<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2014:8610</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-16T14:53:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-12-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-12-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02/800702-13</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2014:8610">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2014:8610</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-12-19T13:40:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-12-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2014:8610 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 19-12-2014 / 02/800702-13</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2014:8610:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Rechtbank veroordeelt verdachte voor het plegen van twee overvallen op dezelfde nachtwinkel tot de maximale taakstraf van 240 uren. De rechtbank legt vanwege de impact en de gevolgen voor het slachtoffer een hogere straf op dan die door de officier van justitie is geëist. Verdachte heeft zich na ongeveer 8 jaren na het laatst gepleegde feit vrijwillig bij de politie gemeld om deze feiten te bekennen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2014:8610:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Breda</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummer: 02/800702-13  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer d.d. 19 december 2014</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboorte datum en plaats]</para>
      <para>wonende te [adres]</para>
      <para>raadsman mr. Stoof, advocaat te Breda</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 5 december 2014, waarbij de officier van justitie, mr. Smale, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para>De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 313 van het wetboek van strafvordering. Verdachte staat, met inachtneming hiervan, terecht terzake dat</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij op of omstreeks 08 februari 2006 te Breda, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld,[slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag en/of sigareetten en/of flesjes Flugel,in elk geval van enig goed,</para>
      <para>geheel of ten dele toebehorende aan [naam supermarkt] Supermarkt, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte en/of zijn mededader(s) een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op die [slachtoffer] heeft/hebben gericht;</para>
      <para>art 317 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op of omstreeks 20 september 2005 te Breda tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld[slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam supermarkt] Supermarkt, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte en/of zijn mededader(s)</para>
    </parablock>
    <para>- die [slachtoffer] dreigend heeft/hebben toegevoegd: "Dit is een overval, ik wil geld", althans woorden van soortgelijke dreigende aard en/of strekking en/of</para>
    <para>- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op die [slachtoffer] heeft/hebben gericht;</para>
    <parablock>
      <para>art 317 lid 1 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig.</para>
      <para>De rechtbank is bevoegd.</para>
      <para>De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. </para>
      <para>Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 1 ten laste gelegde en baseert zich daarbij op de aangifte door[slachtoffer], de getuigenverklaringen en de bekennende verklaring van verdachte bij de politie en ter zitting. Ook feit 2 acht zij bewezen op grond van de aangifte door[slachtoffer], de getuigenverklaringen en de bekennende verklaring van verdachte bij de politie en ter zitting.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging is van mening dat de rechtbank tot een bewezenverklaring van feiten 1 en 2 kan komen, omdat verdachte deze feiten integraal heeft bekend. Daarnaast bevat het dossier voldoende bewijsmiddelen om deze bekennende verklaringen te ondersteunen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 1:</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht het feit wettig en overtuigend bewezen gelet op:</para>
      </parablock>
      <para>- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 5 december 2014; </para>
      <para>- de aangifte van[slachtoffer]<footnote-ref linkend="_9904df82-5950-486a-bba9-3864e093a330" />;</para>
      <para>- de getuigenverklaring van [getuige 1]<footnote-ref linkend="_9780bf3c-e662-4afa-af7d-2658672b0270" />[getuige 1]</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Ten aanzien van feit 2:</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht het feit wettig en overtuigend bewezen gelet op:</para>
      </parablock>
      <para>- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 5 december 2014; </para>
      <para>- de aangifte van[slachtoffer]<footnote-ref linkend="_baa3623a-bc9f-4f4c-8a84-86408a111b7d" />;</para>
      <para>- de getuigenverklaring van[getuige 2]<footnote-ref linkend="_74a2931f-fb5d-4f21-a64c-19784cb49172" />.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>1.</para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">hij</emphasis> op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 08 februari 2006 te Breda, tezamen en in vereniging met een ander <emphasis role="strike-through">of anderen, althans alleen</emphasis>, met het oogmerk om zich en<emphasis role="strike-through">/of (</emphasis>een<emphasis role="strike-through">)</emphasis> ander<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis> wederrechtelijk te bevoordelen door <emphasis role="strike-through">geweld en/of</emphasis> bedreiging met geweld,[slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> sigare<emphasis role="strike-through">e</emphasis>tten en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> flesjes Flugel<emphasis role="strike-through">, in elk geval van enig goed,</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">geheel of ten dele</emphasis> toebehorende aan [naam supermarkt] Supermarkt, <emphasis role="strike-through">in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of</emphasis> welke bedreiging met geweld hierin bestond<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis> dat hij, verdachte en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zijn mededader<emphasis role="strike-through">(s) een vuurwapen, althans</emphasis> een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op die[slachtoffer] <emphasis role="strike-through">heeft/</emphasis>hebben gericht;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>2.</para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">hij</emphasis> op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 20 september 2005 te Breda tezamen en in vereniging met een ander <emphasis role="strike-through">of anderen, althans alleen,</emphasis> met het oogmerk om zich en<emphasis role="strike-through">/of (</emphasis>een<emphasis role="strike-through">)</emphasis> ander<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis> wederrechtelijk te bevoordelen door <emphasis role="strike-through">geweld en/of</emphasis> bedreiging met geweld[slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag<emphasis role="strike-through">, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele</emphasis> toebehorende aan [naam supermarkt] Supermarkt, <emphasis role="strike-through">in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of</emphasis> welke bedreiging met geweld hierin bestond<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis> dat hij, verdachte en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zijn mededader<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis></para>
      </parablock>
      <para>- die [slachtoffer] dreigend <emphasis role="strike-through">heeft/</emphasis>hebben toegevoegd: "Dit is een overval, ik wil geld"<emphasis role="strike-through">, althans woorden van soortgelijke dreigende aard en/of strekking</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- <emphasis role="strike-through">een vuurwapen, althans</emphasis> een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op die[slachtoffer] <emphasis role="strike-through">heeft/</emphasis>hebben gericht.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Er is een kennelijke taal- en/of schrijffouten verbeterd. Niet is gebleken dat de verdachte daarmee in zijn belangen is geschaad.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid</title>
    <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafoplegging</title>
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vordert aan verdachte op te leggen een taakstraf voor de duur van 180 uren met aftrek van voorarrest en daarnaast een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden met een proeftijd van 2 jaren, met als bijzondere voorwaarde toezicht door de reclassering.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging ziet de noodzaak dan wel de toegevoegde waarde niet van het opleggen van een voorwaardelijke gevangenisstraf noch van reclasseringstoezicht. Immers, verdachte heeft geen stok achter de deur nodig, gelet op het feit dat hij al lange tijd niet meer met politie en justitie in aanraking is gekomen. Daarnaast is er geen onderbouwd reclasseringsadvies over de noodzaak van begeleiding voorhanden. Verdachte heeft bovendien zelf al hulp gezocht voor zijn problemen. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Verdachte heeft zich op 20 september 2005 en 8 februari 2006 samen met een ander schuldig gemaakt aan een gewapende overval op een nachtwinkel in Breda. Het spreekt voor zich dat op deze manier uitgevoerde overvallen voor het slachtoffer een bijzonder traumatische ervaring moeten zijn geweest, hetgeen ook blijkt uit de door mevrouw[slachtoffer] op indringende wijze uitgesproken slachtofferverklaring. Zij heeft aangegeven dat zij, ook na 8 jaar, nog altijd angst heeft en achterdochtig is. Bovendien heeft zij door de overvallen financiële problemen gekregen, aangezien de winkel een tijdlang dicht is geweest en zij personeel heeft moeten aannemen, omdat zij zelf niet meer in de winkel durfde te staan. Hierbij heeft verdachte kennelijk in het geheel niet stilgestaan. Het heeft hem er in ieder geval niet van weerhouden om, ten koste van haar, op deze manier tot twee keer toe snel aan geld en andere goederen te komen. De rechtbank rekent verdachte dit ernstig aan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de bepaling van de hierna op te leggen straffen heeft de rechtbank in het voordeel van verdachte rekening gehouden met de ouderdom van de bewezenverklaarde feiten en met het feit dat verdachte zichzelf – weliswaar na ongeveer 8 jaren – bij de politie heeft gemeld om de bewezenverklaarde feiten volledig te bekennen. Dit brengt met zich dat, hoewel voor soortgelijke feiten in beginsel een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf volgt, daarvan thans wordt afgeweken. De rechtbank zal derhalve geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf opleggen. Daar staat tegenover dat de rechtbank het opleggen van de maximale taakstraf van 240 uur op zijn plaats acht. Daarnaast acht de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden passend. Met deze straffen beoogt de rechtbank, ondanks de bijzondere omstandigheden van deze zaak, de ernst van de bewezenverklaarde feiten te benadrukken en recht te doen aan de gevolgen voor het slachtoffer. De rechtbank zal derhalve een hogere taakstraf opleggen dan door de officier van justitie is geëist. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegend is de rechtbank van oordeel dat aan verdachte de maximale taakstraf van 240 uren met aftrek van voorarrest dient te worden opgelegd. Daarnaast zal de rechtbank aan verdachte een voorwaardelijke gevangenisstraf opleggen voor de duur van 3 maanden.  Hieraan zal de rechtbank geen bijzondere voorwaarden verbinden. De rechtbank ziet daartoe in de persoon van verdachte onvoldoende aanleiding, te meer daar een gemotiveerd advies van de reclassering ontbreekt.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De benadeelde partij</title>
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij[slachtoffer]<emphasis role="bold">[slachtoffer], [adres 2]</emphasis> vordert een schadevergoeding van <emphasis role="bold">€ 1.500,00 terzake immateriële schade</emphasis>. De rechtbank is van oordeel dat de schade een rechtstreeks gevolg is van dit bewezenverklaarde feit en acht verdachte aansprakelijk voor die schade.</para>
      <para>Het gevorderde is voldoende aannemelijk gemaakt, zodat de vordering zal worden toegewezen. Tevens zal de gevorderde wettelijke rente worden toegewezen vanaf het tijdstip waarop het eerste feit werd gepleegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met betrekking tot de toegekende vordering van de benadeelde partij zal de rechtbank tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De wettelijke voorschriften</title>
    <para>De beslissing berust op de artikelen 9, 10, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 27, 57, 63, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder <emphasis role="bold">4.4</emphasis> is omschreven;</para>
    <para>- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart dat het bewezen verklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1:</emphasis> Afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2:</emphasis> Afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;</para>
    </parablock>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafoplegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot <emphasis role="bold">een taakstraf van 240 uren</emphasis>;</para>
    <para>- beveelt dat indien verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, <emphasis role="bold">vervangende  hechtenis</emphasis> zal worden toegepast van <emphasis role="bold">120 dagen</emphasis>;</para>
    <para>- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de taakstraf naar rato van <emphasis role="bold">twee uur</emphasis> per dag;</para>
    <para />
    <para>- veroordeelt verdachte tot <emphasis role="bold">een gevangenisstraf van 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar</emphasis>;</para>
    <para>- bepaalt dat de voorwaardelijke straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast:</para>
    <para>* omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit;</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Benadeelde partij</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij[slachtoffer] van <emphasis role="bold">€ 1.500,00</emphasis> ter zake van immateriële schade en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf <emphasis role="bold">20 september 2005</emphasis> tot aan de dag der algehele voldoening;</para>
    <para>- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil; (BP.06)</para>
    <para />
    <para>- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer[slachtoffer]<emphasis role="bold">[slachtoffer], € 1.500,00</emphasis> te betalen, bij niet betaling te vervangen door <emphasis role="bold">25 dagen </emphasis>hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;</para>
    <para>- bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd. (BP.04)</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Fijneman, voorzitter, mr. Kok en mr. Dekker, rechters, in tegenwoordigheid van Vermaat, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op </para>
      <para>19 december 2014.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_9904df82-5950-486a-bba9-3864e093a330" label="1">
    <para>Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt -tenzij anders vermeld- bedoeld het eindproces-verbaal met dossiernummer PL202M-2013151576 van politie Midden- en West-Brabant, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en doorgenummerd van 1 tot en met 86.</para>
    <para> Het proces-verbaal van aangifte door[slachtoffer], pagina’s 41 en 42 van voornoemd eindproces-verbaal;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9780bf3c-e662-4afa-af7d-2658672b0270" label="2">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige[getuige 2], pagina’s 81 en 82 van voornoemd eind-proces-verbaal;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_baa3623a-bc9f-4f4c-8a84-86408a111b7d" label="3">
    <para> Het proces-verbaal van aangifte door[slachtoffer], pagina’s 57 tot en met 59 van voornoemd eind-proces-verbaal;</para>
  </footnote>
  <footnote id="_74a2931f-fb5d-4f21-a64c-19784cb49172" label="4">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor getuige[getuige 2], pagina 62 van voornoemd eindproces-verbaal.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>