<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2024:4596</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-10-10T07:24:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-07-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-07-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11034379 OV VERZ 24-1582 (E)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Bergen op Zoom</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JERF Actueel 2024/313</rdf:li>
          <rdf:li>ERF-Updates.nl 2024-0387</rdf:li>
          <rdf:li>VEAN-ERF-Updates.nl 2024-0387</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:4596">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:4596</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-07-08T15:53:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-07-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2024:4596 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 03-07-2024 / 11034379 OV VERZ 24-1582 (E)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2024:4596:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Opleggen zware vereffening 4:221 lid 1 BW.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2024:4596:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para>Cluster I Civiele kantonzaken</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bergen op Zoom</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaak/rolnr.: 11034379 OV VERZ 24-1582</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beschikking d.d. 3 juli 2024 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de nalatenschap van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [erflaatster]
        </emphasis>
      </para>
      <para>laatstelijk gewoond hebbend te [plaats] ,</para>
      <para>overleden te [plaats] op [datum] 2023,</para>
      <para>nader te noemen erflaatster.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop en de beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Erflaatster heeft bij uiterste wil van 26 november 1996 over haar nalatenschap beschikt. Zij heeft als enig en algeheel erfgenaam achtergelaten de heer [naam] , die de nalatenschap beneficiair heeft aanvaard. Gelet hierop dient de nalatenschap te worden vereffend volgens de wet, waarbij de erfgenaam als vereffenaar optreedt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Op 4 april 2024 is door de vereffenaar een (voorlopige) boedelbeschrijving overgelegd. Deze boedelbeschrijving is geadministreerd onder bovenvermeld kenmerk en ter griffie van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, Cluster I Civiele kantonzaken te Bergen op Zoom ter inzage gelegd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Gelet op de boedelbeschrijving ziet de kantonrechter aanleiding te bepalen dat de in artikel 4:221 lid 1 BW genoemde verplichtingen op de vereffenaar rusten. De verplichtingen zoals genoemd in artikel 4:214 lid 1 en lid 5 BW en 4:218 BW zijn derhalve (mede) van toepassing. De vereffenaar dient de schuldeisers van de nalatenschap, ingevolge artikel 4:214 lid 1 BW, openlijk op te roepen hun vorderingen bij hem in te dienen. De kantonrechter bepaalt de uiterste datum waarop de vorderingen moeten zijn aangemeld op 3 september 2024. De oproep dient te geschieden op dezelfde wijze als en zoveel mogelijk gelijktijdig met de bekendmaking van de beneficiaire aanvaarding, welke ingevolge artikel 4:196 BW bekend gemaakt dient te worden in de (digitale) Staatscourant.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>Voor de volledigheid wijst de kantonrechter nog op de mogelijkheid tot het laten benoemen van een vereffenaar ex artikel 4:203 BW. Een dergelijk verzoek dient te worden ingediend bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Breda, team Civiel, Cluster II Civiele handelszaken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5</nr>
      <para>Op grond van het voorgaande zal als volgt worden beslist.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>2</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verstaat dat de boedelbeschrijving onder bovenvermeld kenmerk is geadministreerd en ter griffie van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, Cluster I Civiele kantonzaken</para>
      <para>te Bergen op Zoom ter inzage ligt;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat op de vereffenaar de verplichtingen rusten als omschreven in artikel 4:214 lid 1 en lid 5 BW en artikel 4:218 BW;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de vereffenaar de schuldeisers openlijk dient op te roepen in de (digitale) Staatscourant om hun vorderingen uiterlijk 3 september 2024 bij hem in te dienen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de beneficiaire aanvaarding bekend gemaakt dient te worden in de (digitale) Staatscourant.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. Van den Boom, kantonrechter, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 3 juli 2024, in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>