<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBSGR:2010:BP0715</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T02:08:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BP0715</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_s-Gravenhage" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank 's-Gravenhage</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-09-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">09/528338-07 en 10/3330</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBSGR:2010:BP0715">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBSGR:2010:BP0715</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T07:30:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2011-01-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBSGR:2010:BP0715 Rechtbank 's-Gravenhage , 21-09-2010 / 09/528338-07 en 10/3330</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBSGR:2010:BP0715:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Kostenvergoeding van mediation in strafzaak. Mediation - mede op instigatie van de officier van justitie - tussen buurlieden, verdacht van mishandeling. Kosten gemaakt om te trachten de strafzaak op een andere wijze dan met een rechterlijk oordeel af te sluiten. Dusdanig verband van de mediation met de strafzaak dat kosten mediation voor vergoeding in aanmerking komen. Toegepast artikel 591 Sv.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBSGR:2010:BP0715:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE</para>
    <para />
    <para>Sector strafrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer:	09/528338-07</para>
      <para>Kenmerk RK:	10/3330</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Beschikking van de rechtbank 's-Gravenhage, enkelvoudige raadkamer in strafzaken, op het als zodanig begrepen verzoekschrift ex artikel 591 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[verzoeker],</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] in 1964 te [geboorteplaats],</para>
      <para>wonende te [adres],</para>
      <para>te dezer zake domicilie kiezende te Assen,</para>
      <para>(9400 AN) Postbus 557, ten kantore van mr. R.J.G. Peters,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>ingekomen ter griffie van deze rechtbank op 23 juli 2010, strekkende tot een vergoeding ten laste van de Staat van de kosten die ten laste van de gewezen verdachte zijn gekomen tot een bedrag van in totaal € 603,93, in verband met de door verzoeker gemaakte kosten ten aanzien van mediation. </para>
    <para />
    <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafdossier met bovengenoemd parketnummer.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft op 21 september 2010 dit verzoekschrift in raadkamer behandeld.</para>
      <para>Verzoeker is in raadkamer gehoord.</para>
      <para>Namens de Stichting Univé Rechtshulp was mr. W. Wallinga in raadkamer aanwezig.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De officier van justitie heeft in raadkamer geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beoordeling van het verzoekschrift.</para>
      <para>De raadkamer van de rechtbank is bevoegd tot behandeling van het verzoek.</para>
      <para>Het verzoek is tijdig ingekomen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uit de stukken en hetgeen op de zitting in raadkamer is verhandeld blijkt het volgende.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verzoeker werd verdacht van mishandeling van zijn buurman, die op zijn beurt in hetzelfde dossier werd verdachte van mishandeling van verzoeker. </para>
      <para>(Mede) op instigatie van de officier van justitie is een mediationtraject tussen de buurlieden gestart. Beiden waren inmiddels gedagvaard om voor de politierechter te verschijnen, welke dagvaardingen met het oog op de mediation door de officier van justitie zijn ingetrokken. </para>
      <para>Op 17 september 2009, op 6 oktober 2009 en 23 november 2009 zijn er mediationgesprek-ken geweest. Bij brief van 10 december 2009 heeft verzoeker de officier van justitie op de hoogte gesteld van het feit dat deze mediation niet is gelukt. Dit heeft de officier van justitie doen besluiten verzoeker en diens buurman opnieuw te dagvaarden. De strafzaak tegen verzoeker is uiteindelijk geëindigd door een inmiddels onherroepelijk vonnis van de politierechter van deze rechtbank van 27 april 2010, waarbij verzoeker is vrijgesproken van het hem tenlastegelegde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van artikel 591 Sv kan aan een gewezen verdachte een vergoeding worden toegekend voor de kosten, welke ingevolge het bij en krachtens de Wet tarieven in strafzaken bepaalde ten laste van de gewezen verdachte zijn gekomen, voor zover de aanwending dier kosten het belang van het onderzoek heeft gediend of door de intrekking van dagvaardingen of rechtsmiddelen door het openbaar ministerie nutteloos is geworden. </para>
      <para>Kosten, zoals advocaatkosten, die gemaakt worden om te trachten de strafzaak op een andere wijze dan met een rechterlijk oordeel af te sluiten, zoals een TOM-zitting, worden in de regel ook vergoed, zij het op basis van artikel 591a Sv.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt voorop dat het instrument van mediation bij uitstek geschikt is om een juridische procedure op een andere wijze dan met een rechterlijk oordeel af te sluiten. </para>
      <para>In dit geval werden beide partijen in één strafdossier verdacht van mishandeling van elkaar. De mediation vond plaats (mede) op instigatie van de officier van justitie, die daarin zelfs aanleiding zag de dagvaardingen in te trekken. Deze mediation hield dan ook dusdanig verband met de strafzaak, dat een redelijke wetsuitleg met zich brengt dat de aanwending van de kosten daarvan het belang van het onderzoek heeft gediend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Uit het bovenstaande volgt dat de kosten van de mediation, een totaalbedrag van € 603,93, voor vergoeding in aanmerking komen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beslissing.</para>
      <para>De rechtbank kent aan verzoeker toe ten laste van de Staat een bedrag van in totaal € 603,93 (zegge: ZESHONDERDDRIE EURO DRIEËNNEGENTIG CENT).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Aldus gedaan te 's-Gravenhage door mr. G.H.M. Smelt, rechter, in tegenwoordigheid van mr. P. Kuipers, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 21 september 2010.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>