmingsplan "Bestemmingsplan Doetinchemseweg 9 te Loerbeek" vastgesteld.</para>
    <para />
    <para>Tegen dit besluit hebben [verzoeker A], [verzoeker B] en [verzoeker C], bij de Raad van State ingekomen op 11 mei 2010, beroep ingesteld. Bij brief, binnengekomen op dezelfde datum, hebben zij de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    <para />
    <para>De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 30 juli 2010, waar [verzoeker B] en [verzoeker C], bijgestaan door mr. M.M.H. van Kuijk, werkzaam bij DAS Rechtsbijstand, en de raad, vertegenwoordigd door L. Bosch en mr. J. Broekman, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen. Voorts is ter zitting [Huifkarcentrum], vertegenwoordigd door [eigenaar], bijgestaan door mr. L. Koers, advocaat te Arnhem, gehoord.</para>
    <para />
    <para>2. Overwegingen</para>
    <para />
    <para>2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.</para>
    <para />
    <para>2.2. [verzoeker A] en anderen richten zich tegen het plan waarin aan het perceel aan de Doetinchemseweg 9 de bestemming "Recreatie" is toegekend, die voorziet in het gebruik van de gronden en de daar reeds aanwezige bebouwing voor een huifkarcentrum, ondersteunende horeca en een zorgboerderij. Zij vrezen overlast te ondervinden van dit gebruik en willen met het verzoek om voorlopige voorziening voorkomen dat bedoeld gebruik legitiem kan worden uitgeoefend voordat uitspraak kan worden gedaan in de bodemprocedure.</para>
    <para />
    <para>2.3. Het feit dat hangende de beroepsprocedure bij de Afdeling het gebruik van de gronden als huifkarcentrum met ondersteunende horeca en als zorgboerderij wordt voortgezet, brengt geen onomkeerbare situatie met zich. Tegen dat gebruik dat na de inwerkingtreding van een bestemmingsplan daarmee in overeenstemming is kan immers, indien het besluit tot vaststelling van het plan wordt vernietigd, worden opgetreden indien dat gebruik niet in overeenstemming is met het planologisch regime dat na de vernietiging geldt. De inwerkingtreding van het plan leidt in zoverre niet tot een juridisch onomkeerbare situatie. Gelet hierop is de voorzitter van oordeel dat met het verzoek geen spoedeisend belang is gemoeid dat rechtvaardigt dat een voorlopige voorziening wordt getroffen. Het verzoek wordt daarom afgewezen.</para>
    <para />
    <para>2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <para>3. Beslissing</para>
    <para />
    <para>De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:</para>
    <para />
    <para>wijst het verzoek af.</para>
    <para />
    <para>Aldus vastgesteld door mr. P.B.M.J. van der Beek-Gillessen, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. M. Vogel-Carprieaux, ambtenaar van Staat.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>w.g. Van der Beek-Gillessen w.g. Vogel-Carprieaux</para>
      <para>voorzitter ambtenaar van Staat</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uitgesproken in het openbaar op 19 augustus 2010</para>
    <para />
    <para>458.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>