<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2023:4055</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-15T15:15:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-06-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-06-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02-140103-22</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2023:4055">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2023:4055</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-15T15:15:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-06-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2023:4055 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 15-06-2023 / 02-140103-22</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2023:4055:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak voor diefstal van een telefoon. Veroordeling voor zakkenrollerij in vereniging tot een gevangenisstraf van 2 maanden. Benadeelde partij niet-ontvankelijk gelet op vrijspraak.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2023:4055:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
<uitspraak.info>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Strafrecht
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Zittingsplaats: Breda
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
parketnummer: 02-140103-22
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
vonnis van de meervoudige kamer van 15 juni 2023
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
in de strafzaak tegen
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
[verdachte01]
</emphasis>
</para>
<para>
geboren op [geboortedatum01] 1997 te [woonplaats01] ( [geboorteland01] )
</para>
<para>
zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande
</para>
<para>
raadsman mr. M.S. Yap, advocaat te Rijen
</para>
</parablock>
<para />
</uitspraak.info>
<section>
<title>
<nr>
1
</nr>
Onderzoek van de zaak
</title>
<parablock>
<para>
Overeenkomstig artikel 369 van het Wetboek van Strafvordering heeft de politierechter de zaak naar deze kamer verwezen. De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 1 juni 2023. Verdachte is niet verschenen. Wel is verschenen zijn gemachtigde raadsman.
</para>
<para>
De officier van justitie, mr. E.E. de Feijter, en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.
</para>
</parablock>
<para />
</section>
<section>
<title>
<nr>
2
</nr>
De tenlastelegging
</title>
<parablock>
<para>
De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.
</para>
<para>
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte
</para>
<para>
<?linebreak?>
<emphasis role="italic">
feit 1
</emphasis>
<?linebreak?>
samen met anderen een portemonnee en pasjes heeft gestolen;
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
feit 2
</emphasis>
<?linebreak?>
een telefoon heeft gestolen.
</para>
</parablock>
<para />
</section>
<section>
<title>
<nr>
3
</nr>
De voorvragen
</title>
<parablock>
<para>
De dagvaarding is geldig.
</para>
<para>
De rechtbank is bevoegd.
</para>
<para>
De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.
</para>
<para>
Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.
</para>
</parablock>
<para />
</section>
<section role="overwegingen">
<title>
<nr>
4
</nr>
De beoordeling van het bewijs
</title>
<paragroup>
<nr>
4.1
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Het standpunt van de officier van justitie
</emphasis>
</para>
<para>
De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte feit 1 heeft begaan en baseert zich daarbij op de aangifte en de processen-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant01] en [verbalisant02] .
</para>
<para>
De officier van justitie heeft verzocht verdachte vrij te spreken van feit 2 omdat er onvoldoende bewijs aanwezig is om tot een bewezenverklaring te kunnen komen.
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
4.2
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Het standpunt van de verdediging
</emphasis>
</para>
<para>
Ten aanzien van feit 1 heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
</para>
<para>
De raadsman is van mening dat de rechtbank niet tot een bewezenverklaring kan komen van feit 2 nu daartoe onvoldoende bewijs aanwezig is en heeft verzocht verdachte daarvan vrij te spreken.
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
4.3
</nr>
<para>
<emphasis role="bold">
Het oordeel van de rechtbank
</emphasis>
</para>
<paragroup>
<nr>
4.3.1
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
De bewijsmiddelen
</emphasis>
</para>
<para>
Indien hoger beroep wordt ingesteld zullen de bewijsmiddelen worden uitgewerkt en opgenomen in een bijlage die aan het vonnis zal worden gehecht
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
4.3.2
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
De bijzondere overwegingen omtrent het bewijs
</emphasis>
</para>
<para>
<emphasis role="italic">
feit 1
</emphasis>
</para>
<para>
Op basis van de aangifte, de kennisgevingen van in beslagneming van de in de tenlastelegging genoemde goederen, de ontvangstbewijzen daarvan en de processen-verbaal van bevindingen van verbalisanten [verbalisant01] en [verbalisant02] , acht de rechtbank feit 1 wettig en overtuigend bewezen.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
feit 2
</emphasis>
</para>
<para>
De rechtbank acht met de officier van justitie en de verdediging niet wettig en overtuigend bewezen wat aan verdachte onder 2 is tenlastegelegd, zodat hij daarvan dient te worden vrijgesproken.
</para>
</parablock>
</paragroup>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
4.4
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
De bewezenverklaring
</emphasis>
</para>
<para>
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
feit 1
</emphasis>
<?linebreak?>
op 5 juni 2022 te Breda, tezamen en in vereniging met een ander, een portemonnee en een bankpas en rijbewijs en zorgpas en een OV chipkaart, die aan [benadeelde01] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.
</para>
</parablock>
<para />
</paragroup>
</section>
<section>
<title>
<nr>
5
</nr>
De strafbaarheid
</title>
<para>
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Dit levert het in de beslissing genoemde strafbare feit op.
</para>
<para />
<parablock>
<para>
Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.
</para>
</parablock>
<para />
</section>
<section>
<title>
<nr>
6
</nr>
De strafoplegging
</title>
<paragroup>
<nr>
6.1
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
De vordering van de officier van justitie
</emphasis>
</para>
<para>
De officier van justitie vordert aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden met aftrek van voorarrest.
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
6.2
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Het standpunt van de verdediging
</emphasis>
</para>
<para>
De raadsman heeft verzocht de eis van de officier van justitie te matigen tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 maand gelet op het tijdverloop.
</para>
</parablock>
</paragroup>
<paragroup>
<nr>
6.3
</nr>
<parablock>
<para>
<emphasis role="bold">
Het oordeel van de rechtbank
</emphasis>
</para>
<para>
Verdachte heeft zich samen met zijn medeverdachte schuldig gemaakt aan zakkenrollerij tijdens een uitgaansavond in de binnenstad van Breda. Zij hebben enkel gehandeld met het oog op financieel gewin en getoond geen respect te hebben voor andermans eigendommen. Zij hebben zich niet bekommerd om het gegeven dat dergelijke misdrijven veelal overlast, schade en gevoelens van onveiligheid veroorzaken bij de slachtoffers.
</para>
<para>
In beginsel zou een taakstraf gelet op het strafblad van verdachte een strafmodaliteit kunnen zijn. Gebleken is evenwel dat verdachte geen vaste woon- of verblijfplaats heeft in Nederland. Daarbij komt voorts dat het feit met een ander is gepleegd, hetgeen in stafverzwarende zin wordt meegewogen. Dit betekent dat de rechtbank een gevangenisstraf op zijn plaats vindt. Gelet op het voorgaande ziet de rechtbank geen aanleiding om van de eis van de officier van justitie af te wijken en zij zal dan ook een gevangenisstraf voor de duur van twee maanden opleggen, met aftrek van voorarrest.
</para>
</parablock>
<para />
</paragroup>
</section>
<section>
<title>
<nr>
7
</nr>
De benadeelde partij
</title>
<parablock>
<para>
De benadeelde partij [benadeelde02] vordert een schadevergoeding van € 407,00 voor feit 2.
</para>
<para>
Verdachte is vrijgesproken van het feit waaruit de schade zou zijn ontstaan.
</para>
<para>
De rechtbank zal daarom de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in de vordering.
</para>
</parablock>
<para />
</section>
<section>
<title>
<nr>
8
</nr>
De wettelijke voorschriften
</title>
<para>
De beslissing berust op de artikelen 63 en 311 van het Wetboek van Strafrecht zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.
</para>
<para />
</section>
<section role="beslissing">
<title>
<nr>
9
</nr>
De beslissing
</title>
<para>
De rechtbank:
</para>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Vrijspraak
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para>
-
<emphasis role="bold">
spreekt verdachte vrij
</emphasis>
van het onder 2 ten laste gelegde feit;
</para>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Bewezenverklaring
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para>
- verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;
</para>
<para>
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
</para>
<para />
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Strafbaarheid
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para>
- verklaart dat het bewezenverklaarde het volgende strafbare feit oplevert:
</para>
<para>
diefstal door twee of meer verenigde personen;
</para>
<para>
- verklaart verdachte strafbaar;
</para>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Strafoplegging
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para>
- veroordeelt verdachte tot
<emphasis role="bold">
een gevangenisstraf van 2 maanden
</emphasis>
;
</para>
<para />
<para>
- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf;
</para>
<para />
<parablock>
<para>
<emphasis role="italic">
Benadeelde partijen
</emphasis>
</para>
</parablock>
<para>
- verklaart de benadeelde partij [benadeelde02] niet-ontvankelijk in de vordering;
</para>
<para />
<para>
- veroordeelt de benadeelde partij [benadeelde02] in de kosten van verdachte, tot nu toe begroot op nihil.
</para>
<para />
<para />
<parablock>
<para>
Dit vonnis is gewezen door mr. T. Kemper, voorzitter, mr. M.A.E. Dekker en
</para>
<para>
mr. M. van de Wetering, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.J.M. van de Vrede, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 15 juni 2023.
</para>
</parablock>
<para />
<parablock>
<para>
Mr. van de Wetering is niet in de gelegenheid om dit vonnis mede te ondertekenen.
</para>
</parablock>
<para />
</section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>