<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBSHE:2010:BN8778</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T13:22:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BN8778</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_'s-Hertogenbosch" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank 's-Hertogenbosch</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-09-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">217763 - KG ZA 10-617</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBSHE:2010:BN8778">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBSHE:2010:BN8778</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T07:00:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-09-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBSHE:2010:BN8778 Rechtbank 's-Hertogenbosch , 03-09-2010 / 217763 - KG ZA 10-617</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBSHE:2010:BN8778:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Deze zaak draait om vier kinderen die onder toezicht zijn gesteld/onder voogdij staan van Bureau Jeugdzorg (met een machtiging tot uithuisplaatsing). De kinderen verblijven al geruime tijd in het gezinshuis van De Parel in Hechtel (België). </para>
        <para>Met betrekking tot deze kinderen krijgt Tender subsidie van de Provincie Noord Brabant (hierna: de Provincie). Tender had tot 1 juli 2010 een overeenkomst met De Parel op grond waarvan het verblijf van de kinderen in het gezinshuis van De Parel werd bekostigd. De Minister voor Jeugd en Gezin (hierna: de Minister) is (thans) van oordeel dat het niet wenselijk is dat kinderen gedurende langere tijd in het buitenland verblijven. </para>
        <para>Als gevolg van het (nieuwe) beleid van de Minister heeft Bureau Jeugdzorg De Parel geïnformeerd dat de kinderen door De Parel zouden moeten worden afgegeven. De Voorzieningenrechter van de Rechtbank Breda heeft in een kort geding op 7 juli 2010 bepaald dat drie van de vier kinderen niet worden overgeplaatst naar een andere locatie.</para>
        <para>Tussen partijen staat vast dat Tender bereid is het verblijf van de kinderen in het gezinshuis van De Parel in Hechtel (voorshands) te continueren. Tender en De Parel hebben echter (nog) geen overeenstemming bereikt over een nieuwe overeenkomst die ten grondslag dient te liggen aan het (voortgezette) verblijf van de kinderen in het gezinshuis van De Parel in Hechtel en daarom vordert Tender in onderhavig kort geding de afgifte van de kinderen. Deze vordering wordt door de voorzieningenrechter afgewezen.</para>
        <para>Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is Tender te snel tot de conclusie gekomen dat zij met De Parel geen overeenstemming zou kunnen bereiken. Een spoedeisend belang aan de zijde van Tender ontbreekt dan ook. </para>
        <para>Voorts dient een belangenafweging in het nadeel van Tender uit te pakken. Tussen partijen staat vast dat de kinderen in het gezinshuis van De Parel in Hechtel op hun plaats zijn en het hen daar goed gaat. Overplaatsing van de kinderen naar een andere locatie is alleen dan aan de orde indien voortzetting van het verblijf van de kinderen in het gezinshuis van De Parel in Hechtel niet door Tender dan wel anderszins kan worden bekostigd en een deugdelijk plan voorligt waaruit blijkt dat een vergelijkbaar alternatief voor de kinderen voorhanden is en de verwachting is dat de kinderen op de alternatieve locatie op hun plaats zullen zijn en hen het daar goed zal gaan.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBSHE:2010:BN8778:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>vonnis</para>
      <para>RECHTBANK 'S-HERTOGENBOSCH</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Sector civiel recht</para>
    <para />
    <para />
    <para>zaaknummer / rolnummer: 217763 / KG ZA 10-617</para>
    <para />
    <para>Vonnis in kort geding van 3 september 2010</para>
    <para />
    <para>in de zaak van</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de stichting</para>
      <para>STICHTING TENDER,</para>
      <para>gevestigd te Breda,</para>
      <para>eiseres,</para>
      <para>advocaat mr. C.M.J. Peeters te Oosterhout,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>tegen</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de stichting</para>
      <para>STICHTING DE PAREL,</para>
      <para>gevestigd te Valkenswaard,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>advocaat mr. I.L. van Groningen te Breda.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>Partijen zullen hierna Tender en De Parel genoemd worden.</para>
    <para> </para>
    <para>1.	De procedure</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.1.	Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>-	de dagvaarding</para>
      <para>-	de mondelinge behandeling van 31 augustus 2010</para>
      <para>-	de pleitnota van Tender</para>
      <para>-	de pleitnota van De Parel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1.2.	Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
    <para />
    <para>2.	De feiten</para>
    <para />
    <para>2.1.	[A], [B] en [C] zijn onder toezicht gesteld met een machtiging tot uithuisplaatsing. [D] staat onder voogdij van Bureau Jeugdzorg. Ten aanzien van de hiervoor genoemde kinderen (hierna: de kinderen) zijn door Bureau Jeugdzorg indicatiebesluiten genomen. In de respectieve indicatiebesluiten is steeds geadviseerd dat (onder andere) “Tender Jeugdzorg gezinshuis de Parel in Hechtel”, “Tender (Stichting De Parel)”, dan wel “Tender” zorg kan verlenen. De kinderen verblijven al geruime tijd in het gezinshuis van De Parel in Hechtel (België). De kinderen zijn in het gezinshuis op hun plaats en het gaat hen daar goed.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.2.	De Provincies zijn verantwoordelijk voor de financiering van de jeugdzorg. Met </para>
      <para>betrekking tot de kinderen krijgt Tender subsidie van de Provincie Noord Brabant (hierna: de Provincie). Tender had tot 1 juli 2010 een overeenkomst met De Parel op grond waarvan het verblijf van de kinderen in het gezinshuis van De Parel werd bekostigd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.3.	De Minister voor Jeugd en Gezin (hierna: de Minister) is (thans) van oordeel dat </para>
      <para>het niet wenselijk is dat kinderen zoals de kinderen gedurende langere tijd in het buitenland verblijven. De Minister schrijft in zijn brief van 11 mei 2010 aan de Voorzitter van de Tweede Kamer onder andere: “Tijdens het spoeddebat buitenlands zorgaanbod (d.d. 10 februari 2010) sprak ik onder meer met u over Stichting De Parel. De provincie Noord-Brabant was in de veronderstelling dat er geen jongeren met een jeugdzorgindicatie verbleven bij De Parel. Begin maart heeft de inspectie mij geïnformeerd dat dit niet het geval bleek te zijn. De provincie heeft direct met de plaatsende instanties een plan van aanpak gemaakt om de jongeren die nu nog in België verblijven, elders onder te brengen. Tevens heeft de provincie in gesprekken met de zorgaanbieders en het bureau jeugdzorg expliciet aangegeven dat er geen nieuwe jongeren meer worden geplaatst bij Stichting de Parel”.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.4.	 Als gevolg van het (nieuwe) beleid van de Minister heeft Bureau Jeugdzorg De</para>
      <para>Parel geïnformeerd dat de kinderen door De Parel zouden moeten worden afgegeven. De Voorzieningenrechter van de Rechtbank Breda heeft in een kort geding tussen De Parel, Ingrid Koopman en Cornelis Koopman enerzijds en Bureau Jeugdzorg anderzijds met betrekking tot drie van de kinderen op 7 juli 2010 bepaald dat drie van de vier kinderen niet worden overgeplaatst naar een andere locatie.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.5.	Tender krijgt alleen subsidie van de Provincie als zij voldoet aan de daarvoor </para>
      <para>gestelde voorwaarden van de Provincie. De Provincie vindt het niet wenselijk dat kinderen zoals de kinderen langdurig in het buitenland verblijven. Tender is bereid om een kortlopende overeenkomst betreffende de kinderen met De Parel te sluiten. De Parel is (tot op heden) niet bereid de voorgestelde overeenkomst te ondertekenen omdat zij de duur van de voorgestelde overeenkomst te kort vindt en zij meent dat het toezicht niet goed wordt geregeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2.6.	De kinderen zouden in het geval zij vanuit België naar Nederland zouden worden overgeplaatst vanaf 6 september 2010 in Nederland naar school dienen te gaan.</para>
    <para />
    <para>3.	Het geschil</para>
    <para />
    <para>3.1.	Tender vordert   samengevat – de veroordeling van De Parel de kinderen terug te brengen naar het adres [adres] onder verbeurte van een dwangsom met veroordeling van De Parel in de kosten van de procedure.</para>
    <para />
    <para>3.2.	De Parel voert verweer. </para>
    <para />
    <para>3.3.	Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. </para>
    <para />
    <para>4.	De beoordeling</para>
    <para />
    <para>4.1.	Omdat het vonnis van de voorzieningenrechter van de Rechtbank Breda van 7 juli 2010 niet jegens Tender ten uitvoer kon worden gelegd, had Tender geen belang bij derdenverzet tegen dat vonnis. Het verweer dat Tender niet ontvankelijk is in haar vordering omdat zij derdenverzet had kunnen instellen faalt dan ook.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.2.	Tussen partijen staat vast dat Tender bereid is het verblijf van de kinderen in het </para>
      <para>gezinshuis van De Parel in Hechtel (voorshands) te continueren. Tender en De Parel hebben echter (nog) geen overeenstemming bereikt over een nieuwe overeenkomst die ten grondslag dient te liggen aan het (voortgezette) verblijf van de kinderen in het gezinshuis van De Parel in Hechtel. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter is Tender te snel tot de conclusie gekomen dat zij met De Parel geen overeenstemming zou kunnen bereiken. De voorzieningenrechter meent dan ook dat Tender thans geen spoedeisend belang heeft bij de door haar gevraagde voorziening. Van haar kan worden verwacht dat zij nader met De Parel overlegt over het sluiten van een overeenkomst. Daarbij zal zij binnen de kaders die de Provincie aan de voortgezette subsidieverlening stelt zoveel mogelijk rekening dienen te houden met de belangen van de kinderen en van De Parel dat het verblijf van de kinderen in het gezinshuis van De Parel in Hechtel ook in de toekomst gecontinueerd kan blijven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.3.	Tender heeft niet alleen geen spoedeisend belang bij de door haar gevorderde </para>
      <para>voorziening maar ook een belangenafweging dient in haar nadeel uit te pakken. Tussen partijen staat vast dat de kinderen in het gezinshuis van De Parel in Hechtel op hun plaats zijn en het hen daar goed gaat. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter is overplaatsing van de kinderen naar een andere locatie – al dan niet met vervangende toestemming van de rechtbank - alleen dan aan de orde indien voortzetting van het verblijf van de kinderen in het gezinshuis van De Parel in Hechtel niet door Tender dan wel anderszins kan worden bekostigd en een deugdelijk plan voorligt waaruit blijkt dat een vergelijkbaar alternatief voor de kinderen voorhanden is en de verwachting is dat de kinderen op de alternatieve locatie op hun plaats zullen zijn en hen het daar goed zal gaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>4.4.	Tender zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van De Parel worden begroot op:</para>
      <para>- vast recht	€	263,00</para>
      <para>- salaris advocaat		816,00</para>
      <para>Totaal	€ 	1.079,00</para>
    </parablock>
    <para>  </para>
    <para>5.	De beslissing</para>
    <para />
    <para>De voorzieningenrechter</para>
    <para />
    <para>5.1.	Wijst de vordering af;</para>
    <para />
    <para>5.2.	Veroordeelt Tender in de kosten van deze procedure tot op heden aan de zijde van De Parel begroot op € 1.079,00;</para>
    <para />
    <para>5.3	Verklaart dit vonnis met betrekking tot de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Dit vonnis is gewezen door mr. E. Loesberg en in het openbaar uitgesproken op 3 september 2010.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>