<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2025:8699</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-17T08:57:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">83/112327-23</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:8699">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:8699</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-17T08:56:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2025:8699 Rechtbank Rotterdam , 02-07-2025 / 83/112327-23</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2025:8699:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Onderzoek Rifwachter. Vrijspraak verduistering en opruiing.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2025:8699:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team straf 1</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 83/112327-23</para>
      <para>Datum uitspraak: 2 juli 2025</para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedatum] 1983,</para>
      <para>ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres] , [postcode] [woonplaats] ,</para>
      <para>raadsman mr. A.M. Seebregts, advocaat te Rotterdam.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para>Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 18 juni 2025.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding, zoals deze op de terechtzitting overeenkomstig de vordering van de officier van justitie is gewijzigd. De tekst van de gewijzigde tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. </para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Eis officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie mr. A.M. Dingley heeft gevorderd:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>vrijspraak van het onder 1 primair en subsidiair en partiële vrijspraak van het onder 2 primair ten aanzien van de nasheed ‘O ummah van Muhammed’ ten laste gelegde;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bewezenverklaring van het onder 2 primair ten laste gelegde ten aanzien van de nasheed ‘je hebt overwonnen’;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeling van de verdachte tot een voorwaardelijke taakstraf voor de duur van 40 uren, te vervangen door 20 dagen hechtenis met aftrek van voorarrest, met een proeftijd van 2 jaar.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Feit 1 </emphasis>
        </para>
        <para>Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het onder 1 primair en subsidiair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering zal worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Feit 2 </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Nasheed ‘O ummah van Muhammed'</emphasis>
        </para>
        <para>Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het ten laste gelegde ten aanzien van de nasheed ‘O ummah van Muhammed' niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering zal worden vrijgesproken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Nasheed ‘Je hebt overwonnen’</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <paragroup>
        <nr>4.2.1.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Standpunt officier van justitie</emphasis>
          </para>
          <para>Het onder 2 primair ten laste gelegde is wettig en overtuigend bewezen ten aanzien van de nasheed ‘Je hebt overwonnen’. </para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>4.2.2.</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Beoordeling</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank is van oordeel dat op grond van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting niet buiten redelijke twijfel kan worden vastgesteld dat de nasheed ‘Je hebt overwonnen’ door de verdachte openbaar is gemaakt of verspreid. Zelfs als zou kunnen worden vastgesteld dat de nasheed in de ten laste gelegde periode openbaar is gemaakt of verspreid, dan nog kan niet worden bewezen dat de verdachte dat heeft gedaan. Een verwijzing naar een account onder een naam waarmee de verdachte bekend staat en naar de kennelijke inhoud van een niet in het dossier opgenomen krantenartikel is hiervoor in elk geval onvoldoende. De rechtbank acht daarom het primair en subsidiair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>In beslag genomen voorwerp</title>
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Standpunt officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd het in beslag genomen ‘aangifteformulier liquide middelen’ terug te geven aan de verdachte.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Beoordeling</emphasis>
        </para>
        <para>Anders dan de officier van justitie heeft gesteld, kan uit het dossier niet worden vastgesteld dat het aangifteformulier liquide middelen toebehoort aan de verdachte. Uit het dossier volgt wel dat dit voorwerp in beslag is genomen bij de medeverdachte [medeverdachte] . Daarom zal ten aanzien van het in beslag genomen aangifteformulier liquide middelen in de zaak van de medeverdachte een last worden gegeven tot teruggave aan de medeverdachte [medeverdachte] .</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Bijlage</title>
    <para>De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen, dat de verdachte de onder 1 primair en subsidiair en onder 2 primair en subsidiair ten laste gelegde feiten heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. dr. J.L.M. Boek, voorzitter,</para>
      <para>en mrs. C.M. Derijks en E.M. Rocha, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mrs. E.H. Karakus en J. Knook, griffiers,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.</para>
      <para>Bijlage </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Tekst gewijzigde tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. primair</para>
    <parablock>
      <para>hij op een of meerdere momenten in of omstreeks de periode van 1 december 2015</para>
      <para>tot en met 5 november 2019 te Hilversum en/of Utrecht en/of Loosdrecht, althans elders in Nederland meermalen althans eenmaal, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk een of meerdere geldbedrag(en) van in totaal EURO 16.892,46 althans enig geldbedrag, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Stichting [naam stichting 1] en/ of Stichting [naam stichting 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders, en welk goed verdachte en/ of zijn mededaders anders dan door misdrijf onder zich hadden, te weten als bestuurder en/ of feitelijk leidinggevende van de Stichting, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. subsidiair </para>
    <parablock>
      <para>hij op een of meerdere momenten in of omstreeks de periode van 1 december 2015</para>
      <para>tot en met 5 november 2019 te Hilversum, althans elders in Nederland meermalen althans eenmaal, een of meerdere geldbedrag(en) van in totaal EURO 16.892,46 althans enig</para>
      <para>geldbedrag, in elk geval enig goed dat geheel of ten dele aan Stichting [naam stichting 1]</para>
      <para> en/of Stichting [naam stichting 2] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of</para>
      <para>zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2 primair</para>
    <parablock>
      <para>hij (op één of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2014 tot en</para>
      <para>met 25 mei 2018 te Hilversum, althans elders in Nederland (telkens) in het openbaar, mondeling en/ of bij geschrift en / of afbeelding, tot (terroristische) misdrij(ven), en/of enig strafbaar feit en/of gewelddadig optreden tegen het gezag heeft opgeruid,</para>
      <para>door het onder de naam [valse naam 1 verdachte] en/of [valse naam 2 verdachte] uitbrengen /plaatsen /publiceren van:</para>
    </parablock>
    <para>- een lied/ (a)nasheed met de benaming en/of titel 'Je hebt overwonnen' en /of</para>
    <para>- een lied/ (a)nasheed met de benaming en/of titel 'O ummah van Muhammed';</para>
    <para />
    <para>2 subsidiair</para>
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstippen</para>
      <para>in of omstreeks de periode van 1 januari 2014 tot en met 25 mei 2018 te Hilversum, althans elders in Nederland een geschrift en/of afbeelding waarin tot een (terroristisch) misdrijf dan wel een misdrijf ter voorbereiding of vergemakkelijking van een terroristisch misdrijf wordt</para>
      <para>opgeruid, te weten</para>
    </parablock>
    <para>- een lied / (a)nasheed met de benaming en/of titel 'Je hebt overwonnen' en /of</para>
    <para>- een lied/ (a)nasheed met de benaming en/of titel 'O ummah van Muhammed';</para>
    <parablock>
      <para>heeft verspreid, openlijk ten toon heeft gesteld en / of heeft aangeslagen, of om</para>
      <para>verspreid, openlijk tentoongesteld en /of aangeslagen te worden, in voorraad heeft</para>
      <para>gehad, terwijl hij, verdachte, en zijn mededader(s) wist(en) of ernstige reden had(den) te</para>
      <para>vermoeden dat in het geschrift of de afbeelding zodanige opruiing voorkwam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>