<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2024:2993</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-05-13T11:49:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-05-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-05-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">418233 HA ZA 24-39 (e)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:2993">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:2993</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-05-10T11:50:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-05-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2024:2993 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 01-05-2024 / 418233 HA ZA 24-39 (e)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2024:2993:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Incident opgeworpen nu de vordering niet het in artikel 93 sub a Rv overstijgt. De kantonrechter is bevoegd. Ingevolge artikel 99 Rv is de  kantonrechter te 's-Hertogenbosch bevoegd van de zaak kennis te nemen. Verwijzing naar rechtbank Oost-Brabant.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2024:2993:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Cluster II Handelszaken</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Breda</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/02/418233 / HA ZA 24-39</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in incident van 1 mei 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser in hoofdzaak]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>eiser in de hoofdzaak,</para>
      <para>verweerder in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. S. Meeuwsen te Gorinchem,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">HOTEL GAMING B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Nuland,</para>
      <para>gedaagde in de hoofdzaak,</para>
      <para>eiseres in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. J.G.C. Scheurink te 's-Hertogenbosch.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [eiser in hoofdzaak/verweerder in incident] en Hotel Gaming genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <orderedlist numeration="loweralpha">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 11 januari 2024 met producties;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van antwoord tevens houdende exceptie van onbevoegdheid van </para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para>		13 maart 2024 met producties;</para>
      <para>de antwoordakte in incident van 27 maart 2024.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geschil</title>
    <bridgehead role="underline">in de hoofdzaak:</bridgehead>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eiser in hoofdzaak] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Hotel Gaming te veroordelen tot betaling van de bedragen als genoemd in de dagvaarding, met veroordeling van Hotel Gaming in de proces- en nakosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Hotel Gaming voert verweer en concludeert tot niet-ontvankelijkheid dan wel afwijzing van de vordering, met veroordeling van [eiser in hoofdzaak] in de (reële) proces- en nakosten. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">in het incident:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Hotel Gaming vordert dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart, kosten rechtens. Zij legt daaraan – kort weergegeven – ten grondslag dat [verweerder in incident] een bedrag van € 11.760,00 aan hoofdsom vordert. De onderhavige vordering overstijgt dan ook niet het in artikel 93 sub a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) genoemde bedrag van € 25.000,00. Er is ook geen sprake van een situatie als bedoeld in artikel 93 sub b tot en met d Rv. Derhalve dient de rechtbank de zaak ex artikel 72 Rv door te verwijzen naar de kantonrechter. Bovendien dient de zaak bij de rechtbank Oost-Brabant te worden behandeld nu Hotel Gaming gevestigd is te Nuland. De vestigingsplaats van Hotel Gaming is onjuist in de dagvaarding vermeld. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [verweerder in incident] refereert zich aan het oordeel van de rechtbank. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in het incident:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Met Hotel Gaming is de rechtbank van oordeel dat op grond van artikel 93 sub a Rv jo. artikel 99 Rv, niet hij maar de kantonrechter te ‘s-Hertogenbosch bevoegd is van het onderhavige geschil kennis te nemen, nu Hotel Gaming gevestigd is binnen diens rechtsgebied. De incidentele vordering zal dan ook worden toegewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Gelet op het geringe debat tussen partijen ziet de rechtbank aanleiding de proceskosten in het incident te compenseren, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">in de hoofdzaak:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Nu beide partijen in het geding zijn verschenen, zal de hoofdzaak worden verwezen naar de rechtbank Oost-Brabant, kamer van kantonzaken, locatie ’s-Hertogenbosch, in de stand waarin deze zich bevindt, teneinde partijen in de gelegenheid te stellen verder te procederen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De rechtbank wijst partijen erop dat zij in de verdere procedure bij de kantonrechter, in persoon of bij gemachtigde kunnen verschijnen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in het incident:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>verklaart zich onbevoegd van de vordering in de hoofdzaak kennis te nemen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">in de hoofdzaak:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>verwijst de zaak in de stand waarin zij zich bevindt, naar de rechtbank Oost-Brabant, kamer voor kantonzaken, locatie ’s-Hertogenbosch, teneinde partijen in de gelegenheid te stellen verder te procederen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>wijst partijen erop dat zij in het vervolg van de procedure niet meer vertegenwoordigd hoeven te worden door een advocaat, maar ook persoonlijk of bij gemachtigde kunnen verschijnen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>wijst partijen erop dat het in deze procedure geheven griffierecht ingevolge artikel 8 lid 4 WGBZ zal worden verlaagd en dat het teveel betaalde griffierecht door de griffier zal worden teruggestort.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Zander en in het openbaar uitgesproken op 1 mei 2024.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>