<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2017:8278</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-12-19T15:03:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-11-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02-820645-17</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#opTegenspraak">Op tegenspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2017:8278">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2017:8278</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-12-19T15:01:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2017:8278 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 27-11-2017 / 02-820645-17</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2017:8278:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Verdachte is schuldig bevonden aan openlijke geweldpleging op het parkeerterrein van Ikea in Breda. Een conflict binnen de motorclub No Surrender is aldaar uitgevochten. </para>
        <para>Van opzettelijke vrijheidsberoving wordt verdachte vrijgesproken.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2017:8278:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Breda</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummer: 02/820645-17  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer d.d. 27 november 2017</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [Verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1982 te [geboorteplaats]</para>
      <para>wonende te Rotterdam </para>
      <para>thans gedetineerd in de P.I. Rijnmond, De Schie te Rotterdam</para>
      <para>raadsman mr. J.F. van Halderen, advocaat te Haarlem</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 27 november 2017, waarbij de officier van justitie, mr. Smale, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para>De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 314a van het Wetboek van Strafvordering. Verdachte staat, met inachtneming hiervan, terecht terzake dat</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>hij op of omstreeks 21 september 2016 te Breda, met een ander of anderen, op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, te weten de Kruisweide op de parkeerplaats van Ikea aldaar, in elk geval op of aan een openbare weg en/of een voor het publiek toegankelijke plaats, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer 1] , welk geweld bestond uit</para>
    </parablock>
    <para>- het meermalen, althans eenmaal slaan en/of stompen op/tegen het hoofd althans het lichaam van voormelde [slachtoffer 1] en/of</para>
    <para>- het meermalen, althans eenmaal, schoppen en/of trappen tegen het hoofd en/of tegen andere delen van het lichaam van voormelde [slachtoffer 1] en/of</para>
    <para>- het omsingelen en/of omsluiten en/of opdrijven en/of achtervolgen van die [slachtoffer 1]</para>
    <parablock>
      <para>terwijl dat geweld voor die [slachtoffer 1] enig lichamelijk letsel tengevolge had, te weten gezwollen ogen en opgezette jukbeenderen;</para>
      <para>art 141 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 141 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 141 lid 2 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair, althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling</para>
      <para>mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 21 september 2016 te Breda, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, al dan niet met voorbedachten rade [slachtoffer 1] heeft mishandeld door die [slachtoffer 1] :</para>
    </parablock>
    <para>- meermalen, althans eenmaal op/tegen het hoofd althans het lichaam te slaan en/of te stompen en/of</para>
    <para>- meermalen, althans eenmaal tegen het hoofd, in elk geval het lichaam te schoppen en/of te trappen;</para>
    <para>art 301 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>hij op of omstreeks 21 september 2016 te Breda tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk [slachtoffer 1] wederrechtelijk van de vrijheid heeft/hebben beroofd en/of beroofd gehouden, door die [slachtoffer 1] (nadat hij werd geslagen/gestompt en geschopt):</para>
    </parablock>
    <para>- vast te pakken en/of vast te houden en/of</para>
    <para>- te dwingen om naar een personenauto (Volkswagen Passat) te lopen en/of meermalen, althans eenmaal in de richting van die personenauto te duwen en/of</para>
    <para>- te dwingen om achterin die personenauto plaats te nemen en/of daarna weg te rijden;</para>
    <parablock>
      <para>art 282 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig.</para>
      <para>De rechtbank is bevoegd.</para>
      <para>De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. </para>
      <para>Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie is van oordeel dat beide feiten wettig en overtuigend kunnen worden bewezen, waarbij zij ten aanzien van feit 2 wijst op de camerabeelden en het feit dat [slachtoffer 1] achterin zijn eigen auto werd gezien. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman refereert zich aan het oordeel van de rechtbank ten aanzien van feit 1, maar is van mening dat voor feit 2 wettig en overtuigend bewijs ontbreekt, waarbij hij er op wijst dat [slachtoffer 1] niet heeft aangegeven onvrijwillig met de auto te zijn meegegaan. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">feit 1:</emphasis>
        </para>
        <para>Aangezien verdachte ten aanzien van feit 1 een bekennende verklaring heeft afgelegd en ter zake daarvan geen vrijspraak is bepleit, zal worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering en acht de rechtbank dat feit wettig en overtuigend bewezen, gelet op:</para>
      </parablock>
      <para>- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 27 november 2017<footnote-ref linkend="_34775e84-b5e1-4190-8129-86324d7219ac" /> en afgelegd bij de politie d.d. 24 juli 2017<footnote-ref linkend="_198af161-b5f9-44f8-9680-dacb0f9930bc" />;</para>
      <para>- de verklaring van [slachtoffer 1] bij de rechter-commissaris d.d. 17 november 2017<footnote-ref linkend="_2f09c80e-0e3a-47f9-bc7c-4d6567b453ac" />;</para>
      <para>- de beschikbare camerabeelden van het geweldsincident op het parkeerterrein bij Ikea op </para>
      <parablock>
        <para>21 september 2016<footnote-ref linkend="_ffc75369-21a9-4f6f-96c2-571cc7d0055b" />.</para>
        <para>Gelet op zijn eigen verklaring en de camerabeelden, acht de rechtbank bewezen dat [Verdachte] tweemaal in het gezicht van [slachtoffer 1] heeft geslagen/gestompt. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">feit 2:</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank heeft met betrekking tot de opzettelijke vrijheidsberoving het navolgende in ogenschouw genomen. </para>
        <para>Uit diverse verklaringen van verdachten, getuige [getuige 1] en het onderzoek aan zendmastgegevens/telecommunicatie is gebleken dat [Verdachte] , [medeverdachte 1] en [slachtoffer 1] na het geweldsincident bij Ikea (genoemd onder feit 1) met de auto van [slachtoffer 1] , een Volkswagen Passat, naar een [naam winkel] in Rijsbergen zijn gereden en daar nog een gesprek hebben gevoerd. De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of [slachtoffer 1] vrijwillig met [Verdachte] en [medeverdachte 1] is meegegaan. </para>
        <para>De melders, [naam 1] , die het geweldsincident hebben gadegeslagen, hebben niet kunnen zien of [slachtoffer 1] onvrijwillig door [Verdachte] en [medeverdachte 1] in de auto werd meegenomen. [getuige 2] trekt zelf de conclusie dat [slachtoffer 1] niet uit vrije wil was meegegaan, omdat [slachtoffer 1] even tevoren in een gevecht verwikkeld was, de auto niet normaal wegreed maar wegscheurde en [getuige 2] achteraf berichten (in de media) had gehoord over een vrijheidsberoving.</para>
        <para>De rechtbank heeft op de camerabeelden niet helder kunnen waarnemen wat er bij de auto van [slachtoffer 1] gebeurde, hoewel het lijkt alsof [slachtoffer 1] op enig ogenblik bij de auto wordt voortgeduwd. Op de beelden is bij het wegrijden van de auto te zien dat [slachtoffer 1] achterin zijn eigen auto zit. Hij kan daarbij worden herkend aan zijn witte T-shirt.</para>
        <para>De voornoemde omstandigheden – het gevecht, het duwen van [slachtoffer 1] bij de auto, de situatie dat [slachtoffer 1] achterin zijn eigen auto zat en het feit dat de auto hard wegreed – zouden er qua uiterlijke verschijningsvorm op kunnen duiden dat [slachtoffer 1] opzettelijk van zijn vrijheid werd beroofd.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Niettemin zijn er ook elementen die er op wijzen dat [slachtoffer 1] zonder dwang is meegegaan. In dit verband neemt de rechtbank in aanmerking dat het volgens de camerabeelden ongeveer anderhalve minuut na het geweldsincident heeft geduurd voordat [slachtoffer 1] , [Verdachte] en [medeverdachte 1] in de auto van [slachtoffer 1] plaatsnemen en vervolgens wegrijden, terwijl de andere twee medeverdachten meteen na het voorval zijn weggelopen. In de tijdspanne vanaf de vechtpartij tot het instappen in de auto hebben zich kennelijk geen nieuwe geweldshandelingen meer voorgedaan, voor zover dat zichtbaar is op de camerabeelden. </para>
        <para>De auto van [slachtoffer 1] rijdt weg om 16.53 uur. Uit het zendmast/telecommunicatie-onderzoek blijkt dat [slachtoffer 1] om 17.07 en 17.35 uur telefonisch contact had met zijn vrouw, zodat hij ogenschijnlijk vrij kon beschikken over zijn telefoon en daarvan gebruik kon maken. </para>
        <para>In dit licht acht de rechtbank ook van belang dat [slachtoffer 1] zelf heeft aangegeven dat hij op </para>
        <para>21 september 2016 weer thuis was na het avondeten en dat “hij absoluut niet bang is voor de club of voor de verdachten”. [slachtoffer 1] heeft niet kenbaar gemaakt dat hij destijds aan de ontstane situatie wilde ontkomen of dat hij direct naar huis had willen gaan. Evenmin heeft hij verklaard dat hij van zijn vrijheid beroofd is geweest en/of tegen zijn wil is meegenomen in zijn eigen auto. </para>
        <para>Op grond van het vorenstaande oordeelt de rechtbank dat niet kan worden vastgesteld dat [slachtoffer 1] door verdachte en de medeverdachten op enigerlei wijze is belet in zijn bewegingsvrijheid. De rechtbank acht daarom onvoldoende wettig en overtuigend bewijs aanwezig om tot een bewezenverklaring van de opzettelijke vrijheidsberoving te kunnen concluderen. Zij zal verdachte derhalve van feit 2 vrijspreken.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">feit 1 primair:</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">hij</emphasis> op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 21 september 2016 te Breda, met <emphasis role="strike-through">een ander of</emphasis> anderen, <emphasis role="strike-through">op of </emphasis>aan de openbare weg en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> op een voor het publiek toegankelijke plaats, te weten de Kruisweide op de parkeerplaats van Ikea aldaar<emphasis role="strike-through">, in elk geval op of aan een openbare weg en/of een voor het publiek toegankelijke plaats,</emphasis> openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer 1] , welk geweld bestond uit</para>
      </parablock>
      <para>- het meermalen<emphasis role="strike-through">, althans eenmaal</emphasis> slaan <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of stompen op/tegen het hoofd <emphasis role="strike-through">althans het lichaam</emphasis> van voormelde [slachtoffer 1] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- het meermalen<emphasis role="strike-through">, althans eenmaal,</emphasis> schoppen en/of trappen tegen het hoofd en/of tegen <emphasis role="strike-through">andere delen van</emphasis> het lichaam van voormelde [slachtoffer 1] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- het omsingelen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> omsluiten <emphasis role="strike-through">en/of opdrijven en/of achtervolgen</emphasis> van die [slachtoffer 1]</para>
      <para>terwijl dat geweld voor die [slachtoffer 1] enig lichamelijk letsel tengevolge had, te weten gezwollen ogen en opgezette jukbeenderen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid</title>
    <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Dit levert het in de beslissing genoemde strafbare feit op.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafoplegging</title>
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vordert aan verdachte ten aanzien van de feiten 1 primair en 2 op te leggen een gevangenisstraf van 15 maanden waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en met aftrek van voorarrest.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman verzoekt in het kader van de strafmaat rekening te houden met het ontbreken van geweldsdelicten op het strafblad van verdachte.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte is schuldig bevonden aan openlijke geweldpleging.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij het bepalen van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van het bewezenverklaarde feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank overweegt in het bijzonder dat zij stellig de indruk heeft gekregen dat er weldegelijk voorafgaand aan het geweldsincident een overleg is geweest tussen verdachte, de medeverdachten en mogelijke andere clubleden in het wegrestaurant bij [plaats] met betrekking tot het afzetten van [slachtoffer 1] als president van de motorclub [naam motorclub] . Dit gezien een sms-bericht dat een paar uur later is verspreid met als inhoud: “Brothers. Ik heb de spijtige mededeling dat onze [slachtoffer 1] per direct de club heeft verlaten”, alsmede de verklaring van [slachtoffer 1] zelf dat hij op de bewuste dag uit de club is gezet.</para>
        <para>De rechtbank rekent verdachte zwaar aan dat er vanwege een conflict binnen de club uiteindelijk is gevochten op het openbare parkeerterrein van Ikea. Op de beschikbare camerabeelden van deze gebeurtenis is te zien dat een gezin met een klein kind passeerde vlak voordat het gevecht uitbrak. Verdachte heeft met zijn handelwijze niet stil gestaan bij deze negatieve effecten voor anderen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegend komt de rechtbank tot de conclusie dat een gevangenisstraf van 3 maanden met aftrek van voorarrest een passende strafrechtelijke sanctie is. De rechtbank maakt geen onderscheid in de verschillende handelingen die verdachte en de medeverdachten ten tijde van het bewezenverklaarde hebben uitgevoerd. Zij hanteert in deze zaak als uitgangspunt: gelijke monniken, gelijke kappen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De wettelijke voorschriften</title>
    <para>De beslissing berust op de artikelen 10, 27 en 141 van het Wetboek van Strafrecht zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>8</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="bold">spreekt verdachte vrij</emphasis> van het onder 2 tenlastegelegde feit;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;</para>
    <para>- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart dat het bewezen verklaarde het volgende strafbare feit oplevert:</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1 primair: </emphasis>Openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen, terwijl het door </para>
      <para>        hem gepleegde geweld enig lichamelijk letsel ten gevolge heeft;</para>
    </parablock>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafoplegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot <emphasis role="bold">een gevangenisstraf van 3 maanden</emphasis>;</para>
    <para>- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- heft het bevel tot voorlopige hechtenis op.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Hertsig, voorzitter, mr. Peters en mr. Thielen-Swaanen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Roebroeks, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 27 november 2017.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_34775e84-b5e1-4190-8129-86324d7219ac" label="1">
    <para>Wanneer hierna wordt verwezen naar een paginanummer, wordt -tenzij anders vermeld- bedoeld een pagina van het eindproces-verbaal met dossiernummer 2016246511 van politie Midden- en West-Brabant, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en doorgenummerd van 1 tot en met 204.</para>
    <para> De verklaring van verdachte, afgelegd ter zitting van 27 november 2017.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_198af161-b5f9-44f8-9680-dacb0f9930bc" label="2">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor verdachte, pagina 263 en 264.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_2f09c80e-0e3a-47f9-bc7c-4d6567b453ac" label="3">
    <para> De verklaring van [slachtoffer 1] , afgelegd bij de rechter-commissaris op 17 november 2017.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ffc75369-21a9-4f6f-96c2-571cc7d0055b" label="4">
    <para> De aanwezige camerabeelden van het geweldsincident op het parkeerterrein bij Ikea op 21 september 2016.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>