<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2026:368</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-16T14:02:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-01-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/02/442236 / JE RK 25-2076</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#rekestprocedure">Rekestprocedure</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:368">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:368</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-03T15:31:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2026:368 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 08-01-2026 / C/02/442236 / JE RK 25-2076</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2026:368:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verlenging ondertoezichtstelling</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2026:368:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie- en Jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Breda</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/02/442236 / JE RK 25-2076</para>
      <para>Datum uitspraak: 8 januari 2026</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de gecertificeerde instelling </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT</emphasis>, </para>
      <para>locatie Etten-Leur, hierna te noemen: de GI,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over de minderjarige</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedag] 2011 in [geboorteplaats],</para>
      <para>hierna te noemen: [minderjarige].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt in deze zaak als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>wonende in [woonplaats]. </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>In het procesdossier zitten de volgende stukken: </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 24 november 2025;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het op 7 januari 2026 ontvangen bericht van de GI, met bijlage.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 8 januari 2026. Daarbij was een vertegenwoordigster namens de GI aanwezig.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De kinderrechter constateert bij aanvang van de zitting dat de moeder niet is verschenen. Omdat de moeder is aangemerkt als belanghebbende in deze procedure, dient de kinderrechter te controleren of zij correct is opgeroepen. De kinderrechter stelt vast dat de moeder op 18 december 2025, daarmee met inachtneming van de minimale oproepingstermijn van een week, zowel per gewone als aangetekende post is opgeroepen voor de zitting op het adres waarmee zij bij de gemeente ingeschreven staat in de Basisregistratie personen (BRP). De kinderrechter stelt derhalve vast dat de moeder correct is opgeroepen voor de zitting. De kinderrechter heeft de behandeling van het verzoek daarom buiten aanwezigheid van de moeder voortgezet. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>
        [minderjarige] heeft, gezien haar leeftijd, het recht om haar mening in deze zaak te geven. Zij is daarom uitgenodigd om haar mening te geven tijdens een gesprek met de kinderrechter op 6 januari 2026. [minderjarige] is echter ook niet verschenen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De moeder is belast met het eenhoofdig ouderlijk gezag over [minderjarige].</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [minderjarige] woont bij de moeder.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [minderjarige] is onder toezicht gesteld van de GI. Bij de nadere beschikking van de kinderrechter in deze rechtbank van 4 juli 2025 is die maatregel voor het laatst verlengd tot 15 januari 2026.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek en de onderbouwing daarvan</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De GI verzoekt om de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen voor de duur van zes maanden en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De GI heeft ter onderbouwing van haar verzoek, samengevat, onder andere het volgende aangegeven. Er zijn nog steeds zorgen over de (opvoed)situatie van [minderjarige]. Daarnaast ervaart [minderjarige] spanningen rondom haar meerderjarige halfbroer die ook thuis woont. Ondanks dat er al verschillende vormen van hulpverlening zijn ingezet, is de situatie tot nu toe niet doorbroken. Daarbij komt dat het de GI niet lukt om op een goede manier met de moeder en [minderjarige] in contact te komen en te blijven. Om de ontstane situatie alsnog te doorbreken, is er onlangs een verklarende analyse gestart. Dit onderzoek zal in de komende periode worden voortgezet en afgerond. Daarnaast is er sinds oktober 2025 een hulpverleningstraject vanuit [hulpverlening] gestart voor [minderjarige]. Nu de kennismakingsfase van dat traject is afgerond, zal er vanuit [hulpverlening] in de komende periode worden gewerkt aan de gestelde doelen, waarbij de focus ligt op het vinden van een betere balans tussen school en vrije tijd, het geven van ruimte aan het praten over situaties die zij heeft meemaakt, het uiten van haar emoties en het blijven monitoren van de thuissituatie. De GI heeft ook geprobeerd om in contact te komen met de halfbroer van [minderjarige]. Hij houdt dit contact echter af. Om hem, in het belang van [minderjarige], toch te ondersteunen, heeft de GI een aanvraag gedaan voor begeleid wonen via de WMO. Ook is Novadic Kentron betrokken bij hem voor ondersteuning. Doordat de halfbroer meerderjarig is en hij geen toestemming geeft voor het delen van informatie, weet de GI de huidige stand van zaken met betrekking tot de inzet van hulpverlening voor de halfbroer echter niet. Het komende half jaar zal in het teken staan van het afronden van de verklarende analyse. Aan de hand van de uitkomsten daarvan, zal worden bezien welke (vervolg)hulpverlening het meest passend is. Deze hulpverlening zal dan op vrijwillige basis worden voortgezet. De GI is namelijk voornemens om de ondertoezichtstelling in de komende periode af te ronden. Dit omdat, naar de mening van de GI, binnen die maatregel inmiddels het hoogst haalbare is bereikt. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Op grond van artikel 1:260 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de kinderrechter, mits aan de grond, bedoeld in artikel 1:255, eerste lid BW is voldaan, de duur van de ondertoezichtstelling telkens verlengen met ten hoogste een jaar. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Op grond van artikel 1:255, eerste lid BW kan de kinderrechter een minderjarige onder toezicht stellen van een gecertificeerde instelling wanneer die minderjarige zodanig opgroeit, dat hij in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd, en:</para>
      <orderedlist numeration="loweralpha">
        <listitem>
          <para>de zorg die in verband met het wegnemen van de bedreiging noodzakelijk is voor de minderjarige of voor zijn ouders of de ouder die het gezag uitoefenen, door dezen niet of onvoldoende wordt geaccepteerd, en;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de verwachting gerechtvaardigd is dat de ouders of de ouder die het gezag uitoefenen binnen een gelet op de persoon en de ontwikkeling van de minderjarige aanvaardbaar te achten termijn, de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding, bedoeld in artikel 1:247, tweede lid BW, in staat zijn te dragen. </para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Naar aanleiding van de overgelegde stukken en wat er tijdens de zitting is besproken, overweegt de kinderrechter als volgt. Gebleken is dat de zorgen over de (opvoed)situatie van [minderjarige], die hebben geleid tot ondertoezichtstelling, nog steeds aanwezig zijn. Daarnaast is gebleken dat de hulpverlening vanuit [hulpverlening] en de verklarende analyse pas onlangs zijn gestart en dat deze trajecten nog niet zijn afgerond. Nu de moeder en [minderjarige] het contact met de GI afhouden, althans nu het voor de GI niet mogelijk is gebleken om op een goede manier met hen in contact te komen en te blijven, ziet de kinderrechter op dit moment geen mogelijkheden om de noodzakelijk geachte hulpverlening op vrijwillige basis voort te zetten. Daarmee wordt, naar het oordeel van de kinderrechter, voldaan aan de wettelijke vereisten voor het verlengen van de ondertoezichtstelling van [minderjarige]. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>In de komende periode zal er vanuit de hulpverlening van [hulpverlening] verder worden gewerkt aan de gestelde doelen en zal de verklarende analyse naar verwachting worden afgerond. Aan de hand van de uitkomsten daarvan, zal er naar verwachting passende (vervolg)hulpverlening worden geadviseerd welke vervolgens vanuit het vrijwillig kader kan worden ingezet. Nu de situatie vooralsnog niet doorbroken wordt, ondanks dat er binnen het kader van de ondertoezichtstelling van [minderjarige] al verschillende vormen van hulpverlening zijn ingezet, en het contact tussen de GI en de moeder en [minderjarige] niet op een goede manier tot stand komt en blijft, is de GI voornemens om de maatregel in de komende periode af te ronden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Blijkens het verzoekschrift stemmen de moeder en [minderjarige] in met het verlengen van de ondertoezichtstelling.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>Om de GI in de gelegenheid te stellen om de maatregel in de komende periode op een goede manier af te ronden, zal de kinderrechter het verzoek toewijzen en de ondertoezichtstelling van [minderjarige] verlengen voor de verzochte duur van zes maanden, tot 15 juli 2026.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>De kinderrechter zal de beslissing, gelet op het kinderbeschermende karakter daarvan en het belang dat hierover duidelijkheid bestaat, uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals is verzocht door de GI. Dit betekent dat de maatregel per direct van kracht is en dat een eventueel hoger beroep die beslissing niet schorst.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] tot 15 juli 2026;<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 8 januari 2026 door mr. Toekoen, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. Wallerbos als griffier, en op schrift gesteld op 16 januari 2026.</para>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>