<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2026:1405</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-12T13:22:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-02-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/02/444391 / FA RK 26-428</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#rekestprocedure">Rekestprocedure</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:1405">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:1405</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-10T10:56:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2026:1405 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 02-02-2026 / C/02/444391 / FA RK 26-428</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2026:1405:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Zorgmachtiging verleend voor de duur van twaalf maanden. Er zijn nog ernstige zorgen. Het komt nog voor dat betrokkene ambivalent is in het accepteren van de medicatie en begeleiding. Het herstel is nog te kwetsbaar.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2026:1405:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie- en Jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/02/444391 / FA RK 26-428</para>
      <para>Datum uitspraak: 2 februari 2026</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking zorgmachtiging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het verzoek van de officier van justitie voor</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [betrokkene]
        </emphasis>,			</para>
      <para>geboren op [geboortedag] 2002 in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen betrokkene,</para>
      <para>wonend in [woonplaats] , </para>
      <para>advocaat mr. C.E.J.E. Kouijzer uit Middelburg. </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <parablock>
        <para>De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:</para>
        <para>- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 26 januari 2026.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 2 februari 2026. Daarbij zijn gehoord:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de advocaat van betrokkene;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>mevrouw [persoon 1] , verpleegkundig specialist;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de heer [persoon 2] , sociaalpsychiatrisch verpleegkundige (hierna: SPV’er)</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de ouders van betrokkene, tevens mentor en bewindvoerder van betrokkene. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Uit artikel 6:1 Wvggz volgt dat de rechter betrokkene hoort na ontvangst van het verzoekschrift voor het verlenen van een zorgmachtiging, tenzij de rechter vaststelt dat betrokkene niet in staat is of niet bereid is zich te doen horen. Om betrokkene niet te belasten en de spanningen voor hem te beperken, is door de rechtbank besloten om betrokkene kort te bezoeken in de woonunit op het terrein van de ouders alwaar betrokkene verblijft. Daarbij heeft betrokkene kenbaar gemaakt dat hij zich niet wenst uit te laten over het voorliggende verzoek. Vervolgens heeft de rechtbank de mondelinge behandeling verder voortgezet buiten aanwezigheid van betrokkene.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Wat vaststaat</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De rechtbank heeft een machtiging verleend tot en met 27 februari 2026.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.</para>
        <para>4. <emphasis role="bold">De standpunten</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De moeder stemt in met het verzoek. Het gaat stap voor stap beter met betrokkene. Een jaar geleden ging het slecht vanwege de verhuizing en de bijwerkingen van de depotmedicatie. Betrokkene werd katatoon, was gestopt met praten, met uit bed komen en met eten en drinken. De stabiele thuissituatie die is gecreëerd is het beste voor betrokkene. Betrokkene wordt een dagstructuur geboden en tezamen met het gebruik van de medicatie gaat het goed met betrokkene. Betrokkene komt nu tweemaal per dag bij de ouders in de woning. Dit biedt betrokkene dagbesteding. Door het CCE is geadviseerd om nog meer een benadering te hanteren die past bij een verstandelijke beperking. Daarom is er een WLZ-aanvraag ingediend voor een VG7. Gefaseerd zal er in dat kader ook gespecialiseerde begeleiding worden toegevoegd aan de zorg voor betrokkene en er wordt gezocht naar een orthopedagoog. Betrokkene kan niet goed omgaan met veranderingen en heeft nu nog veel verwerkingstijd nodig. Wanneer dit beter gaat, krijgt betrokkene meer ruimte om zich op andere punten verder te ontwikkelen. De moeder zou graag zien dat de ambulante begeleiding wordt toegevoegd aan de zorgmachtiging. Het afgelopen jaar zijn er geen gedwongen medische controles uitgevoerd. De metabole screening is niet uitgevoerd, omdat dit betrokkene te veel prikkels zou geven. Sinds de wijziging van de zorgmachtiging is er geen fixatie meer toegepast. Het is echter niet ondenkbaar dat dit opnieuw nodig is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Ook de vader stemt in met het verzoek. Hoewel er de afgelopen periode stappen zijn gezet, zijn er ook diepe dalen geweest. De situatie is nog erg fragiel en bij een zwaardere terugval moet snel kunnen worden ingegrepen. De ouders willen voorkomen dat betrokkene bij de ouders wordt weggehaald en opnieuw in een accommodatie terecht komt. Dat is niet goed voor betrokkene. In het begin was er sprake van veel verzet bij betrokkene. Dit is met de tijd minder geworden, maar is er soms nog wel. Zo had betrokkene van de week zijn medicatie niet doorgeslikt. De medicatie is in dit stadium nog een essentieel onderdeel dat bijdraagt aan de positieve lijn die is ingezet. Betrokkene gebruikt de medicatie sinds november 2025 en dit wordt stap voor stap verhoogd. De inname van vocht en voeding is voor betrokkene erg afhankelijk van omgevingsfactoren. Ook hierop moet in geval van terugval snel kunnen worden ingegrepen. Ook de fixatie dient onderdeel te zijn van de zorgmachtiging. Betrokkene heeft bovendien nog weleens de neiging om weg te willen lopen. Het CCE adviseert om de benadering te hanteren gebaseerd op het gedrag van betrokkene. Betrokkene wordt meer structuur geboden en er wordt gewerkt met visuele stimulatie. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De SPV’er stelt dat het verzoek kan worden toegewezen. De SPV’er ziet een verbetering bij betrokkene. Dit gaat wel langzaam en er is met momenten sprake van een terugval bij betrokkene. Die is vaak gerelateerd aan verandering in de omgeving, personen dan wel de manier van benaderen. Hoewel betrokkene stappen maakt, is zijn situatie nog altijd heel kwetsbaar. Het toedienen van vocht en voeding is op het moment niet voorzienbaar bij wijze van verplichte zorg. Er is nu meer structuur in het eten en de medicatie biedt ondersteuning om daar adequater en helderder mee om te gaan. Wanneer betrokkene een keer niet eet, is dit niet direct alarmerend. De medische controles zijn bij betrokkene lastig uitvoerbaar. Toch is dit op het moment dat betrokkene achteruitgaat noodzakelijk. Indien de zorgmachtiging voor een kortere periode wordt verleend kan dit extra belastend zijn voor betrokkene. Het is beter om de overgang naar een andere kader onder de zorgmachtiging te realiseren. Een termijn van twaalf maanden biedt daarin de meeste ruimte. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>De verpleegkundig specialist acht het toedienen van medicatie, het verrichten van medische controles, het beperken van de bewegingsvrijheid en het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten noodzakelijk bij wijze van verplichte zorg. Er is niet gevraagd om het toedienen van vocht en voeding bij wijze van verplichte zorg. Dit gaat het laatste half jaar goed. Ten aanzien van de medische controles licht de verpleegkundig specialist toe dat er momenten kunnen zijn waarom een spiegel moet worden bepaald. Betrokkene smokkelt wel eens met de medicatie. Het is echter ook breder dan alleen het bepalen van de medicatiespiegel. Hoewel fixatie de afgelopen periode minder is ingezet, is het nog te vroeg om dit uit de zorgmachtiging te schrappen. Gezien de recente ontwikkelingen begrijpt de verpleegkundig specialist het wanneer de zorgvorm het opnemen in een accommodatie niet wordt opgenomen in de zorgmachtiging. De verpleegkundig specialist pleit ervoor om de zorgmachtiging voor twaalf maanden te verlenen. Wanneer het eerder niet meer nodig is zal de zorgmachtiging worden opgeheven. Het zou echter belastend voor betrokkene zijn, wanneer de zorgmachtiging voor een kortere duur wordt verleend en er toch opnieuw een verlenging nodig blijkt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Door de advocaat is namens betrokkene aangegeven dat het verzoek kan worden toegewezen. Betrokkene vindt het goed zoals het nu is. De huidige situatie kan dan ook worden voortgezet, waarbij het toedienen van medicatie, het verrichten van medische controles, het beperken van de bewegingsvrijheid en het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten kunnen worden opgenomen in de zorgmachtiging. Het is nog te vroeg om de benodigde zorg op vrijwillige basis te verlenen. Er komt een spannende periode aan waarin hopelijk mooie stappen kunnen worden gezet. Daarbij ziet iedereen verbetering in de situatie van betrokkene. Een termijn van twaalf maanden zal daarin de meeste rust bieden. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene is gediagnosticeerd met een ernstige autismespectrumstoornis met psychotische kenmerken. Onbekende personen en onverwachte situaties kunnen leiden tot aanzienlijke belasting en potentieel tot ontregeling. Ook is er bij betrokkene sprake van een eetstoornis. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:</para>
      <para>- levensgevaar;</para>
      <para>- ernstig lichamelijk letsel;</para>
      <para>- ernstige psychische schade;</para>
      <para>- ernstige verwaarlozing;</para>
      <para>- maatschappelijke teloorgang;</para>
      <para>- ernstige verstoorde ontwikkeling.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>Hoewel de situatie van betrokkene op het moment aanzienlijk lijkt te zijn verbeterd, zijn er nog altijd ernstige zorgen over betrokkene. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat betrokkene heftig kan reageren op veranderingen en onduidelijkheid. Betrokkene trekt zich dan terug uit contact, is passief en verwaarloost zichzelf, waarbij de basale zelfzorg niet altijd lukt. Eerder hebben zich ook agressie incidenten voorgedaan en was er sprake van verminderde voedsel- en vochtinname met een opname in het ziekenhuis vanwege het risico op uitdroging en somatische complicaties ten gevolg. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.6.</nr>
      <para>Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is het de rechtbank gebleken dat het betrokkene nog niet lukt om altijd vrijwillig mee te werken aan de benodigde behandeling. Hoewel betrokkene zich momenteel aan de afspraken houdt en de voorgeschreven medicatie accepteert, acht de rechtbank de zorgmachtiging op het moment (nog) noodzakelijk. Het komt nog voor dat betrokkene ambivalent is in het gebruik van de medicatie en het accepteren van de begeleiding van [hulpverlening] . De rechtbank acht het herstel van betrokkene in dat kader thans nog te pril, te kwetsbaar en onvoldoende stabiel. Daarom is verplichte zorg nodig.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.7.</nr>
      <para>De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:</para>
      <para>- het toedienen van medicatie;</para>
      <para>- het verrichten van medische controles;</para>
      <para>- het beperken van de bewegingsvrijheid;</para>
      <para>- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.8.</nr>
      <para>Voor wat betreft het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten ziet de rechtbank, gelet op de toelichtingen tijdens de mondelinge behandeling, voldoende aanleiding om deze vorm van verplichte zorg ingevolge artikel 6:4 lid 2 Wvggz op te nemen in de zorgmachtiging. Het is belangrijk dat betrokkene contact onderhoudt met het FACT-team en zich laat begeleiden door [hulpverlening] . Verder merkt de rechtbank op dat het zorgplan moet worden gewijzigd nu de zorgmodaliteit het opnemen in een accommodatie op dit moment nog in het zorgplan is opgenomen en de verpleegkundig specialist en de SPV’er hebben toegelicht dat deze zorgmodaliteit niet langer noodzakelijk is om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.9.</nr>
      <para>Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.10.</nr>
      <para>Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De rechtbank ziet geen aanleiding om de zorgmachtiging in duur te bekorten. De situatie van betrokkene is nog kwetsbaar en het is onduidelijk hoelang het zal duren voordat een eventuele overdracht naar het kader dat passend is bij een VG-benadering kan worden gerealiseerd. Mocht bij het verlenen van een zorgmachtiging voor kortere duur blijken dat een verlenging noodzakelijk is, zal dit extra onrust voor betrokkene met zich meebrengen en betrokkene onnodig belasten. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 2002 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.7 staan kunnen worden toegepast;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2.</nr>
      <para>bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 2 februari 2027. </para>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 2 februari 2026 door mr. Borm, rechter, in aanwezigheid van mr. Palings, griffier en op schrift gesteld op 16 februari 2026.</para>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>