<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZWB:2013:6308</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T08:26:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-08-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zeeland-West-Brabant" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zeeland-West-Brabant</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-08-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB- 13_4359</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2013:6308">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2013:6308</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-09-23T08:25:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-09-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZWB:2013:6308 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 26-08-2013 / AWB- 13_4359</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZWB:2013:6308:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Opvang en illegale verblijfstatus.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZWB:2013:6308:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: BRE 13/4359 WMO VV</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 26 augustus 2013 van de voorzieningenrechter in de zaak tussen </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [naam verzoekster], te [woonplaats], verzoekster, </bridgehead>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam verzoeker]
        </emphasis>, te [woonplaats], verzoeker, </para>
      <para>gemachtigde: mr. W.G. Fischer, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg</emphasis>, verweerder. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Procesverloop</title>
    <para>Verzoekers hebben bezwaar gemaakt tegen het besluit van 15 augustus 2013 (bestreden besluit) van het college inzake maatschappelijke opvang. Zij hebben de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden in Breda op 26 augustus 2013. Verzoekster is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Verzoeker heeft zich laten vertegenwoordigen door verzoekster en door zijn gemachtigde. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door J. Smulders. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Overwegingen</title>
    <paragroup>
      <nr>1.</nr>
      <para>Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventuele) bodemprocedure niet.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.</nr>
      <para>De voorzieningenrechter overweegt allereerst dat het bestreden besluit is gericht aan verzoekster en dat het niet expliciet een beslissing bevat op verzoekers hulpaanvraag. De motivering van het bestreden besluit is ook toegesneden op de positie van verzoekster, niet op de positie van verzoeker. Het bestreden besluit is dan ook onvolledig en het college zal daar in de heroverweging voor de beslissing op bezwaar aandacht aan moeten besteden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.</nr>
      <para>Ter zitting is gebleken dat verzoekers waarschijnlijk met ingang van 3 september 2013 over huisvesting kunnen beschikken en dat het college bereid is om tot die datum opvang te verlenen. Of die huisvesting doorgaat hangt af van het oordeel van het Bureau Jeugdzorg over de geschiktheid van de huisvesting. De voorzieningenrechter zal daarom het verzoek om voorlopige voorziening toch beoordelen, voor het geval verzoekers de beoogde huisvesting niet kunnen betrekken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.</nr>
      <parablock>
        <para>Het college voert een beleid waarin een periode van zes weken opvang voldoende wordt geacht om zelf andere woonruimte te vinden, al dan niet met hulp van hulpverlenende instanties.</para>
        <para>Verzoekster erkent dat het haar verantwoordelijkheid is om woonruimte voor haarzelf en verzoeker te vinden. Dat zij zich daarvoor inspant is ook gebleken. Maar zij heeft ondervonden dat haar illegale verblijfsstatus het wel moeilijker maakt om woonruimte te vinden. De voorzieningenrechter acht dat aannemelijk.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De voorzieningenrechter acht het door het college gevoerde beleid in zijn algemeenheid niet onredelijk. De problemen die verzoekster ondervindt door haar verblijfsstatus vormen echter voldoende aanleiding om in dit geval op dat beleid een uitzondering te maken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De voorzieningenrechter zal daarom het verzoek om voorlopige voorziening toewijzen en bepalen dat het bestreden besluit wordt geschorst voor zover daarin de einddatum van de opvang op 28 augustus 2013 is gesteld. Het college dient opvang te bieden tot vier weken na 28 augustus 2013. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft verzoekster daarmee voldoende gelegenheid om huisvesting te vinden. Na het verstrijken van die vier weken ligt verdere verlenging van de opvang niet in de rede.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.</nr>
      <para>Omdat de voorzieningenrechter het verzoek toewijst, dient het college aan verzoekers het door hen betaalde griffierecht te vergoeden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.</nr>
      <para>De voorzieningenrechter veroordeelt het college in de door verzoekers gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 944,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift, 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 472, en een wegingsfactor 1). </para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>De voorzieningenrechter: </para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>schorst het bestreden besluit, voor zover daarin de einddatum van de opvang op 28 augustus 2013 is gesteld;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>wijst het verzoek om voorlopige voorziening toe in die zin dat het college opvang dient te bieden tot vier weken na 28 augustus 2013;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>draagt het college op het betaalde griffierecht van € 44,- aan verzoekers te vergoeden;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelt het college in de proceskosten van verzoekers tot een bedrag van € 944,-.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Breeman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. P. Oudkerk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 26 augustus 2013.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier	voorzieningenrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschrift verzonden aan partijen op: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Rechtsmiddel</title>
    <para>Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.</para>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>