<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZUT:2008:BD9754</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-18T13:53:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BD9754</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zutphen" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zutphen</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2008-07-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">07/2200 HOREC</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Module Horeca 2008/784</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZUT:2008:BD9754">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZUT:2008:BD9754</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T03:06:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2008-08-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZUT:2008:BD9754 Rechtbank Zutphen , 25-07-2008 / 07/2200 HOREC</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZUT:2008:BD9754:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Afwijzing door B&amp;W van de gemeente Epe van het verzoek om handhavend op te treden tegen zelfstandige horeca-activiteiten in het dorpscentrum 'De Wieken" in Vaassen. Beroep is gegrond verklaard. De rechtbank is van oordeel dat sprake is reguliere horeca-activiteiten welke niet passen binnen het bestemmingsplan. Het gaat daarbij om de volgende evenementen: Rock in night en Dance classic.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZUT:2008:BD9754:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>RECHTBANK ZUTPHEN</para>
      <para>Sector Bestuursrecht</para>
      <para>Enkelvoudige kamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Reg.nr.: 07/2200 HOREC</para>
    <para />
    <para />
    <para>Uitspraak in het geding tussen:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling Apeldoorn en omstreken van het Koninklijk verbond van ondernemers in het</para>
      <para>horeca- en aanverwante bedrijf Horeca Nederland,</para>
      <para>gevestigd te Apeldoorn,</para>
      <para>eiseres,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Epe,</para>
      <para>verweerder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. Bestreden besluit</para>
      <para>Besluit van verweerder van 21 november 2007.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2. Feiten</para>
      <para>Bij besluit van 28 juni 2007 heeft verweerder afwijzend beslist op het namens eiseres op</para>
      <para>29 januari 2007 ingediende verzoek om handhavend op te treden tegen het ontplooien van</para>
      <para>zelfstandige commerciële horeca-activiteiten in het dorpscentrum 'De Wieken' aan de</para>
      <para>Molenstraat 15 te Vaassen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Namens eiseres is tegen dit besluit bezwaar gemaakt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij het bestreden besluit heeft verweerder - in overeenstemming met het advies van de</para>
      <para>commissie voor de Bezwaarschriften - het bezwaar ongegrond verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3. Procesverloop</para>
      <para>Namens eiseres heeft drs. M.R.F. Wiesehahn, werkzaam bij het Bureau Eerlijke</para>
      <para>Mededinging te Woerden, beroep ingesteld op de in het beroepschrift vermelde gronden</para>
      <para>Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken en een verweerschrift</para>
      <para>ingediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het beroep is behandeld ter zitting van 24 april 2008, waar eiseres, met kennisgeving vooraf,</para>
      <para>niet is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door B. Verberk-Jansen.</para>
      <para>Ter zitting heeft de rechtbank het onderzoek met toepassing van artikel 8:64, eerste lid, van</para>
      <para>de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geschorst, om verweerder in de gelegenheid te stellen</para>
      <para>een nader stuk over te leggen. Dit is gebeurd bij schrijven van 24 april 2008.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vervolgens heeft de rechtbank na verkregen toestemming van partijen bij brieven van 24 juni</para>
      <para>2008 bepaald dat (nader) onderzoek ter zitting achterwege blijft en het onderzoek gesloten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4. Motivering</para>
      <para>4.1. De rechtbank stelt allereerst vast dat eiseres als een belanghebbende als bedoeld in</para>
      <para>artikel 1:2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan worden aangemerkt. Daartoe</para>
      <para>wordt het volgende overwogen.</para>
      <para>Eiseres is volgens artikel 2 van haar statuten een vereniging met als doel onder andere in de</para>
      <para>gemeente Epe de algemene materiële en immateriële (bedrijfs)belangen van de leden en de</para>
      <para>bedrijfscategorieën waartoe deze behoren te behartigen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit de gedingstukken kan worden afgeleid dat het tegengaan van oneerlijke concurrentie in</para>
      <para>het werkgebied, waartoe het handhavingsverzoek kennelijk is ingediend, een belang betreft</para>
      <para>waarvan de behartiging voldoende kenmerken vertoont van behartiging van bovenbedoeld</para>
      <para>belang, dat los kan worden gezien van het belang van individuele leden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.2. Ter beoordeling staat of verweerder op goede gronden het handhavingsverzoek van</para>
      <para>eiseres van 29 januari 2007 heeft afgewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.3. Eiseres heeft aan haar handhavingsverzoek ten grondslag gelegd dat haar is gebleken</para>
      <para>dat Dorpscentrum 'De Wieken' haar pand geopend houdt voor het houden van feesten en</para>
      <para>partijen die als zelfstandige horeca-activiteiten zijn aan te merken en daarmee in strijd zijn</para>
      <para>met de gebruiksvoorschriften van het ter plaatse geldende bestemmingsplan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.4. Dorpscentrum 'De Wieken' wordt geëxploiteerd door de Stichting Dorpscentrum</para>
      <para>Vaassen (hierna: De Stichting). In het dorpscentrum is een sporthal aanwezig, een</para>
      <para>multifunctionele zaal en een restaurantgedeelte. Acht plaatselijke (sport)verenigingen</para>
      <para>hebben er hun activiteiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op het betreffende perceel rust ingevolge het vigerende bestemmingsplan "Centrum-</para>
      <para>Vaassen" (hierna: het bestemmingsplan) de bestemming "Bijzondere Doeleinden".</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ingevolge artikel 2.4 van de voorschriften van het bestemmingsplan mag de op de plankaart</para>
      <para>blijkens de daarop voorkomende verklaring als zodanig bestemde grond uitsluitend worden</para>
      <para>gebruikt voor instellingen terzake van openbare dienstverlening, verenigingsleven, cultuur,</para>
      <para>onderwijs, volksgezondheid en religie met de daarbij behorende gebouwen, waaronder</para>
      <para>begrepen een al dan niet vrijstaande dienstwoning, andere bouwwerken en andere werken.</para>
      <para>Ingevolge artikel 3.1, eerste lid, van de planvoorschriften is; het verboden gronden en</para>
      <para>opstallen te gebruiken op een wijze of tot een doel strijdig met de in het bestemmingsplan</para>
      <para>aan de grond en ten aanzien van het gebruik van de grond gegeven bestemming.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.5. Verweerder heeft bij de voorbereiding van haar besluitvorming vastgesteld dat voor</para>
      <para>2007 de volgende evenementen in het dorpscentrum gepland stonden:</para>
      <para>1. Carnaval van 17 t/m 20 februari;</para>
      <para>2. Antiek- en rommelmarkt op 25 maart;</para>
      <para>3. Rock in night op 7 april;</para>
      <para>4. Dance classic op 16 juni;</para>
      <para>5. Verzamel- en ruilbeurs op 1 1 augustus;</para>
      <para>6. Poppenbeurs op 26 augustus;</para>
      <para>7. Oktoberfeesten van l l tot en met 14 oktober;</para>
      <para>8. Rock in night begin september;</para>
      <para>9. Rock in night eind november.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit de stukken blijkt dat het handhavingsverzoek zich niet richt tegen activiteiten als vermeld</para>
      <para>onder 2, 5 en 6.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met betrekking tot de overige evenementen heeft verweerder gesteld dat deze worden</para>
      <para>georganiseerd door de Stichting dan wel door vrijwilligers en het verenigingsleven uit de</para>
      <para>kringen van de Stichting en dat gelet daarop geen sprake is van strijd met het</para>
      <para>bestemmingsplan omdat binnen de bestemming 'bijzondere doeleinden' het verenigingsleven</para>
      <para>haar activiteiten mag ontplooien. In de voorschriften zijn geen beperkingen opgelegd ten</para>
      <para>aanzien van de te ontplooien activiteiten door de verenigingen, aldus verweerder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>4.6. De rechtbank kan verweerder in dit standpunt niet volgen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting stelt de rechtbank vast dat de</para>
      <para>evenementen 'Rock in night' en de 'Dance classic' niet in verenigingsverband worden</para>
      <para>georganiseerd. Vaststaat dat beide feesten worden georganiseerd door een stichting die niet</para>
      <para>haar basis heeft in het dorpscentrum. Evenmin is sprake van een connectie met een van de in</para>
      <para>het dorpscentrum 'huizende' verenigingen. Daar komt bij dat het bij deze evenementen gaat</para>
      <para>om openbaar toegankelijke feesten, met een vaste toegangsprijs, waarvoor lidmaatschap van</para>
      <para>een vereniging in Vaassen niet vereist is. Iedere (toevallige) bezoeker wordt toegelaten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is bij deze evenementen dan ook sprake van reguliere</para>
      <para>horeca-activiteiten, welke niet passen binnen de bestemming "Bijzondere doeleinden".</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit ligt anders wat betreft het carnaval en de oktoberfeesten, nu gebleken is dat deze worden</para>
      <para>georganiseerd door de plaatselijke carnavalsvereniging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.7. Vaststaat dat evenementen als de 'Rock in night' en 'Dance classic' ten tijde van</para>
      <para>belang voor de beoordeling van het nu voorliggende besluit van verweerder, op structurele</para>
      <para>basis plaatsvonden in het dorpscentrum. Dat, zoals verweerder heeft aangegeven, het voor</para>
      <para>november 2007 geplande evenement geen doorgang heeft gevonden en dat de betreffende</para>
      <para>organiserende stichting geen feesten meer in de dorpscentrum zal organiseren, kan aan die</para>
      <para>conclusie niet afdoen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er was mitsdien ten tijde van belang sprake van met het in het bestemmingsplan opgenomen</para>
      <para>gebruiksverbod strijdig gebruik van het dorpscentrum. Venveerder was derhalve, anders dan</para>
      <para>hij heeft aangenomen, bevoegd tot handhavend optreden er zake van overtreding van artikel</para>
      <para>3.1, eerste lid, van de bestemmingsplanvoorschriften.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.8. Gelet op het algemeen belang dat is gediend met handhaving, zal in geval van</para>
      <para>overtreding van een wettelijk voorschrift het bestuursorgaari dat bevoegd is om met</para>
      <para>bestuursdwang of een last onder dwangsom op te treden, in de regel van deze bevoegdheid</para>
      <para>gebruik moeten maken. Slechts onder bijzondere omstandigheden mag het bestuursorgaan</para>
      <para>weigeren, dit te doen. Dit kan zich voordoen indien concreet zicht op legalisering bestaat.</para>
      <para>Voorts kan handhavend optreden zodanig onevenredig zijn in verhouding tot de daarmee te</para>
      <para>dienen belangen dat van optreden in die concrete situatie behoort te worden afgezien.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover verweerder heeft beoogd zich op het standpunt te stellen dat concreet zicht op</para>
      <para>legalisering bestaat gelet op de voorschriften van het nieuwe (vastgestelde maar niet</para>
      <para>goedgekeurde) bestemmingsplan "Vaassen-Centrum", kan dat door de rechtbank niet worden</para>
      <para>gevolgd, reeds omdat ook onder de nieuwe doeleindenbeschrijving, om dezelfde redenen als</para>
      <para>hierboven vermeld, sprake zou zijn van strijdig gebruik.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ook overigens is niet gebleken van bijzondere omstandigheden op grond waarvan</para>
      <para>handhavend optreden in dit geval zodanig onevenredig is dat daarvan behoort te worden</para>
      <para>afgezien.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.9. Het voorgaande leidt tot de slotsom dat het bestreden besluit niet op een deugdelijke</para>
      <para>motivering berust en derhalve voor vernietiging in aanmerking komt wegens strijd met</para>
      <para>artikel 7: 12 van de Awb. Het beroep is gegrond. Verweerder dient met inachtneming van</para>
      <para>deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar van eiseres.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.10. Er is aanleiding voor een veroordeling van verweerder in de proceskosten van eiseres.</para>
      <para>Met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht wordt ter zake van rechtsbijstand</para>
      <para>1 punt toegekend, waarbij een wegingsfactor 1 wordt gehanteerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>5. Beslissing</para>
    <para />
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>- verklaart het beroep gegrond;</para>
      <para>- vernietigt het bestreden besluit;</para>
      <para>- draagt verweerder op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een</para>
      <para>nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak;</para>
      <para>- bepaalt dat verweerder het betaalde griffierecht van € 285,-- aan eiseres vergoedt;</para>
      <para>- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 322,--, te</para>
      <para>betalen door de gemeente Epe, ter zake van verleende rechtsbijstand.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gegeven door mr. L.J.P. Lambooij en in het openbaar uitgesproken op 25 juli 2008 in</para>
      <para>v a.mn: M.H.M. Steigenga-Gerritsen als griffier.</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>