<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2025:12868</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-04T11:16:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">02/053687-22</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:12868">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:12868</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-04T11:14:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2025:12868 Rechtbank Rotterdam , 29-10-2025 / 02/053687-22</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2025:12868:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Mondelinge procesafspraken, ter terechtzitting overeengekomen. Veroordeling feiten die zien op grootschalige drugshandel. Onder meer overeengekomen oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden met aftrek, alsmede een geldboete van € 25.000 euro. De rechtbank beslist conform procesafspraken.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2025:12868:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">Rechtbank Rotterdam</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team straf 3</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 02/053687-22</para>
      <para>Datum uitspraak: 29 oktober 2025</para>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Verkort vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte],</emphasis>
      </para>
      <para>geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1978,</para>
      <para>ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres: </para>
      <para>
        [adres],</para>
      <para>raadsman mr. R. van ’t Land, advocaat te Breda.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek op de terechtzitting</title>
    <para>Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 16 oktober 2025.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de vordering aanpassing omschrijving feiten in tenlastelegging, waarbij de oorspronkelijke opgave van de feiten als bedoeld in artikel 261, derde lid van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) op vordering van de officier van justitie is gewijzigd. De tekst van de nader omschreven tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. </para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Eis officier van justitie</title>
    <para>De officier van justitie mr. J.F.M. Kerkhofs heeft gevorderd:</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>bewezenverklaring van het onder 1 primair en 2 ten laste gelegde;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden met aftrek van voorarrest, alsmede een geldboete van € 25.000,-.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewezenverklaring feiten</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht het onder 1 primair en 2 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen. Nu de verdediging geen (bewijs)verweren heeft gevoerd, zullen deze feiten zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>Wettig en overtuigend is bewezen dat de verdachte het onder 1 primair en 2 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:</para>
      </parablock>
      <para>1. Zaaksdossier 1 Weidehek)</para>
      <para>hij <emphasis role="strike-through">op een of meer tijdstip(pen)</emphasis> in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 23 januari<?linebreak?>2021 tot en met 05 februari 2021 te Breda, <emphasis role="strike-through">althans in Nederland</emphasis><?linebreak?>tezamen en in vereniging met <emphasis role="strike-through">een of meer</emphasis> anderen, <emphasis role="strike-through">althans alleen</emphasis>,<?linebreak?>opzettelijk<?linebreak?>heeft <emphasis role="strike-through">verwerkt en/of verkocht en/of</emphasis> afgeleverd en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> verstrekt en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis><?linebreak?>vervoerd, <emphasis role="strike-through">in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad</emphasis> grote<?linebreak?>hoeveelheden cocaïne, <emphasis role="strike-through">althans in elk geval een (handels)hoeveelheid</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">cocaïne,</emphasis> zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet<?linebreak?>behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel<?linebreak?>3a van die wet;</para>
      <para />
      <para>2 ( Zaaksdossier 2)</para>
      <parablock>
        <para>hij <emphasis role="strike-through">op een of meer tijdstip(pen)</emphasis> in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 01 mei</para>
        <para>2020 tot en met 20 februari 2021, te Breda, <emphasis role="strike-through">althans in Nederland</emphasis><?linebreak?>tezamen en in vereniging met <emphasis role="strike-through">een ander of</emphasis> anderen, <emphasis role="strike-through">althans alleen </emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">(</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van<?linebreak?>de Opiumwet, te weten</para>
        <para>
          <?linebreak?>het opzettelijk verkopen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> afleveren en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> verstrekken en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis><?linebreak?>vervoeren <emphasis role="strike-through">en/of bewerken en/of verwerken en/of binnen het</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">grondgebied van Nederland brengen en/of buiten het grondgebied van</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">Nederland brengen,dan wel aanwezig hebben</emphasis> van (een) (grote)<?linebreak?>hoeveelhe(i)d(en) cocaïne <emphasis role="strike-through">althans telkens aanzienlijke</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">(handels)hoeveelhe(i)d(en) cocaïne</emphasis>, zijnde cocaïne een middel vermeld<?linebreak?>op de bij de Opiumwet behorende lijst I, <emphasis role="strike-through">en/of zijnde een ander middel</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">zoals genoemd in lijst I van de Opiumwet, </emphasis>voor te bereiden en/of te<?linebreak?>bevorderen,</para>
        <para>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="strike-through">(telkens)</emphasis>
          <?linebreak?>-<emphasis role="strike-through">één of meer anderen heeft getracht te bewegen om dat/die feit(en) te</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">plegen, te doen plegen, mede te plegen, uit te lokken en/of </emphasis>o<emphasis role="strike-through">m daarbij</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">behulpzaam te zijn en/ofom daartoe gelegenheid, middelen en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">inlichtingen te verschaffen en/of</emphasis><?linebreak?>-zich en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> (een) ander(en) gelegenheid en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> middelen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis><?linebreak?>inlichtingen tot het plegen van dat/die feit(en) heeft getracht te<?linebreak?>verschaffen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis><?linebreak?>-voorwerpen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> vervoermiddelen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> stoffen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> gelden en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis><?linebreak?>andere betaalmiddelen voorhanden heeft gehad, waarvan hij wist of<?linebreak?>ernstige reden had te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen<?linebreak?>van het/de hierboven bedoelde feit(en), hebbende verdachte en/of (een<?linebreak?>of meer van) verdachtes mededader(s) (telkens):</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>- één of meer mobiele (organisatie)telefoon(s), met het<?linebreak?>beveiligingsprogramma SKY, voorhanden gehad <emphasis role="strike-through">en/of verstrekt,</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis><?linebreak?>- in persoon, telefonisch en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> via (SKYchatberichten contact met één of<?linebreak?>meer mededaders(s) en/of contactperso(o)n(en) onderhouden en/of<?linebreak?>informatie uitgewisseld en/of afspraken gemaakt over het verkopen<?linebreak?>en/of inkopen en/of transporteren en/of afleveren en/of opslaan <emphasis role="strike-through">en/of</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">verstrekken</emphasis> en/of vervoeren van voornoemde handelshoeveelheden<?linebreak?>cocaïne en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis><?linebreak?>- een of meerdere ontmoetingen gehad en/of geregeld in Breda <emphasis role="strike-through">althans</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">in Nederland</emphasis>, met betrekking tot het opzettelijk<emphasis role="strike-through"> binnen het grondgebied</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">van Nederland brengen en/of buiten het grondgebied van Nederland</emphasis><?linebreak?><emphasis role="strike-through">brengen en/of</emphasis> verkopen en/of afleveren en/of verstrekken en/of<?linebreak?>vervoeren van voornoemde handelshoeveelheden cocaïne en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis><?linebreak?>- een of meer pakketten geld en/of cocaïne vervoerd en/of overgedragen<?linebreak?>en/of voorhanden gehad.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan is gegrond op de inhoud van de wettige bewijsmiddelen, houdende tot bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Het vonnis zal in die gevallen waarin de wet dit vereist worden aangevuld met een later bij dit vonnis te voegen bijlage met daarin de inhoud dan wel de opgave van de bewijsmiddelen. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>Strafbaarheid feiten</title>
    <para>De bewezen feiten leveren op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1 primair: </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">medeplegen van, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen, een ander trachten te bewegen om dat feit te plegen, mede te plegen of daarbij behulpzaam te zijn, zich en een ander gelegenheid, middelen en inlichtingen tot het plegen van dat feit trachten te verschaffen, en voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen en gelden voorhanden hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit, meermalen gepleegd;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Strafbaarheid verdachte</title>
    <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.</para>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>Motivering straf </title>
    <parablock>
      <para>De straf die aan de verdachte wordt opgelegd is gegrond op de ernst van de feiten, de</para>
      <para>omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke </para>
      <para>omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt het volgende, en meer in het bijzonder de door de officier van justitie en de verdediging ter zitting overeengekomen </para>
      <para>procesafspraken in aanmerking genomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Totstandkoming van de procesafspraken </emphasis>
      </para>
      <para>De procespartijen hebben voorafgaand aan de terechtzitting op 16 oktober 2025 tweemaal tevergeefs getracht tot procesafspraken te komen. Ter zitting bleek dat de standpunten van de verdediging en het Openbaar Ministerie minder ver uit elkaar lagen dan verondersteld. Om die reden en op verzoek van partijen heeft de rechtbank de behandeling kort onderbroken teneinde partijen opnieuw de kans te geven tot mondelinge procesafspraken te komen. Dit is gelukt en ter terechtzitting besproken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Inhoud van de procesafspraken</emphasis>
      </para>
      <para>De door de procespartijen overeengekomen procesafspraken houden het volgende in: </para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het Openbaar Ministerie zal tot een bewezenverklaring en kwalificatie requireren van de feiten 1 primair en 2;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het Openbaar Ministerie zal een gevangenisstraf van 30 maanden onvoorwaardelijk met aftrek van voorarrest eisen, alsmede een geldboete van € 25.000,- euro;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de verdediging voert geen bewijs- en strafmaatverweren;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de verdachte hoeft geen (nadere) verklaring af te leggen;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>indien strafoplegging door de rechtbank conform de procesafspraken plaatsvindt, zien beide partijen af van hoger beroep;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de verdachte zal zich niet aan de tenuitvoerlegging van de voorlopige hechtenis en de gevangenisstraf onttrekken.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beoordeling van de procesafspraken</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft tijdens de zitting benadrukt dat de vragen van de artikelen 348 en 350 Sv leidend zijn bij de beoordeling van de tenlastelegging en dat de rechtbank de procesafspraken kan afwijzen indien er op basis van het dossier onvoldoende grond bestaat voor een vaststelling van schuld, de kwalificatie van de feiten niet aansluit bij de inhoud van het dossier, of zij de te eisen straf niet passend acht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft de procesafspraken die de verdachte en zijn raadsman met de officier van justitie hebben gemaakt met de verdachte besproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is mede op grond van de bespreking ter terechtzitting van oordeel dat de verdachte vrijwillig, op basis van voldoende en duidelijke informatie en terwijl hij zich bewust was van de rechtsgevolgen, is gekomen tot de ondubbelzinnige beslissing mee te werken aan het afdoeningsvoorstel en de daarmee gepaard gaande afstand van verdedigingsrechten (HR 27 september 2022, ECLI:NL:HR:2022:1252). Ook overigens is sprake van een eerlijk proces en voldaan aan de eisen die artikel 6 EVRM stelt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Eis van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft conform de procesafspraken een gevangenisstraf geëist voor de duur van 30 maanden met aftrek van het voorarrest, alsmede een geldboete van € 25.000,- euro. </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft naar voren gebracht dat de procesafspraken zoals ze gemaakt zijn, recht doen aan de situatie. De verdachte heeft behoefte aan zekerheid omtrent de afdoening van zijn strafzaak, en op deze manier kan die zekerheid worden gewaarborgd. Door de verdediging is verzocht bij vonnis de voorlopige hechtenis (primair) op te heffen, dan wel (subsidiair) opnieuw te schorsen, zodat de verdachte voorafgaand aan zijn detentie de tijd heeft om orde op zaken te stellen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ernst van de feiten </emphasis>
      </para>
      <para>De verdachte is samen met de medeverdachten betrokken geweest bij de levering van een grote lading cocaïne en de distributie daarvan. Daarnaast blijkt uit gekraakte SKY-ECC chatgesprekken dat de verdachte veel gesprekken heeft gevoerd die wijzen op grootschalige handel in cocaïne. De verdachte heeft zich hiermee schuldig gemaakt aan ernstige strafbare feiten. Cocaïne is een zeer verslavende harddrug die schadelijk is voor de volksgezondheid. Met de handel in cocaïne wordt veel geld verdiend en de gehele keten hieromheen - van land van herkomst waar de cocaïne wordt geproduceerd tot de gebruiker - gaat gepaard met vele vormen van (ernstige) criminaliteit. De verdachte heeft gehandeld uit puur winstbejag en heeft zich daarbij niets aangetrokken van de belangen van de maatschappij. Dit alles neemt de rechtbank de verdachte kwalijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Persoonlijke omstandigheden </emphasis>
      </para>
      <para>Uit een uittreksel uit de justitiële documentatie van 15 september 2025 blijkt dat de verdachte recentelijk niet is veroordeeld voor soortgelijke feiten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Conclusies van de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft zich bij het bepalen van de straf georiënteerd op straffen die in andere zaken van dit type worden opgelegd. Kijkend naar de ernst van de feiten is een forse gevangenisstraf op haar plaats. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft oog voor de omstandigheid dat de officier van justitie en de verdediging procesafspraken hebben gemaakt die hebben geleid tot de eis van de officier van justitie.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Daarbij overweegt de rechtbank dat de procesafspraken een efficiënte en voortvarende behandeling en een effectieve afdoening van de zaak dienen. De voorgestelde strafmaat, zoals door de officier van justitie ter zitting gevorderd in lijn met de gemaakte </para>
      <para>procesafspraken, staat in een redelijke verhouding tot de ernst van de zaak.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat de recidivegrond nog altijd van toepassing is en wijst daarom het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis af. Omdat het persoonlijk belang van de verdachte zwaarder weegt dan het strafvorderlijk belang en de doelen die met de voorlopige hechtenis worden nagestreefd ook kunnen worden bereikt door het stellen van voorwaarden aan een schorsing, zal de rechtbank de voorlopige hechtenis, die bij bevel van 30 november 2022 is geschorst tot aan de einduitspraak in eerste aanleg, onder de hierna te noemen voorwaarden opnieuw schorsen, tot het tijdstip waarop dit vonnis onherroepelijk wordt.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles afwegend, bezien tegen de achtergrond van de gemaakte procesafspraken, acht de rechtbank de door de officier van justitie geëiste gevangenisstraf van 30 maanden met aftrek van de tijd doorgebracht in voorarrest, alsmede een geldboete van € 25.000,-, passend en geboden. </para>
      <para>Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de veroordeelde in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering, aan de orde is.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para>Gelet is op de 23, 24c, 47 en 57 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2, 10 en 10a van de Opiumwet.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Beslissing</title>
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart bewezen, dat de verdachte de onder 1 primair en 2 ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf voor de duur van 30 (dertig) maanden</emphasis>, alsmede tot betaling van een <emphasis role="bold">geldboete van € 25.000</emphasis>,-<emphasis role="bold"> (vijfentwintigduizend euro)</emphasis>, bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal te vervangen door<emphasis role="bold"> 160 dagen hechtenis</emphasis>; <?linebreak?></para>
      <para>beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>schorst de voorlopige hechtenis van de verdachte met ingang van 29 oktober 2025, 13:00 uur, onder de volgende voorwaarden:</para>
    </parablock>
    <para>1. de verdachte zal zich, indien de opheffing van de schorsing mocht worden bevolen,</para>
    <para>aan de tenuitvoerlegging van het bevel tot voorlopige hechtenis niet onttrekken;</para>
    <para>2. de verdachte zal zich, ingeval hij wegens een feit, waarvoor de voorlopige hechtenis is</para>
    <parablock>
      <para>bevolen, tot andere dan vervangende vrijheidsstraf mocht worden veroordeeld, aan de</para>
      <para>tenuitvoerlegging daarvan niet onttrekken;</para>
    </parablock>
    <para>3. de verdachte zal ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking</para>
    <parablock>
      <para>verlenen aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als</para>
      <para>bedoeld in artikel I van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbieden;</para>
    </parablock>
    <para>4. de verdachte zal zich gedurende de schorsingsperiode niet aan enig strafbaar feit</para>
    <para>schuldig maken;</para>
    <para>5. de verdachte zal gehoor geven aan oproepingen van politie en justitie.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.H. Geerars, voorzitter,</para>
      <para>en mrs. J. van de Klashorst en L. den Teuling, rechters,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. C.D. van der Veeke, griffier,</para>
      <para>en uitgesproken op de openbare terechtzitting op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bijlage I </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Tekst nader omschreven tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. Zaaksdossier 1 Weidehek)<?linebreak?>hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 23 januari<?linebreak?>2021 tot en met 05 februari 2021 te Breda, althans in Nederland<?linebreak?>tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,<?linebreak?>opzettelijk<?linebreak?>heeft verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of<?linebreak?>vervoerd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad grote<?linebreak?>hoeveelheden cocaïne, althans in elk geval een (handels)hoeveelheid<?linebreak?>cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet<?linebreak?>behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel<?linebreak?>3a van die wet;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling<?linebreak?>mocht of zou kunnen leiden:</para>
      <para>
        <?linebreak?>hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 23 januari<?linebreak?>2021 tot en met 05 februari 2021, te Breda, althans in Nederland<?linebreak?>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen<?linebreak?>(telkens) om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van<?linebreak?>de Opiumwet, te weten<?linebreak?>het opzettelijk verkopen en/of afleveren en/of verstrekken en/of<?linebreak?>vervoeren en/of bewerken en/of verwerken en/of binnen het<?linebreak?>grondgebied van Nederland brengen en/of buiten het grondgebied van<?linebreak?>Nederland brengen, dan wel aanwezig hebben van (een) (grote)<?linebreak?>hoeveelhe(i)d(en) cocaïne althans telkens aanzienlijke<?linebreak?>(handels)hoeveelhe(i)d(en) cocaïne, zijnde cocaïne een middel vermeld<?linebreak?>op de bij de Opiumwet behorende lijst I, en/of zijnde een ander middel<?linebreak?>zoals genoemd in lijst I van de Opiumwet, voor te bereiden en/of te<?linebreak?>bevorderen,<?linebreak?>(telkens)<?linebreak?></para>
      <para>-één of meer anderen heeft getracht te bewegen om dat/die feit(en) te<?linebreak?>plegen, te doen plegen, mede te plegen, uit te lokken en/of om daarbij<?linebreak?>behulpzaam te zijn en/of om daartoe gelegenheid, middelen en/of<?linebreak?>inlichtingen te verschaffen en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-zich en/of (een) ander(en) gelegenheid en/of middelen en/of<?linebreak?>inlichtingen tot het plegen van dat/die feit(en) heeft getracht te<?linebreak?>verschaffen en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-voorwerpen en/of vervoermiddelen en/of stoffen en/of gelden en/of<?linebreak?>andere betaalmiddelen voorhanden heeft gehad, waarvan hij wist of<?linebreak?>ernstige reden had te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen<?linebreak?>van het/de hierboven bedoelde feit(en),<?linebreak?>hebbende verdachte en/of (een of meer van) verdachtes mededader(s)<?linebreak?>(telkens):</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- één of meer mobiele (organisatie)telefoon(s), met het<?linebreak?>beveiligingsprogramma SKY en/of een of meer prepaid telefoons,<?linebreak?>voorhanden gehad en/of verstrekt, en/of</para>
    <para />
    <para>- in persoon, telefonisch en/of via (SKY)(chat)berichten contact met één<?linebreak?>of meer mededaders(s) en/of contactperso(o)n(en) onderhouden en/of<?linebreak?>informatie uitgewisseld en/of afspraken gemaakt over het verkopen<?linebreak?>en/of inkopen en/of transporteren en/of afleveren en/of opslaan en/of<?linebreak?>verstrekken en/of vervoeren van voornoemde handelshoeveelheden<?linebreak?>cocaïne en/of</para>
    <para />
    <para>- een of meerdere ontmoetingen gehad en/of geregeld in Breda althans<?linebreak?>in Nederland, met betrekking tot het opzettelijk binnen het grondgebied<?linebreak?>van Nederland brengen en/of buiten het grondgebied van Nederland<?linebreak?>brengen en/of verkopen en/of afleveren en/of verstrekken en/of<?linebreak?>vervoeren van voornoemde handelshoeveelheden cocaïne en/of</para>
    <para />
    <para>- een of meer pakketten geld en/of cocaïne vervoerd en/of overgedragen<?linebreak?>en/of voorhanden gehad</para>
    <para />
    <para>- een Volkswagen crafter gehuurd voor een aantal dagen en/of</para>
    <para />
    <para>- hoeveelheden cocaïne in een of meer voertuigen uitgeladen en/of</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>overgeladen en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- een loods aan het Weidehek 32a te Breda ter beschikking gesteld en/of<?linebreak?>- tijdens het overladen/distributie van de cocaïne wapens en/of<?linebreak?>beveiliging geregeld</para>
    <para />
    <para>2 ( Zaaksdossier 2)<?linebreak?>hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 mei<?linebreak?>2020 tot en met 20 februari 2021, te Breda, althans in Nederland<?linebreak?>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen<?linebreak?>(telkens) om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van<?linebreak?>de Opiumwet, te weten<?linebreak?>het opzettelijk verkopen en/of afleveren en/of verstrekken en/of<?linebreak?>vervoeren en/of bewerken en/of verwerken en/of binnen het<?linebreak?>grondgebied van Nederland brengen en/of buiten het grondgebied van<?linebreak?>Nederland brengen, dan wel aanwezig hebben van (een) (grote)<?linebreak?>hoeveelhe(i)d(en) cocaïne althans telkens aanzienlijke<?linebreak?>(handels)hoeveelhe(i)d(en) cocaïne, zijnde cocaïne een middel vermeld<?linebreak?>op de bij de Opiumwet behorende lijst I, en/of zijnde een ander middel<?linebreak?>zoals genoemd in lijst I van de Opiumwet, voor te bereiden en/of te<?linebreak?>bevorderen,<?linebreak?>(telkens)</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>-één of meer anderen heeft getracht te bewegen om dat/die feit(en) te<?linebreak?>plegen, te doen plegen, mede te plegen, uit te lokken en/of om daarbij<?linebreak?>behulpzaam te zijn en/of om daartoe gelegenheid, middelen en/of<?linebreak?>inlichtingen te verschaffen en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-zich en/of (een) ander(en) gelegenheid en/of middelen en/of<?linebreak?>inlichtingen tot het plegen van dat/die feit(en) heeft getracht te<?linebreak?>verschaffen en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>-voorwerpen en/of vervoermiddelen en/of stoffen en/of gelden en/of<?linebreak?>andere betaalmiddelen voorhanden heeft gehad, waarvan hij wist of<?linebreak?>ernstige reden had te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen<?linebreak?>van het/de hierboven bedoelde feit(en), hebbende verdachte en/of (een<?linebreak?>of meer van) verdachtes mededader(s) (telkens):</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- één of meer mobiele (organisatie)telefoon(s), met het<?linebreak?>beveiligingsprogramma SKY, voorhanden gehad en/of verstrekt, en/of</para>
    <para />
    <para>- in persoon, telefonisch en/of via (SKYJchatberichten contact met één of<?linebreak?>meer mededaders(s) en/of contactperso(o)n(en) onderhouden en/of<?linebreak?>informatie uitgewisseld en/of afspraken gemaakt over het verkopen<?linebreak?>en/of inkopen en/of transporteren en/of afleveren en/of opslaan en/of<?linebreak?>verstrekken en/of vervoeren van voornoemde handelshoeveelheden<?linebreak?>cocaïne en/of</para>
    <para />
    <para>- een of meerdere ontmoetingen gehad en/of geregeld in Breda althans<?linebreak?>in Nederland, met betrekking tot het opzettelijk binnen het grondgebied<?linebreak?>van Nederland brengen en/of buiten het grondgebied van Nederland<?linebreak?>brengen en/of verkopen en/of afleveren en/of verstrekken en/of<?linebreak?>vervoeren van voornoemde handelshoeveelheden cocaïne en/of</para>
    <para />
    <para>- een of meer pakketten geld en/of cocaïne vervoerd en/of overgedragen<?linebreak?>en/of voorhanden gehad</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>