<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2025:7958</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-11T13:00:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB - 25 _ 473</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#mondelingeUitspraak">Mondelinge uitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_socialezekerheidsrecht">Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:7958">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:7958</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-07T08:59:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-07-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2025:7958 Rechtbank Rotterdam , 04-07-2025 / AWB - 25 _ 473</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2025:7958:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Mondelinge uitspraak. Intrekking en terugvordering AIO-aanvulling. Schending inlichtingenplicht.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2025:7958:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Bestuursrecht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>zaaknummer: ROT 25/473</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>
      <?linebreak?>proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van </title>
    <bridgehead role="bold">4 juli 2025 in de zaak tussen</bridgehead>
  </section>
  <section>
    <title>
      <?linebreak?>
      [eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres</title>
    <para>(gemachtigde: mr. R. Kuijer),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>de Raad van Bestuur van de Sociale Verzekeringsbank, de SVB </title>
    <para>(gemachtigde: mr. P. Stahl-de Bruin).</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Zitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft het beroep op 4 juli 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van het college.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Na sluiting van het onderzoek ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Motivering</title>
    <para />
    <para>1. Vanaf 24 december 2018 ontvangt eiseres bijstand in de vorm van een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO-aanvulling). Eiseres heeft op het aanvraagformulier van de AIO-aanvulling niet gemeld dat ze op Curaçao een woning bezit en huuropbrengsten ontvangt. Eiseres heeft ook niet gemeld dat ze op Curaçao een bankrekening heeft en een bedrijfspensioen van Ennia Pensioen ontvangt. Door dit niet te melden bij haar aanvraag heeft eiseres haar inlichtingenplicht geschonden. De waarde van de niet gemelde woning en de niet gemelde inkomsten overtreffen het vrij te laten vermogen aanzienlijk. De SVB was gehouden de AIO-aanvulling met ingang vanaf 1 april 2019 in te trekken en het  teveel ontvangen AIO-aanvulling tot een bedrag van € 52.229,62 in de periode van april 2019 tot en met maart 2024 van eiseres terug te vorderen. Anders dan eiseres meent valt verweerder niets te verwijten. Hij is ervan uitgegaan dat eiseres, zoals zij onder de aanvraag heeft vermeld, haar aanvraag volledig en naar waarheid heeft ingevuld. De overgelegde informatie bij de aanvraag gaf geen aanknopingspunten om verder onderzoek in te stellen naar mogelijke achtergehouden informatie.</para>
    <para />
    <para>2. Het beroep is ongegrond. Eiseres krijgt geen gelijk. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Ook krijgt eiseres geen vergoeding van haar proceskosten. </para>
    <para />
    <para>3. Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid om tegen de mondelinge uitspraak in hoger beroep te gaan op de hieronder omschreven wijze.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit proces-verbaal is vastgesteld door mr. A.C. Rop, rechter, in aanwezigheid van <?linebreak?>R.P. Evegaars, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>griffier</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>rechter</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Informatie over hoger beroep</title>
    <para>Een partij die het niet eens is met de uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>