<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBUTR:2012:BX2303</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T10:32:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BX2303</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Utrecht" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Utrecht</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2012-07-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">326139/FT-RK   12.762</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_insolventierecht">Civiel recht; Insolventierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBUTR:2012:BX2303">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBUTR:2012:BX2303</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T10:32:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2012-07-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBUTR:2012:BX2303 Rechtbank Utrecht , 12-07-2012 / 326139/FT-RK   12.762</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBUTR:2012:BX2303:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Faillissementsrecht. Verzoek dwangakkoord ex art. 287a Fw ter zitting niet-ontvankelijk verklaard. Schuldhulpverlener kan niet aantonen dat er een concreet aanbod aan de weigerende schuldeiser is gedaan. Bovendien ontbreekt de akkoordverklaring van een schuldeiser, die op basis van een convenant met schuldhulpverlener akkoord gaat als ieder ander akkoord is gegaan. Verzoek is onvolledig en onjuist.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBUTR:2012:BX2303:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>RECHTBANK UTRECHT</para>
      <para>Sector handel en kanton   </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 326139/FT-RK   12.762</para>
      <para>nummer verklaring: UTR0311201555</para>
      <para>uitspraakdatum: 12 juli 2012</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>uitspraak op grond van artikel 287a van de Faillissementswet</para>
      <para>(“niet-ontvankelijkheid verzoek dwangakkoord”)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>[verzoeker] </para>
      <para>wonende [adres], [woonplaats],</para>
      <para>hierna: verzoeker.</para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para>Op 21 juni 2012 is door verzoeker tegelijk met het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling een verzoek ingediend tot het instellen van een dwangakkoord als bedoeld in artikel 287a Faillissementswet (Fw). </para>
    <para />
    <para>Bij brief van 27 juni 2012 heeft de griffier verzoeker en zijn schuldhulpverlener ervan op de hoogte gesteld dat de behandeling van het verzoek tot het instellen van een dwangakkoord plaats zal vinden op 12 juli 2012. Daarbij zijn verzoeker en zijn schuldhulpverlener ervan in kennis gesteld dat onder andere akkoordverklaringen van diverse schuldeisers van verzoeker ontbraken. De gevraagde gegevens dienden een week voor de zitting in het bezit te zijn van de rechtbank. Op 10 juli 2012 heeft de schuldhulpverlener het verzoek aangevuld met enkele stukken.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 12 juli 2012 heeft de mondelinge behandeling van het verzoek tot het instellen van een dwangakkoord plaatsgevonden. Hierbij zijn verschenen:</para>
      <para>-	verzoeker;</para>
      <para>-	zijn partner, mevr[X];</para>
      <para>-	de heer [A] namens de Rabobank;</para>
      <para>-	mevrouw [B], namens de Kredietbank Utrecht, schuldhulpverlener.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Ter zitting is het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. In dit vonnis wordt deze uitspraak nader verklaard.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt als volgt.</para>
      <para>Gelijktijdig met het verzoek van verzoeker is een gelijkluidend verzoek ingediend door zijn partner met wie hij samenwoont, mevrouw [X]. Er bestaat tussen verzoeker en zijn partner geen gemeenschap van goederen. Uit de schuldenlijst van verzoeker en van zijn partner blijkt dat beiden een schuld hebben aan de Rabobank. Ter zittin is echter gebleken dat de Rabobank niet beschikt over een verzoek tot medewerking aan een minnelijke regeling, terwijl een afwijzing door de Rabobank zich niet in het door de schuldhulpverlener overlegde dossier bevindt. De schuldhulpverlener heeft ter zitting niet kunnen aantonen dat er een daadwerkelijk aanbod is gedaan aan de Rabobank. Daarbij heeft de schuldhulpverlener ter zitting desgevraagd verklaard dat van schuldeiser VGZ nog geen akkoordverklaring is ontvangen. Zij verwacht echter geen problemen, want er is een convenant gesloten met VGZ dat zij akkoord gaan met een aanbod indien alle andere schuldeisers akkoord gaan, aldus de schuldhulpverlener. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Nu het verzoek tot het instellen van een dwangakkoord is gericht tegen de Rabobank maar niet duidelijk is geworden of de schuld van verzoeker aan de Rabobank bestaat, laat staan dat er een aanbod is gedaan voor een minnelijke regeling, is de rechtbank van oordeel dat er niet alleen sprake is van een onvolledig maar bovendien van een onjuist verzoek. Om die reden zal het verzoek niet ontvankelijk worden verklaard.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Beslissing</para>
    <para />
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <para>verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek.</para>
    <para />
    <para>Dit vonnis is gewezen door mr. E.W.A. Vonk en ter terechtzitting in het openbaar uitgesproken op 12 juli 2012.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>