<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2025:15384</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-19T11:34:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-12-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11625269</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:15384">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:15384</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-19T11:32:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2025:15384 Rechtbank Rotterdam , 05-12-2025 / 11625269</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2025:15384:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Gedaagde heeft een keuken besteld en deze bestelling later geannuleerd. Vordering van eiser tot betaling van de annuleringskosten wordt afgewezen. Annuleringsbeding is onredelijk bezwarend omdat de hoogte van de gevorderde schade onvoldoende aannemelijk is gemaakt.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2025:15384:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Rotterdam</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 11625269 CV EXPL 25-8193</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>datum uitspraak: 5 december 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres] ,</emphasis> die onder andere handelt onder de naam <emphasis role="bold">[handelsnaam]</emphasis>,</para>
      <para>vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>eiseres, </para>
      <para>gemachtigde: mr. R.J. Stoop,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>woonplaats: [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>gemachtigde: [persoon A] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De partijen worden hierna ‘ [eiseres] ’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 17 maart 2025, met bijlagen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het antwoord;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de mail van 21 oktober 2025 van [eiseres] , met bijlagen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de mail van 23 oktober 2025 van [gedaagde]</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de mails van 5 november 2025 van [gedaagde] ; met bijlagen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de spreekaantekeningen van [eiseres] .</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Op 5 november 2025 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij waren aanwezig namens [eiseres] [persoon B] (procesmanager), [persoon C] (eigenaar) met de gemachtigde en [gedaagde] met haar gemachtigde.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Waar gaat de zaak over?</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft op 18 juli 2024 bij [eiseres] een keuken besteld ter waarde van € 10.200,00. In de overeenkomst staat vermeld dat [gedaagde] zelf moet zorgen voor de maatvoering en de montage van de keuken. De tekening die [eiseres] heeft gemaakt van de keuken is door [gedaagde] goedgekeurd. Na de goedkeuring heeft  [eiseres] – gelet op het verzoek van [gedaagde] om een snelle levering – bestellingen geplaatst bij haar leveranciers. Op 23 augustus 2024 heeft [gedaagde] de bestelling geannuleerd. Op grond van de algemene voorwaarden vordert [eiseres] daarom de annuleringskosten van € 3.050,00. [gedaagde] is het niet eens met de vordering en betwist de bevoegdheid van de rechtbank Rotterdam.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De vordering wordt afgewezen. Hierna wordt uitgelegd waarom.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Rechtbank Rotterdam is bevoegd</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Het betoog van [gedaagde] dat de kantonrechter van de rechtbank Rotterdam niet bevoegd is op grond van de Algemene voorwaarden van [eiseres] , slaagt niet. <?linebreak?>In de laatste zin van artikel 17.1 van de Algemene voorwaarden staat namelijk dat de verkoper bevoegd blijft om de afnemer te dagvaarden voor de volgens de wet of toepasselijke internationale verdrag bevoegde rechter. Omdat [gedaagde] in Barendrecht woont, mocht [eiseres] haar dus voor de rechtbank Rotterdam dagvaarden.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Algemene voorwaarden</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [gedaagde] stelt dat zij niet is gewezen op de inhoud van de algemene voorwaarden en daar ook niet voor heeft getekend. [eiseres] heeft ter zitting onweersproken gesteld dat de algemene voorwaarden op de achterzijde van de koopovereenkomst staan vermeld. Door ondertekening van de koopovereenkomst heeft [gedaagde] verklaard kennis te hebben genomen van de inhoud daarvan en met de toepasselijkheid daarvan te hebben ingestemd. De kantonrechter is daarom van oordeel dat als vaststaand moet worden aangenomen dat [gedaagde] bekend was met de inhoud van de algemene voorwaarden. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Oneerlijke bepalingen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De kantonrechter moet ambtshalve beoordelen of in de algemene voorwaarden van [eiseres] oneerlijke bepalingen staan, zoals bedoeld in Richtlijn 93/13 EG. De kantonrechter moet oneerlijke bepalingen vernietigen. [eiseres] mag die bepaling dan niet gebruiken en ook geen beroep meer doen op aanvullend recht.<footnote-ref linkend="_5abcc96c-213a-4dd7-a9ac-ac947938dd36" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat sprake is van een oneerlijke bepaling in de algemene voorwaarden. De koopovereenkomst tussen partijen betreft een consumentenkoop (artikel 7:5 BW). [eiseres] beroept zich op het annuleringsbeding in artikel 10.1. van de algemene voorwaarden. Op basis van dit artikel is [gedaagde] een gefixeerde schadevergoeding verschuldigd van 30% van de koopprijs bij beëindiging van de overeenkomst anders dan op grond van het feit dat [gedaagde] in de nakoming van haar verbintenis tekort is geschoten. Dit beding komt voor op de grijze lijst (artikel 6:237 aanhef en onder i BW). Het annuleringsbeding wordt derhalve vermoed onredelijk bezwarend te zijn. Dit is slechts anders als de geldsom een redelijke vergoeding is voor het door [eiseres] geleden verlies of gederfde winst (schade). Omdat het annuleringsbeding wordt vermoed onredelijk bezwarend te zijn, is het aan [eiseres] om dit wettelijk vermoeden te weerleggen door feiten en omstandigheden te stellen en bij betwisting te bewijzen waaruit volgt dat het beding niet onredelijk bezwarend is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat [eiseres] er niet in is geslaagd om feiten en omstandigheden naar voren te brengen die afzonderlijk en/of in onderlinge samenhang het vermoeden hebben weerlegd dat het annuleringsbeding in artikel 10.1. van de algemene voorwaarden tegenover [gedaagde] onredelijk bezwarend is. [eiseres] heeft onvoldoende onderbouwd wat voor de annulering van deze keuken haar geleden verlies of gederfde winst (schade) is. [eiseres] heeft weliswaar een overzicht van de algemene bedrijfskosten (in percentages) in het geding gebracht, maar die zijn niet specifiek genoeg voor de aankoop van [gedaagde] . Dat het volgens [eiseres] op grond van de overgelegde “CBW-erkend voorwaarden voor woonwinkels” gebruikelijk is om een annuleringsvergoeding te vragen van 30%, maakt de zaak niet anders. Los van het feit dat [eiseres] die algemene voorwaarden niet hanteert, staat in artikel 12.2. van die algemene voorwaarden ook dat de geleden schade aannemelijk moet worden gemaakt. Het had op de weg van [eiseres] gelegen haar schade ten aanzien van de aankoop van [gedaagde] nader toe te lichten en te onderbouwen. Dat geldt in dit geval te meer omdat [eiseres] ter zitting heeft toegelicht dat het een standaardkeuken betrof die bij haar leverancier is blijven staan. Meer dan een jaar later zou [eiseres] dan duidelijk moeten kunnen maken of en zo ja welke kosten haar leverancier bij [eiseres] in rekening heeft gebracht. Dat heeft [eiseres] niet gedaan door te volstaan met een overzicht van de algemene bedrijfskosten.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Conclusie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>Het voorgaande betekent dat [eiseres] niet inzichtelijk heeft gemaakt dat de in rekening gebrachte annuleringskosten van € 3.050,00 in een redelijke verhouding staan tot haar schade. Daarom vernietigt de kantonrechter het annuleringsbeding in artikel 10.1. van de algemene voorwaarden. De vordering van [eiseres] , die gebaseerd is op artikel 10.1. van de algemene voorwaarden, wordt dan ook afgewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">
            [eiseres] moet de proceskosten betalen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>De proceskosten komen voor rekening van [eiseres] , omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot de kosten die [eiseres] aan [gedaagde] moet betalen op € 476,00 aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 238,00) en € 119,00 aan nakosten. Dat is in totaal € 595,00. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <para>Dit vonnis wordt voor wat betreft de proceskosten uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Dat betekent dat het vonnis op dat punt meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter:</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>wijst de vordering van [eiseres] af;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, die aan de kant van [gedaagde] worden begroot op € 595,00;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>verklaart de proceskostenveroordeling onder 2.4. uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>wijst al het andere af.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.C. Rop en in het openbaar uitgesproken.</para>
        <para>48436</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_5abcc96c-213a-4dd7-a9ac-ac947938dd36" label="1">
    <para> Hof van Justitie van de Europese Unie 27 januari 2021, ECLI:EU:C:2021:68</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>