<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2025:3818</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-06-19T10:42:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-06-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-05-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">RK 25-003937</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:3818">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:3818</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-06-19T10:42:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-06-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2025:3818 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 23-05-2025 / RK 25-003937</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2025:3818:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoekschrift schadevergoeding ex artikel 530 Sv toewijzen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2025:3818:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para>Strafrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummer	: 02-024504-25</para>
      <para>raadkamernummer	: 25-003937</para>
      <para>datum	: 20 mei 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beslissing van de enkelvoudige raadkamer op het verzoek op grond van artikel 530 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 2009 te [geboorteplaats] ,</para>
      <para>woonplaats kiezend ten kantore van van mr. C. van Aken, Markt 33, 4931 BR Geertruidenberg,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hierna te noemen: de verzoeker.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De procedure blijkt onder meer uit de volgende stukken:</para>
    </parablock>
    <para> het op 6 februari 2025 bij de griffie ingediende verzoekschrift dat strekt tot toekenning van een vergoeding <emphasis role="bold">ex artikel 530 Sv</emphasis> ten laste van de Staat voor een bedrag van:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>€ 801,63, voor vergoeding van kosten rechtsbijstand; </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>€ 340,00 als forfaitaire vergoeding voor het opstellen en indienen van het verzoekschrift dan wel € 680,00 bij behandeling van het verzoekschrift in raadkamer;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>de kennisgeving sepot van 23 januari 2025;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de schriftelijke reactie van de officier van justitie;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de overige stukken in het raadkamerdossier.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens verzoeker is verzocht een vergoeding van bovengenoemde schade toe te wijzen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft zich in de schriftelijke reactie op het standpunt gesteld dat verzoeker niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in diens verzoek nu het verzoekschrift zowel door verzoeker als door diens ouders niet is ondertekend. Subsidiair heeft de officier van justitie zich op het standpunt gesteld dat de verzochte kosten kunnen worden toegewezen conform het verzoek.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft voorafgaand aan de behandeling vastgesteld dat er een relatief gering verschil bestaat tussen het standpunt van verzoeker in het verzoekschrift en de reactie van de officier van justitie. Hierover is contact opgenomen met de advocaat en de officier van justitie. De advocaat heeft het gebrek hersteld door een door zowel door verzoeker als diens ouders ondertekend exemplaar van het verzoekschrift toe te zenden. Verzoeker en officier van justitie hebben ingestemd met een pro-formabehandeling van het verzoekschrift, waarbij verzoeker en de advocaat niet in raadkamer hoeven te verschijnen.</para>
      <para>Op 20 mei 2025 heeft het onderzoek door de openbare raadkamer plaatsgevonden. Hierbij was de officier van justitie, mr. C.P.G. Tax, aanwezig. Verzoeker en de advocaat zijn hierbij niet verschenen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling<?linebreak?>De zaak is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht.</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is bevoegd om het verzoek in behandeling te nemen omdat de zaak in feitelijke aanleg bij de rechtbank zou worden vervolgd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van artikel 530 Sv wordt aan een gewezen verdachte een vergoeding toegekend, tenzij de raadsman was toegevoegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 534 lid 1 Sv bepaalt dat de toekenning van een schadevergoeding steeds plaatsheeft, als en voor zover daartoe naar het oordeel van de rechter gronden van billijkheid aanwezig zijn. Bij deze beoordeling worden alle omstandigheden in aanmerking genomen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzochte bedrag aan kosten van rechtsbijstand ter hoogte van <emphasis role="bold">€ 801,63</emphasis> is in voldoende mate onderbouwd en komt de rechtbank billijk voor. De rechtbank zal dit bedrag toewijzen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor de kosten verbonden aan de indiening van het verzoekschrift wordt het forfaitaire bedrag van <emphasis role="bold">€ 340,00</emphasis> toegekend.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek tot toekenning van een vergoeding ex artikel 530 Sv toe tot een bedrag van</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">€ 1.141,63</emphasis>, bestaande uit: </para>
    </parablock>
    <para>- € 801,63 aan kosten van rechtsbijstand;</para>
    <para>- € 340,00 de kosten verbonden aan de indiening van het verzoekschrift in raadkamer;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat een bedrag van <emphasis role="bold">€ 1.141,63</emphasis> zal worden overgemaakt op [rekeningnummer] ten name van Van Aken Legal Advocatuur te Geertruidenberg, onder vermelding van “ [verzoeker] / OM (Jeugd);20240055”.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is op 23 mei 2025 genomen door mr. L.W. Louwerse, rechter, in tegenwoordigheid van mr. A.S.S. Fanis, griffier, en is uitgesproken op de openbare zitting van 23 mei 2025. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier is niet in staat om deze beslissing mede te ondertekenen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>INFORMATIE RECHTSMIDDEL</para>
      <para>Tegen deze beslissing kan door het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na de dagtekening van de beslissing en door verzoeker binnen een maand na de betekening van de beslissing hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>