<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2025:14907</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-04-21T12:56:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-12-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11622301 VZ VERZ 25-2200</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Notamail 2026/5</rdf:li>
          <rdf:li>JERF Actueel 2026/8</rdf:li>
          <rdf:li>Sdu Nieuws Personen- en familierecht 2026/26</rdf:li>
          <rdf:li>ERF-Updates.nl 2026-0063</rdf:li>
          <rdf:li>VEAN-ERF-Updates.nl 2026-0063</rdf:li>
          <rdf:li>JERF 2026/58 met annotatie van mr. J. Nobel</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:14907">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:14907</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-31T19:11:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2025:14907 Rechtbank Rotterdam , 17-12-2025 / 11622301 VZ VERZ 25-2200</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2025:14907:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Erfrecht. Bevel boedelbeschrijving met aanwijzing notaris (artikel 672 Rv). Medewerking erfgenaam.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2025:14907:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Rotterdam</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 11622301 VZ VERZ 25-2200</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>datum uitspraak: 17 december 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van de kantonrechter</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker 1] en [verzoeker 2] , vennoten van [bewindvoerderskantoor] ,</emphasis>
      </para>
      <para>vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">handelend als bewindvoerders over het vermogen van [persoon A]</emphasis>,</para>
      <para>woonplaats: [woonplaats 1] <emphasis role="bold">,</emphasis></para>
      <para>verzoekers,</para>
      <para>gemachtigde: mr. R.A. Vermeulen (ARAG SE),</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verweerster]
        </emphasis>,</para>
      <para>woonplaats: [woonplaats 2] ,</para>
      <para>verweerster.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De partijen worden hierna ‘de bewindvoerders’ en ‘ [verweerster] ’ genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para>Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 27 maart 2025;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het proces-verbaal van de zitting van 29 september 2025;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de mail van 30 september 2025 van de heer [persoon B] van Stichting [naam stichting] ;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van 31 oktober 2025 van mr. Vermeulen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de brief van 5 november 2025 van mr. Vermeulen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de mail van 1 december 2025 namens [verweerster] ;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de mail van 4 december 2025 van mr. Vermeulen.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Waar gaat de zaak over? </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De zaak gaat over de nalatenschappen van de ouders van [persoon A] (hierna: [persoon A] ). Hij is erfgenaam in beide nalatenschappen, maar degene die over informatie over de nalatenschap van zijn vader beschikt of kan beschikken, geeft geen informatie. Diegene is [verweerster] , de tweede echtgenote van [persoon A] ’ vader. De bewindvoerders van het vermogen van [persoon A] hebben echter wel informatie nodig over de samenstelling en omvang van de nalatenschap voor het berekenen van het erfdeel van [persoon A] . Daarom vragen zij aan de kantonrechter een notariële boedelbeschrijving te bevelen en daarbij een notaris aan te wijzen en [verweerster] te veroordelen hieraan mee te werken. De kantonrechter wijst de verzoeken deels toe. Hierna wordt uitgelegd waarom dit de uitkomst is van de procedure. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wat is er gebeurd?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De moeder van [persoon A] , mevrouw [persoon C] (hierna: erflaatster), is overleden op [overlijdensdatum 1] . Haar laatste woonplaats was Rotterdam. Zij was in gemeenschap van goederen gehuwd met de vader van [persoon A] , de heer [persoon D] . Erflaatster had geen testament. Op basis van de wet zijn [persoon A] en zijn vader erfgenaam. Onderdeel van de nalatenschap van erflaatster is een woning in Rotterdam. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De vader van [persoon A] , de heer [persoon D] (hierna: erflater), is overleden op [overlijdensdatum 2] . Zijn laatste woonplaats was Rotterdam. Hij was op dat moment in  gemeenschap van goederen gehuwd met [verweerster] . Erflater had geen testament. Op basis van de wet zijn [persoon A] en [verweerster] erfgenaam. [persoon A] heeft de nalatenschap van erflater beneficiair aanvaard. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De goederen van [persoon A] zijn in 2023 onder bewind gesteld. De bewindvoerders over het vermogen van [persoon A] hebben op 10 mei 2024 een betalingsherinnering over de definitieve aanslag erfbelasting 2021 ontvangen van de Belastingdienst, maar wisten niet van de aangifte en weten ook niet wat de omvang en samenstelling van de nalatenschap is. Zij hebben (via de gemachtigde) [verweerster] meerdere keren gevraagd om informatie, maar niets gekregen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wat willen verzoekers?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <parablock>
        <para>De bewindvoerders vragen om, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:</para>
        <para>I. een boedelbeschrijving te bevelen van de nalatenschap van erflater en daarbij een notaris te benoemen die daartoe kan overgaan, waarbij – voor zover mogelijk – eveneens rekening wordt gehouden met de nalatenschap van erflaatster;</para>
        <para>II. [verweerster] te verplichten medewerking te verlenen aan de afgifte van alle door de notaris gevraagde en benodigde gegevens waarover zij beschikt en kan beschikken;</para>
        <para>III. een dwangsom op te leggen aan [verweerster] van € 100,00 voor iedere dag dat, één maand na betekening van de beschikking, de benodigde gegevens/bescheiden niet aan de notaris en/of verzoekers zijn verstrekt casu quo er in deze dientengevolge geen boedelbeschrijving is opgesteld;</para>
        <para>IV. te bepalen dat de kosten van de werkzaamheden van de notaris uitsluitend voor rekening van [verweerster] komen;</para>
        <para>V. [verweerster] te veroordelen in de proceskosten. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wat wil verweerster?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>
        [verweerster] heeft geen verweer gevoerd tegen de verzoeken. In het laatste bericht van haar kant (de mail van 1 december 2025) wordt gevraagd om uitstel voor het aanleveren van een boedelbeschrijving omdat zij dat niet zelfstandig kan regelen en om ondersteuning van de andere partij bij het inschakelen van een notaris omdat zij dat ook niet zelf kan en op dit moment geen advocaat of andere professionele ondersteuning heeft. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De kantonrechter beveelt een boedelbeschrijving en wijst daarbij een notaris aan</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>De kantonrechter beveelt een boedelbeschrijving in de nalatenschap van erflater, waarbij – voor zover mogelijk – rekening wordt gehouden met de nalatenschap van erflaatster. Daarbij wordt mr. A.R. Autar verbonden aan Kooijman Autar Notarissen in Rotterdam aangewezen als notaris die de genoemde boedelbeschrijving dient op te maken zoals bedoeld in artikel 672 Rv. De notaris heeft verklaard vrij te staan ten opzichte van de partijen en in staat en bereid te zijn de boedelbeschrijving op te maken tegen het op zijn kantoor gebruikelijke uurtarief (tarief in 2025: € 551,76 incl. btw). </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>Aan de voorwaarde voor het geven van een bevel tot boedelbeschrijving is voldaan, want de bewindvoerders hebben het belang bij een notariële boedelbeschrijving summierlijk aannemelijk gemaakt (artikel 672 Rv). Zij hebben toegelicht dat zij informatie nodig hebben over de omvang en samenstelling van de nalatenschap van erflater om het erfdeel van [persoon A] te berekenen (artikel 4:16 lid 4 BW). Voor het bepalen van de omvang en de samenstelling van de nalatenschap van erflater is het eveneens van belang om, voor zover mogelijk, te kijken naar de nalatenschap van erflaatster, aldus de bewindvoerders. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>De kosten voor het maken van de boedelbeschrijving komen voor rekening van de nalatenschap. Er zijn geen redenen om die kosten uitsluitend voor rekening van [verweerster] te brengen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">
            [verweerster] moet medewerking verlenen aan het opmaken van de boedelbeschrijving</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <para>
        [verweerster] moet medewerking verlenen aan de afgifte van alle door de notaris gevraagde en benodigde gegevens waarover zij beschikt of kan beschikken voor het opmaken van de boedelbeschrijving. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.11.</nr>
      <para>Hoewel uit de processtukken en tijdens de procedure is gebleken dat [verweerster] zich tot nu toe niet erg meewerkend opstelt en/of niet voortvarend handelt, zal de kantonrechter nu geen dwangsom verbinden aan de verplichting tot medewerking, omdat nu niet duidelijk is welke gegevens de notaris zal opvragen voor het opmaken van de boedelbeschrijving. De kantonrechter wijst [verweerster] er wel op dat, als zij geen medewerking verleent, dat zal kunnen leiden tot een nieuwe procedure waarin mogelijk wel een dwangsom kan worden verbonden aan de dan van haar gevraagde medewerking. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Iedere partij draagt de eigen proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.12.</nr>
      <para>Gelet op de erfrechtelijke relatie tussen [persoon A] en [verweerster] , ziet de kantonrechter aanleiding om te bepalen dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter:</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>beveelt het opmaken van een boedelbeschrijving in de nalatenschap van erflater,  waarbij – voor zover mogelijk – eveneens rekening wordt gehouden met de nalatenschap van erflaatster, en wijst aan als notaris die de boedelbeschrijving dient op te maken:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>mr. A.R. Autar, notaris verbonden aan Kooijman Autar Notarissen, </para>
        <para>kantoorhoudende aan Straatweg 7, 3051 BA in Rotterdam</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>bepaalt dat de griffier een afschrift van deze beschikking aan de notaris zal toezenden;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>verplicht [verweerster] medewerking te verlenen aan de afgifte van alle door de notaris gevraagde en benodigde gegevens waarover zij beschikt of kan beschikken voor het opmaken van de boedelbeschrijving;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>wijst al het andere af.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. M. Fiege en in het openbaar uitgesproken.</para>
        <para>34286</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>