<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2025:7188</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-29T08:57:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11874339 VV EXPL 25-78 (E)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Tilburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:7188">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:7188</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-24T09:52:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2025:7188 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 24-10-2025 / 11874339 VV EXPL 25-78 (E)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2025:7188:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Kort geding. Verhuurder wil dat huurder zijn scootmobiel niet in de gemeenschappelijke gang voor zijn woning plaatst, want dit levert een gevaarlijke situatie op. Verhuurder wil daarom dat huurder zijn scootmobiel in de woning stalt of in de daarvoor gehuurde stallingsplaats. Verhuurder heeft huurder hier al meerdere keren op aangesproken, maar zonder het gewenste resultaat. De kantonrechter stelt verhuurder in het gelijk.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2025:7188:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Tilburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 11874339 \ VV EXPL  25-78</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in kort geding van 24 oktober 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">STICHTING TBV</emphasis>, </para>
      <para>te Tilburg,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: TBV,</para>
      <para>gemachtigde: mr. C.J.P. Schellekens,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [plaats],</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde],</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De zaak in het kort</emphasis>
      </para>
      <para>
        [gedaagde] huurt een woning van TBV. TBV wil dat [gedaagde] zijn scootmobiel niet in de gemeenschappelijke gang voor zijn woning plaatst, want dit levert een gevaarlijke situatie op. TBV wil daarom dat [gedaagde] zijn scootmobiel in de woning stalt of in de daarvoor gehuurde stallingsplaats. TBV heeft [gedaagde] hier al meerdere keren op aangesproken, maar zonder het gewenste resultaat. De kantonrechter stelt TBV in het gelijk.</para>
      <para>Volgens de wet is een scootmobiel een brandgevaarlijk object dat niet in de gemeenschappelijke gang mag staan. De kantonrechter verbiedt [gedaagde] om de scootmobiel in de gemeenschappelijke ruimte te plaatsen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding in kort geding van 16 september 2025 met producties,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de producties van [gedaagde],</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de mondelinge behandeling van 10 oktober 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>TBV verhuurt sinds 5 maart 2023 de sociale huurwoning aan [adres] in [plaats] aan [gedaagde]. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] huurt ook een stallingsplaats voor scootmobielen van TBV in het wooncomplex.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Uit het Besluit bouwwerken en leefomgeving volgt dat het verboden is om in een gemeenschappelijke verkeersruimte van een woongebouw waardoor een vluchtroute voert brandgevaarlijke of belemmerende objecten aanwezig te hebben. Scootmobielen worden in artikel 6.15a lid 1 sub b expliciet aangemerkt als brandgevaarlijke objecten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>In een brief van 8 augustus 2024 heeft TBV de bewoners van het wooncomplex, waaronder [gedaagde], geïnformeerd over het Besluit bouwwerken en leefomgeving. Bewoners hebben tot 19 augustus 2024 de tijd gekregen om alle persoonlijke spullen en eigendommen uit de algemene ruimte te verwijderen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>TBV heeft meerdere brieven naar [gedaagde] gestuurd met het verzoek om de algemene ruimten en galerijen leeg te ruimen en de scootmobiel per direct in zijn woning of in de stallingsplaats te stallen. Ook is TBV bij [gedaagde] langs geweest voor een gesprek over het verwijderen van de scootmobiel uit de gang. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>TBV vordert - samengevat – om [gedaagde] te verbieden een scootmobiel in de gemeenschappelijke ruimte binnen het wooncomplex te stallen, op straffe van dwangsom van € 100,00 per dag met maximum van € 3.000,00. Als dat maximum bereikt is dan wil TBV een machtiging om de scootmobiel op kosten van [gedaagde] te verwijderen en in de stalling te plaatsen als deze weer bij de voordeur van de woning staat.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>TBV legt aan de vordering het volgende ten grondslag. [gedaagde] heeft zich niet als goed huurder gedragen. Ondanks meerdere waarschuwingen blijft hij zijn scootmobiel in de gemeenschappelijke stallen, terwijl dit een brandgevaarlijke situatie oplevert en in strijd is met het Besluit bouwwerken en leefomgeving. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert verweer. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. De kantonrechter moet daarom eerst beoordelen of TBV ten tijde van dit vonnis bij die voorziening een spoedeisend belang heeft. Daarnaast geldt dat de kantonrechter in dit kort geding moet beoordelen of de vorderingen in de bodemprocedure een zodanige kans van slagen hebben, dat vooruitlopend daarop toewijzing van de voorlopige voorziening gerechtvaardigd is. Als uitgangspunt geldt bovendien dat in deze procedure geen plaats is voor bewijslevering.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Spoedeisend belang</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <parablock>
        <para>Voldoende aannemelijk is geworden dat er door het stallen van de scootmobiel op de galerij een gevaarlijke situatie ontstaat. TBV heeft daarom spoedeisend belang bij haar vorderingen. </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Scootmobiel is brandgevaarlijk</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De kantonrechter stelt voorop dat uit het Besluit bouwwerken en leefomgeving volgt dat het verboden is om in gemeenschappelijke verkeersruimten van een woongebouw waardoor een vluchtroute voert brandgevaarlijke of belemmerende objecten aanwezig te hebben. Scootmobielen worden daarbij aangemerkt als brandgevaarlijke objecten.<footnote-ref linkend="_77da8244-9bcd-40e0-863f-b3e42577e861" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft aangevoerd dat zijn scootmobiel de vluchtroute niet belemmert in de brede gang, maar dat is hier niet het probleem. Het gaat om het feit dat zijn scootmobiel een brandgevaarlijk object is, ongeacht de breedte van de vluchtroute. Ter zitting heeft [gedaagde] aangegeven dat hij van mening is dat zijn scootmobiel niet brandgevaarlijk is en in geval van brand snel zal wegsmelten. Volgens de wet is een scootmobiel wel brandgevaarlijk en daar kan de kantonrechter niet omheen. De conclusie is dat [gedaagde] op grond van de wet zijn scootmobiel niet in de gemeenschappelijke gang mag plaatsen. TBV heeft [gedaagde] meerdere keren gevraagd om zijn scootmobiel uit de gemeenschappelijke gang weg te halen, maar ondanks deze verzoeken houdt [gedaagde] zich hier (nog steeds) niet aan. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">
            [gedaagde] moet de scootmobiel weghalen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Op grond van de wet mag [gedaagde] zijn scootmobiel niet in de gemeenschappelijke gang plaatsen. De kantonrechter acht het daarom aannemelijk dat in een bodemprocedure de vorderingen van TBV zullen worden toegewezen. De vordering tot het verbieden van [gedaagde] om een scootmobiel binnen het wooncomplex te plaatsen (niet zijnde de stalling of zijn eigen woning) zal daarom in dit kort geding worden toegewezen. Daarbij ziet de kantonrechter reden om de hierbij gevorderde dwangsom te matigen naar € 50,00 met maximum van € 1.500,00 voor elke dag dat [gedaagde] zich niet aan de verplichting houdt.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>TBV heeft ook nog een machtiging gevorderd om op rekening van [gedaagde] de scootmobiel te mogen verwijderen wanneer deze na het bereiken van het maximumbedrag aan dwangsom nog steeds in het wooncomplex is geplaatst bij de voordeur van [gedaagde] of een andere niet daarvoor bestemde gemeenschappelijke ruimte binnen het complex. Deze vordering komt de kantonrechter niet onredelijk voor en kan als onweersproken worden toegewezen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van TBV worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- kosten van de dagvaarding</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>145,45</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- griffierecht</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>135,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>271,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>20,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>571,45</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>verbiedt [gedaagde] om een scootmobiel bij de voordeur van het gehuurde, dan wel op een andere niet daarvoor bestemde gemeenschappelijke ruimte binnen het wooncomplex waar het gehuurde te [plaats] aan het [adres] onderdeel van uitmaakt te stallen, op straffe van een dwangsom van € 50,00 per dag met een maximum van € 1.500,00,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>machtigt TBV om, zodra de dwangsom tot het maximum is verbeurd, voor rekening van en op kosten van [gedaagde] de scootmobiel(en) te verwijderen en in de daarvoor  bestemde stalling op de begane grond te (laten) stallen wanneer die bij de voordeur van de woning, dan wel op een andere niet daarvoor bestemde gemeenschappelijke ruimte binnen het wooncomplex waar het gehuurde te [plaats] aan het [adres] onderdeel van uitmaakt gestald is;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 571,45, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Ebben en in het openbaar uitgesproken op 24 oktober 2025.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para />
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_77da8244-9bcd-40e0-863f-b3e42577e861" label="1">
    <para> Artikel 16a lid 1 sub b Besluit bouwwerken en leefomgeving.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>