<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBZUT:1999:AA3977</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-04T15:54:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AA3977</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Zutphen" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Zutphen</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">1999-03-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">98/1320 NABW</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZUT:1999:AA3977">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZUT:1999:AA3977</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-04T15:54:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2001-07-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBZUT:1999:AA3977 Rechtbank Zutphen , 22-03-1999 / 98/1320 NABW</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBZUT:1999:AA3977:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>-</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBZUT:1999:AA3977:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>ARRONDISSEMENTSRECHTBANK TE ZUTPHEN</para>
      <para>Enkelvoudige kamer voor bestuursrechtelijke zaken</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> Reg.nr.: 98/1320 NABW</para>
    <para />
    <para />
    <para>PROCES-VERBAAL VAN MONDELINGE UITSPRAAK</para>
    <para />
    <para />
    <para>in het geschil tussen:</para>
    <para />
    <para>A, te B, eiseres, </para>
    <para />
    <para>en </para>
    <para />
    <para>het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Harderwijk, verweerder.</para>
    <para />
    <para />
    <para>1. Bestreden besluit</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Besluit van verweerder van 17 november 1998 tot ongegrondverklaring van het bezwaar van eiseres tegen het besluit van 17 juli 1998, waarbij verweerder: </para>
      <para>heeft beslist tot ongewijzigde voortzetting van de aan eiseres  verstrekte bijstandsuitkering zolang zij niet daadwerkelijk over de nalatenschap van haar ouders kan beschikken;</para>
      <para>heeft medegedeeld dat de verstrekte bijstand zal worden teruggevorderd vanaf de ingangsdatum van de uitkering, voor zover het bedrag dat uit de erfenis beschikbaar komt toereikend is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para> 2. Gronden</para>
    <para />
    <para>Ingevolge artikel 7:1 in verbinding met artikel 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan bezwaar worden gemaakt tegen een besluit. Ingevolge artikel 1:3 Awb wordt onder een besluit verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling.</para>
    <para />
    <para>Het bezwaarschrift van eiseres was uitsluitend gericht tegen de mededeling van verweerder dat de verstrekte bijstand zal worden teruggevorderd vanaf de ingangsdatum van de uitkering, voor zover het bedrag dat uit de erfenis beschikbaar komt toereikend is.</para>
    <para />
    <para>Deze mededeling bevat niet een besluit tot terugvordering van bijstand, doch slechts de aankondiging van het voornemen tot terugvordering op enig moment in de toekomst, wanneer het bedrag uit de erfenis beschikbaar zal zijn gekomen. Uit deze aankondiging vloeien geen rechten of verplichtingen voort. </para>
    <para />
    <para>De mededeling is derhalve van feitelijke aard en niet gericht op enig rechtsgevolg, zodat geen sprake is van een rechtshandeling. Het bezwaarschrift was dus niet gericht tegen een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Awb.</para>
    <para />
    <para>Dit betekent dat verweerder het bezwaarschrift niet-ontvankelijk had moeten verklaren. Het bestreden besluit kan niet in stand blijven. </para>
    <para />
    <para>De rechtbank ziet aanleiding zelf in de zaak te voorzien door het bezwaarschrift alsnog niet-ontvankelijk te verklaren.</para>
    <para />
    <para>Er zijn termen aanwezig voor een veroordeling van verweerder in de proceskosten van eiseres. Terzake van rechtsbijstand wordt 1 punt toegekend met een gewichtsfactor 1.</para>
    <para />
    <para />
    <para> 3. Beslissing</para>
    <para />
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart het beroep gegrond; </para>
      <para>vernietigt het bestreden besluit; </para>
      <para>verklaart het bezwaarschrift van eiseres alsnog niet-ontvankelijk en bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van het vernietigde besluit; </para>
      <para>gelast verweerders gemeente het betaalde griffierecht van f 55,- aan eiseres te vergoeden; -	veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van f 710,-, te betalen door verweerders gemeente.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Deze uitspraak is gedaan op 22 maart 1999.</para>
    <para />
    <para>Binnen zes weken na deze datum staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.</para>
    <para />
    <para> Waarvan proces-verbaal,</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para> H. de Groot,	mr. K. van Duyvendijk, </para>
      <para> griffier.	      rechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>Afschrift verzonden:</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>