<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2025:7526</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-16T12:28:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11426789 CV EXPL 24-4009 (E)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Bergen op Zoom</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:7526">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:7526</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-16T12:27:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2025:7526 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 22-10-2025 / 11426789 CV EXPL 24-4009 (E)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2025:7526:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vordering afgewezen. Hoofdsom niet opeisbaar vanwege betalingsregeling.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2025:7526:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Bergen op Zoom</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 11426789 CV EXPL 24-4009</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 22 oktober 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">INFOMEDICS B.V.</emphasis>,</para>
      <para>mede handelend onder de namen<emphasis role="bold"> INFOMEDICS FACTORING, UWNOTA.NL, DFA SERVICES EN INFOMEDICS DFA</emphasis>, </para>
      <para>te Almere,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: Infomedics,</para>
      <para>gemachtigde: Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [plaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. C.G.A. Mattheussens.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
        <para>- de dagvaarding van 19 november 2024;<?linebreak?>- de conclusie van antwoord;<?linebreak?>- de conclusie van repliek;<?linebreak?>- de conclusie van dupliek;<?linebreak?>- de akte uitlaten producties van Infomedics.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De kern van de zaak</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft op 22 februari 2022 een behandeling gehad bij [tandartspraktijk] . [tandartspraktijk] heeft de vordering gecedeerd aan Infomedics. Infomedics heeft voor deze behandeling op 24 februari 2022 een factuur van € 172,82 aan [gedaagde] gestuurd. [gedaagde] heeft deze factuur niet volledig betaald. Infomedics is deze procedure gestart omdat zij wil dat [gedaagde] een bedrag van € 214,82 betaalt aan hoofdsom, berekende rente tot 22 oktober 2024 en incassokosten. Daarnaast wil Infomedics dat [gedaagde] vanaf 22 oktober 2024 wettelijke rente over € 172,82 betaalt en een vergoeding van de kosten die zij heeft moeten maken voor deze procedure. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tussen partijen staat ter discussie of de hoofdsom opeisbaar is. [gedaagde] voert aan dat de hoofdsom nog niet opeisbaar is omdat er een betalingsregeling loopt. Hij verwijst daarbij naar de e-mail van 4 november 2024 van de gemachtigde van Infomedics. Volgens Infomedics is de vordering wel opeisbaar, omdat de laatste betalingsregeling (met [dossiernummer] ) met [gedaagde] - die zag op meerdere openstaande vorderingen waaronder deze factuur - is vervallen op 15 oktober 2024.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat niet vast staat dat de hoofdsom opeisbaar is. In de e-mail van 4 november 2024 (productie 2 bij de conclusie van antwoord) staat, voor zover van belang, het volgende:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘In antwoord op uw e-mails kunnen wij u berichten dat wij uw betalingen in goede orde hebben ontvangen.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">U kunt de betalingsregeling van € 35,00 per maand voortzetten gedurende vier maanden. Graag zien wij de volgende termijn uiterlijk 29 november 2024 tegemoet. (…)’</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit de door [gedaagde] overgelegde bankafschriften blijkt dat hij op 22 november 2024 een bedrag van € 35,00 heeft overgemaakt aan de gemachtigde van Infomedics. Uit het betalingskenmerk ( [dossiernummer] ) volgt dat het gaat om een betaling in het kader van deze betalingsregeling. Hiermee heeft [gedaagde] de opeisbaarheid van de hoofdsom gemotiveerd betwist. Gelet op deze gemotiveerde betwisting had het op de weg van Infomedics gelegen om nader te onderbouwen dat er op het moment van dagvaarden geen betalingsregeling meer liep met [gedaagde] . Dit heeft zij niet gedaan. Nu de opeisbaarheid van de hoofdsom niet vast is komen te staan, wordt de vordering tot betaling van de hoofdsom afgewezen. Daarmee zijn de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten en rente ook niet toewijsbaar.  </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Infomedics is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>80,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2 punten × € 40,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>20,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>100,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>wijst de vorderingen van Infomedics af;</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>veroordeelt Infomedics in de proceskosten, waarvan € 100,00 te betalen aan [gedaagde] , binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Infomedics niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Van der Burgt en in het openbaar uitgesproken op 22 oktober 2025.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>