<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2018:4829</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-08-15T07:59:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-08-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-08-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02-700138-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Middelburg</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2018:4829">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2018:4829</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-08-15T07:59:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-08-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2018:4829 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 14-08-2018 / 02-700138-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2018:4829:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Beslissing raadkamer gevangenhouding. Terugkomen op eerdere belastende verklaring. Onvoldoende basis voor ernstige bezwaren</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2018:4829:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</para>
  <para>Team strafrecht, locatie Middelburg</para>
  <para />
  <parablock>
    <para>Parketnummer: 02/700138-18</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Opheffing voorlopige hechtenis</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Beslissing op het verzoek d.d 7 augustus 2018 tot opheffing van de</para>
    <para>voorlopige hechtenis van:</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>
      [verdachte] ,</para>
    <para>geboren op [geboortedag] 1986 te [geboorteplaats] ,</para>
    <para>wonende te [adres] ,</para>
    <para>thans gedetineerd.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>Het verzoek is behandeld op de zitting van 14 augustus 2018 en aldaar is</para>
    <para>verdachte, bijgestaan door diens raadsman, gehoord. Tevens is gehoord</para>
    <para>de officier van justitie.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>De rechtbank heeft in het bevel tot gevangenhouding van 24 juli 2018</para>
    <para>gemotiveerd dat er voldoende basis bestond voor het bestaan van ernstige</para>
    <para>bezwaren jegens verdachte. Aan dat oordeel zijn een aantal feiten en</para>
    <para>omstandigheden ten grondslag gelegd als vermeld in genoemd bevel waaronder</para>
    <para>een bij de politie afgelegde verklaring van getuige [getuige] van 15 juni</para>
    <para>2018. In die verklaring is een reactie van de getuige vermeld op de foto's 5</para>
    <para>tot en met 7 op de pagina's 314 tot en met 316 (foto's van camerabeelden als</para>
    <para>vermeld in het proces-verbaal van bevindingen van 20 juli 2017, pagina 169</para>
    <para>e.v.). Gelet op die reactie was voor de rechtbank voldoende aannemelijk dat</para>
    <para>de getuige het in haar verklaring over verdachte had. De verklaring van</para>
    <para>getuige [getuige] droeg in belangrijke mate bij aan het aannemen van de</para>
    <para>ernstige bezwaren.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Getuige [getuige] is in opdracht van de rechtbank op 6 augustus 2018 gehoord</para>
    <para>door de rechter-commissaris. In dat verhoor heeft zij over de foto's 5 tot en</para>
    <para>met 7 verklaard dat zij geen van de personen op de foto's herkent. Zij</para>
    <para>verklaart verder onder meer dat zij op 15 juni 2018 naar het politiebureau</para>
    <para>was gegaan om verdachte er 'bij te lappen' en dat zij over hem heeft verklaard</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>om hem 'te naaien'.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>De rechtbank stelt op basis van het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige]</para>
    <para> van 6 augustus 2018 vast dat de getuige nadrukkelijk afstand neemt</para>
    <para>van de door haar bij de politie afgelegde verklaring. Uit het proces-verbaal</para>
    <para>van verhoor blijkt dat de rechter-commissaris aanleiding heeft gezien de</para>
    <para>getuige op enig moment tijdens het verhoor onder ede te stellen. In vervolg</para>
    <para>daarop is de getuige bij haar ten overstaan van de rechter-commissaris</para>
    <para>afgelegde verklaring gebleven.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>De rechtbank stelt verder vast dat uit het dossier blijkt dat tussen</para>
    <para>verdachte en getuige [getuige] op 4 augustus 2018, dat wil zeggen voorafgaand</para>
    <para>aan het verhoor van de getuige bij de rechter-commissaris op 6 augustus 2018</para>
    <para>veelvuldig telefonisch contact is geweest. Voorts staat vast dat verdachte en</para>
    <para>getuige [getuige] op 6 augustus 2018 om 16:19:51 uur, dat wil zeggen na afloop</para>
    <para>van het verhoor bij de rechter-commissaris, telefonisch met elkaar hebben</para>
    <para>gesproken waarbij getuige [getuige] onder meer heeft gezegd: 'Ik heb gedaan wat</para>
    <para>wij hebben afgesproken'.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Naar het oordeel van de rechtbank kunnen de telefonische contacten tussen</para>
    <para>verdachte en getuige [getuige] voorafgaand en na afloop van het verhoor bij de</para>
    <para>rechter-commissaris op 6 augustus 2018 als belastend voor verdachte worden</para>
    <para>aangemerkt aangezien daaruit zou kunnen worden opgemaakt dat hij getuige</para>
    <para>
      [getuige] heeft willen beïnvloeden. Feit is echter dat de rechtbank geen</para>
    <para>kennis draagt van de inhoud van de gesprekken die tussen hen beiden op 4</para>
    <para>-------------------------------------------------------------------------------</para>
    <para>augustus 2018 zijn gevoerd. Of er daadwerkelijk sprake is geweest van</para>
    <para>beïnvloeding kan dan ook niet worden vastgesteld.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Het voorgaande betekent dat getuige [getuige] bij de rechter-commissaris is</para>
    <para>teruggekomen op haar belastende verklaring over verdachte van 15 juni 2018.</para>
    <para>Wat de achtergrond hiervan is en hoe dit moet worden gewaardeerd, is door de</para>
    <para>rechtbank op basis van het voorliggende dossier niet te beoordelen. Hierdoor</para>
    <para>is een belangrijke bijdrage aan de in het bevel tot gevangenhouding</para>
    <para>aangenomen ernstige bezwaren weggevallen en wel in die mate dat er naar het</para>
    <para>oordeel van de rechtbank geen voldoende basis meer bestaat voor het bestaan</para>
    <para>van ernstige bezwaren jegens verdachte. De rechtbank kan op basis van het</para>
    <para>dossier niet meer tot het oordeel komen dat het waarschijnlijk is dat</para>
    <para>verdachte het feit waarvan hij wordt verdacht, heeft begaan.</para>
  </parablock>
  <para />
  <parablock>
    <para>Gelet op deze conclusie heft de rechtbank de voorlopige hechtenis op en</para>
    <para>gelast zij de onmiddellijke invrijheidstelling van verdachte.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>Deze beslissing is gegeven op  14 augustus 2018 door mr  G.H. Nomes,</para>
    <para>voorzitter,</para>
    <para>en mrs  J.A. van Voorthuizen en H.E. Goedegebuur, in tegenwoordigheid van</para>
    <para>M.A. de Waard-Nooitgedagt, griffier.</para>
  </parablock>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>