<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZUT:2006:AV1118</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T13:27:08</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AV1118</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zutphen" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zutphen</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2006-02-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">06/460516-05</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZUT:2006:AV1118">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZUT:2006:AV1118</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-04T23:07:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2006-02-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZUT:2006:AV1118 Rechtbank Zutphen , 03-02-2006 / 06/460516-05</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZUT:2006:AV1118:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak voor Doesburgse taxichauffeur die verdacht werd van verkrachting van een passagier</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZUT:2006:AV1118:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>RECHTBANK ZUTPHEN</para>
      <para>Meervoudige kamer voor strafzaken</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 06/460516-05</para>
      <para>Uitspraak d.d.: 3 februari 2006 (vervroegd uitspraak)</para>
      <para>Tegenspraak / oip</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>VERKORT VONNIS</para>
    <para />
    <para>in de zaak tegen:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[verdachte],</para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],</para>
      <para>wonende te [postcode, woonplaats], [adres].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Onderzoek van de zaak</para>
    <para />
    <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 1 februari 2006.</para>
    <para />
    <para>De tenlastelegging</para>
    <para />
    <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 20 september 2005 te Drempt, gemeente Bronckhorst en/of in de gemeente Doetinchem, althans in Nederland, door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van (een) handeling(en) die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], hebbende verdachte zijn penis in de vagina van die [slachtoffer] gebracht en/of geduwd en/of gestoten</para>
      <para>en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) hierin dat verdachte</para>
      <para>- voornoemde [slachtoffer] (met kracht) uit de taxi heeft getrokken (waardoor die [slachtoffer] op haar knieen terechtkwam en/of niet meer in staat was overeind te komen) en/of</para>
      <para>- (met kracht) de broek van die [slachtoffer] heeft uitgetrokken en/of</para>
      <para>- (met kracht) aan de haren van die [slachtoffer] heeft getrokken en/of die [slachtoffer] bij de haren heeft vastgehouden en/of (aldus) voor die [slachtoffer] een bedreigende</para>
      <para>situatie heeft doen ontstaan;</para>
      <para>art 242 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>ALTHANS, dat</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 20 september 2005 te Drempt, gemeente Bronckhorst en/of in de gemeente Doetinchem, althans in Nederland, met [slachtoffer], van wie hij, verdachte, wist dat die [slachtoffer] in staat van bewusteloosheid, verminderd bewustzijn of lichamelijke onmacht verkeerde, dan wel aan een zodanige gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van zijn/haar geestvermogens leed dat die [slachtoffer] niet of onvolkomen in staat was zijn/haar wil daaromtrent te bepalen of kenbaar te maken of daartegen weerstand te bieden,</para>
      <para>een of meer handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], hebbende verdachte zijn penis in de vagina van die [slachtoffer] gebracht en/of geduwd en/of gestoten;</para>
      <para>art 243 Wetboek van Strafrecht</para>
      <para>art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Vrijspraak</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan.</para>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het subsidiair tenlastegelegde heeft begaan.</para>
      <para>De verdachte behoort van de gehele tenlastelegging te worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>In beslag genomen voorwerpen </para>
    <para />
    <para>Nu er geen strafvorderlijk belang meer aanwezig is dat zich daartegen verzet, zal de teruggave worden gelast aan verdachte van de onder hem in beslaggenomen onderbroek.</para>
    <para />
    <para>BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De rechtbank beslist als volgt.</para>
    <para />
    <para>Verklaart niet bewezen, dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    <para />
    <para>Gelast de teruggave van het inbeslaggenomen, nog niet teruggegeven voorwerp aan verdachte, te weten: een onderbroek.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door mrs. Elders, voorzitter, Borgerhoff Mulder en Lagarde, rechters, in tegenwoordigheid van Jansen, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van </para>
      <para>3 februari 2006.</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>