<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2024:7041</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-28T10:37:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-10-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11229871 \ CV EXPL  24-3779 (E)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Tilburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:7041">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:7041</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-25T10:57:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2024:7041 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 16-10-2024 / 11229871 \ CV EXPL  24-3779 (E)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2024:7041:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Een webshop vordert betaling van een consument. In de procedure stelt zij dat de consument geen verweer heeft gevoerd. De webshop onderbouwt haar vordering met (alleen) een factuur. Aangezien de consument wel verweer heeft gevoerd en heeft betwist dat hij iets heeft besteld of ontvangen, had de webshop haar vordering nader moeten onderbouwen, bijvoorbeeld met een bestelbevestiging en verzendbewijs. Dat heeft zij niet gedaan, zodat niet blijkt van een koopovereenkomst. De vordering wordt daarom afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2024:7041:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <emphasis role="bold caps">RECHTBANK </emphasis>
      <emphasis role="bold">ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht</para>
      <para>Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Tilburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 11229871 \ CV EXPL  24-3779</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 16 oktober 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">WALZ B.V. H.O.D.N. HUIS &amp; COMFORT, BABY WALZ EN VERSANDHAUS WALZ</emphasis>, </para>
      <para>te Maastricht,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: Walz B.V.,</para>
      <para>gemachtigde: Van Lith Gerechtsdeurwaarders en Incasso,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [plaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
        <para>- de dagvaarding<?linebreak?>- de conclusie van antwoord<?linebreak?>- de akte van Walz B.V.<?linebreak?>- de akte van [gedaagde] .</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter gaat uit van de volgende feiten:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft in december 2022 per post een aanmaningsbrief ontvangen van Waltz B.V. voor betaling van een bedrag van € 266,24 inclusief buitengerechtelijke kosten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft Waltz B.V. telefonisch op de hoogte gesteld dat de aanmaningen fout waren, met het verzoek de vordering in te trekken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Op 5 juni 2023 heeft Waltz B.V. een aanmaning gestuurd voor een bedrag van € 224,99. Daarin is ook aangegeven dat incassokosten in rekening worden gebracht als [gedaagde] niet op tijd betaalt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft Waltz B.V. op 16 juli 2024 gevraagd om de bestelling gegevens toe te sturen. Waltz B.V. kon die niet geven. Waltz B.V. heeft wel een kopie van de facturen toegestuurd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft niet betaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Walz B.V. vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 282,75, vermeerderd met de wettelijke rente. Ook wil zij dat [gedaagde] de proceskosten betaalt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert verweer. [gedaagde] wil dat de vordering wordt afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Niet blijkt van een koopovereenkomst</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Waltz B.V. baseert haar vordering op het bestaan van een koopovereenkomst en aflevering van een ventilator en een magnetron. Zij onderbouwt dit met een voorbeeld van haar bestelprocedure en een factuur. [gedaagde] heeft echter gemotiveerd betwist dat sprake is van een koopovereenkomst. Ook heeft hij betwist dat hij iets heeft ontvangen van Waltz B.V. Het door Waltz B.V. aangegeven woonadres is volgens hem niet juist en het door Waltz B.V. genoemde e-mailadres is niet van hem.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Door deze betwisting was het aan Waltz B.V. om haar stellingen nader te onderbouwen. De stelling dat de factuur en de aanmaningen naar het juiste adres volgens de Basisregistratie Personen (BRP) zijn gestuurd en door [gedaagde] zijn ontvangen, is onvoldoende om te kunnen concluderen dat een koopovereenkomst is gesloten. Dat geldt ook voor de stelling dat uit het plaatsen van een bestelling volgt dat de goederen ook zijn ontvangen. Waltz B.V. had haar stelling wel kunnen onderbouwen met bijvoorbeeld een afschrift van de bestelling van [gedaagde] en een verzendbewijs van de goederen. Dat heeft zij echter niet gedaan. Dat Waltz B.V. niet meer beschikt over een verzendbewijs van de goederen komt volledig voor haar rekening en risico. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De kantonrechter wijst de vorderingen af</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De kantonrechter is dan ook van oordeel dat Waltz B.V. haar stelling onvoldoende heeft onderbouwd, zodat niet blijkt dat sprake is van een koopovereenkomst tussen Waltz B.V. en [gedaagde] . Daarmee mist iedere grondslag voor de gevorderde bedragen. Dat betekent dat de kantonrechter de vorderingen van Waltz B.V. afwijst.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Waltz B.V. heeft ongelijk gekregen. Daarom veroordeelt de kantonrechter haar in de proceskosten van [gedaagde] . De proceskosten van [gedaagde] worden tot dit vonnis vastgesteld op nihil, nu [gedaagde] zonder bijstand van een gemachtigde heeft geprocedeerd. Daarbij heeft [gedaagde] niet gesteld en ook is niet gebleken dat hij kosten heeft gemaakt in verband met deze procedure die voor vergoeding in aanmerking komen. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>wijst de vorderingen van Walz B.V. af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt Waltz B.V. in de proceskosten, aan de kant van [gedaagde] tot dit vonnis vastgesteld op nihil.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Ebben en in het openbaar uitgesproken op 16 oktober 2024.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>