<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBUTR:1997:5</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-30T15:35:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Utrecht" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Utrecht</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">1997-01-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">04.21.971 / 96</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBUTR:1997:5">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBUTR:1997:5</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-30T15:32:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBUTR:1997:5 Rechtbank Utrecht , 02-01-1997 / 04.21.971 / 96</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBUTR:1997:5:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Artikel 5 Handelsnaamwet.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBUTR:1997:5:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Kort</emphasis> <emphasis role="bold">geding </emphasis>nr. 04.21-971/96</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>2 januari 1997</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">ARRONDISSEMENTSRECHTBANK TE UTRECHT</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">VONNIS </emphasis>van de president van de ar­ rondissementsrechtbank te Utrecht in de zaak van:</para>
      <para />
      <para>de vennootschap onder firma</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">
          [eiseres] V.O.F.,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd en kantoorhoudende te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">eiseres,</emphasis>
      </para>
      <para>procureur: mr. H.C.E. de Vries, advocaat: mr. J.J.M.C. Huppertz te Maastricht,</para>
      <para />
      <para>- t e g e n -</para>
      <para>de besloten vennootschap</para>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">AVANCE DETACHERING BV.,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd en kantoorhoudende te Woerden,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">gedaagde,</emphasis>
      </para>
      <para>procureur: mr. E.A. Leeman.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van het geding</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Eiseres heeft gedaagde in kort geding doen dagvaarden en op de dienende dag, 16 december 1996, van eis geconcludeerd overeenkomstig de inhoud van het exploot van dagvaarding, waarvan een fotokopie aan dit vonnis is gehecht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Eiseres heeft haar vordering bij monde van haar advocaat doen toelichten mede aan de hand van overgelegde producties.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>Gedaagde heeft bij monde van haar procureur verweer doen voeren mede aan de hand van overgelegde pleitnotities en producties.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>Hierop is het debat voortgezet. Aan de zijde van eiseres zijn nog inlichtingen verschaft door [A] en [B] , beiden venno­ten van eiseres, terwijl aan de zijde van gedaagde inlichtingen zijn verschaft door [C] , directeur van gedaagde. Tenslotte hebben partijen de stukken overgelegd en vonnis gevraagd.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De vaststaande feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Sinds 1 februari 1992 wordt door (de rechtsvoorganger van) eiseres een onderneming gedreven onder de (handels)naam [(handels)naam] . Deze onderne­ming, die op 1 maart 1993 is ingebracht in eiseres, houdt zich voorna­melijk bezig met het uitzenden van arbeidskrachten. Voorts verleent zij andere diensten op het gebied van de flexibele arbeidsmarkt, zoals detachering. Eiseres heeft thans kantoren in Maastricht en Venlo. Zij is ook buiten de regio Limburg actief.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [C] heeft op 2 januari 1990 in het handelsregister de eenmanszaak [bedrijf 1] doen inschrijven. Deze eenmanszaak heeft geen activiteiten ontplooid en is op 31 maart 1990 uitgeschreven.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Op 1 oktober 1991 heeft [bedrijf 2] B.V. (sinds 6 september 1995 genaamd Avance Groep B.V.) de aandelen verworven van Software Ser­vices Quality en Results B.V. Laatstgenoemde heeft vanaf 1 januari 1994 mede gehandeld onder de naam Avance Software Services. Sinds 6 septem­ber 1995 luidt haar statutaire naam: Avance Software Services B.V. De detacheringsactiviteiten van de door Avance Software Services B.V. gevoerde onderneming zijn ingebracht in gedaagde die op 29 april 1996 is opgericht. Deze activiteiten bestaan vooral uit het detacheren van hoog opgeleid automatiseringspersoneel bij bedrijven in de Randstad Holland.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Gedaagde werft klanten door middel van rubrieksadvertenties in het blad computable waarin zij "Helpdesk-medewerkers" en "Novell (CNE)/Win­ dows NT systeembeheerders" aanbiedt. Zij heeft geen gevolg gegeven aan de sommaties van eiseres om zich te onthouden van het gebruik van een naam waarin het woord "Avance" voorkomt.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>J. <emphasis role="underline">Het geschil en de beoordeling</emphasis></para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De vordering van eiseres strekt tot veroordeling van gedaagde tot wijziging van haar statutaire en handelsnaam, zulks op zodanige wijze dat daarin het woord "Avance" niet meer voorkomt (overigens met dien verstande dat eiseres geen bezwaar heeft tegen de benaming Avance Soft­ware Services). Eiseres legt aan haar vordering, in hoofdlijnen weer­ gegeven, de stelling ten grondslag dat gedaagde handelt in strijd met artikel 5 Handelsnaamwet, nu door toedoen van gedaagde bij het publiek (gevaar voor) verwarring wordt gewekt tussen de ondernemingen van par­tijen, in het bijzonder doordat ook in de door gedaagde gekozen statutaire en handelsnaam het woord Avance voorkomt. Eiseres stelt dat zij een spoedeisend belang heeft bij haar vordering.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Gedaagde bepleit de afwijzing van de vordering. Zij voert, even eens in hoofdlijnen weergegeven, als verweer aan dat het haar niet kan worden verboden het woord Avance in haar statutaire en handelsnaam te voeren, omdat deze naam onvoldoende onderscheidend vermogen heeft, zij zich met andere activiteiten bezighoudt dan eiseres en bovendien haar activiteiten op een andere regio richt, zodat geen kans op verwarring bestaat. Op de afzonderlijke onderdelen van de (verdere) verweren van gedaagde zal hieronder, voor zoveel nodig, worden ingegaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling van het geschil</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Tussen partijen staat vast dat [C] op 2 januari 1990 de eenmans­zaak [bedrijf 1] heeft doen inschrijven. De eenmanszaak heeft geen activiteiten ontplooid en is inmiddels uitgeschreven. Gedaagde heeft sinds april 1996 een relevant gebruik gemaakt van een statutaire en handelsnaam waarvan het woord Avance een bestanddeel vormt. Eiseres en haar rechtsvoorganger hebben daarentegen sinds 1992 het woord "Avan<emphasis role="bold">­</emphasis>ce<emphasis role="bold">" </emphasis>als handelsnaam gebruikt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Uitgangspunt dient derhalve te zijn dat eiseres de oudste rechten heeft met betrekking tot de (handels)naam Avance. Het betoog van gedaagde dat deze naam onvoldoende onderscheidend vermogen heeft wordt verworpen. Het woord Avance verwijst immers niet, en in ieder geval niet direct, naar de door partijen aangeboden diensten. Op grond hier­ van kan tevens niet worden gezegd dat het gebruik van die naam door eiseres een onaanvaardbare monopoliserende werking heeft ten opzichte van andere ondernemingen op het gebied van de flexibele arbeidsmarkt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <parablock>
        <para>Ingevolge artikel 5 Handelsnaamwet is het verboden een handelsnaam te voeren die, zoals in casu, gelijk is aan, of niet in wezenlijke ma­te afwijkt van de handelsnaam van een andere onderneming die de oudste rechten heeft op die naam, zulks voorzover daardoor verwarring bij het publiek te duchten is. Bij de beoordeling van de vraag of dit laatste het geval is dienen in ieder geval de aard van de onderhavige onderne­ mingen en de plaats waar zij zijn gevestigd te worden betrokken. In dit kader is het volgende van belang:</para>
        <para>= eiseres is gevestigd te Limburg en voert een onderneming die tot</para>
        <para>op heden in beperkte mate activiteiten in de Randstad Holland ont­plooit, terwijl gedaagde in dit arrondissement is gevestigd en haar activiteiten (vooralsnog) tot de Randstad Holland beperkt:</para>
        <para>= eiseres houdt zich voornamelijk bezig met het uitzenden van ar­beidskrachten voor technische functies en heeft tot op heden één­ maal in de Randstad Holland bemiddeld voor een automatiseringsbe­drijf, namelijk Proline te Almere: de contractuele relatie met dat bedrijf is inmiddels geëindigd. Gedaagde houdt zich in het bijzon­der bezig met het detacheren van gespecialiseerd hoog opgeleid au­tomatiseringspersoneel.</para>
        <para />
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Thans is onvoldoende duidelijk geworden of de activiteiten van partijen elkaar in geografisch en/of inhoudelijk opzicht zodanig over­ lappen, dat daardoor bij het publiek verwarring tussen hun ondernemingen is te duchten. Gedaagde richt zich - anders dan eiseres - specifiek op de automatiseringsmarkt en op het detacheren van gespecialiseerd personeel voor die markt in de Randstad Holland. Dit kort geding leent zich niet voor een nader onderzoek naar de vraag of deze activiteiten zodanig specifiek zijn ten opzichte van eiseres, dat bij het publiek geen relevante verwarring tussen de ondernemingen van partijen is te duchten. Eiseres heeft tegenover de betwisting door gedaagde in ieder geval onvoldoende geadstrueerd dat deze verwarring zich nu al voordoet.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>De vordering dient derhalve te worden afgewezen. Overigens sluit dit, gezien het beperkte kader van dit kort geding en de mogelijke uitkomsten van een (eventueel) nader onderzoek in de bodemprocedure, een andersluidend oordeel in die bodemprocedure niet uit. Voorts moet reke­ning worden met de mogelijkheid dat de omstandigheden zich in de toekomst zodanig wijzigen, dat eiseres zich alsnog tegen het gebruik van de handelsnaam Avance of Avance Detachering door gedaagde kan verzet­ten. Gedaagde wordt in overweging gegeven hiermee rekening te houden. Opmerking verdient hierbij nog dat eiseres er geen bezwaar tegen heeft dat gedaagde de naam Avance Software Services B.V. voert.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>Eiseres zal, als de in het ongelijk gestelde partij, in de kosten van dit geding worden veroordeeld.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing De president:</title>
    <parablock>
      <para>wijst de vordering af;</para>
      <para>veroordeelt eiseres in de kosten van dit geding, tot aan deze uitspraak aan de zijde van gedaagde begroot op <emphasis role="italic">f </emphasis>1.500,-- voor salaris van de procureur en op <emphasis role="italic">f </emphasis>330,-- voor verschotten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. H.J. Schepen, fungerend president, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 januari 1997.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para> -- </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>