<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2022:5465</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-09-21T16:18:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-09-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-09-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/02/400485 JE RK 22-1419</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#rekestprocedure">Rekestprocedure</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2022:5465">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2022:5465</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-09-21T16:18:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-09-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2022:5465 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 06-09-2022 / C/02/400485 JE RK 22-1419</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2022:5465:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vervangende toestemming medisch. Vader met gezag wil niet dat kind medische behandeling ondergaat. Vader denkt dat kind geen problemen heeft, maar dat wat hij vertelt aan hem is ingefluisterd door pleegouders. Kinderrechter gaat uit van verklaring kind, dat behandeling wenst. Dus aanname medische problematiek waarvoor behandeling nodig is. Vervangende toestemming voor specifieke behandeling.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2022:5465:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie- en Jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Breda</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/02/400485 JE RK 22-1419</para>
      <para>Datum uitspraak: 6 september 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">Beschikking kinderrechter vervangende toestemming medische behandeling</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT, </bridgehead>
    <para>gevestigd te Tilburg, hierna te noemen: de gecertificeerde instelling (de GI),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2007 te [geboorteplaats] ,</bridgehead>
    <para>hierna te noemen: [roepnaam minderjarige] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [roepnaam minderjarige] , voornoemd,</bridgehead>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [vader] ,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>hierna te noemen: de vader,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>bijgestaan door mr. S. van Reeven-Özer, advocaat te Rijen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [pleegouders] ,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>hierna te noemen de pleegouders,</para>
      <para>wonend op een bij de rechtbank bekend adres.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    </parablock>
    <para>- het verzoek, met bijlagen, van de GI van 12 augustus 2022, ingekomen bij de griffie op dezelfde dag;</para>
    <para>- de brief van de advocaat van de vader van 2 september 2022;</para>
    <para>- het verweerschrift van de vader van 5 september 2022, bij bijlagen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 6 september 2022 heeft de kinderrechter de zaak met gesloten deuren mondeling behandeld. </para>
      <para>Verschenen zijn:<?linebreak?>-	[roepnaam minderjarige] , die apart is gehoord;<?linebreak?>-	de vader;<?linebreak?>-	een vertegenwoordiger van de GI;<?linebreak?>-	de pleegouders.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">De feiten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het ouderlijk gezag over [roepnaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de vader.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 14 januari 2022 is de ondertoezichtstelling van [roepnaam minderjarige] verlengd tot 24 januari 2023. Bij diezelfde beschikking is ook de machtiging tot uithuisplaatsing van [roepnaam minderjarige] in een voorziening voor pleegzorg verlengd tot 24 januari 2023.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vader heeft toestemming geweigerd voor de medische behandeling van [roepnaam minderjarige] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI verzoekt vervangende toestemming te verlenen voor de medische behandeling van [roepnaam minderjarige] . De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De standpunten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI heeft aan haar verzoek onder meer het volgende ten grondslag gelegd, dit gezien het verzoek en de toelichting bij de mondelinge behandeling. [roepnaam minderjarige] heeft tijdens zijn vroege kinderjaren in [geboorteland] vervelende gebeurtenissen meegemaakt. Daarover praat hij op school. Door alles wat van dat verleden terugkomt kan [roepnaam minderjarige] zich nu moeilijk concentreren. Hij zegt af en toe dat het lijkt alsof zijn hoofd gaat ontploffen. [roepnaam minderjarige] wil graag voor zijn problematiek therapie, zijnde een traumabehandeling. Met de ouders is al vele maanden gesproken over zo’n behandeling. Op 8 juli 2022 is er samen met de ouders en pleegouders een intakegesprek geweest voor die behandeling. Toen is besproken dat de behandeling zou worden ingezet op wat [roepnaam minderjarige] zelf zou aangegeven wat er met hem gebeurt. De vader heeft vervolgens zijn toestemming gegeven voor de medische behandeling. Kort daarna heeft hij die toestemming ingetrokken. Daarbij is door de vader gezegd dat hij het niet eens is met wat [roepnaam minderjarige] allemaal heeft gezegd. De vader ontkent dat de moeder [roepnaam minderjarige] in het verleden heeft mishandeld. De vader zelf heeft hem nooit mishandeld. Op 27 juli 2022 is er door de GI nog uitgebreid met bijstand van een tolk opnieuw met de ouders gesproken over de behandeling die [roepnaam minderjarige] moet ondergaan. Ook daarna werd de toestemming door de vader onthouden, zelfs na overleg met zijn advocaat. Het behandelingstraject is al in gang gezet. De bedoeling is dat de eerste behandeling op 14 september 2022 zal plaatsvinden. Daarvoor is dan wel tijdig vervangende toestemming van de kinderrechter nodig. Volgens de GI is de behandeling medisch gezien noodzakelijk. Als behandelaar treedt op [behandelaar 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [roepnaam minderjarige] heeft, apart gehoord, aan de kinderrechter verteld, waarbij hij aangeeft dat niet alles mag worden doorverteld aan zijn ouders. Wat wel mag worden verteld is dat hij dringend behoefte heeft aan het verwerken van de nare ervaringen die hij vroeger in zijn land van herkomst heeft meegemaakt en die nu bij hem terugkomen als herbelevingen. Daardoor heeft hij nu veel last van concentratieproblemen en hoofdpijn. Op school kan hij om die reden niet goed meegaan. Hij is hij blij dat de GI voor hem een behandeling heeft geregeld. Hij kijkt daarbij uit naar de eerste behandeling op 14 september 2022. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door en namens de vader is verklaard dat de vader niet eens is met de verklaringen van [roepnaam minderjarige] . Volgens de vader zijn die verklaringen [roepnaam minderjarige] ingefluisterd door de pleegouders. Het pleeggezin is ook niet goed geweest voor zijn kinderen die aldaar eerder hebben verbleven. Omdat de pleegouders [roepnaam minderjarige] en zijn zusje [zusje minderjarige] willen behouden hebben zij deze situatie in het leven geroepen. De moeder noch de vader heeft [roepnaam minderjarige] ooit geslagen. De vader wil dat [roepnaam minderjarige] weer thuis komt wonen. De vader heeft [roepnaam minderjarige] net buiten in de hal gezien. Hij keek bang uit zijn ogen. Als de moeder uit [verblijfland moeder] terug is willen zij met z’n allen weer een gezin gaan vormen. De beschreven behandeling is te ruim beschreven. Dat is ook een punt van de vader. De vader volhardt in zijn weigering om toestemming te geven voor de behandeling. Een ander reden van de vader om toestemming is weigeren is zijn vrees dat als hij meewerkt de instanties op termijn hem het gezag over [roepnaam minderjarige] zal ontnemen. Daaraan wil hij niet meewerken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door de pleegouders is verklaard dat alles wat [roepnaam minderjarige] aan anderen heeft verteld van hemzelf is. Hem is door hen niets aangepraat. Dat het wel zo door de vader wordt gezegd wordt ervaren als een nare beschuldiging. De pleegouders geloven [roepnaam minderjarige] wel wat hij allemaal heeft verteld over zijn verleden. De geplande behandeling is echt nodig. Bij de pleegouders thuis gaat het goed met [roepnaam minderjarige] en zijn zusje [zusje minderjarige] , dat ook in het pleeggezin verblijft.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter overweegt als volgt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 1:265h lid 2 Burgerlijk Wetboek (BW), voor zover van belang, dat de kinderrechter vervangende toestemming kan verlenen voor de medische behandeling van een minderjarige van twaalf jaar of ouder die niet in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen terzake, indien behandeling noodzakelijk is om ernstig gevaar voor de gezondheid van de minderjarige af te wenden en de ouder die het gezag uitoefent zijn toestemming daarvoor weigert.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze vervangende toestemming geldt slechts voor een specifieke medische behandeling welke valt onder de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO), en meer specifiek artikel 7:446 lid 2 BW. Dit artikel stelt dat onder handelingen op het gebied van de geneeskunst worden verstaan:</para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="loweralpha">
      <listitem>
        <para>alle verrichtingen - het onderzoeken en het geven van raad daaronder begrepen - rechtstreeks betrekking hebbende op een persoon en ertoe strekkende hem van een ziekte te genezen, hem voor het ontstaan van een ziekte te behoeden of zijn gezondheidstoestand te beoordelen, dan wel deze verloskundige bijstand te verlenen; </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>andere dan de onder a bedoelde handelingen, rechtstreeks betrekking hebbende op een persoon, die worden verricht door een arts of tandarts in die hoedanigheid.</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI verzoekt, naar de kinderrechter begrijpt, om aan haar vervangende toestemming te verlenen om [roepnaam minderjarige] een noodzakelijke medische behandeling te laten ondergaan in de vorm van traumatherapie, zoals die al is gepland en waarvan de behandeling zal starten op 14 september 2022, met als behandelaar [behandelaar 1] . Uit de stukken en wat op de mondelinge behandeling is besproken blijkt dat [roepnaam minderjarige] al enige tijd lijdende is aan herbelevingen en nare herinneringen van gebeurtenissen uit het verleden tijdens zijn verblijf in zijn land van herkomst. Deze omstandigheden hebben op [roepnaam minderjarige] een zodanig effect dat hij concentratieproblemen en hoofdpijn heeft, waardoor hijzelf het gevoel heeft dat zijn hoofd zal gaan ontploffen. Uit het voorgaande concludeert de kinderrechter dat er bij [roepnaam minderjarige] inderdaad sprake is van een problematiek die als medisch wordt aangemerkt. </para>
      <para>
        [roepnaam minderjarige] zelf wil de geplande behandeling. Vanwege kennelijk vrees voor zijn ouders wil [roepnaam minderjarige] als twaalfplusser niet op eigen initiatief die behandeling ondergaan. Daarom heeft de GI om toestemming gevraagd aan de vader en is die toestemming geweigerd. In deze weigering heeft de vader bij de mondelinge behandeling volhard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de kinderrechter is de voornoemde behandeling noodzakelijk om, gezien de door [roepnaam minderjarige] vertelde herbelevingen en herinneringen, ernstig gevaar voor zijn gezondheid af te wenden. Nu de vader met gezag de toestemming voor die behandeling weigert, zal de kinderrechter de GI toestemming geven om die behandeling toch te laten plaatsvinden. Voor wat de behandelaar betreft is de kinderrechter van oordeel dat een eventuele uitval van haar door bijvoorbeeld ziekte of ontslag er niet toe mag leiden dat de behandeling moet worden gestaakt. Daarom zal de toestemming van de kinderrechter ook inhouden dat de genoemde behandelaar bij uitval kan worden vervangen door een collega of opvolger. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het voorgaande leidt tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verleent vervangende toestemming aan de GI voor het laten ondergaan van [roepnaam minderjarige] van een medische behandeling, te weten een traumatherapie, zoals die al is gepland en waarvan de behandeling zal starten op 14 september 2022, met als behandelaar [behandelaar 1] , of bij uitval van haar door haar vervanger of opvolger:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 6 september 2022 door mr. Toekoen, kinderrechter, in tegenwoordigheid van de griffier. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is schriftelijk vastgesteld op 14 september 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
    </parablock>
    <para>- door de verzoekers en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
    <para>- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
    <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch.</para>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>