<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3664</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T10:35:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BX3664</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_s-Gravenhage" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank 's-Gravenhage</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2012-07-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">421073 FA RK 12-4351</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3664">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3664</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T10:35:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2012-11-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3664 Rechtbank 's-Gravenhage , 24-07-2012 / 421073 FA RK 12-4351</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3664:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>beroep op de hardheidsclausule artikel 282a lid 4 RV</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBSGR:2012:BX3664:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE</para>
    <para />
    <para>Sector familie- en jeugdrecht</para>
    <para />
    <para>Enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Rekestnummer: FA RK 12-4351</para>
      <para>Zaaknummer: 421073</para>
      <para>Datum beschikking: 24 juli 2012</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Scheiding</para>
    <para />
    <para>Beschikking op het op 12 juni 2012 ingekomen verzoek van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[de man], </para>
      <para>wonende te [woonplaats man],</para>
      <para>advocaat: mr. S. de Kluiver.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Als belanghebbende wordt aangemerkt:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[de vrouw],</para>
      <para>wonende te [woonplaats vrouw].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Procedure</para>
      <para>De rechtbank heeft kennis genomen van het verzoek, strekkende tot echtscheiding.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De griffie heeft de ontvangst van het verzoekschrift bij schrijven 13 juni 2012 bevestigd.</para>
    <para />
    <para>Gelet op artikel 3, vierde lid, van de Wet griffierechten burgerlijke zaken is verzoeker griffierecht verschuldigd vanaf de indiening van het verzoekschrift en dient hij ervoor te zorgen dat het griffierecht binnen vier weken nadien, in dit geval dus uiterlijk op 10 juli 2012, is bijgeschreven op de rekening van het gerecht waar de behandeling plaatsvindt dan wel ter griffie is gestort. Verzoeker heeft het verschuldigde griffierecht niet tijdig voldaan. </para>
    <para />
    <para>Bij brief van 17 juli 2012 heeft de griffier verzoeker in de gelegenheid gesteld zich binnen twee weken na dagtekening van deze brief schriftelijk en gemotiveerd uit te laten met betrekking tot het geconstateerde verzuim en/of alsnog een beroep te doen op de hardheidsclausule van artikel 282a, vierde lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv).</para>
    <para />
    <para>Bij brief van 18 juli 2012 heeft de advocaat een beroep gedaan op genoemde hardheidsclausule. Hij voert, samengevat, aan dat niet-ontvankelijkverklaring verzoeker onevenredig zou treffen in zijn belangen, nu het een echtscheidingsverzoek betreft en verzoeker om persoonlijke redenen, gelegen in de omstandigheid dat hij graag in het huwelijk zou treden met een andere partner, belang heeft bij spoedige totstandkoming en inschrijving van de verzochte echtscheidingsbeschikking. Niet-ontvankelijkverklaring levert in dit verband aanzienlijke vertraging op. De advocaat verzoekt diens verzuim niet in de weg te laten staan van de belangen van verzoeker.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Beoordeling</para>
      <para>Nu verzoeker het verschuldigde griffierecht niet tijdig heeft voldaan, dient de rechter verzoeker gelet op het bepaalde in artikel 282a, tweede lid, Rv niet-ontvankelijk te verklaren in het verzoek, tenzij toepassing van die bepaling, gelet op het belang van één of meer van de partijen bij toegang tot de rechter, leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard (artikel 282a, vierde lid, Rv, de hardheidsclausule).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank wijst het beroep op genoemde hardheidsclausule af.</para>
      <para>Gesteld noch gebleken is dat het verzuim is toe te schrijven aan een overmachtsituatie, die niet zou zijn toe te rekenen aan de advocaat. In de onderhavige situatie is sprake van een menselijke fout die heeft plaatsgevonden in de risicosfeer van de desbetreffende procespartij, in dit geval verzoeker. </para>
      <para>De omstandigheid dat verzoeker door het verzuim wordt geraakt, maakt niet dat de niet-ontvankelijkheid die daarop moet volgen leidt tot een onbillijkheid in bovenbedoelde zin. Met de enkele vaststelling dat verzoeker tegen diens wens hierdoor eerst op een later tijdstip opnieuw in het huwelijk zou kunnen treden is naar het oordeel van de rechtbank niet aangetoond dat sprake is van een dermate verstoord belangenevenwicht dat van de wettelijke regeling zou moeten worden afgeweken.</para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para>Verzoeker zal dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn verzoek.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beslissing</para>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek.</para>
    <para />
    <para>Deze beschikking is gegeven te 's-Gravenhage door mr. M. Kramer, bijgestaan door K.D. van den Berg als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 juli 2012.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>