<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBSGR:2010:BN8413</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-10-10T10:50:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ECLI:NL:RBSGR:2010:18560</dcterms:replaces>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BN8413</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_s-Gravenhage" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank 's-Gravenhage</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-09-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB 10/4891 AW</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_ambtenarenrecht">Bestuursrecht; Ambtenarenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBSGR:2010:BN8413">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBSGR:2010:BN8413</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T06:59:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-09-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBSGR:2010:BN8413 Rechtbank 's-Gravenhage , 14-09-2010 / AWB 10/4891 AW</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBSGR:2010:BN8413:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Zoals reeds eerder en meerdee malen in zaken van eiser is geoordeeld, is eiser niet werkzaam binnen het gezagsbereik van verweerder. Derhalve kan, gelet op artikel 8:4, aanhef en onder d, van de Awb, geen beroep worden ingesteld tegen een besluit om (op termijn) te worden aangesteld als gerechtsauditeur bij de Centrale Raad van Beroep (hierna: de Raad).</para>
        <para>Evenmin kan bezwaar worden gemaakt tegen het door eiser gestelde niet tijdig beslissen op zijn verzoek om te worden aangesteld als gerechtsauditeur bij de Raad.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBSGR:2010:BN8413:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE</para>
    <para />
    <para>Sector bestuursrecht</para>
    <para />
    <para>Afdeling 3, enkelvoudige kamer</para>
    <para />
    <para>Reg.nr.: AWB 10/4891 AW</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>UITSPRAAK ingevolge artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)</para>
      <para>in het geding tussen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>[Eiser], wonende te [plaats], </para>
    <para />
    <para>en</para>
    <para />
    <para>de minister van Justitie, verweerder.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>I PROCESVERLOOP</para>
      <para>1Bij brief van 24 april 2010 met als onderwerp: 'kan ik op termijn worden aangesteld als gerechtsauditeur bij de Centrale Raad van Beroep?' heeft eiser verweerder verzocht om met hem een gesprek aan te gaan, waarin de wensen van eiser over voornoemd onderwerp en de (on)mogelijkheden van verweerder wederzijds kunnen worden toegelicht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2 Bij brief van 28 juni 2010 heeft eiser verweerder verzocht om te reageren op zijn verzoek van 24 april 2010.</para>
    <para />
    <para>3 Eiser heeft bij brief van 12 juli 2010 beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing van verweerder op zijn verzoek van 24 april 2010. </para>
    <para />
    <para>4 Verweerder heeft op 29 juli 2010 de stukken en een verweerschrift ingediend.</para>
    <para />
    <para>5 Eiser heeft bij brief van 2 augustus 2010 een reactie gegeven op het verweerschrift.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>II OVERWEGINGEN</para>
      <para>1.1Ingevolge artikel 8:54, eerste lid, van de Awb kan de rechtbank, totdat partijen zijn uitgenodigd om op een zitting te verschijnen, het onderzoek sluiten indien voortzetting van het onderzoek niet nodig is, omdat zij kennelijk onbevoegd is dan wel het beroep kennelijk niet-ontvankelijk, kennelijk ongegrond of kennelijk gegrond is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De rechtbank ziet aanleiding om met toepassing van artikel 8:54 van de Awb uitspraak te doen.</para>
    <para />
    <para>1.2 Ingevolge artikel 8:4, aanhef en onder d, van de Awb kan geen beroep worden ingesteld tegen een besluit tot benoeming of aanstelling, tenzij dat beroep wordt ingesteld door een ambtenaar als bedoeld in artikel 1 van de Ambtenarenwet als zodanig.</para>
    <para />
    <para>2 De rechtbank overweegt dat uit de strekking van de brief van eiser van 24 april 2010 niet alleen volgt dat eiser een gesprek wenst met verweerder, maar dat dit ook moet worden opgevat als een verzoek om (op termijn) te worden aangesteld als gerechtsauditeur. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>3 De rechtbank overweegt dat eiser eerder verzoeken heeft gedaan om te worden aangesteld als gerechtsauditeur bij de Raad. Zoals eerder en meerdere malen in zaken van eiser is geoordeeld, is eiser niet werkzaam binnen het gezagsbereik van verweerder. Derhalve kan, gelet op artikel 8:4, aanhef en onder d, van de Awb, geen beroep worden ingesteld tegen een besluit, zoals door eiser destijds en thans is verzocht. De rechtbank verwijst naar de uitspraken van de rechtbank van 15 december 2009 (AWB 09/774 AW, waartegen geen rechtsmiddel is aangewend), 22 november 2007 (AWB 07/6304 AW, welke is bevestigd bij uitspraak van de Raad van 6 oktober 2008, LJN: BF8137) en 27 september 2007 (AWB 07/2163 AW, welke is bevestigd bij uitspraak van de Raad van 6 oktober 2008, LJN: BF8157).</para>
      <para>In eerdergenoemde uitspraak van de Raad van 6 oktober 2008, LJN: BF8137, is overwogen dat derhalve, gelet op artikel 7:1, eerste lid, van de Awb, geen bezwaar worden gemaakt tegen het desbetreffende primaire besluit en dat de rechtbank mitsdien terecht heeft geconcludeerd dat het betreffende bezwaar van eiser niet-ontvankelijk is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>In het voetspoor van voornoemde jurisprudentie is de rechtbank van oordeel dat evenmin bezwaar kan worden gemaakt tegen het door eiser gestelde niet tijdig beslissen op zijn verzoek om te worden aangesteld als gerechtsauditeur bij de Raad.</para>
    <para />
    <para>4 Gelet op het vorenstaande dient het beroep kennelijk niet-ontvankelijk te worden verklaard.</para>
    <para />
    <para>5 Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>III BESLISSING  </para>
      <para>De rechtbank 's-Gravenhage,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>RECHT DOENDE:</para>
    <para />
    <para>verklaart het beroep niet-ontvankelijk.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus vastgesteld door mr. M.M.F. Holtrop en in het openbaar uitgesproken op </para>
      <para>14 september 2010, in tegenwoordigheid van de griffier A.J. Faasse-van Rossum.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>RECHTSMIDDEL</para>
      <para>Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij aan de rechtbank verzoeken omtrent het verzet te worden gehoord.</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>