<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZUT:2000:BN9196</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T09:51:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BN9196</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zutphen" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zutphen</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2000-07-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">00/630 VEROR 57</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZUT:2000:BN9196">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZUT:2000:BN9196</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T07:00:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-10-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZUT:2000:BN9196 Rechtbank Zutphen , 14-07-2000 / 00/630 VEROR 57</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZUT:2000:BN9196:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>APV gemeente Apeldoorn 1998, art. 42p. Voorlopige voorziening gevraagt t.a.v. bepaling in dit artikel t.a.v. geluidhinder.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZUT:2000:BN9196:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>ARRONDISSEMENTSRECHTBANK TE ZUTPHEN </para>
      <para>Sector Bestuursrecht </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Reg.nr. 00/630 VEROR 57 </para>
    <para />
    <para>UITSPRAAK </para>
    <para />
    <para>op het verzoek om een voorlopige voorziening in het geschil tussen: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>NS Railinfrabeheer BV, te Zwolle, verzoekster, </para>
      <para>en </para>
      <para>het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Apeldoorn, verweerder. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. Aanduiding bestreden besluit </para>
      <para>Besluit van verweerder van 19 mei 2000, waarbij aan Strukton Railinfra Projecten BV </para>
      <para>ontheffing is verleend van het in artikel 42p van de Algemene Plaatselijke Verordening 1998 </para>
      <para>van de gemeente Apeldoorn (APV) gestelde verbod inzake geluidhinder. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2. Procesverloop </para>
      <para>Namens verzoekster is bij brief van 26 juni 2000 bezwaar gemaakt tegen één van de aan de </para>
      <para>verleende ontheffing verbonden voorschriften. Bij brief van 6 juli 2000 is verzocht om een </para>
      <para>voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verzoek is behandeld ter zitting van 14 juli 2000, waar namens verzoekster zijn </para>
      <para>verschenen ir. P. de Groot en J. Sandbrink, bijgestaan door mr. F.M.G.M. Leyendeckers. </para>
      <para>Verweerder heeft zich doen vertegenwoordigen door mr. M.A.G. Visser en G.L. ter Brugge. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3. Motivering </para>
      <para>Ingevolge artikel 8:81 van de Awb dient te worden nagegaan, of onverwijlde spoed, gelet op </para>
      <para>de betrokken belangen, een voorlopige voorziening vereist. Voor zover deze toetsing </para>
      <para>meebrengt dat het geschil in de bodemprocedure wordt beoordeeld, heeft deze uitspraak </para>
      <para>daaromtrent een voorlopig karakter en is deze niet bindend voor de beslissing in die </para>
      <para>procedure. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In artikel 42p, eerste lid, van de APV is bepaald dat het verboden is met toestellen of </para>
      <para>geluidsapparaten, dan wel op andere wijze handelingen te verrichten, waardoor voor een </para>
      <para>omwonende of overigens voor de omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt, of toe te laten </para>
      <para>dat deze handelingen worden verricht. Ingevolge het derde lid van dit artikel kunnen </para>
      <para>burgemeester en wethouders van dit verbod ontheffing verlenen. </para>
      <para>Ingevolge het vierde lid kunnen aan de ontheffing voorschriften worden verbonden ter </para>
      <para>voorkoming of beperking van geluidhinder. Blijkens het vijfde lid kunnen deze voorschriften </para>
      <para>onder meer betreffen: het maximale geluidsniveau, de situering van geluidsbronnen, de </para>
      <para>frequentie en tijden van gebruik. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij het bestreden besluit is ontheffing verleend in verband met in opdracht van verzoekster </para>
      <para>uit te voeren onderhoudswerkzaamheden aan de Jachtlaan te Apeldoorn ter plaatse van de </para>
      <para>spoorwegovergang in het spoortraject Amersfoort-Apeldoorn, welke werkzaamheden onder </para>
      <para>meer in de nachtelijke uren op 16/17 juli, 22/23 juli , 23/24 juli en 24/25 juli a.s. zullen worden </para>
      <para>verricht. Verweerder heeft aan de ontheffing een drietal voorschriften verbonden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In geschil is het derde voorschrift, inhoudende dat aan bewoners van woningen van derden </para>
      <para>waar uit het akoestisch onderzoek, behorende bij de ontheffingsaanvraag, blijkt dat het </para>
      <para>equivalent geluidsniveau in de nachtperiode 51 dB(A) of hoger zal zijn, moet worden </para>
      <para>aangeboden om gedurende de nachten dat de werkzaamheden zullen plaatsvinden, op </para>
      <para>kosten van verzoekster – tot een maximum van f 120,- per persoon per overnachting, </para>
      <para>inclusief ontbijt – in een hotel of vergelijkbare accommodatie te verblijven. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens verzoekster is gesteld dat dit voorschrift niet kan worden aangemerkt als een </para>
      <para>voorschrift ter voorkoming of beperking van geluidhinder, als bedoeld in artikel 42p, vierde </para>
      <para>lid, van de APV, aangezien er van geluidhinder nog steeds en in dezelfde mate sprake zal </para>
      <para>zijn als een aantal omwonenden in een hotel wordt ondergebracht. Verzoekster kan </para>
      <para>vooralsnog in deze stelling worden gevolgd, zodat ernstig moet worden betwijfeld of </para>
      <para>verweerder bevoegd is een voorschrift als het onderhavige aan een ontheffing te verbinden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu er gerede twijfel bestaat of het bestreden besluit, voor zover aangevochten, stand kan </para>
      <para>houden in de bodemprocedure, is er -mede gelet op de bij dat besluit betrokken belangen aanleiding </para>
      <para>voor het treffen van een voorlopige voorziening als gevraagd, namelijk schorsing </para>
      <para>van het in geding zijnde voorschrift. Opmerking hierbij verdient dat omwonenden die een </para>
      <para>mogelijke verstoring van hun nachtrust door de te verwachten geluidhinder wensen te </para>
      <para>voorkomen, kunnen kiezen voor een verblijf elders op eigen kosten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Er is aanleiding voor een veroordeling in kosten van verleende rechtsbijstand. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>4. Beslissing </para>
      <para>De president van de rechtbank, </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>recht doende: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>-schorst het in geding zijnde aan de ontheffing verbonden voorschrift; </para>
      <para>-veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van f 710,-, te </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>betalen door verweerders gemeente; </para>
      <para>-bepaalt dat veweerders gemeente het betaalde griffierecht van f 450,- aan verzoekster </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>vergoedt. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gegeven door mr. K. van Duyvendijk, fungerend president, en in het openbaar </para>
      <para>uitgesproken op 14 juli 2000 in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>