<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBROT:2025:10462</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-29T20:01:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Rotterdam" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Rotterdam</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-05-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/10/698505 / KG ZA 25-365</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Rotterdam</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:10462">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:10462</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-29T20:01:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBROT:2025:10462 Rechtbank Rotterdam , 27-05-2025 / C/10/698505 / KG ZA 25-365</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBROT:2025:10462:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Kort geding. Vordering tot ontruiming woning. Toewijzing. Door huurder veroorzaakte overlast is zo ernstig dat deze rechtvaardigt dat huurder uit woning vertrekt. Straatverbod wordt afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBROT:2025:10462:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="f908d9e1-57ef-4c30-be6b-a167f0f25e31" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="c8d96a20-36f2-4273-8f55-a42d51141cb6" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK ROTTERDAM</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team handel en haven</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/10/698505 / KG ZA 25-365</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in kort geding van 27 mei 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [plaats 1] ,</para>
      <para>eiseres,</para>
      <para>advocaat: mr. K.A.M. Jaspers te Rotterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1.	<emphasis role="bold">[gedaagde 1] B.V.</emphasis>, in hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van gedaagde sub 2,</para>
    <para>gevestigd te [plaats 2] ,</para>
    <para>2.	<emphasis role="bold">[gedaagde 2]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [plaats 3] ,</para>
      <para>gedaagden,</para>
      <para>advocaat: mr. D.A. IJpelaar te Den Haag,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna [eiseres] , [gedaagde 1] en [gedaagde 2] genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De zaak in het kort</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [eiseres] verhuurt een woning aan [gedaagde 2] . Van omwonenden heeft [eiseres] meldingen ontvangen dat [gedaagde 2] overlast veroorzaakt. Uit een rapportage van de politie en een waarschuwing van de burgemeester blijkt eveneens dat [gedaagde 2] zorgt voor herhaaldelijke en ernstige hinder voor omwonenden. [eiseres] vordert in dit kort geding dat [gedaagde 1] als bewindvoerder wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning. De voorzieningenrechter wijst de vordering toe, omdat de overlast zo ernstig is dat deze rechtvaardigt dat [gedaagde 2] uit de woning vertrekt. Daarnaast vordert [eiseres] dat [gedaagde 2] een straatverbod wordt opgelegd. Die vordering wordt afgewezen, omdat dit een te ingrijpende maatregel is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het procesdossier bestaat uit de volgende stukken:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 2 mei 2025, met producties 1 tot en met 17,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de pleitnotities van mr. IJpelaar.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 13 mei 2025.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Sinds 10 oktober 2012 huurt [gedaagde 2] van [eiseres] een woning met tuin aan [adres] , [postcode] in [plaats 3] (hierna: het gehuurde ). Op de huurovereenkomst tussen [eiseres] en [gedaagde 2] zijn de Algemene huurvoorwaarden van [eiseres] , versie december 2011, van toepassing.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Op 18 oktober 2023 heeft de kantonrechter in Dordrecht de (toekomstige) goederen van [gedaagde 2] onder bewind gesteld en [gedaagde 1] tot bewindvoerder benoemd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Vanaf 13 februari tot en met 23 april 2025 heeft [eiseres] van tien omwonenden meldingen ontvangen van woonoverlast door [gedaagde 2] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>In een rapportage van de politie aan de burgemeester van de [gemeente] van 24 maart 2025 staat, voor zover van belang, vermeld:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“<emphasis role="bold">Aanleiding</emphasis></para>
        <para>Sinds enkele jaren veroorzaakt de bewoner van [adres] te [plaats 3] [vzr: [gedaagde 2] ] voor overlast. Deze overlast bestaat uit diverse vormen die allemaal hun oorsprong vinden in het gedrag van genoemde bewoner. Dit zorgt voor een aantasting van de leefbaarheid, woongenot en bovenal onveiligheidsgevoelens bij omwonenden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Doel</emphasis>
        </para>
        <para>Het doel van deze rapportage is om de verdere woonoverlast aan het adres te stoppen en in de toekomst te voorkomen zodat de overige bewoners zonder hinder en in veiligheid daar kunnen wonen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>(…)</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij de politie bekende zaken met betrekking tot woonoverlast:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Op 3 oktober 2021 was er een melding van mishandeling door [gedaagde 2] .</emphasis>
        </para>
        <para>
          [gedaagde 2] was verhaal gaan halen bij een buurtbewoner, omdat zijn hond en die van de buurtbewoner samen hadden gespeeld. Volgens [gedaagde 2] had de hond van die man zijn hond hierbij gebeten. Tijdens dit gesprek sloeg [gedaagde 2] de man in zijn gezicht. De man wilde dit opgelost hebben middels een bemiddelend gesprek. Als collega’s [gedaagde 2] aanspreken hierop, kan [gedaagde 2] zich niets herinneren van het voorval en de verwonding aan zijn hond.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>(…)</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Op 12 februari 2025 was er een melding over het in brand steken van de tuin van [gedaagde 2] .</emphasis>
        </para>
        <para>Een buurtbewoonster had gezien dat [gedaagde 2] zijn tuin in de brand had gestoken. Hierbij kwamen de vlammen heel hoog volgens de meldster.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Op 12 maart 2025 was er een melding woonoverlast m.b.t. [gedaagde 2] .</emphasis>
        </para>
        <para>
          [gedaagde 2] verzamel[t] veel oud ijzer in zijn tuin. [gedaagde 2] is de hele dag aan het slijpen en timmeren wat veel overlast veroorzaakt. Meldster durft hem niet aan te spreken vanwege zijn onberekenbare gedrag.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Op 17 maart 2025 was er een melding van vernieling ruit door [gedaagde 2] . En een bedreiging met de dood.</emphasis>
        </para>
        <para>
          [gedaagde 2] had in een opgewonden toestand de ruit van de buurvrouw vernield. Hij had deze ingeslagen met zijn arm. Hiervoor was hij aangehouden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Op 17 maart 2025 was er een melding van bedreiging met de dood (verbaal) gedaan door [gedaagde 2] .</emphasis>
        </para>
        <para>
          [gedaagde 2] heeft een hulpverleenster met de dood bedreigd tijdens een huisbezoek. Voor dit feit was [gedaagde 2] aangehouden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Naast bovenstaande meldingen met betrekking tot de woonoverlast zijn er ook diverse meldingen bij de politie bekend omtrent het gedrag van [gedaagde 2] . Hierbij is hij vaak (verbaal)agressief en/ of onder invloed van drank of drugs. Ook is hij hiervoor meerdere malen aangehouden geweest en heeft hij zich moeten verantwoorden bij het Openbaar ministerie.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Maatschappelijke urgentie</emphasis>
        </para>
        <para>Door het hierboven beschreven gedrag van [gedaagde 2] veroorzaakt hij in, om en in de nabijheid van, zijn woning herhaaldelijke en ernstige hinder voor de omwonenden.</para>
        <para>Mede door dit gedrag wordt het leef-plezier voor de directe omwonenden ernstig geschaad.</para>
        <para>Gezien bovenstaande meldingen is het duidelijk dat [gedaagde 2] de veiligheid en de openbare orde in gevaar brengt.”</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Op of omstreeks 9 april 2025 heeft de burgemeester van de [gemeente] [gedaagde 2] per brief een officiële waarschuwing gegeven voor de overlast die vanuit het gehuurde en de onmiddellijke nabijheid van het gehuurde wordt veroorzaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Bij brief van 10 april 2025 heeft mr. Jaspers namens [eiseres] aan [gedaagde 1] laten weten dat [gedaagde 2] in het verleden ernstige overlast heeft veroorzaakt en dat de situatie kort geleden weer is geëscaleerd. Zij schrijft dat [gedaagde 2] in de nacht van 12 op 13 februari 2025 brand in zijn achtertuin heeft gesticht en vervolgens, toen hulpverleners van de GGZ bij [gedaagde 2] langskwamen om hierover te spreken, verhaal is gaan halen bij zijn buurvrouw en daarbij de ruit van haar voordeur heeft ingeslagen. Ook heeft hij de hulpverleners bedreigd en achtervolgd. Verder heeft mr. Jaspers [gedaagde 1] erop gewezen dat er doorlopend sprake is van geluidsoverlast en vernielingen en dat [gedaagde 2] mensen uit de buurt, waaronder kinderen, uitscheldt en bedreigt. Zij verzoekt om een reactie hierop van [gedaagde 2] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Bij e-mail van 17 april 2025 heeft [persoon A] namens [gedaagde 1] aan een kantoorgenoot van mr. Jaspers geschreven:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>“Ik heb opnieuw een e-mail naar meneer gestuurd. Ik heb de volgende reactie ontvangen:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Hoi Goedemiddag wat een raar verhaal weer , ik heb het gelezen wat me op gestuurd was , en dit betreft allemaal zaken die niet naar mijn persoon verwezen kunnen worden , er zijn zelf dingen bij van 6jaar geleden.</emphasis>”</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] vordert dat de voorzieningenrechter bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:</para>
      <orderedlist numeration="arabic">
        <listitem>
          <para>
            [gedaagde 1] veroordeelt om binnen drie dagen na betekening van het vonnis het gehuurde te ontruimen en te verlaten met alle zich daarin en/of daarop bevindende personen en/of zaken, voor zover deze laatste niet het eigendom van [eiseres] zijn, en onder afgifte van alle sleutels ter vrije en algehele beschikking van [eiseres] te stellen,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            [gedaagde 2] verbiedt om zich gedurende één jaar na betekening van het vonnis te bevinden in de volgende straten in [plaats 3] ( [gemeente] ): [straat 1] , [straat 2] , [straat 3] en [straat 4] , onder oplegging van een dwangsom van € 250,00 per overtreding, met een maximum van € 5.000,00,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>
            [gedaagde 1] veroordeelt in de kosten van deze procedure.</para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde 1] en [gedaagde 2] voeren verweer en concluderen tot afwijzing van de vorderingen, met veroordeling van [eiseres] in de proceskosten.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <bridgehead role="italic">spoedeisend belang</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] is op grond van de Woningwet verplicht om de leefbaarheid rondom haar woningbezit te bewaken en te bevorderen. Nu [eiseres] stelt dat [gedaagde 2] al jaren ernstige overlast voor omwonenden veroorzaakt en er inmiddels een onhoudbare situatie is ontstaan, heeft [eiseres] een spoedeisend belang bij haar vorderingen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">ontruiming</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>
        [eiseres] vordert ontruiming van het gehuurde door [gedaagde 1] , omdat de uit de huurovereenkomst tussen [eiseres] en [gedaagde 2] voortvloeiende rechten in het onder bewind gestelde vermogen vallen. Hoewel [gedaagde 2] feitelijk in het gehuurde woont, moet een vordering tot ontruiming om die reden tegen de bewindvoerder worden ingesteld.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De voorzieningenrechter moet beoordelen of in dit geval sprake is van overlast die zo ernstig is dat aannemelijk is dat de rechter in een gewone procedure de huurovereenkomst vanwege die overlast zal ontbinden. Verder moet het belang dat [eiseres] heeft bij toewijzing van de vordering worden meegewogen en de gevolgen hiervan voor [gedaagde 2] als deze uitspraak later wordt teruggedraaid.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Vooropgesteld wordt dat [gedaagde 2] op grond van artikel 7:213 BW verplicht is om zich ten aanzien van het gehuurde als een goed huurder te gedragen. Dit houdt onder meer in dat [gedaagde 2] , zoals ook in artikel 10.1 van de Algemene huurvoorwaarden van [eiseres] is opgenomen, moet voorkomen dat omwonenden overlast en/of hinder van hem ondervinden. Uit de door [eiseres] overgelegde stukken volgt dat [gedaagde 2] zich onder meer schuldig heeft gemaakt aan uitschelden, bedreiging, intimidatie, vernieling, brandstichting, geluidsoverlast en het gooien met vuurwerk. [eiseres] stelt dat het hierbij gaat om ernstige overlast, omdat omwonenden doodsbang voor [gedaagde 2] zijn en zich onveilig voelen. Dit wordt in de rapportage van de politie bevestigd. Daarin worden voorbeelden van de door [gedaagde 2] veroorzaakte overlast genoemd. Ook staat daarin dat met de overlast de veiligheid en openbare orde in gevaar worden gebracht. Verder heeft [eiseres] video-opnames overgelegd waaruit blijkt dat [gedaagde 2] ernstige overlast heeft veroorzaakt. Daarop is te zien dat er in de nacht van 12  op 13 februari 2025 een (grote) brand in de tuin van [gedaagde 2] heeft gewoed, waardoor voor de buren van [gedaagde 2] , en overigens ook voor [gedaagde 2] zelf, een gevaarlijke situatie is ontstaan. Ook blijkt uit de beelden dat [gedaagde 2] op 17 maart 2025 de ruit van de voordeur van zijn buurvrouw heeft ingeslagen. Hoewel [gedaagde 2] betoogt dat de brand is veroorzaakt door iemand die in zijn tuin werkzaamheden verrichtte en dat hij de ruit per ongeluk heeft ingetikt, laat dit de daardoor veroorzaakte overlast onverlet. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft [eiseres] voldoende onderbouwd dat omwonenden zich vanwege de door [gedaagde 2] veroorzaakte overlast niet langer veilig voelen en zelfs op het punt staan om te verhuizen. De door [eiseres] gegeven onderbouwing rechtvaardigt de conclusie dat [gedaagde 2] zich niet heeft gedragen als goed huurder en ook dat deze situatie zich al langer voordoet. Hieraan doet niet af dat [eiseres] pas vanaf begin 2025 hierover meldingen van andere bewoners heeft ontvangen. Aannemelijk is dan ook dat in een gewone procedure de huurovereenkomst op die grond zal worden ontbonden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Een belangenafweging valt uit in het voordeel van [eiseres] . Hoewel de gevolgen van een gedwongen ontruiming groot zijn voor [gedaagde 2] , wegen de belangen van [eiseres] en de omwonenden, gelet op de ernst van de overlast, zwaarder. Daarbij speelt een rol dat, anders dan [gedaagde 2] stelt, niet te verwachten valt dat hij in de toekomst geen overlast meer zal veroorzaken. Ter zitting heeft mr. Jaspers verklaard dat [eiseres] nog steeds meldingen van omwonenden ontvangt en niet wil wachten totdat het heel erg misgaat. In dit verband is van belang dat [eiseres] ook jegens haar andere huurders een verplichting heeft om zorg te dragen voor een veilige woonomgeving. Daar komt bij dat [gedaagde 2] de ernst van de situatie niet lijkt in te zien. Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat hij zich niet herkent in de verhalen en zich niet realiseert dat zijn buren bang voor hem zijn. Deze ontwijkende houding liet hij ook al zien toen [eiseres] , voorafgaande aan deze procedure, met hem in contact probeerde te komen (zie 2.7.). Zijn houding doet geen recht aan de inhoud van de meldingen. Hoewel [gedaagde 2] heeft laten weten dat hij openstaat voor een gesprek, kunnen [eiseres] en de omwonenden er daardoor niet op vertrouwen dat het gedrag van [gedaagde 2] op korte termijn zal verbeteren. In deze omstandigheden kan van [eiseres] in redelijkheid niet worden gevergd de uitkomst van een bodemprocedure af te wachten voordat [gedaagde 2] gedwongen kan worden de woning te verlaten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>Het vorenstaande leidt ertoe dat de vordering tot ontruiming wordt toegewezen. Daarbij wordt aan [gedaagde 1] , en daarmee aan [gedaagde 2] , een termijn van veertien dagen na betekening van dit vonnis gegund om het gehuurde te ontruimen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">straatverbod</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>
        [eiseres] vordert verder dat het [gedaagde 2] wordt verboden om zich in een viertal straten in [plaats 3] te bevinden. Vooropgesteld wordt dat een straatverbod een inbreuk vormt op het aan een ieder toekomend recht om zich vrijelijk te verplaatsen. Voor het opleggen van een zo ingrijpende maatregel moet sprake zijn van in hoge mate aannemelijke feiten en omstandigheden die een dergelijke inbreuk kunnen rechtvaardigen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is de oplegging van een straatverbod in dit geval niet gerechtvaardigd. Een gedwongen ontruiming van een woning betreft een voor een huurder ingrijpende gebeurtenis. Hoewel aannemelijk is dat [gedaagde 2] ernstige overlast heeft veroorzaakt, is deze niet zo ernstig dat de ontruiming nog moeten verzwaard met een zo ingrijpende maatregel als een straatverbod. Daar komt bij dat [eiseres] stelt dat uit vrijwel alle meldingen van omwonenden is gebleken dat [gedaagde 2] zeer agressief reageert op omwonenden die over hem melden. Niet voldoende aannemelijk is echter dat [gedaagde 2] zich tot zijn voormalige buren zal blijven wenden als hij eenmaal uit de woning is vertrokken en de meldingen van zijn buren daarmee dus tot een einde zullen zijn gekomen. De vordering tot het opleggen van een straatverbod wordt dan ook afgewezen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9.</nr>
      <para>
        [gedaagde 1] wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) van [eiseres] betalen. Die kosten worden begroot op:</para>
      <para>- dagvaarding:		€    123,16</para>
      <para>- griffierecht:		€    714,00</para>
      <para>- salaris advocaat:	€    715,00</para>
      <para>- nakosten:		<emphasis role="underline">€    178,00</emphasis> (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)</para>
      <para>Totaal:			€ 1.730,16</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.10.</nr>
      <para>Hoewel de vordering op [gedaagde 2] wordt afgewezen, wordt hij door het toewijzen van de ontruimingsvordering materieel grotendeels in het ongelijk gesteld. Om die reden wordt [eiseres] ten aanzien van [gedaagde 2] niet in de kosten veroordeeld.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para>De voorzieningenrechter</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde 1] om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis de woning aan [adres] , [postcode] in [plaats 3] ( [gemeente] ) te ontruimen en te verlaten met alle daarin aanwezige personen en zaken tenzij deze zaken van [eiseres] zijn, en de sleutels af te geven aan [eiseres] ,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde 1] in de proceskosten van € 1.730,16 te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe; als [gedaagde 1] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis wordt betekend, moet zij € 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Th. Veling en in het openbaar uitgesproken op 27 mei 2025.</para>
        <para>[2971/1980]</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>