<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2025:5308</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-08T16:05:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-06-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">RK 25-004546</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:5308">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:5308</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-08T16:04:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2025:5308 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 20-06-2025 / RK 25-004546</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2025:5308:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>verzoekschrift 530 Sv. toewijzen, schrif. afdoen</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2025:5308:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para>Team strafrecht </para>
    <para>Locatie Breda</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummer: 	-</para>
      <para>rk-nummers: 	25-004546</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">Beslissing op het verzoek ex artikel 530 Sv van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker]
        </emphasis>
        <?linebreak?>wonende te [plaats],<?linebreak?>woonplaats kiezende ten kantore van mr. J. Biemond, J. Ledelstraat 116, 2518 KM Den-Haag</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De procedure blijkt onder meer uit de volgende stukken:</para>
    </parablock>
    <para> het op 24 december 2024 bij de griffie ingediende verzoekschrift dat strekt tot toekenning van een vergoeding <emphasis role="bold">ex artikel 530 van het Wetboek van strafvordering </emphasis>(Sv) ten laste van de Staat voor een bedrag van:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>€ 514,25, voor vergoeding van kosten rechtsbijstand; </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>€ 340,00 als forfaitaire vergoeding voor het opstellen en indienen van het verzoekschrift dan wel € 680,00 bij behandeling van het verzoekschrift in raadkamer;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>de beslissing tot teruggave van de in beslag genomen hond van november 2024;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de schriftelijke reactie van de officier van justitie;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de overige stukken in het raadkamerdossier.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 27 mei 2025 heeft het onderzoek door de raadkamer plaatsgevonden. Hierbij is de officier van justitie gehoord.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoeker en zijn advocaat zijn behoorlijk opgeroepen, maar niet bij de behandeling van het verzoek verschenen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens verzoeker wordt aangevoerd dat de op 5 oktober 2024 in beslag genomen hond van verzoeker na indiening van voormeld klaagschrift omstreeks eind november 2024 aan verzoeker is teruggegeven. Verzoeker wenst vergoeding van de door hem in de klaagchriftprocedure gemaakte kosten van € 514,25, te vermeerderen met de standaard vergoeding voor het indienen, opstellen en behandelen van dit verzoekschrift in raadkamer. Verzoeker vraagt de rechtbank zijn verzoekschrift toe te wijzen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het verzoek geheel toegewezen kan worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <parablock>
      <para>De zaak is geëindigd door intrekking van het klaagschrift, nadat het in beslag genomen goed was teruggegeven. </para>
      <para>Op grond van artikel 530 Sv wordt aan een gewezen verdachte een vergoeding toegekend van de reis- en verblijfskosten die voor het onderzoek en de behandeling van de zaak zijn gemaakt. Er kan ook een vergoeding worden toegekend voor de schade die hij ten gevolge van tijdverzuim door de vervolging en de behandeling van de zaak ter terechtzitting werkelijk heeft geleden. Tot slot kan ook een vergoeding voor de kosten van een raadsman worden toegekend, tenzij de raadsman was toegevoegd.</para>
      <para>De Hoge Raad heeft op 16 juni 2020<footnote-ref linkend="_28ef3712-4a0f-46ab-a64c-aca5e4df38c8" /> geoordeeld dat op grond van artikel 530 Sv ook vergoeding gevraagd kan worden van de rechtsbijstandskosten gemaakt in een klaagschriftprocedure. Volgens artikel 534, eerste en vierde lid, Sv wordt een schadevergoeding toegekend als, en voor zover, de rechtbank dat billijk vindt. De rechtbank houdt daarbij rekening met alle omstandigheden.</para>
      <para>Het verzochte bedrag aan kosten van rechtsbijstand ter hoogte van <emphasis role="bold">€ 514,25</emphasis> is in voldoende mate onderbouwd en komt de rechtbank billijk voor. De rechtbank zal dit bedrag toewijzen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor de kosten verbonden aan de indiening van het verzoekschrift wordt het forfaitaire bedrag van <emphasis role="bold">€ 340,00</emphasis> toegekend.</para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">3. De beslissing</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek tot toekenning van een vergoeding ex artikel 530 Sv toe tot een bedrag van</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">€ 854,25</emphasis>, bestaande uit: </para>
    </parablock>
    <para>- € 514,25 aan kosten van rechtsbijstand en</para>
    <para>- € 340,00 de kosten verbonden aan de indiening van het verzoekschrift;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat een bedrag van <emphasis role="bold">€ 854,25</emphasis> zal worden overgemaakt op [rekeningnummer] ten name van Stichting Beheer Derdengelden J. Biemond - Den Haag, onder vermelding van “rk-nummer: 25-004546”.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is op 20 juni 2025 genomen door mr. J.C.A.M. Los rechter, in tegenwoordigheid van mr. M.H.F. van Klaveren en J. van ‘t Westende, griffiers, en is uitgesproken op de openbare zitting van 20 juni 2025. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>INFORMATIE RECHTSMIDDEL</para>
      <para>Tegen de beslissing kan door het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na de dagtekening van de beslissing en door verzoeker binnen een maand na de betekening van deze beslissing hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_28ef3712-4a0f-46ab-a64c-aca5e4df38c8" label="1">
    <para> ECLI:NL:HR:2020:1056</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>