<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2024:9608</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-05-02T10:04:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-04-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-09-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10884916 CV EXPL 24-243 (E)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:9608">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:9608</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-04-30T13:49:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-05-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2024:9608 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 25-09-2024 / 10884916 CV EXPL 24-243 (E)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2024:9608:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Betaling facturen. Na uitbrengen dagvaarding vordering deels betaald. 1 factuur is onbetaald gelaten. Gedaagde is niet op de zitting verschenen. Toelichting op de vordering is als onweersproken vast komen te staan. De kantonrechter heeft geen reden om te twijfelen aan de juistheid daarvan. Vordering wordt toegewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2024:9608:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 10884916 CV EXPL 24-243</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 25 september 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">AUTOSCHADE STEKETEE B.V.</emphasis>, </para>
      <para>te Yerseke,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: Steketee,</para>
      <para>gemachtigde: AGIN Timmermans,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] , </emphasis>
      </para>
      <para>handelend onder de naam<emphasis role="bold"> [bedrijf]</emphasis>, </para>
      <para>te [plaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>gemachtigde voorheen mr. J.C.W.L. Grootjans. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het tussenvonnis van 10 april 2024 met alle daarin genoemde stukken;</para>
      <para>- de aanvullende stukken a tot en met d van Steketee;</para>
      <para>- de mondelinge behandeling van 23 augustus 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is niet ter zitting verschenen. Voorafgaand aan de zitting heeft de vader van [gedaagde] telefonisch meegedeeld dat zijn zoon wegens ziekte niet op de zitting kon verschijnen. Het bijwonen van de zitting via Teams zou ook niet mogelijk zijn. Aan hem is doorgegeven dat indien gewenst er voor aanvang van de zitting een schriftelijk onderbouwd verzoek tot aanhouding kon worden ingediend door zijn zoon. Een dergelijk verzoek is niet ontvangen. [gedaagde] heeft na aanvang van de zitting per e-mail nog laten weten dat hij vanwege ziekte niet aanwezig was.    </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Steketee exploiteert een schadeherstelbedrijf. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft Steketee opdracht gegeven om werkzaamheden aan zijn bedrijfswagen uit te voeren. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Steketee heeft na de werkzaamheden drie facturen aan [gedaagde] gestuurd:</para>
      <para>- [factuurnummer 1] van 25-04-2023			€      70,89 </para>
      <para>omschrijving: boete CJIB 	</para>
      <para>- [factuurnummer 2] van 31-05-2023	   		€ 2.700,39 </para>
      <parablock>
        <para>omschrijving: btw over het totale </para>
        <para>(verzekerde) schadebedrag</para>
      </parablock>
      <para>- [factuurnummer 3] van 31-05-2023			<emphasis role="underline">€ 5.730,56 </emphasis></para>
      <parablock>
        <para>omschrijving: ombouwpakket voorkop, </para>
        <para>set sidebars en diamond grille (aankoop en </para>
        <para>werkzaamheden)	</para>
        <para>Totaal							€ 8.501,84</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Na het uitbrengen van de dagvaarding heeft [gedaagde] de facturen met nummers [factuurnummer 1] van € 70,89 en [factuurnummer 2] van € 2.700,39 op 29 januari 2024 betaald. De factuur met [factuurnummer 3] van € 5.730,56 (incl. btw) is onbetaald gebleven.       </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Steketee vordert na vermindering van eis - samengevat -, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, om [gedaagde] te veroordelen om aan Steketee te betalen een bedrag van € 6.530,65, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over een bedrag van € 8.501,84 vanaf de respectievelijke vervaldata van de facturen tot 29 januari 2024 en over een bedrag van € 5.730,56 vanaf 29 januari 2024 tot de dag der algehele voldoening en [gedaagde] ook te veroordelen in de kosten van het geding. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Steketee legt aan haar vordering ten grondslag dat [gedaagde] zijn betalingsverplichting uit de tussen partijen gesloten overeenkomst niet is nagekomen.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert verweer. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Ter zitting heeft Steketee haar vordering toegelicht. Steketee stelt dat zij met [gedaagde] is overeengekomen dat zij de schade aan de achterzijde van de bedrijfswagen zou herstellen voor € 750,00 exclusief btw. Verder hebben partijen de afspraak gemaakt dat Steketee gelijk met het herstel van de bedrijfswagen aan de voorzijde, de voorkant van de bedrijfswagen zou ombouwen. De kosten van dit ombouwpakket ‘voorkop’ inclusief het monteren van de onderdelen bedroeg € 3.000,00 exclusief btw. Daarnaast wilde [gedaagde] ook sidebars en een diamond grille op zijn bedrijfswagen. Partijen zijn hiervoor bedragen van € 396,00 exclusief btw (sidebars) en € 590,00 exclusief btw (diamond grille) overeengekomen. Steketee betwist dat er kosten voor een - niet geleverde - achterbumper in rekening zijn gebracht bij [gedaagde] . Steketee stelt dat een achterbumper geen onderdeel uitmaakt van het ombouwpakket ‘voorkop’. Doordat [gedaagde] niet ter zitting is verschenen, heeft hij zichzelf de mogelijkheid ontnomen de nadere toelichting van Steketee op haar vordering te betwisten. Dit betekent dat deze toelichting als onweersproken vast komt te staan nu de kantonrechter geen reden heeft te twijfelen aan de juistheid daarvan. Het beroep dat [gedaagde] heeft gedaan op opschorting slaagt niet en de gevorderde hoofdsom van € 5.730,56 (inclusief btw) is toewijsbaar. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <parablock>
        <para>De door Steketee gevorderde wettelijke handelsrente is toewijsbaar over een bedrag van € 8.501,84 vanaf de verzuimdata van de verschillende facturen tot 29 januari 2024. Vanaf 29 januari 2024 is de wettelijke handelsrente toewijsbaar over een bedrag van </para>
        <para>€ 5.730,56. Het staat vast dat het om twee handelspartijen gaat en dat niet tijdig is betaald.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Steketee vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. Aan de wettelijke eisen voor een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten is voldaan. Omdat [gedaagde] niet is aan te merken als consument, is artikel 6:96 lid 6 BW niet van toepassing. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten van € 800,09 komt overeen met het in het besluit genoemde tarief en is toewijsbaar. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>
        [gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Steketee worden begroot op:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="4">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <colspec colname="colD" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>- kosten van de dagvaarding</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>110,55</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- griffierecht</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>524,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- salaris gemachtigde</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>678,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(2 punten × € 339,00)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>- nakosten</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>135,00</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>Totaal</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>1.447,55</para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan Steketee te betalen een bedrag van € 6.530,65, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over een bedrag van € 8.501,84 vanaf de respectievelijke vervaldata van de onderliggende facturen tot 29 januari 2024 en over een  bedrag van € 5.730,56 vanaf 29 januari 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.447,55, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Van Dam en in het openbaar uitgesproken op 25 september 2024.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic" />
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>