<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2013:8457</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-16T12:12:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-11-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-10-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02-984806-13</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Breda</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2013:8457">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2013:8457</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-11-22T14:46:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-11-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2013:8457 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 15-10-2013 / 02-984806-13</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2013:8457:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>“Veroordeling tot een gevangenisstraf van 30 maanden in verband het verrichten van voorbereidingshandelingen cf. artikel 10 Opiumwet en marktdeelnemerschap in de zin van artikel 2 Wet voorkoming misbruik chemicaliën. De rechtbank merkt het natriumzout van 3-[3’,4’-(methyleendioxy)fenyl]-2-methylglycidezuur , aan als “geregistreerde stof” in de zin van de (EU)-verordeningen 273/2004 en 111/2005 gelet op de volgens het NFI betrekkelijk eenvoudige wijze waarop PMK kan worden vrijgemaakt uit deze stof.</para>
        <para>Verdachte wordt als marktdeelnemer aangemerkt omdat uit het dossier niet blijkt dat de verdachte is betrokken bij de uiteindelijke productie van de XTC-pillen, zodat de rechtbank aanneemt dat de PMK bestemd was om te worden afgeleverd aan een ander.”</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2013:8457:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Breda</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummers: 02-984806-13 + 02-984819-13  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer d.d. 15 oktober 2013</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats]</para>
      <para>wonende te [plaats] </para>
      <para>gedetineerd in het huis van bewaring De Boschpoort te Breda</para>
      <para>raadsman mr. Doesburg, advocaat te Breda</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 1 oktober 2013, waarbij de officier van justitie, mr. Keeris, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para>De tenlastelegging in 02-984806-13 is gewijzigd overeenkomstig artikel 314a van het Wetboek van Strafvordering.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte staat terecht, terzake dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">T.a.v. 02-984806-13</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>1.	</para>
    <parablock>
      <para>hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 september 2012</para>
      <para>tot en met 21 mei 2013, in elk geval op 21 mei 2013 te Tilburg en/of andere</para>
      <para>plaatsen in het arrondissement Zeeland-West-Brabant en/of elders in Nederland</para>
      <para>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen,</para>
      <para>althans eenmaal,om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel</para>
    </parablock>
    <para>10 van de Opiumwet, te weten het (telkens) opzettelijk bereiden, bewerken,</para>
    <parablock>
      <para>verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen en/of</para>
      <para>buiten het grondgebied van Nederland brengen van (een) hoeveelhe(i)d(en) van</para>
      <para>een materiaal bevattende MDMA en/of (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal</para>
      <para>bevattende amfetamine en/of (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal</para>
      <para>bevattende metamfetamine, (telkens) zijnde (een) middel(len) vermeld op de bij</para>
      <para>de Opiumwet behorende lijst I en/of (een) hoeveelhe(i)d(en) van (andere)</para>
      <para>middelen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, voor te bereiden</para>
      <para>en/of te bevorderen,</para>
    </parablock>
    <para>- ( telkens) zich of een ander gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen</para>
    <para>tot het plegen van dat/die feit(en) heeft getracht te verschaffen en/of</para>
    <para>- ( telkens) (een) voorwerp(en) en/of (een) vervoermiddel(en) en/of (een)</para>
    <parablock>
      <para>stof(fen) en/of gelden en/of (een) ander(e) betaalmiddel(en) voorhanden heeft</para>
      <para>gehad waarvan hij wist, althans ernstige reden had om te vermoeden dat zij</para>
      <para>bestemd waren tot het plegen van dat/die feit(en),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>immers heeft/hebben hij en/of zijn, verdachtes, mededaders (telkens)</para>
      <para>opzettelijk daartoe:</para>
    </parablock>
    <para>- PMK vervaardigd en/of besteld en/of voorhanden gehad en/of</para>
    <para>- stoffen (chemicaliën) (waaronder (het natriumzout van) PMK glycide zuur</para>
    <parablock>
      <para>en/of APAAN en/of zoutzuur en/of zwavelzuur) besteld en/of vervoerd en/of</para>
      <para>opgeslagen en/of voorhanden gehad en/of</para>
    </parablock>
    <para>- twee (blauwe) kunststof klemdeksel vaten voorzien van twee aftapkranen en/of</para>
    <parablock>
      <para>een boormachine met roermechaniek en/of een houten steel op een stelling</para>
      <para>en/of maatbekers en/of elektrische dompelaars vervaardigd en/of voorhanden</para>
      <para>gehad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art 10a lid 1 ahf/sub 1 alinea Opiumwet</para>
      <para>art 10 lid 4 Opiumwet</para>
      <para>art 10 lid 5 Opiumwet</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij als marktdeelnemer, op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de</para>
      <para>periode 1 september 2012 tot en met 21 mei 2013 te Tilburg en/of andere</para>
      <para>plaatsen in het arrondissement Zeeland-West-Brabant en/of elders in Nederland</para>
      <para>en/of in Estland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans</para>
      <para>alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk (een) geregistreerde</para>
      <para>stof(fen) van categorie I van bijlage 1 van de Verordening nr. 273/2004 van</para>
      <para>het Europees Parlement en de Raad, te weten</para>
    </parablock>
    <para>- ( een) hoeveelhe(i)d(en) van een stof met/inhoudende</para>
    <para>3,4 methylenedioxyphenylpropan-2-on (PMK) en/of</para>
    <para>- een hoeveelheid met/inhoudende</para>
    <parablock>
      <para>natrium 3-[3',4'-(methyleendioxy)fenyl]-2-methyl glycidezuur (het zout van PMK</para>
      <para>glycide zuur),</para>
      <para>zonder een door de bevoegde instanties afgegeven vergunning, met het oog op</para>
      <para>levering in de Europese Gemeenschap, in zijn bezit heeft gehad en/of gehouden</para>
      <para>en/of heeft</para>
      <para>opgeslagen en/of heeft vervaardigd en/of heeft verwerkt en/of (aldus) in de</para>
      <para>handel heeft gebracht;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(De terminologie is gebruikt in de zin van de Wet voorkoming misbruik</para>
      <para>chemicalien, de Verordening (EG) nummer 273/2004 van het Europees Parlement</para>
      <para>en de Raad van 11 februari 2004 inzake drugsprecursoren)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>art 4 lid 2 Wet voorkoming misbruik chemicaliën</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">T.a.v. 02- 984819-13</emphasis>
      </para>
      <para>1.</para>
      <para>hij op of omstreeks 21 mei 2013 te Tilburg een of meer wapens van categorie</para>
      <para>III, te weten</para>
    </parablock>
    <para>- een revolver, merk Smith &amp; Wesson J-frame, type Airweight model 49 (The</para>
    <para>Bodygard), kaliber .38 special en/of</para>
    <para>- een pistool, van het kaliber 6,35 mm (.25) met bruine kunsstof greepplaten</para>
    <parablock>
      <para>en/of</para>
      <para>munitie van categorie III te weten een hoeveelheid centraalvuur kogelpatronen,</para>
      <para>kaliber .38 special en/of kaliber 9 en/of kaliber 6.35 en/of een hoeveelheid</para>
      <para>kogelpatronen kaliber 6.35 Dynamit Nobel en/of kaliber 9x19 mm Luger en/of</para>
      <para>kaliber 9 mm Sellier &amp; Bellot en/of</para>
      <para>munitie van categorie II te weten twee centraalvuur kogelpatronen kaliber 6.35</para>
      <para>mm (.25) Winchester-Western met nitrokruit vulling</para>
      <para>voorhanden heeft gehad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover</para>
      <para>daaraan in de Wet wapens en munitie betekenis is gegeven, geacht in dezelfde</para>
      <para>betekenis te zijn gebezigd;</para>
      <para>art 26 lid 1 Wet wapens en munitie</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op of omstreeks 21 mei 2013 te Tilburg, althans in Nederland</para>
      <para>al dan niet opzettelijk, een of meer radiozendappara(a)t(en), te weten een 6</para>
      <para>band jammer (verstoorder) heeft aangelegd en/of geheel of gedeeltelijk</para>
      <para>aangelegd, aanwezig heeft gehad en/of heeft gebruikt, terwijl voor het gebruik</para>
      <para>ervan aan de houder van die radiozendapparaten op grond van hoofdstuk 3 van de</para>
      <para>Telecommunicatiewet geen vergunning voor het gebruik van frequentieruimte was</para>
      <para>verleend;</para>
      <para>art 10.9 lid 1 Telecommunicatiewet</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De voorvragen</title>
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig.</para>
      <para>De rechtbank is bevoegd.</para>
      <para>De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. </para>
      <para>Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich aan alle ten laste gelegde feiten schuldig heeft gemaakt. Zij baseert zich daarbij op het proces-verbaal van het observatieteam en de processen-verbaal waaruit blijkt dat bij een zoeking in de loods aan de [straatnaam] in Tilburg allerlei spullen zijn aangetroffen, zoals jerrycans met vloeistoffen, twee blauwe kunststof vaten met aftapkraan, lekbakken, een houten steel en zakken Apaan. Ook werden vuurwapens en een jammer gevonden. Verdachte heeft verklaard dat hij de loods huurt. Ook in de [adres 6] in Tilburg is een zoeking gedaan, waarbij vanuit het keukenblok diverse sporen in beslag zijn genomen. Uit rapporten van het NFI en het LFO blijkt dat de opstelling die is aangetroffen in de loods van verdachte bedoeld is om PMK glycidezuur om te zetten naar PMK. PMK is de precursor voor MDMA, genoemd op lijst 1 van de Opiumwet. Uit de rapportages van de deskundigen blijkt voorts dat verdachte PMK glycidezuur voorhanden heeft gehad. De verklaringen van verdachte zijn, mede gelet op zijn eerdere veroordelingen op dit gebied, ongeloofwaardig. De officier van justitie stelt zich voorts op het standpunt dat PMK glycidezuur, een stof waarmee men bij het LFO en het NFI tot op heden nog niet van doen had gehad, dient te worden beschouwd als een geregistreerde stof. Zij verwijst hiertoe naar het rapport van het NFI van 27 september 2013 en een vonnis van de rechtbank Haarlem van 28 juli 2011. Het NFI stelt dat PMK glycidaat en PMK glycidezuur grotendeels een vergelijkbare chemische structuur hebben. Nu PMK eenvoudig uit beide stoffen verkregen kan worden, dient PMK glycidezuur te worden beschouwd als een geregistreerde stof. Verdachte had geen vergunning voor het voorhanden hebben van deze stof, waarmee hij artikel 2 van de Wet voorkoming misbruik chemicaliën (hierna: WVMC) heeft overtreden. Aangezien verdachte geen eindproduct voorhanden heeft gehad is hij een marktdeelnemer. </para>
        <para>De aangetroffen vuurwapens en jammer passen bij de feiten die verdachte worden verweten. Nu verdachte huurder was van de loods en deze spullen werden aangetroffen tussen spullen die bestemd waren voor de winkel van verdachte dan wel die van zijn echtgenote, houdt de officier van justitie verdachte verantwoordelijk voor deze spullen, zodat ook deze feiten wettig en overtuigend kunnen worden bewezen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="underline">T.a.v. 02-984806-13</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 1</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging is van mening dat de rechtbank niet tot een bewezenverklaring kan komen van feit 1. Er is onvoldoende gebleken dat er in Nederland strafbare handelingen zijn verricht. De inhoud van de vaten is in Estland vervangen door maïspoeder. Deze vaten zijn eerst naar de [adres 1] getransporteerd. Op dit adres is geen zoeking gedaan, noch zijn getuigen gehoord. Ook de heren [naam 1] en [naam 2] zijn niet als getuigen gehoord. Uit het verslag van het observatieteam blijkt dat er vier mensen om de vaten heen stonden. Naar deze personen is geen onderzoek verricht. Verdachte kwam pas uren nadat de vaten waren gearriveerd ter plaatse. Uit dit tijdsverloop blijkt dat er geen haast is gemaakt. Verdachte blijft bij zijn verklaring dat er slechts sprake is geweest van opslag en dat er geen productie heeft plaatsgevonden. De verbalisant van het LFO laat met zijn formulering dat er ‘met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid’ is geproduceerd, ruimte over. Er wordt geverbaliseerd dat de pallets nat waren en dat er morssporen waren. Echter, deze sporen zijn niet onderzocht. De stelling van verdachte dat er niet is geproduceerd wordt ondersteund door het feit dat er diverse spullen ontbraken voor de productie van PMK. Ook het tijdsverloop tussen de aankomst van de vaten en het arriveren van verdachte vormt een contra-indicatie voor de productie. Tenslotte is er geen onderzoek gedaan aan de andere mengprofielen die zijn aangetroffen op de handschoenen die bij verdachte in beslag zijn genomen. Gelet op dit alles kan niet worden bewezen dat er PMK is geproduceerd. </para>
        <para>Er was weliswaar APAAN aanwezig, doch het is niet mogelijk om met de bestaande opstelling van azijnzuur en APAAN PMK te maken. Er is niet gebleken van enig voornemen om dit te doen. De raadsman concludeert primair dat verdachte moet worden vrijgesproken van de voorbereidingshandelingen. Subsidiair meent de raadsman dat het voorwaardelijk opzet alleen was gericht op het voorhanden hebben van APAAN, waarvan slechts een geringe hoeveelheid is aangetroffen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 2</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman stelt zich op het standpunt dat er ook voor feit 2 onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is. Van de stof die is aangetroffen is niet met zekerheid vastgesteld welke stof het is. Het NFI heeft in de rapportage van 27 september 2013 gerapporteerd dat het kan zijn dat er sprake is van natriumzout van PMK glycidezuur, doch het NFI heeft tevens aangegeven dat het met de hoeveelheid materiaal die zij tot hun beschikking hadden niet mogelijk is om dit met zekerheid vast te stellen. De raadsman meent dat kan worden geconcludeerd dat er geen sprake is van een stof die voorkomt op de lijst van de Opiumwet dan wel de Wet voorkoming misbruik chemicaliën en de Verordening (EG) nr. 273/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 inzake drugsprecursoren (PbEU L 47) (hierna te noemen Verordening nr. 273/2004). Er is geen sprake van een geregistreerde stof als bedoeld in artikel 2 van de Verordening nr. 273/2004 aangezien er meer dan een eenvoudige bewerking nodig is om de stof te bewerken tot PMK. Voorts kan verdachte niet worden aangemerkt als marktdeelnemer in de zin van artikel 2 van de Verordening nr. 273/2004. Voor een veroordeling op grond van de WVMC moet bewezen worden dat iemand als markdeelnemer is betrokken bij de aflevering van geregistreerde stoffen aan een ander dan wel bij de opslag, vervaardiging, productieverwerking, handel, distributie of handelsbemiddeling in geregistreerde stoffen met het oog op het afleveren van geregistreerde stoffen aan een ander. Uit het dossier blijkt niet dat verdachte betrokken was bij het maken van een precursor noch dat hiertoe het voornemen bestond. De raadsman concludeert tot vrijspraak van feit 2. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">T.a.v. 02-9848190-13</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 1 </emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman betoogt dat uit het dossier niet blijkt waar de wapens en munitie zijn aangetroffen. Nu ook andere personen dan verdachte toegang hadden tot de loods, kunnen ook zij de wapens daar neergelegd hebben. Het Openbaar Ministerie heeft hier geen onderzoek naar gedaan. Niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de aangetroffen wapens en munitie van verdachte waren. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 2</emphasis>
        </para>
        <para>Dit zelfde geldt voor de jammer. Ook hiervan blijkt uit het dossier niet waar deze is aangetroffen, evenmin blijkt van wetenschap van verdachte. Er is geen sporenonderzoek aan de jammer gedaan. Nu ook anderen toegang tot de loods hadden, kan niet wettig en overtuigend worden bewezen dat de jammer van verdachte was. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte dient derhalve van alle feiten te worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="underline">T.a.v. 02-984806-13</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 1</emphasis>
        </para>
        <para>Op 16 mei 2013 is bij de FIOD een Rechtshulpverzoek (RHV) uit Estland binnengekomen, gericht aan de officier van justitie van het Landelijk Parket, waarbij is verzocht om een gecontroleerde aflevering te verrichten van twee vaten waarin de stof PMK is aangetroffen.<footnote-ref linkend="_3ca6b3c8-b19d-4bc3-b7c8-2bd453f3f406" /> Bij onderzoek door de Estse autoriteiten is vastgesteld dat deze vaten bestemd zouden zijn voor een afnemer in Nederland. Met toestemming van de Estse officier van justitie is de stof vervangen door een legale stof en op 14 mei 2013 vrijgegeven aan de Estse afnemer [naam 1] die ze heeft overgedragen aan een Estse transportonderneming. De vaten moesten worden afgeleverd bij [naam 3], [adres 1] te Tilburg. In het kader van het RHV is een technisch hulpmiddel geplaatst<footnote-ref linkend="_167d1a2f-f158-402e-87f9-7091f49341fb" /> en is gebruik gemaakt van observatie om de vaten gecontroleerd af te kunnen leveren.<footnote-ref linkend="_c6289aa9-0130-481f-93a1-6c7b97470d9d" /> Op 21 mei 2013 werd de partij geobserveerd waarbij werd vastgesteld dat de krat met vaten werd afgeleverd op het adres [adres 1] te Tilburg.<footnote-ref linkend="_80497a5a-0b94-4c03-9617-b12382f7e00f" /> De vaten zijn overgeladen in een personenauto en werden afgeleverd aan de achterzijde van het woonhuis aan de [adres 2] in Tilburg. Een bestelbus, merk Mercedes type Sprinter, voorzien van het kenteken [kenteken 1], stopte later bij het adres [adres 2]. Een man stapte uit en ging naar binnen, waarna de bus doorreed. Later reed een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 2] tussen de huizen door aan de [adres 3] in Tilburg. Eerdergenoemde Mercedes Sprinter en de Volkswagen Caddy staan beide op naam van [verdachte] geregistreerd. Omstreeks 15.53 uur werd gezien dat de eerder genoemde Mercedes Sprinter in de [adres 6] reed en met de achterzijde een loods op nummer 115 inreed. De [adres 6] ligt haaks op de [adres 3] te Tilburg. Omstreeks 16.07 uur werd gezien dat de Caddy wegreed. Gezien werd dat uit de Caddy een grote kale blanke man stapte die contact maakte met de man in de Mercedes bus. Te 16.38 uur werd gezien dat zowel de Mercedes als de Caddy zijn aangekomen bij een loods achter de [adres 4] te Tilburg, waarvan het feitelijk adres [adres 5] te Tilburg betreft. Er wordt gezien dat er goederen uit de sprinter worden geladen, waaronder twee 5 liter jerrycans.<footnote-ref linkend="_7859eee4-c392-497f-b8be-04131e46c0e6" /> Dit werd gedaan door de kale man en een jongere man met een petje. Uit de Caddy worden de twee vaten gehaald en eveneens in de loods gezet. Ook wordt gezien dat er nog meer blauwe jerrycans van ongeveer 5 liter uit de Mercedes worden gehaald en in de loods gezet. Gelet op het aldus ontstane vermoeden dat er sprake was van strafbare feiten, gerelateerd aan de Opiumwet en/of de WVMC, gepleegd in de loods, werd de loods aan de [straatnaam] binnen getreden en zijn de drie aanwezige personen, waaronder verdachte, aangehouden.<footnote-ref linkend="_6c0414d8-854f-4715-b394-da4a4dd19c00" /> Hierbij zijn onder meer in beslag genomen een houten roerstok, een witte kunststof lekbak met bruine druppels, twee blauwe tonnen van 220 liter waarvan een met klemdekselvat, een witte lekbak met een restant vloeistof, een witte jerrycan 20 liter met een restant vloeistof, 2 een plastic maatbeker van 1 liter bevattende een restant bruine drab, een Dewalt boormachine met roermechaniek, 2 gebruikte dompelaars, een kartonnen doos met een zak apaan, 2 witte kunststof vaten (waarvan een met een verwarmingselement), 5 witte jerrycans van 20 liter met vloeistof, 6 zwarte jerrycans van 25 liter, waarvan 3 zwavelzuur inhoudende en 1 zoutzuur, 2 kleine bruine kartonnen vaten inhoudende gelig poeder en een vacuüm seal machine.<footnote-ref linkend="_01ee04e8-08a3-4a50-9ba5-0daa86732adc" />  Door een verbalisant van de Landelijke Faciliteit Ondersteunen Ontmantelen (LFO) werd een kleine hoeveelheid vloeistof die werd aangetroffen in de lekbak veiliggesteld en met behulp van een microchemische kleurreactie test getest.<footnote-ref linkend="_a2fa53c9-3e3e-4343-b0ac-fd39714549b6" /> Dit gaf een positieve verkleuring, indicatief voor de aanwezigheid van MDMA. In de loods werd eveneens een kartonnen doos aangetroffen met een plastic zak met een hoeveelheid licht geel poeder.<footnote-ref linkend="_ecb3725a-aad5-4ada-abe7-f16053ddd68d" /> Een monster uit deze plastic zak werd geïdentificeerd als α-fenylacetacetonitrile (APAAN). De diverse aangetroffen goederen werden bemonsterd.<footnote-ref linkend="_a0950a4d-59c6-4571-9ef0-3baaa84bf9f1" /> Van een vijftal monsters werd een spoedanalyse gedaan door het NFI. Daaruit bleek het volgende. Het SIN-nummer AAE10314NL (bemonstering van een houten roerstok) bevat PMK en een lage concentratie piperonal.<footnote-ref linkend="_07ab8510-effb-4ea5-849c-f7e6fa7a43fc" /> De SIN-nummers AAE10316NL (bemonstering van een blauw 220 liter klemdeksel vat met 2 aftappunten) en AAE10326NL (monster van een witte 20 liter jerrycan inhoudende 10 liter licht gele vloeistof) bevatten PMK in water. Het SIN-nummer AAE10321NL (bemonstering van een plastic liter maatbeker met bruine drab op de bodem) bevat PMK en piperonal. Het monster AAE10333NL (bemonstering van een witte 25 liter jerrycan gevuld met circa 20 liter donker bruine vloeistof) bevat PMK. Door het LFO is gerapporteerd dat met behulp van de aangetroffen klemdekselvaten en de ENON dompelaars eenvoudig een omzettingsopstelling kan worden gemaakt welke kan worden gebruikt bij de omzetting van PMK-glycidaat in PMK.<footnote-ref linkend="_54d991f3-28f0-4cd1-a776-2e47e20a59d2" /> Op basis van de aangetroffen chemicaliën, productieapparatuur, opstelling, mate van besmetting en aangetroffen half/eindproducten heeft het LFO geconcludeerd dat er sterke aanwijzingen zijn dat er in de loods een pre-precursor, mogelijk een PMK-glycidaat is omgezet in PMK.<footnote-ref linkend="_b6d5b885-d3c8-4aa7-8937-9d03cf7edfe8" /> De huurder van de loods aan de [straatnaam] is verdachte.<footnote-ref linkend="_21c2f1d1-f6dc-41b0-b4e6-93f2b580277c" /> Verdachte is gehuwd met [naam 4].<footnote-ref linkend="_04509c6b-3d27-4bfc-be97-292e43fd6e69" /> [naam 4] is eigenaar van de loods aan de [adres 6] te Tilburg.<footnote-ref linkend="_44f90dec-ddef-4ce2-9eec-5ea8331035e7" /> Op 5 juni 2013 werd een doorzoeking gedaan van de loods aan de [adres 6]. In de spoelbank van het keukenblokje zaten bruine olieachtige spetters.<footnote-ref linkend="_d42c19b3-6a2b-42be-a438-df8dc91ecdbe" /> Deze stof werd bemonsterd en door middel van een kleurreactie test positief getest op de aanwezigheid van MDMA. Er werden diverse voorwerpen veiliggesteld en bemonsterd. De monsters met SIN nummer AAFG2940NL, AAFG2941NL en AAFG2944NL bevatten PMK en piperonal.<footnote-ref linkend="_c1e86d13-53b4-4ec2-87af-7ac4fdf1fde3" /> PMK is ook aangetroffen op het horloge van verdachte.<footnote-ref linkend="_7408affd-bb19-4bde-9fef-35015a60c0bd" /> Dit horloge is evenals een paar latex handschoenen in de fouillering van verdachte aangetroffen.<footnote-ref linkend="_9fc73573-15e9-41a4-a6ba-ae839f6b6546" /> De buitenzijde van de handschoenen werden bemonsterd, welke bemonstering PMK, piperonal en een lage concentratie PMK-glycidaat bevatte.<footnote-ref linkend="_4ace0f9f-151f-456d-84df-91251e0052ac" /> Het NFI heeft uitgebreid onderzoek verricht aan hetgeen is aangetroffen in de loods aan de [adres 5] te Tilburg.<footnote-ref linkend="_0fb75859-ff32-4032-afa6-4174946adc56" /> Daarbij is geconcludeerd dat een groot deel van het onderzochte materiaal PMK bevat, waarvan een deel in een waterige vloeistof. Op betreffende locatie is zowel PMK als APAAN aangetroffen. Een groot deel van de aldaar aanwezige materialen past bij de omzetting van PMK vanuit een afgeleide van PMK glycidinezuur. Via een rechtshulpverzoek heeft het NFI eveneens de beschikking gekregen over de stof die oorspronkelijk in de Estse vaten zat en aldus bedoeld was om te worden afgeleverd op de [straatnaam].<footnote-ref linkend="_e3cd5a09-6e67-40f5-9ab7-35166cf22ef8" /> Uit onderzoek is gebleken dat dit poeder het natriumzout bevat van 3-[3’,4’-(methyleendioxy)fenyl]-2-methylglycidezuur. Er is onderzocht of het aangetroffen materiaal met een soortgelijk omzettingsproces als bekend uit een eerdere zaak kon worden omgezet in PMK. Hierbij is een recept gebruikt dat mede werd gebaseerd op de resultaten verkregen uit het onderzoek van de materialen die in de loods op de [straatnaam] zijn aangetroffen. In twee stappen werd de stof omgezet in PMK. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op grond van het bovenstaande acht de rechtbank feit 1 wettig en overtuigend bewezen. Verdachte huurde een loods waarin diverse spullen zijn aangetroffen die allemaal betrekking hebben op danwel in verband te brengen zijn met de productie van precursoren. Ook in de loods die op naam staat van zijn echtgenote zijn hiervan sporen aangetroffen. De onderzoeken van het LFO en het NFI hebben genoegzaam aangetoond dat met de aanwezige apparatuur en chemicaliën de productie van synthetische drugs kon worden voorbereid. De rapportage van het LFO naar aanleiding van vragen van de advocaat van verdachte is naar het oordeel van de rechtbank niet voor een andere uitleg vatbaar. Gelet op hetgeen is aangetroffen in de loods meent de deskundige van het LFO met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dat er op de genoemde locatie is geproduceerd.<footnote-ref linkend="_5bc9256a-ce5e-432b-a1bf-04c5ca9af47e" /> Om de productie te starten moeten alleen de chemicaliën in de klemdeksel vaten worden gebracht waarna (eventueel) de chemicaliën mechanisch worden gemengd en waarna verwarming kan plaatsvinden. Buiten het mengen en plaatsen van ENON dompelaars en het klaarzetten van de lekbak die op een van de klemdeksel vaten lag, was de procesopstelling gereed voor productie. De rechtbank acht de verklaring van verdachte dat hij de spullen slechts in opslag had dan ook niet geloofwaardig. Zij neemt daarbij nadrukkelijk in aanmerking dat verdachte niet onbekend is met synthetische drugs aangezien hij reeds eerder voor dergelijke feiten is veroordeeld. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 2</emphasis>
        </para>
        <para>Op grond van het voorgaande is vastgesteld dat verdachte piperonylmethylketon (PMK; 3,4-methyleendioxyfenylpropaan-2-on) en piperonal voorhanden heeft gehad.<footnote-ref linkend="_95132cc9-93aa-460e-94c7-7f0c375930a3" /> Uit informatie van de douane blijkt dat verdachte niet staat geregistreerd in verband met afgifte van activiteitenvergunningen, registratieverklaringen of uitvoervergunningen in het kader van de WVMC, noch zijn er in het verleden aan verdachte dergelijke vergunningen/verklaringen verstrekt.<footnote-ref linkend="_7240d3e1-1535-4ca6-8ea8-e0148243d606" /> Voornoemde stoffen staan vermeld op bijlage I van de Verordening nr. 273/2004 en de bijlage behorende bij Verordening (EG) nummer 111/2005 betreffende voorschriften voor het toezicht op de handel tussen de Gemeenschap en derde landen in drugsprecursoren. Naar beide Verordeningen wordt verwezen in de Wet voorkoming misbruik chemicaliën. Het natriumzout van 3-[3’, 4’-(methyleendioxy)fenyl]-2-methylglycidezuur, dat verdachte eveneens voorhanden heeft gehad, staat niet vermeld op de lijsten behorende bij de Wet voorkoming misbruik chemicaliën of de Opiumwet. De vraag die thans voorligt is of deze stof aangemerkt kan worden als ”geregistreerde stof” in de zin van de (EU)-verordeningen 273/2004 en 111/2005. Anders dan de raadsman, is de rechtbank  van oordeel dat deze stof wel degelijk als zodanig kan worden beschouwd gelet op de volgens het NFI betrekkelijk eenvoudige wijze waarop PMK kan worden vrijgemaakt uit deze stof.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Vervolgens moet worden bezien of verdachte kan worden aangemerkt als marktdeelnemer. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Artikel 2, aanhef en onderdeel a, van de WVMC bepaalt dat het verboden is om te handelen in strijd met voorschriften, gesteld bij of krachtens onder meer artikel 3, tweede en derde lid van de Verordening nr. 273/2004. In artikel 2, onderdeel d, van deze Verordening is marktdeelnemer gedefinieerd als elke natuurlijke of rechtspersoon die betrokken is bij het in de handel brengen van geregistreerde stoffen. Voor het zijn van marktdeelnemer is vereist dat men betrokken is bij ofwel de levering van geregistreerde stoffen, ofwel de opslag, vervaardiging, productieverwerking, handel, distributie of handelsbemiddeling in deze stoffen. Ten aanzien van de tweede genoemde mogelijkheid geldt dat deze handelingen moeten zijn verricht met het oog op de levering van geregistreerde stoffen, zo leest de rechtbank deze definitie. </para>
        <para>Ten aanzien van  feit 1 heeft de rechtbank vastgesteld dat verdachte voorbereidingshandelingen in de zin van artikel 10a van de Opiumwet heeft gepleegd. PMK wordt gebruikt bij de productie van MDMA, het belangrijkste bestanddeel van de zogeheten XTC-pillen. In de loods op de [straatnaam] is een conversielab aangetroffen, bedoeld om een grondstof, precursor, voor synthetische drugs te winnen. In het dossier zijn geen aanwijzingen voorhanden dat verdachte betrokken is bij de uiteindelijke productie van deze pillen, zodat de rechtbank aanneemt dat de PMK bestemd was om te worden afgeleverd aan een ander. Dit betekent dat verdachte als marktdeelnemer in de zin van Verordening 273/2004 kan worden aangemerkt. De rechtbank acht daarom wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op 21 mei 2013 als marktdeelnemer zonder vergunning de geregistreerde stof PMK, en de als geregistreerd te beschouwen stof (het zout van) PMK glycidezuur voorhanden heeft gehad. Het dossier biedt te weinig aanknopingspunten om vast te stellen dat verdachte ook bij de invoer betrokken is geweest.  </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">T.a.v. 02-984806-13</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 1 en 2</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank is met de raadsman van oordeel dat op grond van dit  dossier onvoldoende kan worden vastgesteld dat verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van de wapens, de munitie en de jammer.  Hierbij wordt in aanmerking genomen dat er weliswaar wordt aangegeven dat de jammer op een vensterbank is aangetroffen, maar dat dit voorts niet wordt onderbouwd. Daarnaast geldt voor zowel de wapens en de munitie als de jammer dat er meerdere personen toegang hadden tot de loods, hetgeen de mogelijkheid openhoudt dat anderen dan verdachte verantwoordelijk zijn voor de aanwezigheid van bovengenoemde zaken. Concluderend acht de rechtbank onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voorhanden voor deze feiten zodat de rechtbank verdachte van deze feiten vrij zal spreken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">T.a.v. 02-984806-13</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <para>1.	</para>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 september 2012</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">tot en met 21 mei 2013, in elk geval</emphasis> op 21 mei 2013 te Tilburg <emphasis role="strike-through">en/of andere</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">plaatsen in het arrondissement Zeeland-West-Brabant en/of elders in Nederland</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen,</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">althans eenmaal,</emphasis>om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel</para>
      </parablock>
      <para>10 van de Opiumwet, te weten het <emphasis role="strike-through">(telkens) </emphasis>opzettelijk bereiden, bewerken,</para>
      <parablock>
        <para>verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren <emphasis role="strike-through">en/of binnen en/of</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">buiten het grondgebied van Nederland brengen</emphasis> van <emphasis role="strike-through">(een) </emphasis>hoeveelhe<emphasis role="strike-through">(i)</emphasis>d<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> van</para>
        <para>een materiaal bevattende MDMA en<emphasis role="strike-through">/of (een)</emphasis> hoeveelhe<emphasis role="strike-through">(i)</emphasis>d<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> van een materiaal</para>
        <para>bevattende amfetamine <emphasis role="strike-through">en/of (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">bevattende metamfetamine, (telkens)</emphasis> zijnde <emphasis role="strike-through">(een)</emphasis> middel<emphasis role="strike-through">(l</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> vermeld op de bij</para>
        <para>de Opiumwet behorende lijst I <emphasis role="strike-through">en/of (een) hoeveelhe(i)d(en) van (andere)</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">middelen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I,</emphasis> voor te bereiden</para>
        <para>en/of te bevorderen,</para>
      </parablock>
      <para>- <emphasis role="strike-through">(telkens)</emphasis> zich of een ander gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen</para>
      <para>tot het plegen van dat/die feit(en) heeft getracht te verschaffen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- <emphasis role="strike-through">(telkens) (een)</emphasis> voorwerp<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of (een)</emphasis> vervoermiddel<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of (een)</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>stof<emphasis role="strike-through">(</emphasis>fen<emphasis role="strike-through">) en/of gelden en/of (een) ander(e) betaalmiddel(en)</emphasis> voorhanden heeft</para>
        <para>gehad waarvan hij wist, <emphasis role="strike-through">althans ernstige reden had om te vermoeden</emphasis> dat zij</para>
        <para>bestemd waren tot het plegen van <emphasis role="strike-through">dat/</emphasis>die feit<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis>,</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>immers heeft<emphasis role="strike-through">/hebben</emphasis> hij <emphasis role="strike-through">en/of zijn, verdachtes, mededaders (telkens)</emphasis></para>
        <para>opzettelijk daartoe:</para>
      </parablock>
      <para>- PMK <emphasis role="strike-through">vervaardigd en/of besteld en/of</emphasis> voorhanden gehad en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- stoffen (chemicaliën) (waaronder (het natriumzout van) PMK glycide zuur</para>
      <parablock>
        <para>en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> APAAN en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zoutzuur en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zwavelzuur) <emphasis role="strike-through">besteld en/of vervoerd en/of</emphasis></para>
        <para>opgeslagen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> voorhanden gehad en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      </parablock>
      <para>- twee <emphasis role="strike-through">(</emphasis>blauwe<emphasis role="strike-through">) </emphasis>kunststof klemdeksel vaten voorzien van twee aftapkranen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>een boormachine met roermechaniek en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> een houten steel op een stelling</para>
        <para>en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> maatbekers en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> elektrische dompelaars <emphasis role="strike-through">vervaardigd en/of</emphasis> voorhanden</para>
        <para>gehad;</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>2.</para>
        <para>hij als marktdeelnemer, op <emphasis role="strike-through">een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">periode 1 september 2012 tot en met</emphasis> 21 mei 2013 te Tilburg <emphasis role="strike-through">en/of andere</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">plaatsen in het arrondissement Zeeland-West-Brabant en/of elders in Nederland</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">en/of in Estland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens)</emphasis> opzettelijk <emphasis role="strike-through">(een)</emphasis> geregistreerde</para>
        <para>stof<emphasis role="strike-through">(</emphasis>fen<emphasis role="strike-through">)</emphasis> van categorie I van bijlage 1 van de Verordening nr. 273/2004 van</para>
        <para>het Europees Parlement en de Raad, te weten</para>
      </parablock>
      <para>- <emphasis role="strike-through">(een)</emphasis> hoeveelhe<emphasis role="strike-through">(i)</emphasis>d<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> van een stof <emphasis role="strike-through">met/</emphasis>inhoudende</para>
      <para>3,4 methylenedioxyphenylpropan-2-on (PMK) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- een hoeveelheid <emphasis role="strike-through">met/</emphasis>inhoudende</para>
      <parablock>
        <para>natrium 3-[3',4'-(methyleendioxy)fenyl]-2-methyl glycidezuur (het zout van PMK</para>
        <para>glycide zuur),</para>
        <para>zonder een door de bevoegde instanties afgegeven vergunning, met het oog op</para>
        <para>levering in de Europese Gemeenschap, in zijn bezit heeft gehad <emphasis role="strike-through">en/of gehouden</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">en/of heeft</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">opgeslagen en/of heeft vervaardigd en/of heeft verwerkt en/of (aldus) in de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="strike-through">handel heeft gebracht</emphasis>;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>(De terminologie is gebruikt in de zin van de Wet voorkoming misbruik</para>
        <para>chemicalien, de Verordening (EG) nummer 273/2004 van het Europees Parlement</para>
        <para>en de Raad van 11 februari 2004 inzake drugsprecursoren)</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid</title>
    <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafoplegging</title>
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie vordert aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf van 3 jaar, met aftrek van het voorarrest.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman stelt zich op het standpunt dat de straf zoals door de officier is geëist veel te hoog is. Hij verzoekt een straf op te leggen die vele malen lager is. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan voorbereidingshandelingen als bedoeld in artikel 10a van de Opiumwet en heeft zich als marktdeelnemer schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van stoffen waarvoor op grond van de WVMC een vergunning vereist is. Dit zijn ernstige feiten. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De productie van en handel in synthetische harddrugs dient krachtig te worden bestreden in verband met de schadelijkheid voor de volksgezondheid. Het gebruik van deze harddrugs brengt immers gezondheidsrisico’s met zich mee zoals de mogelijkheid van blijvende schade aan het centrale zenuwstelsel. Naast het gevaar voor de volksgezondheid schuilt in de productie van synthetische harddrugs nog ander gevaar. De rechtbank wijst op de schade aan het milieu, veroorzaakt door dumpingen van vrijkomende chemische afvalstoffen en op het ontploffingsgevaar dat bij de productie van synthetische harddrugs aanwezig is. Verdachte heeft zich om al deze gevolgen niet bekommerd en slechts gehandeld uit winstbejag.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de bepaling van de strafmaat heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van de feiten, de persoon van verdachte en de straffen die doorgaans worden opgelegd voor soortgelijke feiten. Voorts houdt zij rekening met het feit dat verdachte reeds eerder voor soortgelijke feiten is veroordeeld. De eerder opgelegde straffen hebben hem blijkbaar er niet van weerhouden zich opnieuw in te laten met dergelijke criminele activiteiten. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een gevangenisstraf voor de duur van </para>
        <para>30 maanden noodzakelijk is. De rechtbank ziet geen ruimte voor een andere of lichtere sanctie. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>Het beslag</title>
    <para>De officier van justitie heeft ter zitting de onttrekking aan het verkeer gevorderd van een aantal goederen die onder verdachte in beslag zijn genomen. Daarnaast heeft zij verzocht om het beslag op de sporen te laten voortduren. </para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>7.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De onttrekking aan het verkeer</emphasis>
        </para>
        <para>De hierna in de beslissing genoemde in beslag genomen voorwerpen zijn vatbaar voor onttrekking aan het verkeer.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De voorwerpen behoren aan verdachte toe en zijn van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en/of het algemeen belang.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De wettelijke voorschriften</title>
    <para>De beslissing berust op de artikelen 10, 27, 57 en 91 van het Wetboek van Strafrecht, de artikelen 2, 10, 10a, 13 en 14 van de Opiumwet, de artikelen 2 en 25 van de Wet voorkoming misbruik chemicaliën en de artikelen 1, 2, 6 en 87 van de Wet op de economische delicten, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">T.a.v. 02-9848190-13</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="bold">spreekt verdachte vrij</emphasis> van beide tenlastegelegde feiten;</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">T.a.v. 02-984806-13</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;</para>
    <para>- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart dat het bewezen verklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:</para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1:</emphasis> Een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voorbereiden of bevorderen door voorwerpen en stoffen voorhanden te hebben, </para>
      <para>waarvan hij weet dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2:</emphasis> Overtreding van een voorschrift gesteld bij of krachtens artikel 2 van de Wet voorkoming misbruik chemicaliën, opzettelijk begaan;</para>
    </parablock>
    <para>- verklaart verdachte strafbaar;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafoplegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- veroordeelt verdachte tot <emphasis role="bold">een gevangenisstraf van 30 maanden</emphasis>;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf;</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beslag</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- verklaart onttrokken aan het verkeer de inbeslaggenomen voorwerpen, geregistreerd onder de volgende beslagnummers: </para>
    <parablock>
      <para>A-1-1-1 t/m A1-1-11, A-1-5-1, A-1-3-1, A-1-3-9, A-1-3-10, A-1-3-15, A-1-2-1, A-1-2-2, </para>
      <para>A-1-2-3, A-1-2-4, A-1-2-5, A-1-3-16, A-1-3-17, A-1-3-1 t/m A-1-3-5, A-1-3-7, A-1-3-8, A-1-3-14, A-1-2-6, A-2-1-1, A-2-2-1, A-1-3-14, PL204K 2013098362-2, PL204K 2013098362-5, C-3, C-4, C-5, C-7, C-8 en C9;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Bakx, voorzitter, mr. Dekker en mr. Kneepkens, rechters, in tegenwoordigheid van Van Beijsterveldt, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 15 oktober 2013.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier en mr. Kneepkens zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_3ca6b3c8-b19d-4bc3-b7c8-2bd453f3f406" label="1">
    <para>Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt -tenzij anders vermeld- bedoeld het eindproces-verbaal met dossiernummer 52161 van Belastingdienst/FIOD kantoor Eindhoven, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en doorgenummerd van 000001 tot en met 100147.</para>
    <para> Het proces-verbaal relaas ZK01, pagina 010005. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_167d1a2f-f158-402e-87f9-7091f49341fb" label="2">
    <para> Het proces-verbaal van inzet technisch hulpmiddel, pagina 070142.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c6289aa9-0130-481f-93a1-6c7b97470d9d" label="3">
    <para> Het proces-verbaal van observatie, pagina 080084 t/m 080088.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_80497a5a-0b94-4c03-9617-b12382f7e00f" label="4">
    <para> Het proces-verbaal doorzoeking ter inbeslagname [adres 6] Tilburg, pagina 070109.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7859eee4-c392-497f-b8be-04131e46c0e6" label="5">
    <para> Het proces-verbaal doorzoeking ter inbeslagname [adres 6] Tilburg, pagina 070110.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6c0414d8-854f-4715-b394-da4a4dd19c00" label="6">
    <para> Het proces-verbaal doorzoeking, pagina 070002.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_01ee04e8-08a3-4a50-9ba5-0daa86732adc" label="7">
    <para> De bijlage bij het proces-verbaal doorzoeking, pagina 070004 t/m 070007.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a2fa53c9-3e3e-4343-b0ac-fd39714549b6" label="8">
    <para> Het proces-verbaal bevindingen ondersteuning LFO, pagina 070074.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ecb3725a-aad5-4ada-abe7-f16053ddd68d" label="9">
    <para> Het proces-verbaal bevindingen ondersteuning LFO, pagina 070076.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a0950a4d-59c6-4571-9ef0-3baaa84bf9f1" label="10">
    <para> Het proces-verbaal bevindingen ondersteuning LFO, pagina 070078/070079.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_07ab8510-effb-4ea5-849c-f7e6fa7a43fc" label="11">
    <para> Deskundigenrapportage NFI van 23 mei 2013, pagina 070104.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_54d991f3-28f0-4cd1-a776-2e47e20a59d2" label="12">
    <para> Het proces-verbaal bevindingen ondersteuning LFO, pagina 070082.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b6d5b885-d3c8-4aa7-8937-9d03cf7edfe8" label="13">
    <para> Het proces-verbaal bevindingen ondersteuning LFO, pagina 070083.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_21c2f1d1-f6dc-41b0-b4e6-93f2b580277c" label="14">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor verdachte, pagina 050061.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_04509c6b-3d27-4bfc-be97-292e43fd6e69" label="15">
    <para> Het proces-verbaal van verhoor verdachte, pagina 050046.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_44f90dec-ddef-4ce2-9eec-5ea8331035e7" label="16">
    <para> Het proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagname [adres 6], pagina 070110.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d42c19b3-6a2b-42be-a438-df8dc91ecdbe" label="17">
    <para> Het proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagname [adres 6], pagina 070111.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c1e86d13-53b4-4ec2-87af-7ac4fdf1fde3" label="18">
    <para> De deskundigenrapportage van het NFI van 6 september 2013, pagina 100070.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7408affd-bb19-4bde-9fef-35015a60c0bd" label="19">
    <para> De deskundigenrapportage van het NFI van 4 juli 2013, pagina 070048.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_9fc73573-15e9-41a4-a6ba-ae839f6b6546" label="20">
    <para> Het proces-verbaal aanvraag benoeming deskundige mbt. aangetroffen voorwerpen, pagina 070042.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4ace0f9f-151f-456d-84df-91251e0052ac" label="21">
    <para> De deskundigenrapportage van het NFI van 4 juli 2013, pagina 070048.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_0fb75859-ff32-4032-afa6-4174946adc56" label="22">
    <para> De deskundigenrapportage van het NFI van 19 juli 2013, pagina 100038. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_e3cd5a09-6e67-40f5-9ab7-35166cf22ef8" label="23">
    <para> De deskundigenrapportage van het NFI van 5 september 2013, pagina 100062 t/m 100066.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5bc9256a-ce5e-432b-a1bf-04c5ca9af47e" label="24">
    <para> Het proces-verbaal d.d. 16 september 2013 van het LFO, pagina 100083 t/m 100092.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_95132cc9-93aa-460e-94c7-7f0c375930a3" label="25">
    <para> De deskundigenrapportage van het NFI van 5 september 2013, pagina 100066.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7240d3e1-1535-4ca6-8ea8-e0148243d606" label="26">
    <para> Het geschrift, zijnde een brief van de Douane Groningen d.d. 3 juni 2013, pagina 080196.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>