<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2024:4606</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-07-10T08:23:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-07-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-07-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/02/422552 / KG ZA 24-229 (E)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#verstek">Verstek</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:4606">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:4606</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-07-09T15:10:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-07-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2024:4606 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 04-07-2024 / C/02/422552 / KG ZA 24-229 (E)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2024:4606:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verstek. Medewerking verkoop gemeenschappelijke woning</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2024:4606:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK Zeeland-West-Brabant</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Breda</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/02/422552 / KG ZA 24-229</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in kort geding van 4 juli 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [plaats],</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>advocaat: mr. E. van den Dungen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [plaats],</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>niet verschenen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding van 25 juni 2024 met producties 1 t/m 7,</para>
      <para>- het tegen gedaagde verleende verstek,  <?linebreak?>-  de mondelinge behandeling van 3 juli 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt,</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Eiser vordert een aantal voorzieningen die ertoe strekken dat de gemeenschappelijke woning van partijen kan worden verkocht en geleverd aan een derde. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Bij de dagvaarding zijn de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht genomen, zodat verstek zal worden verleend. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet ongegrond en onrechtmatig voor, zodat dit zal worden toegewezen met inachtneming van het navolgende:</para>
      <para>- de door eiser te kiezen makelaar zal worden beperkt tot een plaatselijk bekende NVM-makelaar, niet verbonden aan de taxateur van de woning,</para>
      <para>- ten aanzien van de onder 4.1., 4.3. 4.5 en 4.6. gegeven veroordeling en bevelen wordt bepaald dat betekening van dit vonnis moet plaatsvinden,</para>
      <para>- omdat eiser met behulp van de sterke arm van justitie en politie de tenuittvoerlegging van dit vonnis zelf kan doen bewerkstelligen, heeft hij geen in rechte te respecteren belang meer bij de gevorderde dwangsommen, zodat deze zullen worden afgewezen,</para>
      <para>- de overige met de verkoop gemoeide kosten onder 4.7, 4.8 en 4.9  zullen worden beperkt tot de overige rechtstreeks met de verkoop gemoeide kosten.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <parablock>
        <para>Gedaagde moet als de in het ongelijk gestelde partij de proceskosten (inclusief de nakosten) van eiser  betalen. De proceskosten worden begroot op:</para>
        <para>− dagvaarding	€	136,72</para>
        <para>− griffierecht	€	320,00</para>
        <para>− salaris advocaat		€	 715,00</para>
        <para>− nakosten 		<emphasis role="underline">€	178,00 </emphasis>(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing) </para>
        <para>Totaal		€	1.349,72	</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>veroordeelt gedaagde om na betekening van dit vonnis zijn medewerking te verlenen aan de verkoop en levering van de woning aan de [adres] [plaats], in het bijzonder aan het verstrekken van een opdracht daartoe aan een door eiser te kiezen plaatselijk bekende NVM-makelaar, niet verbonden aan de taxateur van de woning, binnen drie dagen na het eerste schriftelijkverzoek van of namens eiser daartoe, onder afgifte van de sleutels van de woning in verband met bezichtigingen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>beveelt gedaagde zich te houden aan de vraag- en laatprijs die voornoemde makelaar zal bepalen en aan de overige aanwijzingen van voornoemde makelaar,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>beveelt gedaagde om de woning binnen twee weken na betekening van dit vonnis uiterlijk twee weken vóór de datum van de notariële levering van de woning aan de koper(s) metterwoon te verlaten, onder afgifte van de sleutels van de woning aan eiser,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>machtigt eiser om met behulp van de sterke arm van justitie en politie de tenuitvoerlegging van dit vonnis te bewerkstelligen indien gedaagde in gebreke blijft aan het onder 4.3. gegeven bevel te voldoen, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>beveelt gedaagde om na betekening van dit vonnis zijn medewerking te verlenen aan het opstellen en het ondertekenen van een overeenkomst van verkoop van de woning en van een akte tot levering van de woning aan de koper(s), binnen drie dagen na eerste schriftelijk verzoek van of namens eiser daartoe,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>bepaalt dat deze uitspraak ex artikel 3:300 BW in de plaats komt van de voor het verlenen van de opdracht tot verkoop aan voornoemde makelaar en de verkoop en notariële levering van de woning aan de koper(s) noodzakelijke toestemming en/of wilsverklaring en/of handtekening van gedaagde, wanneer gedaagde na betekening van dit vonnis weigert daaraan binnen drie dagen na het eerste schriftelijke verzoek van of namens eiser daartoe zijn medewerking te verlenen,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>bepaalt dat partijen ten laste van de verkoopopbrengst, de openstaande hypotheekschulden bij de hypotheekbank aflossen, de makelaarscourtage en overige rechtstreeks met de verkoop gemoeide kosten voldoen, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8</nr>
      <para>bepaalt dat een eventuele overwaarde van de woning (zijnde de verkoopopbrengst, te vermeerderen met een eventueel saldo van de spaarrekening eigen woning minus de hypotheekschulden, de makelaarscourtage en overige rechtstreeks met de verkoop gemoeide kosten, bij helfte tussen partijen worden verdeeld,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9</nr>
      <para>bepaalt dat een eventuele onderwaarde van de woning (zijnde de verkoopopbrengst te vermeerderen met een eventueel saldo van de spaarrekening eigen woning minus de hypotheekschulden, de makelaarscourtage en overige rechtstrees met de verkoop gemoeide kosten) door beide partijen bij helfte worden gedragen, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.10.</nr>
      <para>veroordeelt gedaagde in de proceskosten van eiser van € 1.349,72, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Wordt bij niet betaling het vonnis daarna betekend, dan moet hij € 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.11.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.12.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Van der Weide en in het openbaar uitgesproken op  4 juli 2024.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>