<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2025:14925</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-06T16:05:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-12-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/709471 / JE RK 25-2256</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:14925">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:14925</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-06T16:03:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2025:14925 Rechtbank Rotterdam , 08-12-2025 / C/10/709471 / JE RK 25-2256</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2025:14925:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>afwijzen verzoek toestemming medische behandeling</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2025:14925:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team Jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/10/709471 / JE RK 25-2256</para>
      <para>Datum uitspraak: 8 december 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kinderrechter </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdbescherming &amp; Reclassering</emphasis>, </para>
      <para>hierna te noemen: de GI, gevestigd te Rotterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>over</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige]
        </emphasis>, </para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 2020 in [geboorteplaats] , hierna te noemen: [voornaam minderjarige]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de moeder, wonende in [woonplaats] ,</para>
      <para>advocaat: mr. M. Nentjes, kantoorhoudende te Rotterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als informanten aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de gezinshuisouders van [voornaam minderjarige] ‘ [naam gezinshuis] ’</emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de gezinshuisouders, verblijvende op een bij de rechtbank bekend adres.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: </para>
      <para />
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 28 oktober 2025, binnengekomen bij de rechtbank op 3 november 2025;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het bericht van de GI met bijlage van 1 december 2025. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 8 december 2025. Daarbij waren aanwezig:</para>
      <para>- de moeder met haar advocaat;</para>
      <para>- een vertegenwoordiger van de GI, [persoon A] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3.</nr>
      <para>De kinderrechter heeft bijzondere toegang verleend aan een student stagiair van mr. M. Nentjes, [persoon B] . </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4.</nr>
      <para>De gezinshuisouders zijn, hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, niet ter zitting verschenen. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige]</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [voornaam minderjarige] verblijft in een gezinshuis.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Bij beschikking van 29 september 2025 is de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengd tot 3 april 2026. Bij deze beschikking heeft de kinderrechter tevens de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verlengd tot 3 april 2026.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De GI verzoekt vervangende toestemming te verlenen voor een medische behandeling van [voornaam minderjarige] De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De standpunten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De GI handhaaft het verzoek tijdens de mondelinge behandeling en licht het als volgt toe. Er bestaan zorgen over het gedrag van [voornaam minderjarige] De intensiteit van haar emoties is groot en dit wordt getriggerd door de contactmomenten met de moeder. De gedragsproblematiek van [voornaam minderjarige] kan wijzen op trauma. De inzet van traumatherapie is van belang om de emotieregulatie van [voornaam minderjarige] te verbeteren. De GI heeft hierover meermaals contact opgenomen met de moeder. De moeder heeft aangegeven de uitleg van de GI te summier te vinden, waarna de GI in september 2025 uitgebreid toelichting heeft gegeven over de inzet van deze hulpverlening. Hierbij heeft de GI de optie geboden om [voornaam minderjarige] in eerste instantie aan te melden voor een screening. De moeder vindt [voornaam minderjarige] te jong voor traumatherapie en is bang voor speculaties. De gedragswetenschapper die vanuit het gezinshuis betrokken is, geeft aan dat er in eerste instantie kan worden ingezet op een verbetering van de emotieregulatie door de inzet een laagdrempelige vorm van traumaverwerking zoals speltherapie. Wanneer dit nodig blijkt, kan vervolgens een vervolgbehandeling, zoals EDMR-therapie, worden ingezet.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Door en namens de moeder wordt verweer gevoerd tegen het verzoek van de GI. De moeder stemt niet in met de inzet van EMDR-therapie. Er wordt gezocht naar een oplossing voor een probleem dat er niet is. De moeder ontkent [voornaam minderjarige] te hebben verwaarloosd of mishandeld. [voornaam minderjarige] heeft dus geen trauma opgelopen in de thuissituatie bij de moeder. Het kan wel zo zijn dat [voornaam minderjarige] door de uithuisplaatsing een trauma heeft opgelopen. Daarnaast is de inzet van EDMR-therapie erg intensief. De stukken ter onderbouwing van de noodzakelijkheid van de inzet van EDMR-therapie zijn onvoldoende toereikend om het verzoek toe te wijzen. De moeder stemt wel in met de inzet van speltherapie. Als hierna blijkt dat er meer hulpverlening nodig is voor [voornaam minderjarige] , kan er opnieuw een afweging worden gemaakt. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>5</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>De kinderrechter kan vervangende toestemming verlenen voor de medische behandeling van een minderjarige jonger dan twaalf jaar, indien behandeling noodzakelijk is om ernstig gevaar voor de gezondheid van de minderjarige af te wenden en de ouder die het gezag uitoefent zijn toestemming daarvoor weigert.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>
        [voornaam minderjarige] laat gedragsproblematiek zien, dat mogelijk wordt veroorzaakt door trauma. De GI heeft aangegeven graag traumatherapie in te willen zetten gericht op het verbeteren van de emotieregulatie van [voornaam minderjarige] De inzet van een dergelijke therapie kan worden gezien als een medische behandeling die wordt gesteund door een deskundige op dat gebied, zoals een traumadeskundige en/of een gedragswetenschapper. Voorts dient duidelijk te zijn voor welke therapie de kinderrechter de vervangende toestemming zou moeten geven. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>De GI heeft aangevoerd dat de gezinshuisouders signalen zien die een traumabehandeling noodzakelijk maken. Een gedragswetenschapper die is ingeschakeld door het gezinshuis heeft overwogen dat de gezinshuisouders een traumasensitieve aanpak inzetten die verwerking ondersteunt en veiligheid biedt. Gezien wordt dat dit onvoldoende effect heeft op [voornaam minderjarige] , waardoor de gedragswetenschapper concludeert dat [voornaam minderjarige] meer ondersteuning nodig heeft en adviseert om (eerst) in te zetten op een laag intensieve therapie, zoals speltherapie. De moeder heeft ter zitting aangegeven met de inzet van speltherapie in te stemmen, zodat vervangende toestemming van de kinderrechter daarvoor niet aan de orde is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>Het is onduidelijk of [voornaam minderjarige] daarna een aanvullende traumabehandeling nodig heeft, het is eveneens onduidelijk welke therapie dat dan zou moeten zijn. Bovendien ontbreekt een gedegen onderbouwing daarvan van een gedragswetenschapper, die [voornaam minderjarige] heeft gezien (geobserveerd) en eventueel gesproken, waardoor het verzoek voor vervangende toestemming van een (op de speltherapie) aanvullende behandeling onvoldoende is onderbouwd. Gelet op deze onduidelijkheden en het ontbreken van een onderbouwing van een deskundige zal de kinderrechter het verzoek afwijzen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1.</nr>
      <para>wijst het verzoek af.</para>
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 8 december 2025 door mr. A. Verweij, kinderrechter, in aanwezigheid van L.M. Buurman als griffier, en op schrift gesteld op 17 december 2025.</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>