<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2025:3303</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-05-28T13:23:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-05-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-05-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02-120679-22</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:3303">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2025:3303</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-05-28T10:40:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-05-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2025:3303 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 28-05-2025 / 02-120679-22</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2025:3303:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Twee keer openlijke geweldpleging in vereniging tenlastegelegd. Camerabeelden als uitgangspunt genomen. Wel wettig bewijs, maar geen overtuiging. Vrijspraak van beide tenlastegelegde feiten. Benadeelde partijen niet-ontvankelijk.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2025:3303:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummer: 02-120679-22  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer van 28 mei 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1993 te [geboorteplaats] ( [land] )</para>
      <para>niet als ingezetene in de Basisregistratie Personen ingeschreven en zonder bekende feitelijke woon- of verblijfplaats in Nederland</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 14 mei 2025. Tegen verdachte is verstek verleend. De officier van justitie, mr. R.M.A. in ‘t Veld, heeft zijn standpunt kenbaar gemaakt.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte openlijk en in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer 1] (feit 1) en [slachtoffer 2] (feit 2). </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig. </para>
      <para>De rechtbank is bevoegd. </para>
      <para>De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. </para>
      <para>Er is geen reden voor schorsing van de vervolging. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan beide tenlastegelegde feiten. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para> De rechtbank stelt vast dat op 14 mei 2022 in de Nieuwstraat te Terneuzen geweld is gepleegd tegen [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] . Zij hebben daarbij letsel opgelopen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op de camerabeelden van het incident ziet de rechtbank dat het geweld van start gaat met [medeverdachte 1] , die een duw geeft aan [slachtoffer 2] . Deze komt ten val en [slachtoffer 1] probeert hem te helpen, waarna het geweld op [slachtoffer 1] gericht wordt. Ook hij komt ten val en wordt vervolgens meerdere keren met gebalde vuist en met kracht geslagen en met geschoeide voet geschopt en getrapt door [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] . [slachtoffer 2] probeert tussenbeide te komen en [slachtoffer 1] te beschermen tegen de vele slagen en schoppen. Terwijl hij dat doet wordt hij meerdere keren op het lichaam en hoofd geslagen. Op enig moment is te zien dat [slachtoffer 2] groggy is van de klappen die hij heeft gekregen. Het geweld gaat ondertussen onverminderd door tegen [slachtoffer 1] en stopt uiteindelijk door tussenkomst van enkele omstanders.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Rol van verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte bekent dat hij die nacht betrokken was bij de vechtpartij. Hij  ontkent echter zich schuldig gemaakt te hebben aan enige geweldspleging tegen [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] . Bij het beoordelen van deze zaak neemt de rechtbank de camerabeelden van het incident als uitgangspunt. </para>
        <para>Bij het bekijken van de beelden heeft de rechtbank op geen enkel moment kunnen waarnemen dat verdachte geweldshandelingen tegen [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] heeft gepleegd. Integendeel,  duidelijk is waar te nemen dat verdachte in het strijdgewoel  enkel probeert anderen te weerhouden geweld toe te passen of vechtende personen te scheiden. </para>
        <para>De verklaring van [getuige] die als enige specifiek verdachte noemt (‘donkere kleinere jongen droeg een zwarte jas met bontkraagje’) als één van de belagers van aangevers, acht de  rechtbank in het licht van de camerabeelden  niet overtuigend. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op grond van vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat er wettig bewijs is, maar dat zij niet overtuigd is dat verdachte geweldshandelingen heeft verricht. Nu de rechtbank niet tot een bewezenverklaring komt, zal zij verdachte vrijspreken van beide tenlastegelegde feiten.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De benadeelde partij</title>
    <para>De benadeelde partij <emphasis role="bold">[slachtoffer 1]</emphasis> vordert een schadevergoeding van € 19.606,47 voor feit 1.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is vrijgesproken van het feit waaruit de schade zou zijn ontstaan.</para>
      <para>De rechtbank zal daarom de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in de vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij <emphasis role="bold">[slachtoffer 2]</emphasis> vordert een schadevergoeding van € 14.238,- voor feit 2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is vrijgesproken van het feit waaruit de schade zou zijn ontstaan.</para>
      <para>De rechtbank zal daarom de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in de vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="bold">spreekt verdachte vrij</emphasis> van de onder 1 en 2 tenlastegelegde feiten;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Benadeelde partijen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart de benadeelde partij <emphasis role="bold">[slachtoffer 1]</emphasis> niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt de benadeelde partij [slachtoffer 1] in de kosten van verdachte, tot nu toe begroot op nihil;</para>
    <para />
    <para>- verklaart de benadeelde partij <emphasis role="bold">[slachtoffer 2]</emphasis> niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt de benadeelde partij [slachtoffer 2] in de kosten van verdachte, tot nu toe begroot op nihil;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- heft het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis op.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. L.W. Boogert, voorzitter, mr. N. van der Ploeg-Hogervorst en mr. C.H.W.M. Sterk, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.R. Tafazzul, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 28 mei 2025.</para>
      <para>Mr. C.H.W.M. Sterk en de griffier zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>