<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2025:7123</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-16T08:51:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/02/407042 / HA ZA 23-114</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:7123">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:7123</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-12T15:00:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2025:7123 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 22-10-2025 / C/02/407042 / HA ZA 23-114</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2025:7123:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>non-conforme camper wegens vochtschade. De rechtbank oordeelt dat uit het deskundigenbericht volgt dat sprake is van ernstige vochtschade, dat sprake is van wederzijdse dwaling hierover en dat die dwaling voor rekening van verkoper komt. De rechtbank wijst de gevorderde verklaring voor recht dat koper de overeenkomst heeft vernietigd toe en veroordeelt verkoper tot betaling van het aankoopbedrag, de buitengerechtelijke incassokosten en de proceskosten. De aanvullende schadevergoeding wordt afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2025:7123:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK Zeeland-West-Brabant</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/02/407042 / HA ZA 23-114</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 22 oktober 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [plaats 1],</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [eiser],</para>
      <para>advocaat: mr. J. van Egmond,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [plaats 2],</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde],</para>
      <para>advocaat: mr. M. Harte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De zaak in het kort</emphasis>
      </para>
      <para>In deze zaak heeft [eiser] van [gedaagde] een camper gekocht. [eiser] stelt dat de camper door vochtschade dusdanig rot is dat deze niet meer veilig te gebruiken is in die zin dat het binnenklimaat en de constructie onveilig is. [gedaagde] betwist dat er sprake is van vochtschade of rot althans dat die schade zo ernstig is dat de camper niet meer te gebruiken is. De rechtbank oordeelt dat uit het deskundigenbericht volgt dat sprake is van ernstige vochtschade, dat sprake is van wederzijdse dwaling hierover en dat die dwaling voor rekening van [gedaagde] komt. De rechtbank wijst de gevorderde verklaring voor recht dat [eiser] de overeenkomst heeft vernietigd toe en veroordeelt [gedaagde] tot betaling van het aankoopbedrag, de buitengerechtelijke incassokosten en de proceskosten. De aanvullende schadevergoeding wordt afgewezen. De rechtbank legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel is gekomen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het tussenvonnis van 24 april 2024<?linebreak?>- het deskundigenbericht</para>
      <para>- de conclusie na deskundigenbericht van [gedaagde]</para>
      <para>- de antwoordconclusie van [eiser].</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <parablock>
        <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
        <para>
          <emphasis role="bold">2.	De verdere beoordeling</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het deskundigenbericht</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>In het vonnis van 7 februari 2024 heeft de rechtbank geoordeeld dat de aanwezigheid, de omvang en de ernst van de vochtschade niet vast stond zodat zij deskundige voorlichting op dit punt nodig achtte. De rechtbank heeft de volgende vragen aan de deskundige voorgelegd:</para>
      <para>1. <emphasis role="italic">Zijn de volgende gebreken aanwezig:</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">-	achter de bestuurdersstoel op de zijwand zit een rot stuk,</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-	de vloer is rot,</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-	de achterwand is rot,</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-	de aluminium zijplaat is beschadigd,</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-	linksachter bij het bagageluik zit de gehele zijwand niet vast,</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-	de grote dakluiken zijn rot aan de binnenkant,</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-	de uitdraaisteun zit vast met tie-rips.</emphasis>
        </para>
        <para>a. <emphasis role="italic">Zo ja, kunt u iets zeggen over wanneer deze gebreken zijn ontstaan?</emphasis></para>
      </parablock>
      <para>2. <emphasis role="italic">Kan de camper, ondanks de aanwezigheid van eventuele gebreken, gebruikt worden in die zin dat:</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>a. <emphasis role="italic">het binnenklimaat veilig is,</emphasis></para>
        <para>b. <emphasis role="italic">het veilig is om mee te rijden,</emphasis></para>
        <para>c. <emphasis role="italic">de constructie voldoende veilig is?</emphasis></para>
      </parablock>
      <para>3. <emphasis role="italic">Indien er gebreken aanwezig zijn, wat zijn de kosten van herstel? Kunt u dit per gebrek specificeren?</emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Zijn er nog andere punten die u naar voren wilt brengen waarvan de rechter volgens u kennis dient te nemen bij de verdere beoordeling?</emphasis>
      </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <parablock>
        <para>In zijn rapportage van 18 oktober 2024 schrijft de deskundige – samengevat – het volgende. De camper lijkt op het eerste gezicht in prima staat te verkeren, na onderzoek is echter gebleken dat de opbouw van de camper in “<emphasis role="italic">ZEER SLECHTE staat</emphasis>” verkeert. Het chassis, de wielophanging, het motorcompartiment, de motor en versnellingsbak verkeerden, gelet op de leeftijd van de camper in goede staat. Het dak is verzwakt/doorgezakt en het hout is op diverse plaatsen rot. Het hout in de linkerzijwand en de achterewand is aangetast, verzwakt of volledig verdwenen. De vloer onder de rechterdeur voor de entree is deels aangetast/verzwakt. De vloer is verder niet rot. Uit verrichte vochtmetingen is duidelijk geworden dat er sprake is van “<emphasis role="italic">een aanzienlijke mate van vocht</emphasis>”. De gebreken aan de camperopbouw zijn het gevolg van een jarenlang proces. De gebreken zoals vastgesteld door [deskundige] worden door de deskundige bevestigd. </para>
        <para>Op de vragen van de rechtbank antwoordt de deskundige verder het volgende:</para>
      </parablock>
      <para>1. “<emphasis role="italic">De gebreken zijn aanwezig. Hierbij willen wij opmerken dat de vloer slechts deels is aangetast en voorkomende ouderdomsverschijnselen vertoond maar niet volledig ROT is. </emphasis></para>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Inzake de opmerking dat de grote dakluiken rot zijn aan de binnenkant willen wij opmerken dat de dakluiken niet rot zijn maar het dak zelf waarin de dakluiken zijn gemonteerd</emphasis>.” </para>
        <para>a. “<emphasis role="italic">Herleiden op welk moment de gebreken exact zijn ontstaan danwel zijn ingeleid is technisch niet mogelijk. </emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wel zijn de aanwezige gebreken ,de rotte zijwand, achterwand en dak, het gevolg van een jarenlang proces. Als gevolg van het binnentreden van een overmatige hoeveelheid vocht in het hout van de camperopbouw (zijwanden, achterwanden en dak) zal het rottingsproces gestart worden wat uiteindelijk resulteert in het volledig wegrotten van het hout en isolatiemateriaal.</emphasis>”</para>
      </parablock>
      <para>2. “ “<emphasis role="italic">De kampeerauto kan gebruikt worden. Hierbij willen wij opmerken dat rottend hout en schimmels niet wenselijk zijn. </emphasis></para>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Verder kan men op gebruikelijke wijze rijden met de kampeerauto. Het voertuig aan zich is veilig, de motor, de versnellingsbak. De wielophanging en het chassis verkeren in een goede staat, dan wel staat welke behoren van een voertuig van bijna 25 jaar en 175.750 gepresteerde kilometers. </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het voertuig voldoet, voor zover in het huidige stadium te beoordelen, aan de eisen zoals gesteld in de A(lgemene) P(eriodieke) K(euring). Wel blijken de banden 11 jaar oud en is het raadzaam deze, gelet op de respectabele leeftijd, te vervangen.</emphasis>”</para>
      </parablock>
      <para>3. “ “<emphasis role="italic">Er is sprake van ernstige gebreken van de Benimar camper opbouw. Gelet op de omvang van de gebreken is herstel van de kampeerauto niet langer economisch verantwoord. De herstelkosten zullen de waarde van de kampeerauto ruimschoots overschrijden.</emphasis>”</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Uit het voorgaande volgt duidelijk dat de opbouw van de camper en daarmee de camper als geheel gebreken vertoont bestaand uit ernstige vochtschade waardoor het dak, de linkerzijwand en de achterwand rot zijn. De rechtbank zal hierna beoordelen of en in hoeverre [gedaagde] aansprakelijk is voor gebreken aan de camper, waar nodig aan de hand van de conclusies van de deskundige.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ontstaan van de gebreken</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert aan dat de gebreken kunnen zijn ontstaan nadat hij de camper aan [eiser] heeft verkocht zodat hij voor die gebreken niet aansprakelijk is. Hij voert aan dat [eiser] de camper gedurende een maand intensief heeft gebruikt en dat zij de camper vervolgens niet zorgvuldig heeft gestald. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De rechtbank gaat voorbij aan dit standpunt van [gedaagde] en overweegt daartoe het volgende. Partijen hebben op 12 juni 2022 de koopovereenkomst met betrekking tot de camper gesloten. Op 2 september 2022 is de camper aan [eiser] geleverd. Niet lang daarna, op 3 oktober 2022 heeft [eiser] de camper naar Caravanbedrijf De Duinwei gebracht waarde heer [deskundige] heeft geconstateerd dat er sprake is van vochtschade die “<emphasis role="italic">zeker al jaren aan de gang is</emphasis>”. Omdat [gedaagde] de door [deskundige] geconstateerde gebreken gemotiveerd heeft betwist en de omvang en de ernst van de vochtschade uit de e-mail van [deskundige] niet duidelijk naar voren kwam heeft de rechtbank een gerechtelijk deskundige benoemd. Die heeft op 3 september 2024 de camper geïnspecteerd en de aanwezigheid van de door [deskundige] geconstateerde gebreken bevestigd. Daarnaast antwoordt de deskundige op de vraag wanneer de gebreken zijn ontstaan dat de rotte zijwand, achterwand en dak, het gevolg zijn van een jarenlang proces. Hieruit volgt duidelijk dat de gebreken voor zover het de vochtschade betreft aanwezig waren voordat [gedaagde] de camper aan [eiser] verkocht. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Dwaling</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Uit het deskundige rapport volgt dat de (opbouw van de) camper in zeer slechte staat verkeert en door vocht ernstig is aangetast. Dat [eiser] de overeenkomst niet zou hebben gesloten als zij hier vanaf wist ligt in de rede en wordt door [gedaagde] ook niet betwist. Dat [gedaagde] afwist van de vochtschade is ook niet gebleken. Weliswaar stelt [eiser] dat [gedaagde] in verband met een lekkage herstelwerkzaamheden heeft verricht maar hieruit volgt nog niet dat [gedaagde] wist dat het dak, de linkerzijwand en de achterkant rot waren als gevolg van vocht. Daarmee is sprake van wederzijdse dwaling in de zin van artikel 6:228 lid 1 aanhef en sub c BW. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Een beroep op vernietiging wegens dwaling slaagt niet als de dwaling in verband met de aard van de overeenkomst, de in het verkeer geldende opvattingen of de omstandigheden van het geval voor rekening van de dwalende moet blijven. In dit geval hebben beide partijen gedwaald over de staat van de camper. De rechtbank is van oordeel dat de dwaling in dit geval voor rekening komt van [gedaagde]. Het beroep op vernietiging wegens dwaling is daarmee gegrond. De rechtbank licht dit als volgt toe. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <parablock>
        <para>Partijen zijn in de overeenkomst weliswaar overeengekomen dat “<emphasis role="italic">De camper wordt geleverd in de staat zoals hij is(…)</emphasis>”, maar dit brengt niet met zich dat ernstige gebreken die aan een normaal gebruik van de camper in de weg staan ook voor rekening van [eiser] dienen te blijven. Gelet op de informatie die [gedaagde] onder meer in de verkoopadvertentie heeft verstrekt en op grond waarvan [eiser] haar interesse in de camper heeft getoond en de camper uiteindelijk heeft gekocht mocht zijn aannemen dat de camper geschikt was voor een normaal gebruik als camper en dus dat de camper geschikt is om mee te rijden en om in te verblijven. </para>
        <para>Uit het deskundigenrapport volgt dat de camper geschikt is om mee te rijden. Hoewel de deskundige de vraag of de camper veilig is om in te verblijven niet concreet beantwoordt volgt naar het oordeel van de rechtbank uit het rapport voldoende duidelijk dat dit niet het geval is. Uit de vochtmetingen in het rapport blijkt immers dat sprake is van een aanzienlijke mate van vocht, meer dan 30%, in het materiaal van de camper. De aanwezigheid van vocht leidt tot rot en schimmelvorming. Het is een feit van algemene bekendheid dat het verblijven in een door vocht en schimmel aangetaste omgeving schadelijk is voor de gezondheid. Dit wordt door [eiser] ook gesteld en door [gedaagde] niet betwist. De deskundige heeft vastgesteld dat de camper zo ernstig is aangetast door vocht dat de kosten voor reparatie daarvan de waarde van de camper overschrijden. Met andere woorden, de camper is total loss. In het licht van die omstandigheden kan niet anders geoordeeld worden dan dat de camper ongeschikt is om in te verblijven en dus niet geschikt is voor normaal gebruik. </para>
        <para>Er zijn verder geen andere omstandigheden gebleken op grond waarvan de dwaling voor rekening van [eiser] moet blijven. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>Ter zitting heeft [eiser] toegelicht dat zij bedoelt te vorderen dat de rechtbank voor recht verklaart dat de overeenkomst rechtsgeldig is vernietigd. Gelet op het voorgaande zal dit worden toegewezen. De vordering tot vernietiging van de koopovereenkomst zal worden afgewezen nu [eiser] de overeenkomst bij haar brief van 6 oktober 2022 al buiten rechte heeft vernietigd. De rechtbank kan de koopovereenkomst niet nogmaals vernietigen. Als gevolg van de vernietiging van de koopovereenkomst heeft [eiser] de koopsom van € 30.000,00 onverschuldigd betaald en is de camper eigendom van [gedaagde] gebleven. De vordering tot (terug)betaling van de koopsom zal dan ook worden toegewezen. De gevorderde wettelijke rente hierover zal worden toegewezen vanaf 21 oktober 2022 omdat [gedaagde] vanaf dat moment met betaling van dit bedrag in verzuim is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <para>Omdat het beroep op dwaling slaagt komt de rechtbank niet toe aan de beoordeling van de overige gronden (bedrog en wanprestatie) waarop [eiser] haar vordering grondt. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Schadevergoeding vanwege extra kosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.11.</nr>
      <para>Naast terugbetaling van de koopsom vordert [eiser] schadevergoeding voor extra kosten die zij heeft gemaakt. Als haar beroep op dwaling slaagt grondt zij die vordering op onrechtmatige daad. Zij stelt in dat kader dat [gedaagde] informatie niet heeft medegedeeld waar dat wel had gemoeten. Uit het voorgaande volgt al dat niet is komen vast te staan dat [gedaagde] afwist van de ernstige vochtschade zodat ook niet vast staat dat hij informatie daarover heeft verzwegen. Dat [gedaagde] onrechtmatig heeft gehandeld staat daarom niet vast. Dit deel van de vordering van [eiser] zal worden afgewezen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Buitengerechtelijke incassokosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.12.</nr>
      <para>
        [eiser] vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De hoofdvordering valt niet onder het toepassingsbereik van het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). De rechtbank zal daarom de gevorderde vergoeding toetsen aan de oriëntatiepunten voor de beoordeling van dergelijke vorderingen uit het Rapport BGK-integraal, maar met toepassing van de wettelijke tarieven die geacht worden redelijk te zijn. Daarom zal een bedrag van € 1.075,00 worden toegewezen. De gevorderde rente over de buitengerechtelijke incassokosten zal worden toegewezen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.13.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. Omdat [eiser] heeft geprocedeerd op basis van een toevoeging, zal [gedaagde] niet worden veroordeeld tot betaling van de explootkosten en betekeningskosten<emphasis role="italic">. </emphasis>De proceskosten van [eiser] worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- griffierecht</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>86,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris advocaat</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>1.965,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2,5 punten × € 786,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>178,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>2.229,00.</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.14.</nr>
      <para>Omdat een bedrag van € 1.815,00 voor het loon van de deskundige door de griffier uit de Rijkskas is betaald en voorlopig in debet is gesteld, zal [gedaagde] worden veroordeeld om dit bedrag aan de griffier te voldoen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>verklaart voor recht dat [eiser] de overeenkomst rechtsgeldig heeft vernietigd,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 30.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 21 oktober 2022, tot de dag van volledige betaling,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 1.075,00 aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW, vanaf de dag van dagvaarding, tot de dag van volledige betaling,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 4.044,00, waarvan:</para>
      <para>- te voldoen aan de griffier € 1.815,00 aan in debet gestelde deskundigenkosten, nadat [gedaagde] daarvoor een nota van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak heeft ontvangen,</para>
      <para>- te voldoen aan [eiser] € 2.229,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Bosters en in het openbaar uitgesproken op 22 oktober 2025.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>