<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2024:2508</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-17T13:13:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-04-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02-070922-22</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:2508">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2024:2508</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-17T08:28:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2024:2508 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 03-04-2024 / 02-070922-22</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2024:2508:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Veroordeling voor overtreding van artikel 5a van de Wegenverkeerswet. Aan verdachte is opgelegd een taakstraf van 40 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes weken met een proeftijd van twee jaar. Ook is aan verdachte opgelegd een voorwaardelijke rijontzegging voor de duur van drie jaar met een proeftijd van drie jaar. Hieraan is de bijzondere voorwaarde verbonden dat verdachte gedurende die proeftijd geen motoren mag besturen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2024:2508:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Breda</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummer: 02-070922-22  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer van 3 april 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1991 te [geboorteplaats]</para>
      <para>wonende te [woonadres]  </para>
      <para>raadsman mr. T. Sönmez, advocaat te Rotterdam</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 3 april 2024, waarbij de officier van justitie mr. M.P. de Graaf en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte gevaar op de weg heeft veroorzaakt waarbij verkeersregels ernstig zijn geschonden. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig. </para>
      <para>De rechtbank is bevoegd. </para>
      <para>De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. </para>
      <para>Er is geen reden voor schorsing van de vervolging. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht op grond van de stukken in het dossier en de verklaring van verdachte ter terechtzitting het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging heeft zich ten aanzien van de bewezenverklaring gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Aangezien verdachte een bekennende verklaring heeft afgelegd en geen vrijspraak is bepleit, wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Wanneer hierna wordt verwezen naar een paginanummer, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een pagina van het eindproces-verbaal van de politie eenheid Zeeland-West-Brabant, team Verkeer, registratienummer PL2000-2020232825 opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en doorgenummerd van pagina 1 tot en met 176.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht het feit wettig en overtuigend bewezen, gelet op:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 3 april 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] van 27 september 2020, pagina 12 tot en met 16;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 2] van 23 september 2020, pagina 162 tot en met 166.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>op 21 augustus 2020 in Nederland, als bestuurder van een voertuig (een motorfiets), daarmee rijdende op de weg, de Rijksweg A16 vanaf Breda naar Rotterdam, zich opzettelijk zodanig heeft gedragen dat de verkeersregels in ernstige mate werden geschonden door </para>
        <para>- overige weggebruikers gevaarlijk in te halen, immers heeft hij, verdachte, op korte afstand langs rechts en links en over de redresseerstrook ingehaald en getripleerd, en <?linebreak?>- over een vluchtstrook te rijden, terwijl dit niet is toegestaan, en <?linebreak?>- de maximumsnelheid fors te overschrijden, immers heeft hij, verdachte, langdurig met een zeer hoge snelheid gereden, te weten snelheden tot 277 kilometer per uur, terwijl de maximumsnelheid ter plaatse 130 respectievelijk 70 kilometer per uur bedroeg, en <?linebreak?>- gelet op de door verdachte gereden snelheid, een of meerdere keren zeer dicht achter een ander voertuig te rijden, </para>
        <para>door welke verkeersgedragingen van verdachte levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor anderen te duchten was.<?linebreak?></para>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid</title>
    <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Dit levert het in de beslissing genoemde strafbare feit op.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafoplegging</title>
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vordert aan verdachte op te leggen een taakstraf van 50 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes weken met een proeftijd van twee jaar. Daarnaast wordt gevorderd aan verdachte op te leggen een voorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen voor de duur van drie jaar met een proeftijd van drie jaar, met daaraan gekoppeld de bijzondere voorwaarde dat verdachte gedurende die proeftijd geen motor mag besturen.  </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>Door de verdediging wordt verzocht rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Verdachte heeft werk, hoge financiële lasten en is pas vader geworden. Verdachte werkt in ploegendienst en heeft zijn rijbewijs nodig voor zijn werk. Ook is verdachte schuldbewust, heeft hij enorm veel spijt van zijn handelen en schaamt hij zich voor wat hij heeft gedaan. Bovendien moet rekening worden gehouden met het tijdsverloop. Gelet hierop wordt verzocht om alle vormen van (bijkomende) straffen voorwaardelijk aan verdachte op te leggen, waarbij de proeftijd van de door de officier van justitie gevorderde voorwaardelijke rijontzegging moet worden gematigd naar twee jaar. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte heeft als bestuurder van een motor opzettelijk meerdere verkeersregels ernstig geschonden door meermalen de toegestane maximumsnelheid ernstig te overschrijden en zeer gevaarlijk in te halen. Zo heeft verdachte gedurende een rit van elf minuten op de A16 gereden met snelheden tot 277 km/u en heeft hij met deze zeer hoge snelheden links en rechts voertuigen ingehaald, ook terwijl deze zelf aan het inhalen waren en is hij tussen auto’s door geslalomd. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Met dit handelen heeft verdachte levensgevaarlijke situaties gecreëerd en de veiligheid van andere verkeersdeelnemers en zichzelf ernstig in gevaar gebracht. Verkeersdeelnemers zijn voor hun veiligheid niet alleen afhankelijk van hun eigen rijgedrag, maar ook van het gedrag van anderen. Uit de (beschrijving van de) beelden is ook gebleken dat andere weggebruikers zijn geschrokken van zijn gedrag, hetgeen leidde tot uitwijkmanoeuvres. Verdachte heeft zijn verantwoordelijkheid voor van de veiligheid van zijn medeweggebruikers in het geheel niet in acht genomen. De rechtbank rekent hem dat zwaar aan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft op zitting een bekennende verklaring afgelegd. Ook heeft hij verklaard enorm veel spijt te hebben van zijn handelen en in te zien welk gevaar hij heeft veroorzaakt. Met deze proceshouding heeft verdachte nu wel verantwoordelijkheid genomen voor zijn roekeloze rijgedrag. Dit zal de rechtbank in het voordeel van verdachte meewegen. Ook houdt de rechtbank rekening met de persoonlijke omstandigheden van verdachte en het tijdsverloop. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegende acht de rechtbank een taakstraf van 40 uren passend en geboden. Om de ernst van het feit te benadrukken, maar ook als forse stok achter de deur, zal de rechtbank daarnaast een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes weken met een proeftijd van twee jaar opleggen. Ook zal aan verdachte een geheel voorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen voor de duur van drie jaar met een proeftijd van drie jaar worden opgelegd. De rechtbank zal daaraan de bijzondere voorwaarde verbinden dat verdachte gedurende die proeftijd geen motor mag besturen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De wettelijke voorschriften</title>
    <para>De beslissing berust op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c en 22d van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 5a, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994 zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>8</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;</para>
    <para>- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart dat het bewezenverklaarde het volgende strafbare feit oplevert:</para>
    <para>         overtreding van artikel 5a van de Wegenverkeerswet 1994;</para>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafoplegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot <emphasis role="bold">een taakstraf van 40 uren</emphasis>;</para>
    <para />
    <para>- beveelt dat indien verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, <emphasis role="bold">vervangende  hechtenis</emphasis> zal worden toegepast van <emphasis role="bold">20 dagen</emphasis>;</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt verdachte tot <emphasis role="bold">een gevangenisstraf van zes weken voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar</emphasis>;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat deze straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast, omdat verdachte voor het einde van de proeftijd de hierna vermelde voorwaarden niet heeft nageleefd;</para>
    <para />
    <para>- stelt als <emphasis role="bold">algemene voorwaarde</emphasis> dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bijkomende straffen</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot <emphasis role="bold">een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen van drie jaar voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar</emphasis>;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat de voorwaardelijke rijontzegging niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit of na te melden <emphasis role="bold">bijzondere voorwaarde</emphasis> niet heeft nageleefd:</para>
    <para>* dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd zal onthouden van het besturen van motorrijtuigen waarvoor een categorie A rijbewijs is vereist.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.L. Hoekstra, voorzitter, mr. G.M.J. Kok en mr. M.H.M. Collombon, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.C.L.J. Luijten, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 3 april 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. Collombon is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>