<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2023:1730</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-03-17T11:30:29</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-03-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-02-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/02/399480 / FA RK 22-3100</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#rekestprocedure">Rekestprocedure</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2023:1730">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2023:1730</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-03-17T11:29:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-03-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2023:1730 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 14-02-2023 / C/02/399480 / FA RK 22-3100</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2023:1730:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek tot vernietiging erkenning toegewezen op de grond dat man niet de biologische vader van de minderjarige is.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2023:1730:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Familie- en Jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/02/399480 / FA RK 22-3100</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>datum uitspraak: 14 februari 2023</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beschikking betreffende vernietiging erkenning</emphasis>
      </para>
      <para>
        <?linebreak?>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de vrouw]
        </emphasis>, </para>
      <para>hierna te noemen: de vrouw,</para>
      <para>wonende te [woonplaats 1] , </para>
      <para>advocaat: mr. S.J. Nijssen te Goes, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende de minderjarige: </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige] , </emphasis>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2022, hierna te noemen: [minderjarige] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als belanghebbenden in onderhavige zaak worden aangemerkt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de man] ,</emphasis> hierna te noemen: de man, wonende te [woonplaats 2] ; </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">mr. E. Sijnesael</emphasis>, advocaat te Middelburg, in haar hoedanigheid van bijzondere curator over voornoemde [minderjarige] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van het bepaalde in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is in de procedure gekend: </para>
      <para>- de Raad voor de Kinderbescherming, regio Zuidwest Nederland, locatie Middelburg, </para>
      <para>hierna te noemen: de Raad, om de rechtbank over het verzoek te adviseren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>De rechtbank oordeelt op grond van de navolgende stukken:</para>
      <para>- de beschikking van de rechtbank van 13 oktober 2022 en alle daarin vermelde stukken; </para>
      <para>- het verslag van de bijzondere curator van 8 november 2022, binnengekomen bij de griffie op 11 november 2022. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Het verzoek is mondeling behandeld op 13 januari 2023, gelijktijdig met de behandeling van het verzoek van de bijzondere curator tot vernietiging van de erkenning, bij de rechtbank bekend onder zaak- en rekestnummer C/02/403252 FA RK 22-5059 en de behandeling van het verzoek van de Raad tot ondertoezichtstelling van [minderjarige] , bekend onder zaak- en rekestnummer C/02/404740 JE RK 22-2245. Bij die gelegenheid is verschenen de vrouw, bijgestaan door haar advocaat, de man en de bijzondere curator. Tevens was aanwezig een zittingsvertegenwoordigster van de Raad. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Uit de vrouw is op [geboortedag] 2022 te [geboorteplaats] de [minderjarige] geboren. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>De man heeft de minderjarige met toestemming van de vrouw erkend op 31 augustus 2021. De man is niet de biologische vader van [minderjarige] . </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>
        [minderjarige] woont bij de vrouw. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>De vrouw oefent van rechtswege het eenhoofdig ouderlijk gezag over de minderjarige uit. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>Bij beschikking van 13 oktober 2022 heeft de rechtbank mr. E. Sijnesael benoemd tot bijzondere curator over [minderjarige] .</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek en de beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>De vrouw verzoekt om, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, te bepalen dat de erkenning van [minderjarige] door de heer [de man] op 31 augustus 2021 zal worden vernietigd op grond van dwaling door de vrouw. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Tijdens de mondelinge behandeling heeft de vrouw haar verzoek ingetrokken. Gelet op de intrekking van het verzoek door de vrouw hoeft dit verzoek niet meer nader te worden beoordeeld. Het verzoek van de vrouw zal dan ook worden afgewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek van de vrouw af. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. Slot, rechter, tevens kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken op 14 februari 2023 in tegenwoordigheid van mr. Duerink-Bottinga, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para />
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Mededeling van de griffier</emphasis>:</para>
      <para>Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <parablock>
      <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het </para>
      <para>gerechtshof ’s-Hertogenbosch.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>