<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2017:8898</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-10-03T10:36:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-10-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-03-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02-800364-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2017:8898">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2017:8898</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-10-03T10:35:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-10-03</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2017:8898 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 10-03-2017 / 02-800364-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2017:8898:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verdachte wordt vrijgesproken van het voorhanden hebben van verdovende middelen en vuurwapens omdat de schuur, waar die goederen werden aangetroffen, vrij toegankelijk was en er ook geen match was  tussen verdachte’s vingerafdruk en een op de inbeslaggenomen goederen aangetroffen vingerafdruk.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2017:8898:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Breda</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummer: 02/800364-16  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer d.d. 10 maart 2017</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1965 te [geboorteplaats]</para>
      <para>wonende te [adres]</para>
      <para>raadsvrouw mr. Assouiki, advocaat te Tilburg</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 24 februari 2017, waarbij de officier van justitie, mr. Koning, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para>Verdachte staat terecht, terzake dat: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 19 mei 2016 te Tilburg tezamen en in vereniging met een of</para>
      <para>meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 500</para>
      <para>gram, MDMA en/of tenamfetamine (MDA) en/of N-ethyl-MDA (MDEA) en/of</para>
      <para>metamfetamine en/of amfetamine, zijnde MDMA en/of tenamfetamine (MDA) en/of</para>
      <para>N-ethyl-MDA (MDEA) en/of metamfetamine en/of amfetamine (telkens) een middel</para>
      <para>als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen</para>
      <para>krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet, in elk geval (telkens) een</para>
      <para>of meer hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende (telkens) een of meer</para>
      <para>middel(en) als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;</para>
      <para>art 2 ahf/ond C Opiumwet</para>
      <para>art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 10 lid 3 Opiumwet</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 19 mei 2016 te Tilburg tezamen en in vereniging, met een</para>
      <para>of meer anderen, althans alleen, een wapen van categorie II dan wel III, te</para>
      <para>weten een (semi)automatisch vuurwapen (machinegeweer (AK47)), en/of munitie</para>
      <para>van categorie III, voorhanden heeft gehad;</para>
      <para>art 26 lid 1 Wet wapens en munitie</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig.</para>
      <para>De rechtbank is bevoegd.</para>
      <para>De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. </para>
      <para>Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>Tijdens het onderzoek ter terechtzitting heeft de officier van justitie gerequireerd tot vrijspraak.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>Namens verdachte heeft de raadsvrouw verzocht verdachte integraal van het tenlastegelegde vrij te spreken omdat verdachte niet wist en niet kon weten dat er amfetamine en een vuurwapen met munitie in de schuur bij zijn woning lag.  </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Op 19 mei 2016 werd in de schuur bij de woning van verdachte, aan de [adres 1] te Tilburg, een tas aangetroffen met daarin een Kalasjnikov met munitie en een hoeveelheid op amfetamine gelijkende stof. Verdachte was toen niet op zijn woonadres aanwezig. Verdachte is naar eigen zeggen, rond 5 of 6 mei 2016 voor het laatst in die woning aanwezig geweest. Vast is komen te staan dat de schuur niet was afgesloten en eigenlijk voor iedereen van buitenaf toegankelijk was. Op een tas die in de schuur werd aangetroffen bij het wapen en de amfetamine, werden vingerafdrukken aangetroffen van ene [naam] , niet van verdachte. Nu de schuur vrij toegankelijk was en er ook geen match is  tussen verdachte’s vingerafdruk en een op de inbeslaggenomen goederen aangetroffen vingerafdruk, is de rechtbank met de officier van justitie en de verdediging van oordeel dat niet vast is komen te staan dat verdachte zich bewust is geweest van de aanwezigheid van het wapen, de munitie en de amfetamine.  De rechtbank kan dan ook het opzet op het voorhanden respectievelijk aanwezig hebben van die goederen niet wettig en overtuigend bewezen achten. </para>
        <para>De rechtbank zal verdachte dan ook van de tenlastegelegde feiten vrijspreken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De overwegingen omtrent het beslag.</title>
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De onttrekking aan het verkeer</emphasis>
        </para>
        <para>De hierna in de beslissing genoemde in beslag genomen voorwerpen zijn vatbaar voor onttrekking aan het verkeer.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gebleken is dat die voorwerpen bij het onderzoek naar de tenlastegelegde feiten, zijn aangetroffen. Verdachte heeft ter zitting van die goederen afstand gedaan en de rechtbank is van oordeel dat die voorwerpen van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en het algemeen belang.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De toepasselijke wetsartikelen</title>
    <para>De opgelegde maatregel berust op artikel 36d van het wetboek van strafrecht.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>7</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="bold">spreekt verdachte vrij</emphasis> van de tenlastegelegde feiten;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beslag</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart onttrokken aan het verkeer de inbeslaggenomen voorwerpen, te weten:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>magazijnhouder AK47</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>alarmrevolver</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>munitie/kogelpatronen</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>luchtdrukwapen Gamo</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>machinegeweer AK47;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para>- heft het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis op.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Kempen, voorzitter, mr. Dekker en mr. Van de Wetering, rechters, in tegenwoordigheid van Nouws, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 10 maart 2017.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr Kempen is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen. </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>