<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2022:4511</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-08-05T13:41:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-08-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-08-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02/233959-21, 02/003162-22, 02/329917-21, 02/117546-20, 02/174519-21, 02-057279-22</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2022:4511">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2022:4511</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-08-05T13:41:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-08-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2022:4511 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 05-08-2022 / 02/233959-21, 02/003162-22, 02/329917-21, 02/117546-20, 02/174519-21, 02-057279-22</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2022:4511:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verdachte wordt veroordeeld voor brandstichting, winkeldiefstallen, het negeren van winkelverboden en joyriding. Ernst van de feiten is relatief gering. Bij verdachte is sprake van psychiatrische problemen en alcoholproblematiek. De feiten worden verminderd aan haar toegerekend. Zorgmachtiging zou afdoende moeten zijn om recidive te verlagen. De rechtbank legt geen straf of maatregel op.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2022:4511:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter terechtzitting gevoegde parketnummers: 02/233959-21, 02/003162-22, 02/329917-21, 02/117546-20, 02/174519-21, 02-057279-22</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer van 5 augustus 2022</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1971 te [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende te [adres verdachte] , </para>
      <para>raadsvrouw mr. S. van de Voorde, advocaat te Middelburg.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>Overeenkomstig artikel 369 van het Wetboek van Strafvordering heeft de politierechter op 19 januari 2022 de zaken met parketnummers 02/117546-20 en 02/174519-21 naar de meervoudige kamer verwezen. De politierechter heeft op 24 juni 2022 ook de zaak met parketnummer 02/057279-22 naar de meervoudige kamer verwezen. Op de zitting van 22 juli 2022 heeft de meervoudige kamer de zaken met de hierboven vermelde parketnummers gevoegd. De zaken zijn vervolgens inhoudelijk behandeld, waarbij de officier van justitie mr. W.J.W.K. Suijkerbuijk en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para>De tenlasteleggingen zijn als bijlage I van dit vonnis opgenomen. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/233959-21</emphasis>
      </para>
      <para>opzettelijk brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen met kleding, waardoor gevaar is ontstaan voor een woning; </para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/003162-22</emphasis>
        <?linebreak?>de supermarkt [benadeelde partij ] is binnengedrongen terwijl haar de toegang tot deze supermarkt was ontzegd; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/329917-21</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feit 1</emphasis>: bij [benadeelde partij ] een zakje chips heeft gestolen;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feit 2</emphasis>: een winkelcentrum is binnengedrongen terwijl haar de toegang was ontzegd; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/117546-20</emphasis>
        <?linebreak?>zich schuldig heeft gemaakt aan joyriding;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/174519-21</emphasis>
      </para>
      <para>bij [benadeelde partij 2] twee flessen port heeft gestolen;  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/057279-22</emphasis>
      </para>
      <para>
        [benadeelde partij ] is binnengedrongen terwijl haar de toegang tot deze winkel was ontzegd. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig. </para>
      <para>De rechtbank is bevoegd. </para>
      <para>De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. </para>
      <para>Er is geen reden voor schorsing van de vervolging. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>Op grond van de bekennende verklaring van verdachte acht de officier van justitie alle tenlastegelegde feiten wettig en overtuigend bewezen. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging heeft ten aanzien van geen van de tenlastegelegde feiten een bewijsverweer gevoerd. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <paragroup>
        <nr>4.3.1</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">De bewijsmiddelen</emphasis>
          </para>
          <para>Indien hoger beroep wordt ingesteld zullen de bewijsmiddelen worden uitgewerkt en opgenomen in een bijlage die aan het vonnis zal worden gehecht. </para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.3.2</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">De bijzondere overwegingen met betrekking tot het bewijs</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank acht op grond van de bewijsmiddelen alle tenlastegelegde feiten wettig en overtuigend bewezen, zodanig als onder 4.4 is omschreven. </para>
        </parablock>
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Parketnummer 02/233959-21</emphasis>
        </para>
        <para>op 4 maart 2021 te Kamperland, opzettelijk brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen met kleding, ten gevolge waarvan goederen in de woning gelegen aan [adres 1] en de woning gedeeltelijk zijn verbrand</para>
        <para>en daarvan gemeen gevaar voor die woning te duchten was;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Parketnummer 02/003162-22</emphasis>
        </para>
        <para>op 5 januari 2022 te Goes in het besloten lokaal, een supermarkt, bij [benadeelde partij ] in gebruik, wederrechtelijk is binnengedrongen. Immers was haar, met ingang van 31 mei 2021 schriftelijk de toegang tot die winkel ontzegd voor de duur van 24 maanden; </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Parketnummer 02/329917-21</emphasis>
        </para>
        <para>1.</para>
        <para>op 8 december 2021 te Goes een zakje chips, dat aan de [benadeelde partij ] (te Goes) toebehoorde, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen; </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>2.</para>
        <para>op 8 december 2021 te Goes in het besloten lokaal aan de [adres 2] , bij een ander in gebruik, wederrechtelijk is binnengedrongen. Immers was verdachte met ingang van 31 mei 2021 schriftelijk de toegang tot dat winkelcentrum ontzegd voor de duur van een jaar;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Parketnummer 02/117546-20</emphasis>
        </para>
        <para>te Goes op 29 april 2020 opzettelijk wederrechtelijk een motorrijtuig (bestelbus), toebehorende aan [benadeelde partij 3] , als bestuurder heeft gebruikt op de 's-Gravenpolderseweg;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Parketnummer 02/174519-21</emphasis>
        </para>
        <para>op 2 juli 2021 te 's-Gravenpolder twee flessen port, die aan [benadeelde partij 2] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om zich die wederrechtelijk toe te eigenen; </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Parketnummer 02/057279-22</emphasis>
        </para>
        <para>op 8 maart 2022 te Goes in het besloten lokaal, het filiaal van [benadeelde partij ] aan de [adres 2] , bij [benadeelde partij ] in gebruik, wederrechtelijk is binnengedrongen. Immers was haar met ingang van 5 januari 2022 schriftelijk de toegang tot die winkel ontzegd voor de duur van 12 maanden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid</title>
    <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafoplegging</title>
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vordert ten aanzien van alle feiten aan verdachte op te leggen een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden met een proeftijd van twee jaren. Bij de strafeis is rekening gehouden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte en de afgegeven zorgmachtiging.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging heeft verzocht rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte en de strafbare feiten verminderd aan haar toe te rekenen. In de zaak met parketnummer 02/117546-20 is sprake van een overschrijding van de redelijke termijn. Gelet op het voorgaande heeft de verdediging verzocht een straf op te leggen gelijk aan de duur van het voorarrest en daarnaast een voorwaardelijke straf. De door de officier van justitie gevorderde straf is te hoog. Daarnaast is het niet wenselijk dat verdachte in de toekomst voor een licht strafbaar feit gedetineerd zou raken. Het opleggen van een voorwaardelijke taakstraf is daarom passend. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ernst van de feiten</emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte heeft zich op 4 maart 2021 schuldig gemaakt aan brandstichting in een huurwoning van [benadeelde partij 4] , die zij bewoonde. Zij heeft in de woning kleding in brand gestoken, waardoor die kleding is verbrand. De brand heeft roetschade in de gehele woning en schade aan de muren en de vloer van de woning veroorzaakt. Gelet op het voorgaande was door de brand gevaar voor de woning te duchten. Brandstichting is een delict met een groot gevaarzettend karakter en brengt in het algemeen gevoelens van onrust en onveiligheid in de maatschappij teweeg. Dit geldt te meer nu de brandstichting in een woonwijk heeft plaatsgevonden. De rechtbank neemt evenwel ook mee dat de brandstichting voortvloeit uit de wens van verdachte om die dag zelfmoord te plegen door zichzelf in brand te steken en dat dat de reden is waarom zij brand heeft gesticht. Ze heeft uiteindelijk toch de woning verlaten, omdat zij niet door verbranding durfde te overlijden. Hieruit leidt de rechtbank af dat verdachte geen boos opzet heeft gehad op het in brand steken van de woning. Zij zal hier in het voordeel van verdachte rekening mee houden.</para>
        <para>Verdachte heeft ook twee winkeldiefstallen gepleegd, heeft drie keer een winkelverbod genegeerd en zij heeft zich schuldig gemaakt aan joyriding met een bestelbus van [benadeelde partij 3] . Hoewel deze feiten voor anderen overlast veroorzaken, is de ernst van deze feiten relatief gering. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De persoon van verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank houdt daarnaast rekening met de persoon van verdachte en haar persoonlijke omstandigheden ten tijde van het plegen van de strafbare feiten, zoals daarvan is gebleken tijdens het onderzoek ter terechtzitting. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Over verdachte is een pro-justitiarapport opgemaakt. Verdachte heeft niet meegewerkt aan het onderzoek. Wel blijkt uit het rapport dat de psycholoog vermoedens heeft dat bij verdachte sprake is van psychiatrische problematiek (schizofrenie) en problematisch alcoholgebruik. De psycholoog kan niet uitsluiten dat het niet meewerken aan het onderzoek door de pathologie van verdachte komt. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Daarnaast blijkt uit het pro-justitiarapport dat verdachte momenteel in het kader van een zorgmachtiging op de afdeling Woonhuizen van Emergis verblijft en daar 24-uurszorg krijgt. De psycholoog acht dit kader voldoende om de kans op recidive te verlagen. </para>
        <para>In het reclasseringsadvies van 8 juli 2022 is geconcludeerd dat een reclasseringstoezicht niet zal bijdragen aan gedragsverandering van verdachte. Verdachte staat al jaren onder behandeling bij Emergis, maar het lijkt erop dat verdachte door haar beperkingen en psychische problematiek, in combinatie met alcoholgebruik en haar houding, niet in staat is haar gedrag te veranderen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gelet op de bevindingen van de psycholoog en de reclassering en op basis van de feiten en omstandigheden die uit het dossier naar voren komen, stelt de rechtbank vast dat bij verdachte ten tijde van het plegen van de bewezenverklaarde feiten sprake was van psychiatrische problemen en alcoholproblematiek. De rechtbank is dan ook van oordeel dat het aannemelijk is dat deze problematiek het handelen van verdachte heeft beïnvloed en dat dit heeft doorgewerkt in de bewezenverklaarde feiten. Gelet hierop is de rechtbank, anders dan de officier van justitie, van oordeel dat de feiten verminderd aan verdachte moeten worden toegerekend.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Daarnaast concludeert de rechtbank op basis van het rapport van de psycholoog dat een zorgmachtiging afdoende zou moeten zijn om de kans op herhaling te verlagen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft verder in aanmerking genomen dat verdachte voor de brandstichting twee dagen heeft vastgezeten. Tot slot heeft de rechtbank geconstateerd dat de redelijke termijn in de zaak met parketnummer 02/117546-20 met drie maanden is overschreden. De rechtbank zal volstaan met de enkele constatering daarvan, gelet op de geringe overschrijding. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
        </para>
        <para>Alles afwegend is de rechtbank van oordeel dat het opleggen van een straf of maatregel - al dan niet in voorwaardelijke vorm - geen strafrechtelijk doel dient. Zij zal verdachte daarom schuldig verklaren zonder oplegging van straf of maatregel. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>7</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart de tenlastegelegde feiten bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;</para>
    <para>- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:</para>
    <para>
      <emphasis role="underline">Parketnummer 02/233959-21</emphasis>: opzettelijk brand stichten, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/003162-22</emphasis>: in het besloten lokaal bij een ander in gebruik,</para>
      <para>wederrechtelijk binnendringen; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/329917-21</emphasis>: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feit 1: </emphasis>diefstal; </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feit 2: </emphasis>in het besloten lokaal bij een ander in gebruik, wederrechtelijk binnendringen; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/117546-20</emphasis>: overtreding van artikel 11 van de Wegenverkeerswet 1994; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/174519-21</emphasis>: diefstal; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Parketnummer 02/057279-22</emphasis>: in het besloten lokaal bij een ander in gebruik</para>
      <para>wederrechtelijk binnendringen; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafoplegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- bepaalt dat <emphasis role="bold">geen straf of maatregel wordt opgelegd</emphasis>.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.C.A.M. Los, voorzitter, mr. H.E. Goedegebuur en mr. M.A.H. Kempen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E. Andraws, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 5 augustus 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. M.A.H. Kempen is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>