<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2022:3513</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T18:17:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-06-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-06-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/02/398790 / HA RK 22-128</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#verschoning">Verschoning</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Prg. 2022/271</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2022:3513">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2022:3513</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-07-04T14:03:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-07-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2022:3513 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 28-06-2022 / C/02/398790 / HA RK 22-128</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2022:3513:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>verschoning toegewezen</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2022:3513:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="3b01099d-a343-460e-9eb9-778642ff8ca1" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="a3f217b6-ec86-4e95-b670-1a00eb704ca7" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>beslissing </para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verschoningskamer<?linebreak?></para>
      <para>Middelburg</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rekestnummer: C/02/398790 / HA RK 22-128</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing van 28 juni 2022</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">MR. L.W. LOUWERSE</emphasis>,</para>
      <para>rechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant,</para>
      <para>hierna: de rechter,<?linebreak?></para>
      <para>belast met de behandeling van de strafzaken:  <?linebreak?>parketnummer 02-222166-19  <?linebreak?>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker 1]
        </emphasis>,<?linebreak?>geboren [geboortedatum verzoeker 1] te [woonplaats verzoeker 1] ,</para>
      <para>advocaat: mr. A.W.A.P. Doesburg, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en parketnummer 02-029390-20</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen<?linebreak?></para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker 2]
        </emphasis>,<?linebreak?>geboren [geboortedatum verzoeker 2] te [woonplaats verzoeker 2] ,</para>
      <para>advocaat: mr. S. van Minderhout,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>waarin als belanghebbende partijen worden aangemerkt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende sub 1]
        </emphasis> en<?linebreak?><emphasis role="bold">[belanghebbende sub 2]</emphasis>,<?linebreak?>advocaat: mr. P.C. Schouten. </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>
      <?linebreak?>1.	De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit het verschoningsverzoek van de rechter van 23 juni 2022.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Er heeft geen mondelinge behandeling van het verschoningsverzoek plaatsgevonden.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het verschoningsverzoek</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>	Het verzoek betreft bovengenoemde zaken waarin [verzoeker 1] ten laste wordt gelegd - kort gezegd - dat hij een grote hoeveelheid geld heeft gestolen die toebehoorde aan de [belanghebbende sub 2] en waarin [verzoeker 2] ten laste wordt gelegd - kort gezegd - dat hij bij die diefstal behulpzaam is geweest.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>	De rechter is van oordeel dat sprake is van zodanige feiten en omstandigheden dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen leiden. Hij kent de vertegenwoordiger van de [belanghebbende sub 2] (benadeelde partij) en met name diens partner, tevens getuige in de zaak. De rechter kent daarnaast een aantal van de vrijwilligers die op het festivalterrein werkzaam zijn (geweest). Hij is goed bekend in Grijpskerke. Grijpskerke is een klein dorp waar deze zaak jaren het gesprek van de dag is (geweest). De rechter heeft zich niet geheel kunnen onttrekken aan speculaties over de overval. Veel van de belangstellenden in deze zaak zijn op een of andere manier bekenden van de rechter.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het wettelijk kader<?linebreak?>Op grond van artikel 517 lid 1 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) kan elk van de rechters die een zaak behandelen, verzoeken zich te mogen verschonen op grond van feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 512 Sv.</title>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling<?linebreak?>4.1.Uitgangspunt is dat een rechter op grond van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Uitzonderlijke omstandigheden kunnen een aanwijzing opleveren dat een rechter ten opzichte van een partij vooringenomen is of dat daarvoor een terechte vrees bestaat. Ook de uiterlijke schijn kan daarbij een rol spelen.</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>	Uit het verschoningsverzoek van de rechter blijkt dat sprake is van zodanige omstandigheden dat hij zich daardoor niet meer voldoende vrij voelt om in de zaak met <?linebreak?>parketnummers 02-222166-19 en 02-029390-20 te beslissen. De verschoningskamer ziet hierin, mede in aanmerking genomen de onderbouwing van het verzoek, een genoegzame grond voor verschoning. De rechter heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de schijn kan bestaan dat het hem aan onpartijdigheid zal ontbreken. Het verzoek zal derhalve worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para>De verschoningskamer</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>wijst het verzoek tot verschoning toe;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>bepaalt dat het proces in de hoofdzaken wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment dat het verschoningsverzoek werd ingediend;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de rechter;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de teamvoorzitter van het team waarin de rechter werkzaam is;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de partijen in de hoofdzaken.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beslissing is genomen in raadkamer op 28 juni 2022 door mr. M.J.L. Holierhoek, <?linebreak?>mr. C. Kool en mr. J.A.J. van den Boom, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier.<footnote-ref linkend="_ae8932d5-75fb-4c13-be46-afcac0e390b9" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_ae8932d5-75fb-4c13-be46-afcac0e390b9" label="1">
    <para>FM</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>