<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2022:1282</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T15:16:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-03-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-03-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/02/394742 / JE RK 22-256</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#rekestprocedure">Rekestprocedure</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>FJR 2023/15.16</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2022:1282">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2022:1282</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-03-25T13:56:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-03-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2022:1282 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 09-03-2022 / C/02/394742 / JE RK 22-256</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2022:1282:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek om verlenging machtiging uithuisplaatsing op een groep afgewezen. Gebleken is dat het kind door de GI - zonder tussenkomst van de kinderrechter - van een pleeggezin naar een open groep is overgeplaatst. De kinderrechter vindt dit zeer zorgelijk.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2022:1282:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Familie- en Jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Breda</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/02/394742 / JE RK 22-256</para>
      <para>Datum uitspraak: 9 maart 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kinderrechter over verlenging machtiging tot uithuisplaatsing</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">LEGER DES HEILS JEUGDBESCHERMING EN RECLASSERING, </bridgehead>
    <parablock>
      <para>locatie Eindhoven,</para>
      <para>hierna te noemen: de gecertificeerde instelling (de GI),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2019 te [geboorteplaats] ,</bridgehead>
    <para>hierna te noemen: [roepnaam] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [moeder] ,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>hierna te noemen: de moeder,</para>
      <para>zonder bekende vaste woon- of verblijfplaats in Nederland.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoek met bijlagen van de GI van 16 februari 2022, ingekomen bij de griffie op 16 februari 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De feiten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [roepnaam] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van de kinderrechter van de rechtbank Oost-Brabant van 21 juni 2021 is [roepnaam] voorlopig onder toezicht gesteld van de gecertificeerde instelling Stichting Jeugdbescherming Brabant (JBB). Daarnaast is een machtiging tot uithuisplaatsing van [roepnaam] in een voorziening voor pleegzorg verleend voor de duur van twee weken. Deze maatregelen zijn nadien verlengd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van de kinderrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 20 september 2021 is [roepnaam] onder toezicht gesteld van de GI met ingang van 21 september 2021 en tot 21 september 2022. Daarnaast is een machtiging tot uithuisplaatsing van [roepnaam] in een voorziening voor pleegzorg verleend met ingang van 21 september 2021 en tot 21 maart 2022. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [roepnaam] verblijft momenteel op een groep. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De moeder en [roepnaam] hebben de Poolse nationaliteit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmacht en toepasselijk recht</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter constateert dat de moeder en [roepnaam] de Poolse nationaliteit hebben. Daarnaast blijkt uit het ambtshalve door de kinderrechter geraadpleegde uittreksel van de moeder uit de Basisregistratie Personen (BRP) dat de moeder staat geregistreerd als ‘Registratie Niet Ingezetenen (RNI)’ en zij dus niet staat ingeschreven in Nederland. Dit brengt mee dat deze zaak een internationaal karakter heeft, waardoor de kinderrechter dient te beoordelen of haar in deze zaak rechtsmacht toekomt. Indien dit het geval is, dient de kinderrechter het toepasselijke recht te bepalen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ingevolge artikel 8 lid 1 van de verordening Brussel II-bis zijn ter zake van de ouderlijke verantwoordelijkheid bevoegd de gerechten van de lidstaat op het grondgebied waarvan de minderjarige zijn gewone verblijfplaats heeft op het tijdstip dat de zaak bij het gerecht aanhangig wordt gemaakt. Onder ouderlijke verantwoordelijkheid valt onder meer uithuisplaatsing van minderjarigen in het kader van ondertoezichtstelling. Nu [roepnaam] zijn gewone verblijfplaats in Nederland heeft, komt de Nederlandse rechter rechtsmacht toe.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu de Nederlandse rechter bevoegd is op het verzoek te beslissen, zal op grond van artikel 15 van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996 Nederlands recht op het verzoek worden toegepast.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het verzoek</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI verzoekt, uitvoerbaar bij voorraad, om verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [roepnaam] gedurende dag en nacht voor verblijf in een open instelling voor de duur van zes maanden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter overweegt als volgt.</para>
      <para>
        <?linebreak?>Bij beschikking van 20 september 2021 heeft de kinderrechter een machtiging tot uithuisplaatsing van [roepnaam] in een voorziening voor pleegzorg verleend. Uit de overgelegde stukken blijkt echter dat [roepnaam] al sinds 1 oktober 2021 op een groep verblijft en niet in een pleeggezin. Daarmee is [roepnaam] door de GI - zonder tussenkomst van de kinderrechter - buiten de reikwijdte van de huidige machtiging op een groep geplaatst.</para>
      <para>De kinderrechter vindt dit zeer zorgelijk. </para>
      <para>
        <?linebreak?>Daarnaast is het verzoek naar het oordeel van de kinderrechter niet toewijsbaar, omdat de GI heeft verzocht om de machtiging tot uithuisplaatsing van [roepnaam] in een open instelling te verlengen terwijl kennelijk is bedoeld om een nieuwe, niet-opvolgende machtiging tot uithuisplaatsing te verzoeken gericht op het plaatsen van [roepnaam] in een open instelling c.q. accommodatie van een jeugdhulpaanbieder. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het voorgaande, zal de kinderrechter het verzoek van de GI afwijzen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aangezien [roepnaam] momenteel zonder passende machtiging tot uithuisplaatsing in het kader van een geheime plaatsing op een open groep verblijft, <emphasis role="underline">verwacht de kinderrechter van de GI dat die met spoed een passend verzoek indient</emphasis> tot het verlenen van een machtiging tot uithuisplaatsing van [roepnaam] die aansluit bij zijn werkelijke verblijfssituatie.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het voorgaande leidt tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 9 maart 2022 door mr. Phillips, kinderrechter, in samenwerking met mr. Wallerbos als griffier.</para>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <parablock>
      <para>Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:</para>
    </parablock>
    <para>- door de verzoekers en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
    <para>- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.</para>
    <para>Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch.</para>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>