<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBSGR:2012:BY2371</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-05T18:43:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BY2371</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_s-Gravenhage" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank 's-Gravenhage</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2012-10-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">422965- FA RK 12-5121</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#voorlopigeVoorziening">Voorlopige voorziening</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001827">Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen)</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001827&amp;artikel=821">Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 821</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001827&amp;artikel=822">Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 822</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001827&amp;artikel=823">Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 823</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0002656">Burgerlijk Wetboek Boek 1</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0002656&amp;artikel=179">Burgerlijk Wetboek Boek 1 179</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JPF 2013/149 met annotatie van mr. dr. I. Curry-Sumner</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBSGR:2012:BY2371">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBSGR:2012:BY2371</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T11:04:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2012-11-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBSGR:2012:BY2371 Rechtbank 's-Gravenhage , 23-10-2012 / 422965- FA RK 12-5121</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBSGR:2012:BY2371:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Voorlopige voorziening niet mogelijk na echtscheiding van tafel en bed in het buitenland</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBSGR:2012:BY2371:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE</para>
    <para />
    <para>Sector familie- en jeugdrecht</para>
    <para />
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Rekestnummer: FA RK 12-5121</para>
      <para>Zaaknummer: 422965</para>
      <para>Datum beschikking: 23 oktober 2012</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Voorlopige voorzieningen</para>
    <para />
    <para>Beschikking op het op 9 juli 2012 ingekomen verzoek van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[de vrouw],</para>
      <para>de vrouw,</para>
      <para>wonende te [woonplaats vrouw],</para>
      <para>advocaat: mr. L.J. Zietsman te 's-Gravenhage.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Als belanghebbende wordt aangemerkt:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[de man],</para>
      <para>de man,</para>
      <para>wonende te [woonplaats man] (Italië),</para>
      <para>advocaat: mr. --.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Procedure</para>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder het verzoekschrift;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Op 9 augustus 2012 is de zaak ter terechtzitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de vrouw met haar advocaat. De man is, met bericht van verhindering, niet ter terechtzitting verschenen. </para>
    <para />
    <para>De rechtbank heeft ter terechtzitting de behandeling van het verzoekschrift aangehouden teneinde partijen in de gelegenheid te stellen om een mediationtraject te starten en teneinde de vrouw de gelegenheid te geven zich te beraden over handhaving van het verzoek. </para>
    <para />
    <para>Nu de rechtbank gebleken is dat de man om hem moverende redenen geen gebruik wil maken van het aanbod van mediation en de vrouw - blijkens haar brief van 18 september 2012 - haar verzoek handhaaft, zal de rechtbank thans beslissen op het verzoek. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Feiten</para>
      <para>- Partijen zijn op [huwelijksdatum] te [huwelijksplaats] (Italië) gehuwd. </para>
      <para>- Uit hun huwelijk zijn geboren: [minderjarige 1], op [geboortedatum] te [geboorteplaats] (Italië) en [minderjarige 2], op [geboortedatum] te [geboorteplaats] (Italië). </para>
      <para>- Partijen zijn sinds juli 2011 feitelijk uit elkaar. Sindsdien verblijft de vrouw met de minderjarigen in Nederland. </para>
      <para>- Partijen hebben een convenant gesloten, waarin zij onder meer hebben afgesproken dat de minderjarigen aan beide ouders worden toevertrouwd, ook al zijn zij woonachtig bij de vrouw in Nederland, dat de man de kinderen kan zien wanneer hij wil, hetzij in Nederland, hetzij in Italië, maar in ieder geval gedurende een week met Kerst, een week met Pasen en 20 dagen in de zomervakantie, waarbij kosten van de vliegtickets voor een retour Nederland-Italië het eerste jaar voor rekening van de man zijn en de vrouw daarna daarin ook een bijdrage levert, en dat de man het eerste jaar voor het levensonderhoud van ieder kind € 150,-- per maand betaalt en daarna € 225,-- per maand, terwijl bovendien de school-, ziekte- en gezondheidskosten door partijen bij helfte worden gedeeld. </para>
      <para>- Blijkens de overgelegde 'Decreto' van het gerechtshof te Terni (Italië) van 13 maart 2012 is op gezamenlijk verzoek van partijen de scheiding van tafel en bed uitgesproken en is het door partijen gesloten convenant door het gerechtshof in de beslissing bekrachtigd. De beslissing is voorzien van een stempel waaruit de rechtbank afleidt dat de beslissing op 29 maart 2012 in werking is getreden. </para>
      <para>- De man heeft de Italiaanse nationaliteit en de vrouw heeft de Nederlandse nationaliteit. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoek en verweer</para>
      <para>Het verzoek van de vrouw strekt ertoe - bij wijze van voorlopige voorziening - te bepalen dat:</para>
      <para>I.	de minderjarigen aan de vrouw worden toevertrouwd;</para>
      <para>II.	de man gerechtigd is tot omgang met de minderjarigen tijdens de helft van iedere korte schoolvakantie in Nederland en maximaal 20 dagen gedurende de zomervakantie in Nederland;</para>
      <para>III.	de man iedere zondag contact zal hebben met de minderjarigen, ofwel telefonisch ofwel per Skype, tussen 16:00 uur en 17:00 uur;</para>
      <para>IV.	met ingang van 6 juli 2011 een door de man aan de vrouw te betalen voorlopige kinderalimentatie van € 205,50 per maand per kind wordt vastgesteld, telkens bij vooruitbetaling vóór de eerste van de maand op een door de vrouw aan te wijzen rekeningnummer te voldoen;</para>
      <para>V. 	de man de kosten van de vliegtickets (Nederland-Italië en Italië-Nederland) voor zijn rekening neemt, op het moment, doch dit moment zal niet eerder zijn dan de zomer van 2013, dat er weer sprake zal zijn van een verblijf van de kinderen tijdens de helft van de korte vakanties in Italië en maximaal 20 dagen gedurende de zomervakantie;</para>
      <para>een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad en kosten rechtens.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beoordeling</para>
      <para>De Nederlandse rechter komt te dezen rechtsmacht toe. De rechtbank past in deze voorlopige-voorzieningenprocedure Nederlands recht toe.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De vrouw heeft in haar verzoek gesteld dat zij voornemens is een verzoek tot echtscheiding in te dienen. Ter zitting is besproken dat zij reeds van tafel en bed gescheiden is, zodat een verzoek tot echtscheiding niet mogelijk is. De vrouw heeft vervolgens gesteld dat zij een verzoek tot omzetting als bedoeld in artikel 5 van de verordening Brussel IIbis zal doen, hetgeen naar haar stelling te vergelijken is met een verzoek tot echtscheiding.</para>
    <para />
    <para>Artikel 5 van de verordening Brussel IIbis bepaalt dat het gerecht van een lidstaat dat een beslissing inzake scheiding van tafel en bed heeft gegeven, ook bevoegd is om die scheiding om te zetten in echtscheiding, indien de wet van die lidstaat daarin voorziet. Deze bepaling regelt dus enkel de bevoegdheid van de gerechten en geeft geen aparte procedure voor de omzetting van een scheiding van tafel en bed in een echtscheiding. Voor de voorwaarden en de procedure wordt verwezen naar de interne bepalingen van de lidstaat. In Nederland kan na een scheiding van tafel en bed tot een beëindiging van het huwelijk worden gekomen door indiening van een verzoek tot ontbinding van het huwelijk op grond van artikel 1:179 van het Burgerlijk Wetboek.</para>
    <para />
    <para>Op grond van artikel 821 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kunnen de in artikel 822 en 823 Rv genoemde voorlopige voorzieningen door een ieder der echtgenoten worden gevraagd in zaken van echtscheiding of scheiding van tafel en bed. De wetgever heeft dus de mogelijkheid tot het verzoeken van voorlopige voorzieningen beperkt tot zaken van echtscheiding of scheiding van tafel en bed. De ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed, valt daarbuiten, zodat artikel 821 Rv in dit geval geen wettelijke grondslag biedt voor het verzoek van de vrouw.</para>
    <para />
    <para>De rechtbank overweegt voorts dat ook de strekking van artikel 821 Rv, gericht op het treffen van ordemaatregelen, niet verenigbaar is met het verzoek. Immers in de Italiaanse beslissing is in het treffen van (orde)maatregelen reeds voorzien. </para>
    <para />
    <para>De rechtbank komt derhalve tot de conclusie dat het verzoek van de vrouw dient te worden afgewezen, nu haar verzoek een wettelijke grondslag ontbeert. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beslissing</para>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>wijst het verzoek van de vrouw af.</para>
    <para />
    <para>Deze beschikking is gegeven door mr. I.D. Bellaart, tevens kinderrechter, bijgestaan door mr. K. Beukhof als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 oktober 2012.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>